Site-archief
Slaaplied
Erwin Mortier
.
Erwin Mortier (1965) is een Vlaamse schrijver, dichter, essayist en vertaler. Hij studeerde kunstgeschiedenis in Gent. Van 1991 tot 2001 was hij als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Dr. Guislain Museum, het museum van de psychiatrie in Gent, waar hij werkte op het vlak van de geschiedenis van de psychiatrie. In deze periode publiceerde hij in diverse literaire tijdschriften als De Gids, De Revisor, Het Nieuw Wereldtijdschrift en Optima.
Na 2001 werd hij fulltime schrijver. In 1999 debuteerde hij als schrijver met de roman ‘Marcel’ waar hij de debuutprijs voor kreeg. In 2000 volgde dan zijn debuut als dichter met de bundel ‘Vergeten licht’. Van 2005 tot 2005 was hij stadsdichter van Gent. De stadsgedichten die hij in die periode schreef, werden in de bundels ‘Uit één vinger valt men niet’ (2005) en ‘Voor de Stad en de Wereld’ (2006) gepubliceerd en bij zijn afscheid in januari 2007 in de uitgave ‘Stadsgedichten 2005–2006’ gebundeld. Een rode draad door zijn oeuvre is een grote bekommernis om de taal en de herinnering die erin vervat ligt.
Uit zijn debuutbundel ‘Vergeten licht’ koos ik het gedicht ‘Slaaplied’. Grisaille is een schildertechniek die volledig is uitgevoerd in grijstinten, zwart of andere neutrale monochrome kleuren, vaak bedoeld om driedimensionale stenen of bronzen sculpturen na te bootsen.
.
Slaaplied
.
Zo leeg kan jij alleen mij voelen.
Zo welhaast uitgestorven. Huid
en weefsel dropen van me af
.
als niet je honger om te zijn, te zijn!
me samenbond. Ik heb geproefd
hoe jij dood mengt in mijn
.
leeftocht. Riant tegoeden neemt of
dubieus belegt in leegte en tekort.
Mij hijgen laat, een zuurstofloze holte
.
delft. Mij in grisaille in de schaduw
schetst. En dan, terwijl ik sluimer,
.
me als een zandpatroon verstoort
en voor ik in je diepte stort
.
al mijn cirkels breekt
en slordig opveegt.
.
Nestblijvers
Pauline Pisa
.
Pauline Pisa (1968) is dichter en schrijver. Zij was huisdichter bij het radioprogramma ‘Echo’ op NPO Klassiek, was een van de stadsdichters van Utrecht en is momenteel stadsdichter van Zeist samen met Jan-Paul Rosenberg. ‘Huilen uit één oog’ gedichten en voorvallen, is haar derde bundel. In 2006 won ze wel de maandelijkse poëzieslag in Festina Lente. In 2008 debuteerde ze met de bundel ‘Het gestolen wijf’ geïnspireerd op en opgedragen aan Kanaleneiland, een wijk in Utrecht. In 2015 volgde de bundel ‘Halfrust’ en nu dus, in 2026 haar derde bundel ‘Huilen uit één oog’. Poëzie van haar is te lezen op de website van Literair Zeist.
Uit haar nieuwe bundel koos ik het gedicht ‘Nestblijvers’.
.
Nestblijvers
.
We staan voor het raam, mijn broer en ik.
De stand van zijn schouders houdt hem zestien.
Buiten bluffen de merels, hun lied overstijgt de ouderdom.
.
Achter de luxaflex rusten onze jaren dertig-ouders.
Pa’s lok stamt uit de tijd van James Dean.
Ook de oude klok is nog in leven, zijn ballen neigen naar de grond.
.
In de bijkeuken is een boom gegroeid.
We zijn inmiddels opgeschoven. Onze kinderen dragen de trekken
van onze voorouders, in hun tongval leeft ons dialect.
.
De schoorsteen rookt, er is nog pluim, en vuur voor een gedicht.
Ma heeft een stroopwafel voor ons apart gelegd.
.
Toen nog niet alles digitaal was
Bies van Ede
.
