Paarden
Rutger Kopland
.
Regelmatig trek ik een dichtbundel uit mijn boekenkast om wat in te lezen, inspiratie op te doen of gewoon om te genieten van mooie poëzie. Sinds ik in de categorie ‘Uit mijn boekenkast’ de ‘blind gepakt’ serie ben begonnen merk ik dat me dat zo goed bevalt dat ik het nu ook vaker doe. Want ik heb inmiddels zoveel poëziebundels en die heb ik niet allemaal van voor tot achter helemaal gelezen.
Nu pakte ik uit de bundels van Rutger Kopland (1934-2012), ja van sommige dichters staan de bundels bij elkaar, nog lang niet van allemaal maar ik zoek me soms een slag in de rondte op zoek naar een gedicht of bundel, ‘Dankzij de dingen’ uit 1989. Een kleine bundel van slechts 42 pagina’s maar met zulke mooie gedichten. Ik schreef al eerder over de bundel in de categorie ‘dichter over dichter’ maar nu bleef ik hangen bij het gedicht ‘Paarden’. Ik was in de veronderstelling dat ik al eens over dit gedicht geschreven heb en wat ik dan doe is het op mijn blog opzoeken.
Niets bleek minder waar, het gedicht waar ik aan dacht is getiteld ‘Tegen het krakende hek’ en komt uit de bundel ‘Wie wat vindt heeft slecht gezocht’ uit 1972, waarin paarden ook een hoofdrol spelen. Daarom hier het gedicht ‘Paarden’.
.
Paarden
.
Hun schichtige hoofden in de mist,
had ik niet geweten wie ze waren,
.
ik had gedacht dat het niet meer
was dan de droom van bij elkaar
.
zijn in een weiland in de winter,
maar ik wist het, ik kende hen.
.
Ze waren gekomen uit een verleden,
aarzelden, en keerden daar in terug.
.
Geplaatst op 11 juli 2025, in Dichtbundels, Favoriete dichters, Uit mijn boekenkast en getagd als 1934, 1972, 1989, 2012, blind gepqakt, Dankzij de dingen, dichtbundel, dichter, gedicht, gedichten, gedichtenbundel, paarden, poëzie, poëziebundel, Rutger Kopland, Tegenm het lkrakende hek, Uit mijn boekenkast, Wie wat vindt heeft slecht gezocht. Markeer de permalink als favoriet. 1 reactie.





En laat ik nu ook bezig geweest zijn met Rutger Kopland, Wouter. Ik schafte tweede 2 weken geleden (tweedehands) zijn boekje ‘Mooi, maar dat is het woord niet’. aan. Geschreven gesprekken met een vijftal dichters. Vervolgens las ik in een andere bundel zijn door jou aangehaalde gedicht ‘Paarden’, met daarin ook het gedicht Lijsterbessen.
(die stond jaren voor mijn terras, totdat bessenhaters handelingen ondernamen)
De dichtkunst beoefenen is
met de grootst mogelijke zorgvuldigheid
constateren dat bijvoorbeeld
in de vroege morgen
de lijsterbessen duizenden tranen dragen
als een tekening uit de kindertijd
zo rood en zo veel.