Site-archief

Winter(dag)

Dubbelgedicht

.

Omdat het alweer sneeuwde deze week en omdat de winterse kou nog even aanhoudt, wil ik hier graag de harten verwarmen met wat winterse poëzie in de vorm van een dubbelgedicht over diezelfde winter.

Als eerste het gedicht ‘De winter’ van dichter H.H. ter Balkt (1938-2015) dat verscheen in de bundel ‘Uier van het oosten’ uit 1970. Het tweede gedicht is getiteld ‘Een winterdag’ en is van dichter Han G. Hoekstra (1906-1988) en is genomen uit de bundel ‘Aan het werk’ uit 1981.

.

De winter

.

De bonte kraai, de bonthandelaar

de zwarte kraai, viller en hakker

reizen in wintertijd boven weg & trein.

.

Het wapen van de winter is klauw e& snavel

Van honger de steltloper, dorst een groot drinker

hangt het uithangbord aan de zwarte herberg.

.

Vliegende poten verlichten zwakjes het landschap

Met een molensteen om hun nek de dorpen

lezen sprookjes van Hoornroosje en ander droefs.

.

Als droesem liggen de inwoners onderin dat glas

dat kraakt en splintert, en boven stilstaande klokken

vleugelslag van broeder kraai roert de troebele dronk.

.

Lege beker vind je, lege beker mijn vriend

in de zwartgallige winter die de lampen uitgooit

en gromt & hikt onder gekantelde tafels.

.

Een winterdag

.

Er stond een meisje met een heel klein handje

kruimels te strooien voor een mus of wat,

scherp oplettend wie al iets had gehad.

En de haaibaaien gaf ze dan een standje.

.

Het was een langgerekte monoloog.

De telkens weerkerende felle krijs

van soms een meeuw bracht haar niet van de wijs,

ze had die rustverstoorders scherp in het oog.

.

In het heelal hield zij de zaken bij.

Soms deed ze een paar passen. De sneeuw kraakte.

Met een schel stemmetje prees ze en laakte.

En met dat kleine handje voerde zij.

.

 

 

De winter

Vasalis

.

Morgen, op 23 januari 2016 zal ik, op mijn verjaardag, als cadeautje aan mezelf en mijn lezers, mijn nieuwe kleine bundel ‘XX-XY ; liefdesgedichten’ presenteren via mijn blog, uitgegeven door MUG books. Vanaf die dag zal deze E-bundel gratis te downloaden zijn. In het kader van gedichten over de liefde daarom vandaag alvast een (treurig) liefdesgedicht van Vasalis uit ‘Vergezichten en gezichten’ uit 1975.

.

De winter

.

De winter en mijn lief zijn heen.

Er zit een merel op het dak,

zijn keel beweegt, zijn snavel beeft

alsof hij in zichzelve sprak

.

Hij luistert: uit een verre boom

klinkt als het ketsen van twee stenen

een vonkenregen van verlangen

zo luid, zo helder en zo bang.

.

De merel stort zich met een kreet

vol wildheid in de voorjaarsvlagen.

Ik kan het bijna niet verdragen:

mijn voorjaar en mijn lief zijn heen.

.

merel