Schrijver van jeugdliteratuur, televisiescenario’s, romans, poëzie, liedteksten en vertaler Bies van Ede (1957) is van vele markten thuis. Vorig jaar verscheen ‘Een landschap voor wie wil’ vijftig jaar gedichten en liedteksten verzameld en bijeengebracht door Bert Bevers. Bevers gebruikte hiervoor materiaal uit de zeven poëziebundels die Van Ede publiceerde, uitgaven van de Stichting Plint, gedichten van het legendarische Griezelgenootschap (met Paul van Loon), kinderliedjes en musicals.
Werk van Bies van Ede werd opgenomen in verschillende bloemlezingen waaronder ‘de Nederlandse jeugdpoëzie in 1000 en enige gedichten’ van Gerrit Komrij. De bundel ‘Een landschap voor wie wil’ wordt ingeleid door Frits Spits. Hij schrijft onder andere: “U moet zelf maar dwalen door deze bundel. Steeds zult u, net als ik, even de adem inhouden, een gevoel van herkenning, soms van geluk ervaren als u zijn werk overziet.’
Dat is precies wat ik gedaan heb, dwalen door deze stevige bundel van 282 pagina’s. Uiteindelijk heb ik als gedicht gekozen voor ‘Toen nog niet alles digitaal was’, iets dat denk ik, vooral wat oudere mensen uit het hart gegrepen is.
.
Toen nog niet alles digitaal was
.
Later, als ik niet meer dwaal
door de nachten van verlangen,
blijft een foto, in gedachten genomen,
van toen jij al weg was, een nieuwe ochtend in
met paarden misschien, of sportwagens.
.
Ergens moet toch de zon opkomen
boven het leven dat we wensen.
We wonen in beton, maar er zijn heuvels,
dalen, er is grasland en die zon
elke dag weer.
.
Later, als het dwalen lopen wordt
door bekende herinneren, zoals je nog precies weet
waar de stoel stond, of het bed,
weet ik weer hoe ik je kussen mocht.
.
Ik dacht toen al: nu wil je het nog.
.
En de zon zal altijd schijnen
door de ramen van onthouden.
Je bent de foto uit gelopen
maar de lijst is blijven staan.
.
Niemand op de begraafplaats
Shrouq Doghmosh
.
De Palestijnse schrijver en dichter Shrouq Doghmosh (1996) werd in Gaza geboren. Ze heeft een bachelor in Arabische taal en literatuur aan de Al-Azhar Universiteit in Gaza. Ze schrijft korte verhalen en publiceerde een bundel met de titel ‘I Was Killed at This Time’. Op 14 september jongstleden werd in een ruimte van Border Kitchen in Den Haag, haar nieuwe bundel met korte verhalen en gedichten gepresenteerd getiteld ‘Niemand op de begraafplaats’, verhalen en gedichten uit Gaza. Deze bundel werd vertaald door Djuke Poppinga en verschijnt in de reeks ‘Voices from Gaza’.
Elke bundel bevat een pop-up, waardoor elk exemplaar uniek is — er zijn 1500 exemplaren gedrukt. Alle opbrengsten van de boekverkoop vanavond gaan rechtstreeks naar de basisschool @futurecreators2026 In Gaza. Uit deze bundel koos ik het gedicht ‘Gedicht X’.
.
Gedicht X
.
Ik weet dat je geen hart bij je hebt,
geen longen, geen ogen,
maar je hebt vast wel een mond.
Gaat iemand die vroeger overal op kauwde
– vlees, bomen, stenen –
zich niet vervelen?
.
O oorlog,
Raak je nooit uitgeput?
Ga even aan de kant zitten.
Peuter ons vlees los dat tussen je tanden zit
en laat ons even met rust.
.
Ik probeer me voor je te verbergen
in een ingebeelde omhelzing,
zodat je vanavond niets te eten zult vinden.
Ga je dan jezelf opeten?
Of zul je me uiteindelijk vinden?
.
Dichtregels op een sprekende vaas
Victor Hugo en Émile Gallé
.
De Franse kunstenaar Émile Gallé (1846-1904) was een van de bekendste glaskunstenaars uit de Franse Art Nouveau. Gallé werkte met sterke kleuren, maar zijn glas bleef doorzichtig. Hij zette vaak teksten uit boeken of gedichten op zijn objecten. Op de zogenaamde ‘sprekende vaas’ of vase parlant ‘Les Lumineuses’ die hij maakte in 1899/1900, nam hij de zin ‘Want alle mensen zijn zonen van dezelfde vader. Zij zijn dezelfde traan en ontspringen uit hetzelfde oog’ op.
