Site-archief

Die dag,

Kreek Daey Ouwens

.

Ik herinner me nog goed dat we dichter Kreek Daey Ouwens (1942) voor een bijdrage in MUGzine vroegen, het was voor nummer 9 in 2021. Het was door een gedicht dat ik las in de bundel ‘Wij zijn de menigte die moeder heet‘ uit 2018, samengesteld door Ester Naomi Perquin. Ik was meteen onder de indruk van haar poëzie en we besloten haar te vragen voor MUGzine. Ze reageerde meteen heel enthousiast op de uitnodiging en naar aanleiding van haar bijdrage had ik een heel leuk en inhoudelijk mooi gesprek met haar over de telefoon.

Na de publicatie van MUGzine nummer 9 verscheen poëzie van haar hand later in poëzietijdschrift Awater en schreef ik nog over haar poëzie in een dubbelgedicht. Tot ik las dat ze zou optreden bij Poetry International 2026 in Rotterdam. Ik was bij de opening van het festival en opnieuw was ik onder de indruk van haar performance en het gedicht dat ze daar voordroeg ‘Die dag,’.  Dit gedicht is ook opgenomen in de festivalbundel ‘Achter mij is een schaduw’ waarvan de titel uit juist dit gedicht genomen is. Dat gedicht wil ik hier graag met jullie delen.

.

Die dag,

.

Ik heb niets gevoeld

Ik heb niets geweten

Ik had het moeten weten, lief!

Ik sliep

Ik werd wakker

Ik stond op

Ik maakte koffie voor mezelf

Zo ver was ik van jouw sterven, dat ik koffie

maakte voor mijzelf.

.

-Daar is de deur

en daar is de deur

en daar is de deur en daar is de deur

en daar is de deur-

.

Ik ga naar buiten

Ik loop over straat

Ik loop over mijn kam

.

Achter mij is een schaduw

De schaduw is scheef

De schaduw is niet van mij

Zoals de schaduw van de bomen niet van de bomen is

.

Als ik mijn schaduw wil aanraken is er het ontwijken,

.

Foto: Theo Rikken

 

 

Wim T. Schippers overleden

Helaas dood

.

Gisteren werd bekend dat programmamaker, acteur, stemacteur, schrijver, dichter, presentator en beeldend kunstenaar Wim T. Schippers (1942-2026) is overleden. Er is ontzettend veel te vertellen over Wim T. Schippers maar ik zal me beperken tot de keren dat hij en zijn werk op dit blog een plek kregen. De eerste keer was in 2014, ik schreef toen een stuk over deel 3 in de Ronflonflon reeks (verwijzend naar het gelijknamige radioprogramma Ronflonflon met Jacques Plafond, dat Wim T. Schippers in de jaren 1984-1991 op radio 3 en radio 5 presenteerde en waar de huisdichter Wilhelmina Kuttjke (met twee T een prominente plaats innam) met als titel ‘Kuttje compleet’ gedichten van Wilhelmina Kuttje uitgelegd aan Jacques Plafond.

De keer daarna was in 2019 bij het overlijden van Janine van Elzakker, die de rol van Wilhelmina Kuttje vervulde in Ronflonflon met Jacques Plafond. In de overlijdensadvertentie stond toen de tekst: Helaas dood. Een typische Wim T. Schipperiaanse opmerking. In 2021 schreef ik over een verzamelbundel ‘Congressen‘ van de dienstenbond FNV waarin een van de verassende keuzes van Cox Habbema, de samensteller, van Wim T. Schippers was.

