Site-archief
Oude dromen
Pero Senda
.
Vandaag 4 jaar geleden werd ik gebeld door de vrouw van mijn vriend en dichter Pero Senda (1945 – 2013). Vrij onverwacht was hij, na een kort ziekbed overleden. Ter nagedachtenis wil ik daarom vandaag, op zijn sterfdag een gedicht van hem plaatsen uit de bundel, die hij destijds in 1999 presenteerde in de bibliotheek van Maassluis. Vanaf dat moment leerde ik Pero steeds beter kennen en ik mis hem en zijn bijzondere en warme persoonlijkheid nog altijd.
.
Oude dromen
.
Opnieuw kwellen mij niet uitgedroomde dromen
Gletsjers, schotsen, het poollandschap in schaduw en licht
Wit schitterend schuim in een zeegezicht
De witte dood loert. Angst grijpt me aan
Ik vlucht, wil zuidwaarts, blijf roerloos staan
Snel, snel! Waarheen? Natuurlijk naar huis:
Naar mijn huis in Maassluis.
.
Zandstranden. Copacabana.
Is het Rio of Havana?
Gevaarlijke klanken uit Afrika’s zuiden
Kenya, safari, ziekten en kruiden
Wilde dieren overal, dag en nacht
De zon die brandt, ik dorst en smacht
Weer op de vlucht. Waarheen? Naar huis:
Naar mijn huis in Maassluis.
.
Op de Balkan niets nieuws, geen dromen,
Hetzelfde decor, slechts nieuwe spelers zijn gekomen.
Vooral statisten rijen zich ten dans
Van bloed en vrijheid hebben zij thans
De mond vol. Weg nu met al die grote woorden
Ik overstijg de idealen die mij ooit bekoorden
Vluchten, zo ver ik kan, van al die dwazen
Naar het land van bloemen in borders en vazen
Van gele tulpen – dus terug naar huis:
Naar mijn huis in Maassluis.
.
Pero Senda
Stille ballade
.
Op woensdag 28 juni jongstleden was het de geboortedag van mijn vriend en collega dichter Pero Senda. In 2013 stierf hij een veel te vroege dood. Zijn hartelijkheid en mooie verhalen mis ik nog steeds. Pero Hrvoje Senda kwam in 1993 naar Nederland met zijn gezin als vluchteling voor het oorlogsgeweld in het toenmalige Joegoslavië (Bosnië).
In 1997 was hij één van de winnaars van de Dunya Poëzieprijzen met zijn gedicht ‘De vrouw’ elders op dit blog te vinden. Het jaar daarna heb ik hem voor het eerst ontmoet en in 1999 kwam met hulp van de gemeente Maassluis zijn eerste dichtbundel uit ‘Krhotine’ of ‘Brokstukken’ waarin hij veel verwerkte van wat hij had meegemaakt.
Uit deze bundel het gedicht ‘Stille ballade’.
.
Stille ballade
.
Ik vertrok, me van jouw leugens bewust
Kleurrijke helden schonken je veel meer lust
Ik hoorde je vloeken: lafaard, zo van mij scheiden
Nou, goed dan liefste, zij mogen je leiden
Je bent een vreemde, grillige en kokette
Donkere dame, blondine of brunette
Ik was niet goed genoeg voor jou
Die andere bleef je liever trouw
Voor liefde zal het te laat nu zijn
Je bleef niet bescheiden, je bent niet meer rein
Duister is je verleden, toen viel je uiteen
Geen pad is er meer, waar kun je nog heen
Wat betekenen mijn sonnetten en romances
Als jij meer gesteld bent op verre avances
Nog steeds ben jij de gekrenkte dame
Vol wrok, met niemand ben je meer samen
Ach, zouden er maar nieuwe minnaars komen
Maar die zijn onverschillig voor enkel dromen
Ik besta niet langer, en steeds minder luid
Spreek ik jouw naam – Bosnië – nu uit
.
Brokstukken
Uit: Voor de muur (Pred zidom) van Pero Senda
.
Afgelopen woensdag werd dichter en vriend Pero Senda gecremeerd. Op de herdenkingsbijeenkomst las ik Brokstukken (Krhotine) voor omdat ik dat een heel toepasselijk gedicht vond.
