Site-archief

Hotelkamer

Koningsdag

.

Vanmorgen hoorde ik op de radio dat de koning en koningin vannacht in een van der Valkhotel hebben geslapen in Hurdegaryp (ze zijn zo gewoon gebleven). Omdat ik vandaag een gedicht wilde delen dat over een koning of over een vrijmarkt gaat (maar die kon ik zo snel niet vinden) heb ik dit gegeven aangegrepen. In de bundel ‘Door mij spreken verboden stemmen’ bloemlezing uit de moderne buitenlandse poëzie 1900-1950 samengesteld door Sybren Polet uit 1975 (1e druk 1961) vond ik het gedicht ‘Hotelkamer’.

Ik zie dat helemaal voor me, de koning en koningin in een kamer in een vleugel waar buiten de prinsesjes alleen maar beveiliging aanwezig is. ’s Morgens naar het ontbijtbuffet in de ontbijtzaal waar opnieuw geen andere gasten aanwezig zijn; broodje kaas, broodje jam, koffie en thee, heerlijk kneuterig allemaal. Het gedicht ‘Hotelkamer’ van de Tsjechische dichter Jiří Wolker (1900-1924) beschrijft zo’n kamer, zoals ook in het hotel waar de koninklijke familie verblijft. Het gedicht ‘Hotelkamer’ werd vertaald door J. Molitor.

Jiří Wolker behoort, ondanks zijn vroegtijdige dood op 23 jarige leeftijd (tuberculose), tot de belangrijkste Tsjechische dichters. Tijdens zijn leven publiceerde hij slechts drie boeken: ‘Host do domu (Gast in het huis), ‘Svatý Kopeček’ en ‘Těžká hodina’ (Het zware uur) alle drie uitgegeven in 1921. De gedichten in ‘Host do domu’ worden gekenmerkt door elementen als harmonie, afwezigheid van conflicten, de schoonheid van het leven en liefde voor mensen en alledaagse dingen.

Wolker was samen met Karel Teige de oprichter van de Tsjechische kunststroming Proletářské umění (Proletarische kunst). Daarom werd hij beschouwd als een proletarische dichter, hoewel hij nooit tot de proletariërs behoorde. Deze stroming beeldde vooral de arbeidersklasse uit , haar onderdrukking en uitbuiting. Ze werd gekenmerkt door haat tegen oorlog en een verlangen naar een rechtvaardige wereld.  

,

Hotelkamer

.

Een kamertje van zes kroon,

nummer vijfentwintig,

met uitzicht op een muur, wasstel en bed,

knikkebolt op een samengelijmde

stoel en tuurt

als een jonkvrouw rijk aan jaren,

die veel gezien heeft, niet bemind, geen min ervaren.

Wie des middags al komt voor de nacht

gaat zitten op het bed, met lege handen,

en denkt ingespannen na

of niet iemand

of niet iemand uit deze vreemde stad

kan komen om hem een onbetaalde glimlach te brengen

en iets goedigs, lichts en warms te zeggen,

dat zelfs de allerdroefste dingen in de kamer zien,

dat alles toch niet zó is als zij soms wel denken.

.

Korte beschrijving van een zomer

Jan Skácel

.

In de dikke verzamelbundel ‘500 gedichten die iedereen gelezen moet hebben’ de canon van de Europese poëzie, samengesteld door Ilja Leonard Pfeijffer en Gert Jan de Vries, lees ik een gedicht van de Tsjechische dichter Jan Skácel met de titel ‘Korte beschrijving van een zomer’. De reden dat ik bij dit gedicht blijf hangen is de eerste regel. Met de hittegolven in Zuid Europa en de daarmee gepaard gaande bosbranden is die zin inderdaad een korte maar adequate beschrijving van een zomer.

Jan Skácel (1922-1989) was een Tsjechische dichter van Moravische afkomst en wordt over het algemeen beschouwd als een van de beste dichters in de Tsjechische taal. Zijn gedichten zijn nauw verbonden met de tradities en de aard van de regio waarin hij woonde, Zuid-Moravië. Hij was tussen 1963 en 1969 redacteur van ‘Host do domu’ (gast in huis), een belangrijk literair tijdschrift. In 1989 ontving hij de Duitse internationale literaire Petrarca-Preis en de Sloveense internationale Vilenica-prijs .

Oorspronkelijk verscheen het gedicht ‘Korte beschrijving van een zomer’ in Stroom nummer 11 uit 2004 een Vlaams periodiek literair tijdschrift. De vertaling is van Francis De Preter

.

Korte beschrijving van een zomer

.

Vuur. Uit vier hoeken brandt de zomer

bedwelmend bloeien de acaciabossen

de groene ziel van de wijn gloeit in de wijngaard

de klaprozen bloeden in het koren

De duisternis komt eraan

en op de zilveren brug wandelt de maan

De wereld is als brood dat uit de oven komt

en de nacht eet het op

.