In 2022 schreef ik over een vakantiegedicht van Ingmar Heytze (zelf een groot bewonderaar van Wim T. Schippers) dat begint met een quote van Wim. En als laatste wijdde ik twee berichten aan de winnaar van de Jana Beranováprijs (waar ik als jurylid deel van uitmaakte). Die prijs werd in 2023 toegekend aan Wim T. Schippers. Wat ik me vooral heel goed herinner is de speech die Wim gaf bij de overhandiging van de prijs in Boekhandel Donner in Rotterdam. Ongelofelijk grappig, eloquent, absurd, typisch maar zo goed, zo typisch Wim T. Schippers. Hij was oprecht blij met de prijs vertelde hij (en iedereen aanwezig geloofde hem) omdat dit de eerste prijs was die hij kreeg voor zijn werk als schrijver/dichter. Hij had vele prijzen gekregen maar allemaal voor zijn werk als kunstenaar en scenarioschrijver.

Ik zal hem altijd onthouden om zijn geweldige shows, zijn programma’s op televisie, zijn radioprogramma’s en zelfs zijn manier van presenteren van Zomergasten bij de VPRO. En als dichter, want dat was hij ook. In 1975 verscheen onder de naam B. Servet (Barend Servet, een van zijn creaties) het bundeltje ‘Eén per pagina’ in een oplage van 1500 stuks. Ergens op internet las ik dat het hier een dichtbundel van de kunstenaar Fluxus betreft, die op amusante wijze aan zijn titel is gekomen doordat de uitgever de instructie om slechts één gedicht per pagina te plaatsen verkeerd begreep en het per ongeluk op de omslag afdrukte. Ik denk dat het allemaal uit het heerlijke absurde brein van Wim T. Schippers kwam.

In dit bundeltje korte gedichtjes, een die nu veel op de social media langs komt; Dood / Niks aan te doen. Een gedichtje dat doet denken aan de overlijdensadvertentie van Janine van Elzakker. Maar ook iets langere gedichtjes. Hier een paar voorbeelden.

.

Het zonnetje

.

Lacht het zonnetje?

of is het zonnetje soms kwaad

of alleen maar verdrietig.

De Maan

lacht de Maan?

een straatbeeld van zegge en schrijve

zeven pond en ruim drie ons

ik dank u wel

ik pas voor dergelijke gortige gedachten

dit soort poeha

staat mij in ’t geheel niet aan

doch mocht ik onverhoopt

op andere gedachten geraken

dan hoort u nog van mij

daar kunt u van op aan

het zij zo

.

Credo

.

daar kom ik ook nog es

aankakken

met wat wazig materiaal

.

Crossend door woestenijen

.

het bekende geëikel

van vallen en opstaan

in een extra dimensie

dit keer

want op weg naar jou, mijn liefste

.

 

Robert VanderMolen

Het meer

.

In het Volkskrantmagazine van afgelopen zaterdag staat een mooi artikel over een miljardair wiens vader begin vorige eeuw naar Amerika vertrok en daar een keten van supermarkten opzette. Zijn naam: Hendrik Meijer. Nu zul je je misschien afvragen waarom ik, op een blog over poëzie, iets ga schrijven over een miljardair die zijn geld verdient met het uitbaten van supermarkten in de Verenigde Staten? Een terecht vraag.

In het zeer leesbare artikel wordt Hendrik Meijer niet alleen als een zeer vriendelijk en sociaal begaan persoon beschreven maar wordt ook gewag gemaakt van het feit dat hij zeer in poëzie geïnteresseerd is, zelf poëzie schrijft maar zichzelf een zeer matig dichter noemt (hij heeft ooit eens een gedicht weten te laten publiceren in een verzamelbundel getiteld ‘Comfort Inn, een gedicht dat ik overigens nergens heb kunnen vinden in full text).

In het artikel wordt beschreven dat hij deel uitmaakt van een groep die zichzelf The Scribblers noemen (vertaling: de pennenlikkers), allemaal geboren zijn vanuit ouders die ooit Nederland voor Amerika verruilde, en samen over literatuur, poëzie, politiek (allemaal zijn ze anti-Trump) praten. Op tafel ligt een bundel poëzie van Bob VanderMolen (1947-2025), een vriend en dichter die overleden is. Een romantisch, poëtisch figuur en een lokale beroemdheid, volgens de schrijver van het artikel.

