Site-archief
Alouette
Jan Turner
.
De alouette is een versvorm van Jan Turner genoemd naar de Franse leeuwerik. Het rijmschema is aabccb en het metrum bestaat uit trocheeën (combinatie van een beklemtoonde en daarna een onbeklemtoonde lettergreep), waarbij de hoofdklemtoon bij voorkeur op de derde lettergreep valt.
Een mooi voorbeeld van Jaap van den Born van http://www.hetvrijevers.nl/
.
Hoe mijn luchtballon
In de ochtendzon
Dansend opstijgt in de lucht!
En onaangelijnd
Als een stip verdwijnt
Maar ook hij vindt zo
Straks zijn Waterloo
Wat dit kort verhaal ons leert:
Na een week ligt hij
In een stille wei
Versvormen
Van hexaduade tot villanelle
.
In mijn zoektocht naar de uithoeken van de poëzie kwam ik op een website van google terecht met versvormen. Op deze website https://sites.google.com/site/versvormen/home is een enorm aantal versvormen bijeen gebracht en uitgelegd. Bekende versvormen als de ballade, de limerick en de ollekebolleke staan erbij maar ook voor mij volledig onbekende versvormen als de rimas dissolutas (bekend van de Provençaalse troubadourzang), de Balassi stanza (coupletvorm vernoemd naar de Hongaarse dichter Balint Balassi) en de rupsband (bedacht door Drs. P.).
.
Om een mooi voorbeeld te geven van zo’n onbekende versvorm met een gedicht hieronder een voorbeeld van de Aquariumvorm. Deze door Drs. P. bedachte vorm kent 5 regels, een rijmschema abcdb en in de 4e regel een vierlettergreping woord met klemtoon op de 2e lettergreep.
.
Hij groeit op schrale grond,
Hij smaakt ook wel
Betamelijk.
Hij bracht de Kasha aan de Rus,
Polenta de Romein.
Bij ons smaakt hij
Gemenelijk
Daarnaast is hij volstrekt geschikt
Als hypertensie-kruid;
Voorkomt wellicht
Spataderkous,
Hij minimeert gevolgen
Van straling door atoom.
Mij trekt meer de
Verruk’lijkheid
Van blini’s met veel room!
.
Jean Pierre Rawie
Rondeel
.
Gisteren kwam ik ergens in een stuk over poëzie een stukje over Jean Pierre Rawie tegen. In de late jaren negentig van de vorige eeuw heb ik het genoegen gehad Jean Pierre Rawie te mogen ontmoeten toen hij voordroeg tijdens een schrijversmarkt in de gemeente waar ik toen werkte. Een bijzonder heerschap was het, een dandy. Tenminste, ik denk dat hij graag als zodanig door het leven wilde gaan. Wat mij toen al opviel (ik was toen nog niet zo bezig met poëzie) was dat zijn gedichten zo mooi van structuur waren, zo makkelijk in het gehoor lagen en een beetje gedateerd aandeden. Dat laatste was mijn onwetendheid. Hoewel ik zelf geen bestaande structuren of vaste vormen gebruik in mijn poëzie waardeer ik ze wel degelijk. Jelou (jeloupoems.blogspot.nl) een door mij gewaardeerd dichter kan dit ook heel mooi.
.
Als voorbeeld een gedicht van Jean Pierre Rawie met als titel en als vorm, de uit de Middeleeuwen afkomstige versvorm, rondeel.
Rondeel: 4 regels + 4 regels +5 regels, rijmschema abba + abab + abbaa
.
Rondeel
.
Mijn wonder jij aanminnige vriendinnen,
ik heb mijn nachten wel met u doorwaakt:
gij waart gemeenlijk zo innemend naakt
en liet u zo welwillend voor mij winnen.
.
(Uw warme lijfjes tegen ’t witte linnen,
de legerstede die tevreden kraakt;
mijn wonderlijk aanminnige vriendinnen,
ik heb mijn nachten wel met u doorwaakt.)
.
Soms schiet het mij pas naderhand te binnen
hoezeer wij ons au fond hebben vermaakt
(al is het vaak te spoedig uitgeraakt,
maar viel er aan iets diepers te beginnen,
mijn wonderlijk aanminnige vriendinnen?)
.
Bron: Gedichten.nl
Uit: Wij hebben alles nog te goed (2001)




