Dichters

Ed. Hoornik

.

In het literaire tijdschrift Maatstaf, 11 (1953/1954) nr 4/5 werd het gedicht ‘Dichters’ van dichter Ed. Hoornik (1910-1970) gepubliceerd. Het gedicht staat ook in de bundel ‘Verzamelde gedichten’ uit 1972.

.

Dichters

.

Wat ik aanvankelijk verbeelding waande

wordt werkelijkheid wanneer we samengaan:

er is in hem en mij hetzelfde gaande,

elk volgend ogenblik kan het ontstaan.

.

De wegen die wij door de bergen baanden,

blijven in ons hun lange bochten slaan;

hoogten en diepten zijn of zijn aanstaande

en vinden in een vers hun voortbestaan.

.

Wij willen het alleen nog niet bekennen:

onder de spitse hoeden van de dennen

lopen wij somtijds woordlijk in elkaar.

.

Er ritselt iets, er gaat iets aan het rennen

vlak voor ons uit, een lint of kinderhaar.

Wij worden allebei tovenaar.

.

Geplaatst op 11 juli 2021, in Dichtbundels, Favoriete dichters, Vakantie poëzie en getagd als , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 1 reactie.

  1. Hans Franse's avatar Hans Franse

    Dit gedicht slaat op de tocht die Hoornik met Gerrit Achterberg maakte, ik meen in het jaar voor de dood van de laatste.

Geef een reactie op Hans Franse Reactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.