In het dagelijks leven huisschilder, publiceerde ‘Bob’ Robert VanderMolen maar liefst dertien bundels met glasheldere gedichten. Wanneer ik zoiets lees ga ik uiteraard op zoek en ik vond inderdaad allerlei gegevens en gedichten van deze Robert. Zo verscheen zijn werk in The London review of Books, Poetry Daily, The Poetry Foundation, Grand Street Parnassus, Poetry, Epoch Michigan Quarterly Review en Saint Ann’s Review. Uit zijn bundel ‘Skin’ uit 2021 komt zijn gedicht ‘The Lake’.

.

The Lake

.

Dry snow, the pines scaly

As deer parade single file

As if on duty, declining

The ridge without effort

Their nostrils and breath

Suddenly enlarged, down

To the dock stacked

Under snow and

What has blown into it,

Twigs and bark from birches,

And out onto ice

Above fish staring skyward

As dry as stuffed bass and pickerel

Mounted over a mantel

Growing smaller, like in a dust

Of snow flakes,

Or a broken sentence

In Old English

During that era we did

So many illuminating detours

—a breeze stirs,

Something barks back

.

As the surface bends

Under its own weight

.

De druk van letters op papier…

Dorothy Wong Loi Sing

.

In 1995 verscheen ‘Spiegel van de Surinaamse poëzie‘ van de oude liedkunst tot de jongste dichters onder redactie van Michiel van Kempen. Een lijvig werk van 700 pagina’s Surinaamse poëzie vanaf de vroegst bekende poëzietekst in het Sranantongo door Hendrik Schouten (1745-1801) tot de jongste dichter Cándani (1965-2021). Natuurlijk is er veel meer poëzie van jonge dichters verschenen tot en na 1995 maar dat heeft dit verzamelwerk niet gehaald. Een belangrijke verzameling poëzie met onder andere veel onvindbare teksten die chronologisch en overzichtelijk gepresenteerd worden in deze Spiegel. Verder is er ook sprake van niet eerder gepubliceerd materiaal. De bloemlezing bevat een deel orale verzen (van Indianen, Marrons, Hindoestanen en Javanen) gevolgd door geschreven verzen.

Van Kempen selecteerde louter op basis van zijn persoonlijke voorkeur en niet omdat het om bekende teksten gaat. De bundel bevat dus geen overzicht van alle Surinaamse dichters. In de inleiding zegt de samensteller dat hij niet alleen geselecteerd heeft uit werk geschreven door dichters geboren in Suriname maar ook uit werk van hen die zich in Suriname vestigden en hun lot definitief met het lot verbonden. De opname van het aantal gedichten correspondeert met het relatieve belang van een dichter in de Surinaamse letteren.

Een van de dichters uit deze Spiegel is Dorothy Wong Loi Sing (1954) schrijver, dichter en beeldend kunstenaar. Ze bracht meer dan vijftien werken in eigen beheer uit, gestencild, gefotokopieerd, in ringbandjes of geniet: poëzie, proza, toneel, zowel voor de jeugd als voor volwassenen. Het meeste succes had ze met haar bundel ‘Zwarte muze, witte creoolse’ (1983) met gedichten in het Sranan, Engels en Nederlands. In 1984 won ze met drie gedichten een prijs in The Black Youth Annual Penmanships Awards te Londen. Na 1991 stopte ze met schrijven. Gelukkig hebben we haar werken nog. Zoals het onderstaande gedicht dat werd opgenomen in ‘Spiegel van de Surinaamse poëzie’.

.

De druk van letters op papier
keur ik niet diep genoeg
om in te werken op jouw stramme rug.
De geprononceerde schreeuw van klanken
door een zelfbewuste microfoon
moet, ritmisch een patroon verklankend
zich rijgen aan een houten spit
in jouw doorkerfd evenwicht
en ter plekke de balans verstoren
zodat je hangt, en ligt, en zit
in onmogelijke standen.