Deze regels komen uit het gedicht ‘Ce que c’est que la mort’ dat verscheen in de dichtbundel ‘Contemplations’ (Overpeinzingen) uit 1856 van Victor Hugo (1802-1885) op. In de Nederlandse vertaling luidt de titel van dit gedicht ‘Wat de dood is’. Hier het gedicht in vertaling en, uiteraard, een afbeelding van deze prachtige vaas.
.
Wat de dood is
.
Zeg niet: sterf; zeg: word geboren. Geloof.
We zien wat ik zie en wat jij ziet;
Wij zijn de slechte mens die ik ben, die jij bent;
We storten ons halsoverkop in plezier, wervelwinden en uitbundigheid;
We proberen de bodem, het einde, de valkuil te vergeten,
De sombere gelijkheid van het kwaad en de doodskist;
Hoewel het kleinste het meest waard is;
Want alle mensen zijn zonen van dezelfde vader,
Zij zijn dezelfde traan en ontspringen uit hetzelfde oog.
We leven, en vullen onszelf met trots;
We lopen, we rennen, we dromen, we lijden, we buigen, we vallen,
we staan op. Wat is dan deze dageraad? Het is het graf.
Waar ben ik? In de dood. Kom! Een onbekende wind
werpt je naar de drempel van de hemel. We sidderen; we zien onszelf naakt,
Onzuiver, afzichtelijk, gebonden door de duizend grafknopen
Van onze misdaden, onze schandelijke kwaden, onze duisternis;
En plotseling horen we iemand in de oneindigheid
zingen, en door iemand voelen we ons gezegend,
zonder de hand te zien waaruit
de liefde op onze zondige ziel neerdaalt, en zonder te weten wiens stem zingt.
We komen aan als mens, rouwend, ijspegel, sneeuw; we voelen onszelf
smelten en leven; en, vervuld van extase en azuurblauw,
beeft ons hele wezen bij de vreemde nederlaag
van het monster dat in het licht een engel wordt.
.
Dus je wil schrijver/dichter worden?
Charles Bukowski
.
Op zoek naar wat informatie over een van mijn favoriete dichters, de Amerikaanse dichter Charles Bukowski (1920-1994) kwam ik op een website waar een uitspraak gedaan werd over de beste gedichten van Bukowski. Dat waren ‘Bluebird‘, ‘Roll the Dice’, ‘Dinosauria, We’ en ‘So You Want to Be a Writer’. Nu heb ik al vele gedichten van Charles Bukowski gedeeld op dit blog en één van deze vier al in 2015, maar drie dus nog niet. Alle reden om een begin te maken met een vervolg. Daarom vandaag het gedicht ‘So You Want to Be a Writer’ uit zijn bundel ‘sifting through the madness for the Word, the line, the way’ New Poems uit 2003. En voor Writer mag wat mij betreft ook ‘Poet’ worden gelezen.
.
So you want to be a writer
.
if it doesn’t come bursting out of you
in spite of everything,
don’t do it.
unless it comes unasked out of your
heart and your mind and your mouth
and your gut,
don’t do it.
if you have to sit for hours
staring at your computer screen
or hunched over your
typewriter
searching for words,
don’t do it.
if you’re doing it for money or
fame,
don’t do it.
if you’re doing it because you want
women in your bed,
don’t do it.
if you have to sit there and
rewrite it again and again,
don’t do it.
if it’s hard work just thinking about doing it,
don’t do it.
if you’re trying to write like somebody
else,
forget about it.
if you have to wait for it to roar out of
you,
then wait patiently.
if it never does roar out of you,
do something else.
if you first have to read it to your wife
or your girlfriend or your boyfriend
or your parents or to anybody at all,
you’re not ready.
don’t be like so many writers,
don’t be like so many thousands of
people who call themselves writers,
don’t be dull and boring and
pretentious, don’t be consumed with self-
love.
the libraries of the world have
yawned themselves to
sleep
over your kind.
don’t add to that.
don’t do it.
unless it comes out of
your soul like a rocket,
unless being still would
drive you to madness or
suicide or murder,
don’t do it.
unless the sun inside you is
burning your gut,
don’t do it.
when it is truly time,
and if you have been chosen,
it will do it by
itself and it will keep on doing it
until you die or it dies in you.
there is no other way.
and there never was.
.












