Simon Vestdijk
Gedicht
.
Uit ‘Nagelaten gedichten’ (1986) en met dank aan Arie Boomsma, het gedicht ‘De zondaar’ van Simon Vestdijk (1898-1971).
.
De zondaar
.
Hij speelde met de schuwe lichaamsdelen,
Die voor de voortplanting zijn ingesteld,
Eén of twee keer, – een onaanzienlijk streelen:
Reeds werd er bij zijn vader aangebeld.
.
Toen heeft men hem twee uren lang gekweld –
Leeraar en vader – met de droevige vele
Voorbeelden van een straffend godsgeweld:
Tering en blindheid en and’re nadeelen. –
.
Men vond hem echter in die sloot nog gaaf.
De klas rouwde, de leeraar schudde braaf
Het hoofd, en heeft ons vragen afgeweerd. –
.
Waarom hebben wij niet, wij laffe honden,
Hem die als wraakengel was uitgezonden
Met zwarte inktpotscherven gecastreerd?
.
Met dank aan Letterkundigmuseum.nl
Geplaatst op 16 januari 2014, in Dichtbundels, Favoriete dichters en getagd als 1898, 1971, 1986, Arie Boomsma, De zondaar, dichter, gedicht, gedichten, Letterkundig Museum, Nagelaten gedichten, poëzie, schrijver, Simon Vestdijk. Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.





Een reactie plaatsen
Comments 0