In mijn gedichten wil ik jou
in de luren leggen.
Daar lig je dan, als schaschlick,
te marineren,
doordringend stinkend naar mijn ongelijk,
want je moet weten, ik draag de norm
van deze opgelegde maatschappij
met kromgebogen rug.
Zij hebben mij eronder gedouwd,
goed beschouwd:
tot ik gestikt ben in hun geregeld streven.

.

Tent

Lote Vilma Vītiņa

.

Wanneer ik op zoek ben naar dichters, gedichten of onderwerpen die met poëzie te maken hebben of poëzie in het algemeen, kom ik regelmatig website pagina’s tegen die ik interessant vind. Gelukkig hebben de uitvinders van het wereldwijde web daar een fijn knopje voor uitgevonden; de bookmark. Meestal vergeet ik die bookmarks weer maar af en toe bekijk ik ze weer en dan valt me op dat er veel moois te ontdekken is op de websites die ik heb vastgezet.

Een van die pagina’s is Versopolis.com. Op deze website kwam ik de dichter Lote Vilma Vītiņa (1993) uit Letland tegen. Zij is dichter, schrijver, striptekenaar en illustrator. Ze werkt graag met zowel tekst als tekeningen en schrijft naast poëzie ook boeken voor kinderen en jongeren. Lote Vilma’s debuutbundel ‘Meitene’ (Meisje) verscheen in 2021. Haar gedichten zijn gepubliceerd in verschillende literaire tijdschriften in Letland en poëziebundels, waaronder de bundel met gedichten van jonge dichters ‘Kā pārvarēt niezi galvaskausā’ (Hoe je de jeuk in je schedel kunt overwinnen) uit 2018, samengesteld door Artis Ostups en uitgegeven door Valters Dakša.

Een recensent zegt over haar gedichten in deze bundel: “Ondanks het feit dat alles zo kalm en herkenbaar lijkt uit onze eigen zomers van onze kindertijd, schuilt er een nauwelijks merkbare spanning in deze regels, en ontstaat er in de geest van de achterdochtige lezer een situatie waarin de schijnbare rust mogelijk verstoord kan worden en het idyllische landschap de potentie krijgt om een ​​stukje tv-nieuws te worden dat eindigt met een oproep om kinderen niet zonder toezicht achter te laten.”

In het gedicht ‘Tent’ (Telsts) komt deze spanning mooi naar voren. De vertaling is van de dichter zelf.

.

Tent

.

Alles is versteend.

uitgeknepen nat

een donkere tent

slakken zonder schelp

 

En wat moest ik doen?

toen je vond

en kozen mij

onder alle meisjes

rond het vuur

was er

vuur helemaal

de vormen van tieners

zijn zo vaag

onhandig als ze

elkaar passeren

flessen

gevuld met pulsen

in een belangrijke kring

in het donker

Je moet het in het donker doen.

maar jij

Je was slim.

je had een zaklamp

 

een warme straal gleed eroverheen

mijn gezicht

wat bijna

verbrijzeld in zijn licht

en ik heb je aangeboden

de meest kostbare

wat ik had

verlangen dat zich gedurende vele jaren heeft opgestapeld

zoals sommige geknipte haren

in een schoenendoos

 

het is een fragiel

afgesloten ruimte

je bevindt je in

een tent

twee tongen

beweging

maar men doet dat niet

onthoud de andere

.

Verrassingspakket

Doe jezelf poëzie cadeau

.