.
Brokstukken
.
Van de zon stal ik een straal
En van een wolk een druppel
Om brokstukken van mij te zaaien
Op de vruchteloze bodem
Daar, ver weg in de woestijn
Verder van dromen
.
Wat zal er met mijn gedichten gebeuren
Verspreid als vervloekt zaad
Wat blijft er dan van mij
Wat blijft van mij
.
Krhotine
.
Ukrao sam Suncu zrak
I oblaku kaplju
Da posijem krhotine mene
Na jalovo tlo
Tamo, daleko u pustinji
Dalje od snova
.
Sto ce biti sa pjesmama mojim
Rasutim k’o ukleto sjeme
Sto ce tada ostati od mene
Sto ce ostati od mene
.
Pero Senda (1945 – 2013)
Bericht van overlijden
.
Gister bereikte mij het trieste bericht dat vriend en dichter Hrvoje Pero Senda op zaterdag 16 november is overleden.
Hrvoje Pero Senda werd geboren op 28 juni 1945 in Gornji Vakuf, een kleine stad in Centraal Bosnië. Pero studeerde Zuidslavische taal en literatuur aan de Filosofische universiteit in Sarajevo, Zagreb. In 1971 keerde hij terug naar zijn geboorteplaats en werkte daar als leraar tot het begin van de oorlog. In 1993 vluchtte hij met zijn familie naar Nederland. Veel van zijn manuscripten zijn daarbij verloren gegaan.
In 1997 won Pero Senda met het gedicht ‘De Vrouw’ de Dunya Poëzieprijs en in 1999 verscheen zijn eerste tweetalige dichtbundel ‘Brokstukken’. Senda was in 2007 een van de tien dichters die meewerkte aan het prachtige boek Verse taal met muziek-cd van Wilma Paalman, gepubliceerd door Uitgeverij De Brouwerij te Maassluis. In juni 2010 werd bij dezelfde uitgeverij zijn tweetalige dichtbundel (Kroatisch / Nederlands) ‘Voor de muur’ gepresenteerd.
Pero vormde samen met Otto Zegers de jury van mijn tweede gedichtenwedstrijd (2010) die na 2011 is overgegaan in de Gedichtenwedstrijd van de stichting Ongehoord!
In dat zelfde jaar vroeg ik hem als dichter een bijdrage te leveren aan het boek Balkon scènes aan het water (samen met Arend van Dam, Henriette Faas, Henk Weltevreden en Maarten van Buuren). Hij was meteen enthousiast en wist ook meteen een thema voor zijn bijdrage. Van Balkan naar Balkon. Het Balkon is een nieuwbouwwijk aan de Waterweg in Maassluis.
In de bibliotheek van Maassluis werkte ik met Pero samen bij een aantal projecten georganiseerd door PICO en later vormde hij samen met Otto Zeegers het hart van de Poëziewerkplaats in de bibliotheek van Maassluis.
Pero trad als dichter regelmatig op, voor zijn landgenoten in Nederland maar ook op poëziepodia onder andere het Ongehoord! podium.
In Pero verliezen we een begenadigd schrijver, dichter, vriend maar vooral een bijzonder man.
.
Requim voor de mens
.
Verstomd heelal
eenzaam, aan de rand van de Melkweg
rilt en huivert de planeet Gaia
in dodelijke koorts
de dronken carrousel schommelt vervaarlijk
dezelfde menigte
twee millennia na Christus
brult en zingt unisono: gloria, gloria
dood, dood, in dezelfde euforie
en opnieuw, aan het eind van deze eeuw,
kruisigt men de Mens
Het is carnaval
en in dat gezichtsloze straattheater
in een plechtige optocht – met maskers
van prinsen, prinsessen, courtisanes,
harlekijnen en hansworsten –
danst de bandeloze massa, schreeuwt
en krijst: gloria, gloria
dood, dood, in dezelfde euforie
en alles is weer als toen, maar na de parade,
aan het eind van deze eeuw, ligt
vertrapt in de modder
het masker van de Mens
.
Uit: Balkonscènes aan het water










