Site-archief
Kantoortuin 10
Angelika Geronymaki
In de nieuwste uitgave van het literaire magazine Deus Ex Machina, nummer 195 uit 2025 lees ik poëzie van Angelika Geronymaki (1986). Ik kende haar niet maar op haar website lees ik dat ze redacteur is bij Hard//hoofd en in 2022, na het winnen van de Poetry slam van Rotterdam in 2021, was ze finaliste van het Nederlands Kampioenschap Poetry Slam (waar ze vierde werd). Ze publiceerde al in meerdere literaire bladen zoals Kluger Hans, Het Liegend Konijn, Hollands Maandblad, DW B en Samplekanon. Ze werkt op dit moment aan haar debuutbundel en maakt jongeren- en educatieprogramma bij Theater aan de Schie in Schiedam.
Het gedicht dat ik overnam uit Deus Ex Machina is geschreven naar ‘Onder de appelboom‘ van Rutger Kopland.
.
Kantoortuin 10
.
Ik kwam laat en nat aan,
het was al avond
en zeldzaam zacht voor de tijd van het jaar.
.
Ik zat te kijken hoe mijn collega
zich door dossiers aan het spitten was
de nacht kwam uit zijn laptop
een blauwer wordende schijn hing
zich op in de tl-verlichting.
.
Er was geen appelboom
om ons samen onder te plaatsen.
Dit is een cirkel dacht ik,
een neerwaartse spiraal zonder eind.
.
Ik ben verloren, als een ridder
in tijden van droneoorlogen.
Wat moet ik met dit zwaard op mijn rug.
.
Kopland op tafellaken
Gedichten op vreemde plekken
.
In mijn nimmer aflatende zoektocht naar gedichten op vreemde en bijzondere plekken kwam ik onderstaande tegen. Een gedicht (of in ieder geval een deel van een gedicht) van Rutger Kopland op de zijkant van een tafellaken.
het tafellaken wordt verkocht op Klets.nu en is bedrukt met een witte boom. In de boom staan woorden van dankbaarheid die de samenwerking weergeven waar nu een einde aan kwam (het tafellaken is gemaakt in opdracht).
Het tafellaken is gemaakt van rood linnen in combinatie met een toile du jouy stof.
Het gedicht van Rutger Kopland is getiteld ‘Onder de appelboom’en verscheen in zijn bundel ‘Onder het vee’ uit 1966.
.
Onder de appelboom
Ik kwam thuis, het was een uur of acht
en zeldzaam zacht voor de tijd van het jaar.
De tuinbank stond klaar onder de appelboom.
Ik ging zitten en ik zat te kijken
hoe de buurman in zijn tuin nog aan het spitten was.
De nacht kwam uit de aarde
en blauwer wordend licht hing in de appelboom.
Toen werd het langzaam weer te mooi om waar te zijn,
de dingen van de dag verdwenen voor de geur van hooi,
er lag weer speelgoed in het gras
en ver weg in het huis lachten de kinderen in het bad
tot waar ik zat, tot onder de appelboom.
En later hoorde ik de vleugels van ganzen in de hemel,
hoorde ik hoe stil en leeg het aan het worden was.
Gelukkig kwam er iemand naast mij zitten,
om precies te zijn jij was het
die naast mij kwam onder de appelboom,
zeldzaam zacht en dichtbij voor onze leeftijd.
.