MUGzine is , na 6 jaar en 31 edities, inmiddels een bekende naam onder dichters en liefhebbers van poëzie. Wij, de makers, zijn altijd op zoek naar talentvolle dichters, bekende dichters en dichters die, onterecht en ongewild, wat minder in de spotlights staan. We doen dit met veel enthousiasme en onze missie is dan ook om zoveel mogelijk mensen met de schoonheid van poëzie kennis te laten maken of te interesseren in wat poëzie vermag. Bekijk ook onze social media kanalen op Instagram (@mugzines, @L.uule) en op X (@mugzines) en natuurlijk onze website mugzines.nl

Daarom hebben we een actie. Wanneer je een MUGzine zou willen ontvangen dan kun je ons een mailtje sturen en tegen kostprijs sturen we je dan een nummer toe. We hebben van alle edities nog een aantal exemplaren en voor de liefhebbers hebben we nu een actie. Voor een bedrag van een tientje sturen we je drie exemplaren toe. Welke exemplaren? Dat is de verassing. We doen er in ieder geval ook nog een extraatje bij (een GUMzine, een ansichtkaart of een special).

Interesse? Mail ons dan op mugazine@yahoo.com en voor je het weet ontvang je een leuke verrassing. Een klein voorproefje? Stel we sturen je nummer 6. In editie 6 van MUGzine uit begin 2021 verschenen onder andere van gedichten van Marleen De Crée (1941-2021).

.

Slaap

.

toen ik aankwam, kwam ik nergens aan.

er was niemand, niemand zei iets.

ik werd niet herkend, niet verwacht.

ik was niets, een schaduw op de weg.

.

stilstand, hitte, nergens op bedacht.

wat ik had willen zeggen, willen zien

was al in nevel opgelost. zwijgen

druppelde vettig in de keel. stotterde

.

als een verlaten kind op een denkbeeldig

plein, leunde tegen me aan alsof

we oude bekenden. we hoorden honden

.

hijgen, de honden van de nacht.

toen wist ik dat dit slaap was, droom

een stukje eeuwigheid misschien.

.

Blijf de verwonde wereld bezingen

Adam Zagajewski

.

Afgelopen maand schreef ik een bericht over de bundel ‘Averij aan de wereld‘, van Ewa Lipska (1945), een nieuw deel in de kleine Poolse bibliotheek van uitgeverij P. Vandaag opnieuw een deel uit deze bijzondere bibliotheek. De bundel ‘Blijf de verwonde wereld bezingen’ van Adam Zagajewski (1945-2021) bevat honderd gedichten, gekozen, vertaald en van commentaar voorzien door (opnieuw) René Smeets, Maarten Tengbergen en Kris van Heuckelom.

Zagajewski was naast dichter ook schrijver, vertaler en essayist en hij wordt beschouwd als een vooraanstaande dichter van de Generatie van ’68, ofwel de Poolse Nieuwe Golf (Pools: Nowa fala), en een van de meest prominente hedendaagse dichters van Polen. Het doel van de groep Nowa fala was “zich te verzetten tegen de vervalsingen van de werkelijkheid en de toe-eigening van taal door de communistische ideologie en propaganda”. Hij ontving voor zijn werk de Neustadt International Prize for Literature in 2004 , de Griffin Poetry Prize Lifetime Recognition Award in 2016, de Princess of Asturias Award for Literature in 2017 en de Gouden Krans van de Poëzie tijdens de Struga Poetry Evenings in 2018.

In 1967 debuteerde hij als dichter met het gedicht Muziek ‘, dat werd gepubliceerd in het tijdschrift Życie Literackie . Hij publiceerde zijn werken en recensies in tijdschriften als Odra (1969-1976) en Twórczość. Van alle grote naoorlogse dichters is hij waarschijnlijk de meest mysterieuze en ongrijpbare. Na zijn beginjaren als politiek dichter ging hij zich op latere leeftijd steeds meer bezig houden met de meer beschrijvende en bezingende poëzie, werd zijn werk meer beschouwend en filosofisch. Zijn latere poëzie is er één van een soms haast ontastbare wereldvreemdheid; meditatieve gedachtengedichten vol vraagtekens en associatieve verzen vol culturele referenties.

