Site-archief

Saamhorig

Luuk Gruwez

.

Dichters kunnen in hun poëzie de wereld verkennen, leren kennen, ontdekken. Dat kan door zonder omhaal van woorden een onderwerp te pakken en dat te beschrijven of, zoals Luuk Gruwez (1953) in het gedicht ‘Saamhorig’ beginnend met de wereld en eindigend met het heelal (je kunt maar een allesomvattend onderwerp nemen nietwaar). Het aardige aan dit gedicht is dat de wereld al heel groot is en het heelal oneindig maar dat Gruwez in dit gedicht ervoor kiest aan de hand van juist hele kleine dingen die hele grote wereld daarbuiten betekenis te geven.

Toen ik het gedicht las in ‘Garderobe’ een keuze uit al zijn gedichten uit 2010, dacht ik even dat ik al eens een gedicht met die titel had geplaatst op dit blog. Als je richting de 5000 berichten gaat weet ik nou eenmaal niet precies meer waarover ik allemaal geschreven heb. Het bleek een gedicht te zijn met net een iets andere titel namelijk ‘Saamhorigheid‘ van Isis van Geffen. Dit had een aardig dubbelgedicht kunnen zijn.

.

Saamhorig

.

Er moet een wereld van verloren dingen zijn

waarin een handschoen, inderhaast vergeten,

het aanlegt met een oude krant,

een sjaal, een zakdoek of een kam.

 

De handschoen mist de hand niet meer,

de zakdoek heeft geen jammernis,

en zelfs de sjaal taalt niet meer naar warmte

van kindermeiden en van moeders.

 

Al het verlorene is saamhorig.

Maar wat met tederheid die overbodig werd,

met kippenvel dat blijven wou,

de eerste natte droom, het domste lief,

 

het speelgoed van een kind dat stierf?

En doen alsof men alles kan vergeten,

hoewel men, plompverloren als een mens,

alleen in het heelal moet zijn.

.

De Muze en het heelal

Fruit der firmamenten

.

Ter gelegenheid van de boekenweek in 1959 gaf de vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels een verzameling gedichten, handelende over licht en duister, over aarde, zon, maan en sterren, over ruimtevaart, een primula en een citroen uit.

Toegegeven, ik werd ook op het verkeerde been gezet door de primula en de citroen maar bedenk dat ook de ruimtevaart in 1959 nog iets magisch en onbekends was, het heelal was nog een groot onbekend zwart gat. De primula en de citroen komen overigens uit een gedicht uit de bundel van Jan van Nijlen:

.

Meer dan sterren, meer dan het heelal

is mij de primula, een geel citroen.

.

Omdat deze bundel uitgegeven is ten behoeve van jonge mensen, stelde de commissie van de vereeniging een prijsvraag in onder pas-afgestudeerden op het gebied van vormgeving. Pas-afgestudeerden Bartha Bik (typografie) en Frédérique Spaanderman (omslag en illustratie) vulden elkaar zo goed aan volgens de commissie dat zij de opdracht kregen.

In de bundel gedichten van alle bekende dichters uit die tijd zoals Campert, Lucebert, Vasalis, Achterberg, van Ostaijen, Marsman, Lodeizen, Vestdijk, Boutens, Roland Holst etc. Maar ook een enkele wat minder bekende dichters als Albert Besnard, Gabriël Smit en Nes Tergast.

Al met al een fijne bundel ( de 11e uit deze Muze-reeks).

Ik koos uit deze bundel het gedicht ‘Fruit der firmamenten’ van Anton van Duinkerken.

.

Fruit der firmamenten

.

Ik vind:

de sterren zijn een witte wervelwind,

een hemelgril,

sneeuw die niet vallen wil,

uren die stil bleven staan,

werelden die de kracht niet vonden te vergaan.

.

En jij, wat denk je van de maan?

een ijspaleis,

een lachend gelaat

of een verzilverd paradijs?

.

Een wandelaar die langs de melkweg gaat

en ziet de zon als een fosforisch lijk

heeft die gelijk of ongelijk?

o kind, wat zou het heerlijk zijn te happen in de sterren!

.

Hoe verder hij ging

Gedicht bij het Centraal station

.

Van de Utrechtse schrijver C.C.S. Crone, is de uitspraak of het literaire citaat ‘en hoe verder hij ging, des te langer was zijn terugweg’. Het deed me  denken aan het zeer korte gedicht van Jules Deelder ‘Heelal’

.

Heelal:

Hoe verder men keek

hoe groter het leek

Maar het bleek alras

hoe klein het ooit was

.

De laatste twee zinnen zijn een aanvulling van Deelder. Deze zin is te lezen als men op het plein voor het Beatrixtheater in Utrecht op de Jaarbeurstraverse naar boven loopt richting Centraal Station.

C.C.S. Crone (1914 – 1951) schreef een klein oeuvre bij elkaar en overleed op 36 jarige leeftijd aan kinderverlamming.

Meer over deze schrijver op: http://resources.huygens.knaw.nl/bwn1880-2000/lemmata/bwn5/crone

2014-10-21 13.31.30