Categorie archief: Gedichten op vreemde plekken
Gedichten op vreemde plekken
Deel 36: In krijt, op de stoep.
Zoals ik in mijn blog van 8 juni jongstleden al schreef is poëzie niet saai. De site http://chalkpoetry.blogspot.com/ bewijst dat maar weer eens. Gedichten op de stoep, in krijt. Vluchtig als de eerste regenbui maar wel erg leuk. En zoals je op de onderstaande foto kunt zien doen niet de minste dichters mee aan dit fenomeen (Gijs ter Haar en ACG Vianen).
Jammer alleen dat de laatste bijdrage alweer van juni 2008 was.
Voor meer informatie kijk je hier
Gedichten op vreemde plekken
Deel 35: Op het strand
Dit gedicht wordt gemaakt door het rijden met een truck over het strand van Vlieland. Opde banden van de truck zijn de dichtregels gemaakt in spiegelbeeld zodat de tekst in het zand te lezen is.
De dichtregels zijn van Jan de Booys en luiden:
Breng gedachten vol verlangen naar het lege stille strand. Schrijf ze duizend stille malen tussen duizend korrels zand.
Gedichten op vreemde plekken, een boekje
Dicht op de muur, Leiden
"Op 9 oktober 1992, precies honderd jaar na haar geboortedag, verscheen op de gevel op de hoek Kloksteeg/Nieuwsteeg een gedicht van de Russische dichteres Marina Tsvetajeva. Dit gedicht was het begin van een lange reeks. Inmiddels is het aantal gegroeid tot 43 gedichten"
Dit is het begin van de inleiding van een heel bijzonder boekje 'Dicht op de muur – gedichten in Leiden'.
Mijn exemplaar is de zesde druk uit 2000. het is dus zeer goed mogelijk dat het aantal gevelgedichten inmiddels ver voorbij de 43 is gegroeid.
In mijn rubriek 'Gedichten op vreemde plekken' heb ik al veel aandacht besteed aan gedichten op muren en ramen (en andere objecten) maar een gedicht uit Leiden stond daar vreemd genoeg nog steeds niet bij. Op de een of andere manier dacht ik dat een Leids gevelgedicht al onderdeel maakte van mijn verzameling. Dat blijkt dus niet zo te zijn. Omdat het boekje alle gevelgedichten op foto en in beschrijving in zich bergt en zeer lezenswaardig is, zal ik er hier toch een plaatsen. Het is een gedicht van Hans Lodeizen geworden.
Inmiddels is dit initiatief overgenomen door Middelburg onder de naam 'Sprekende gevels'.
Gedichten op vreemde plekken
Deel 33: Tunnelgedicht
.
Een gedicht van Stadsdichter Joke van Leeuwen (2009) Alleen te lezen als je er langzaam langs loopt/fietst/rijdt.
De hele tekst staat hieronder.
Ha ga hier, u jij golle jullie gij, door deze gang van lucht in boomse klei,
behaagziek als een brug zijn tunnels niet, de wereld is teruggebracht tot kleine optocht van toevalligheden, een snelle blik in onbekende ogen, een jas waarin hier iemand al eens kwam,
hier kunnen zon en wind niet bij, hier bloeit niets, groeit niets, is het heen of weer binnen de lijntjes blijven, en boven gaat het zoveel kanten op, tien hoog en toch nog uitzichtloos of op de grond iets als de hemel,
en u jij golle jullie gij, al is Sint-Annadorp vergaan, de put in en verdwenen, er waaien oude liedjes rond tielierelarelom die willen zich bewaren tussen getob en tegenzin en opgeraapte grappen,
wat doen de benen hier hun best, er moet weer wat, dat zal wel zijn, iets halen, iets betalen, iets willen, iemand zien misschien, waren de buizen hier als glas, was er dan nu nog wat er was,
diep in de grond verzonken huizen, drie potten met verschaalde lijdzaamheid en zoete bonen, de kraag van een matroos met einders in herinnering en veel vuil spel en slappe touwen,
de grove buiken van gestorven schepen, daarboven vissen die volharden, daarboven alles, maar toch weeral geen fraai ontvangend comité dat staat te zingen van wees welkomtierelierelom,
hoe goed dat u jij golle jullie gij weer boven bent zijn zijt (en dan de grote trom en een refrein).
(richting stad)
Ha ga hier, u jij golle jullie gij, gekomen uit een kromgetrokken droom met overkant, nog zevenhonderd stappen min of meer en daar is ’t stad, een plein, een schilderij, een berg vers fruit, een park dat kan bewaard, een menigte die nieuwe kleren wil,
een taak die languit ligt te wachten, een nacht met ogen open, de properpoetser voor de glans (de koninklijke poort is moeten lopen naar de gillisplaats, daar staat die poort niet echt een poort te zijn, er is wel meer niet wat het is),
terwijl hier u jij jullie golle gij onder de Schelde bent zijn zijt, ligt alles boven als versteend op u jij golle jullie gij te wachten, het wenen op de pauzeknop en niemand raapt nog grappen op, het lachen houdt zich in om dalijk door te gaan,
de stad is stil gaan staan bij wat er wringt en al die Antwerpse geschoeide voeten stokken, even vraagt niemand waar vandaan, een schreeuw blijft aan een dakgoot hangen,
de auto’s wachten voor het rood en even gaat er niemand dood die iemand graag in leven houdt, het brood wordt even niet meer oud, de hoogste bomen weigeren de wind,
een val wordt net op tijd gebroken, de prater zwijgt en vraagt zich af wat hij te zeggen denkt, het water blijft verbaasd in buizen aarzelen, de haast weet niet meer waar naartoe,
maar dan als u jij golle jullie gij weer boven komen komt, boegeert het, botst het, bloeit het, vloekt het, is het toch weer later.
.
Gedichten op vreemde plekken
Deel 28: Op een Duitse toerbus
.
Tijdens een studiereis naar Berlijn de afgelopen week toch ook nog een paar gedichten op frases van gedichten gezien en gefotografeerd, op niet alledaagse plaatsen.
Dit is niet echt een gedicht, eerder een quote, van Johann Wolfgang von Goethe maar toch wel de moeite waard.
.
"Reizen is het begin van de mooiste vriendschappen"
.