Zijn naam werd regelmatig genoemd als mogelijke derde Poolse winnaar van de Nobelprijs voor de Literatuur, na Czesław Miłosz (1911-2004) en Wisława Szymborska (1923-2012). Zagajewski is ook de naamgever van de stichting De zoek naar schittering, de naam komt uit een van zijn gedichten. In de opnieuw fraai uitgegeven bundel ‘Blijf de verwonde wereld bezingen’ is een veertigtal gedichten toegevoegd, geselecteerd uit de bundels die Zagajewski na 2013 en vóór zijn overlijden in 2021 heeft gepubliceerd, alsmede uit zijn postume bundel ‘Driekwart’ uit 2024. Uit die laatste bundel komt ook het gedicht ‘Driekwart’ of ‘Try czwarte’ in een vertaling van Maarten Tengbergen.

.

Driekwart

 Ergens rond 1800 bestond

                     driekwart van de mensheid uit slaven

Adam Hochschild

.

Zie de edele roeping van de mens, zie de waardige gang

Waarmee hij voortschrijdt sinds de tijden dat wij ons ontdeden van die

Saaie Neanderthalers met hun trieste

Blik, en daarna al die ontelbare voorzieningen,

De kampen waarin wij de minder vernuftigen

Verzamelden en die wij altijd weer volstopten met

Vluchtelingen, Joden, Rohingya, Syriërs,

Oeigoeren en zovele anderen, zodat wij hun hopeloze zaken

Op orde konden brengen en zij zich niet zouden bemoeien

Met zaken van een hogere orde, waar één kwart

Van de mensheid veel beter in thuis is, dat wil zeggen

Je hoeft maar om je heen te kijken, jij, mijn dierbare lezer,

en ik, de auteur.

.

Nacht van de poëzie

Peggy Verzett

.

Vandaag pakte ik, zonder te kijken, uit een reeks dunne dichtbundeltjes de bundel ‘Nacht van de Poëzie, 2006’ uit mijn kast. Deze bundeltjes met gedichten van deelnemende dichters aan de Nacht zijn klein van omvang (22 dichters met bijna allemaal 1 gedicht) dus het was eenvoudig om de bundel ergens halverwege opnieuw ongezien te openen en daar de dichter Peggy Verzett (1958) te ontdekken met een gedicht zonder titel. Het gedicht verscheen oorspronkelijk in haar bundel ‘Prijken die buik’ (2005) uit de cyclus ‘Cultnat’. Verzett is dichter, beeldend kunstenaar (olieverfschilderijen) docent Nederlands en Beeldende Vormgeving.

In 2010 verscheen van haar de bundel ‘Vissing’, in 2016 de bundel  ‘Haar vliegstro‘, in 2021 de bundel ‘Sneeuweieren / Snow Eggs’ en in 2023 de bundel ‘een ronde bol een ronde bol’. Uit de festival bundel van de Nacht van de Poëzie het volgende gedicht.

.

wij zagen een geborduurde

en een gevorderde winnaar

.

wij kozen de gevorderde

met de verre stad

.

achter droeg een verre stad met een brede rivier

toe-toe-toebedeelde morgens op willekeurige doorsneden

.

onze bladschuiven valhoogten en composieten

de wind weegt het vlees van de hypocrises

.

Anna!

hier is wat fraais begonnen

zet ’t likhout op een kier

.

door de gaten van onze kapsels

helt een lucht van gewelfde zucht

,

tussen de lamplicht en lamplicht

die langs zouden komen

.

Shrikanth Reddy

Poëzie op een bus

.

Het Amerikaanse Poetry in Motion-programma werd in 1992 gelanceerd door de Poetry Society of America (PSA) en is tegenwoordig een van de populairste publieke literaire programma’s in de Amerikaanse geschiedenis. Sinds 1992 plaatsen MTA (Metropolitan Transportation Authority) New York City Transit en de Poetry Society of America gedichten in het openbaar vervoer van de stad, in bussen en treinen, op posters en aan de muren van metrostations.

Poetry In Motion selecteert en toont elk kwartaal twee gedichten, in totaal acht per jaar, in de metro van New York City Transit. In de loop der jaren heeft het soortgelijke programma’s in meer dan 30 steden in het hele land geïnspireerd. Tot de meest recente toevoegingen aan Poetry In Motion behoren ‘ Little Prayer’ van Danez Smith en ‘Everything’ van Srikanth Reddy in Nashville.

In de meeste steden worden de winnende gedichten op posters in de bussen geplaatst. In Nashville, Tennessee, was de vraag vanuit de Music City-wedstrijd om gedichten van maximaal 25 woorden aan te leveren. De winnende gedichten werden aan de buitenkant van de bus afgedrukt (evenals op posters, OV-kaarten en bushaltes). Hieronder het gedicht van Srikanth Reddy (1973). 

Reddy is hoogleraar Engels en creatief schrijven aan de Universiteit van Chicago, zijn poëzie is gepubliceerd in Jacket magazine, Poetry Northwest,  Harper’s Magazine enThe Guardian en zijn literaire kritiek is verschenen in The New York Times , Lana Turner, Raritan, PEN America en andere publicaties. In oktober 2021 werd Reddy benoemd tot redacteur van Phoenix Poets, een boekenreeks uitgegeven door de University of Chicago Press en in december 2022 nam hij de rol van poëzieredacteur op zich voor The Paris Review.

 

Everything

She was watching the solar eclipse
through a piece of broken bottle

when he left home.
He found a blue kite in the forest

on the day she lay down
with a sailor. When his name changed,

she stitched a cloud to a quilt
made of rags. They did not meet,

so they could never be parted.
So she finished her prayer,

& he folded his map of the sea.

.

Indien mogelijk, keer om

Puck Füsers

.

In een recensie van de nieuwe bundel van Maxime Garcia Diaz ‘Het netwerk moet gebouwd worden’ van Daan Doesborgh noemt de recensent nog twee Gen-Z dichters te weten Puck Füsers en Twan Vet. Puck Füsers (2002) kende ik niet maar zij blijkt al aardig aan de weg te timmeren. Ze studeerde cultuur- en literatuurwetenschappen in Maastricht en ze schrijft poëzie, essays, poëtisch proza en andere teksten die op poëzie lijken. daarnaast werkt ze met andere disciplines, zoals audio, film en dans. in 2025 verscheen haar chapbook ‘tanden’ bij Wintertuin.

Haar poëzie en teksten verschenen bij De Revisor, Kluger Hans en Hard//Hoofd. Ze trad op bij onder andere Poetry International, Crossing Border, Dichters in de Prinsentuin, Frontaal en het Wintertuinfestival. In 2021 won ze de schrijfwedstrijd write now! met een gedichtenreeks over opgroeien in het digitale tijdperk. Op notulenvanhetonzichtbare.nl zijn twee van haar gedichten gepubliceerd. Een van die gedichten wil ik hier met jullie delen.

.

Indien mogelijk, keer om 

.

google maps leidt ons naar een straat die niet bestaat
ik moet denken aan de onvindbare eerstehulppost
de driehonderdvijfenzestig euro vijftig voor twee hechtingen
jezelf in iemands handen leggen
de mijne bloeden

je vond me mooi in het tl-licht van de wachtkamer
je zei: er zijn plekken waar de tijd stilstaat

ik weet niet of we onszelf alleen maar wijsmaken
dat de dingen die we doen vrijwillig zijn
ik weet ook niet of zij altijd al meer plek in mocht nemen,
maar ik belde haar als eerste

hier, in dit doodlopende steegje
zet ik de radio uit
vraag ik een mechanische stem om advies
het moet uitgesproken worden

ik hou je verantwoordelijk voor je daden
tussen negen en half vier op doordeweekse dagen

niet jezelf in iemands handen leggen
een ander zal niet weten wat te zeggen
en de mijne, ze bloeden

google maps leidt ons naar een straat die niet bestaat
maar dat wel ooit deed: we vinden bakstenen als littekens
we vinden hechtdraden die uitsteken

.