Site-archief

Niet te beschrijven

Gerrit Krol

.

Afgelopen week las ik het gedicht ‘Niet te beschrijven’ van Gerrit Krol. Het gedicht is opgenomen in de bundel ‘Polaroid’ Gedichten 1955-1976 uit 1976. Ik schreef wel vaker over dichter, schrijver, computerprogrammeur en essayist Krol (1934-2013) maar nu is er een bijzondere aanleiding.

Ik weet niet of je de sensatie kent dat, wanneer je een bepaalde geur ruikt, je meteen een herinnering daarbij hebt. Soms komt dat omdat de geur heel intens en sterk was, een andere keer omdat de herinnering heel bijzonder was. Ik heb dat met de geur van verse peterselie. Jaren geleden bracht ik een vakantie door in Bolivia. In La Paz, de grootste stad en samen met Sucre de hoofdstad van het land, is de heksenmarkt, de ‘Mercado de Hechicería’ (zo wordt dat daar lokaal genoemd). Op deze markt worden veel producten verkocht, maar de meest rare zijn toch wel de dode lama’s en hun foetussen. De bedoeling is dat de foetussen begraven worden onder een hoeksteen bij een nieuwbouwhuis en dat zou dan geluk moeten brengen.

Dat is overigens niet de geur waar ik op doel (de foetussen van lama’s zijn ingedroogd en ruiken niet). Waar ik op doel is de hele intense en sterke geur van peterselie die op een deel van deze markt aanwezig was. Kraampje na kraampje (als je ze zo noemen mag) was daar gevuld met enorme hoeveelheden verse peterselie met een geur die straten verder te ruiken was. Wanneer ik verse peterselie ruik gaan mijn gedachten altijd onmiddellijk terug naar die markt in La Paz. Die geur beschrijven is bijna onmogelijk, zoals Gerrit Krol in de laatste zin van zijn gedicht ook schrijft.

.

Niet te beschrijven

.

Niet te beschrijven
wat een geur doet in je neus
en in het weke van je hersenen,
een bloem,
strandlucht.
.
Laatst liep ik op de weg
toen langs mij streek een vleug van vroeger,
van potten inkt en rekenen,
wat ik in der eeuwigheid zou zijn vergeten,
ik liep er tegenop.
.
Men zegt dat van bepaalde vlindersoorten
het reukvermogen
zich uitstrekt over kilometers,
maar of het nu de natuur is
of een oude school,
.
of een meisje dat in je armen staat
en geurt als zeven jaar geleden
of, als het heeft geregend,
de hartverscheurende kracht van een naaldwoud
– je noemt het,
maar beschrijven kun je het niet.

.

 

Vakantieliefde

Dubbel-gedicht

.

Over reizen en over liefde zijn vele gedichten en zelfs bundels vol geschreven. Gedichten over liefdes op reis zijn wat schaarser. Maar ze zijn er. Daarom vandaag in de categorie ‘Dubbel-gedicht’ de vakantieliefde, of in dit geval de vakantieflirt want de liefde is kort, vluchtig maar intens.

Het eerste gedicht is van Esther Jansma (1958) en is getiteld ‘Vakantie-flirt’. Het gedicht komt uit het literair tijdschrift ‘De Tweede Ronde’ uit 1985. Het tweede gedicht is van Simon Carmiggelt (1913-1987) en is getiteld ‘Verliefde reiziger’. Het gedicht komt uit ‘De gedichten’ uit 1999.

.

Vakantie-flirt

.

Witter dan zout ligt boven zee

het labyrint van oude trappen

waar wij, bij toeval uit de nacht

ontstaan, de ronde van toeristen

gaan en pizza eten.

.

Ons gesprek spoelt af en aan

tegen de stadsmuur van Sperlonga.

.

Wat jouw gezicht voor mij betekent

blijft onzeker, wel weet ik

hoe in dit licht mijn lichaam staat

en hoe jij rekent.

.

Verliefde reiziger

.

In ’t kust-pension kwam liefde hem bezoeken.

Zij at haar visje en zijn hart werd warm.

De zoutpot gaf hij haar met blijde charm

en hij sprak Engels zonder een woord op te zoeken.

.

Zijn lieven thuis geraakten in het duister,

want in zijn knieën kwam een oud gevoel.

Hij schertste wervend naar zijn zondig doel.

Zijn nieuwe pak gaf hem ’n ongekende luister.

.

Eerbiedig keek ze naar de stempels in zijn pas,

het werd haar prentenboek – een meisjesdroom.

Haar kus bleek kinderlijk; het vreemd idioom

dwong hem alleen te melden dat ze lovely was.

.

Bij ’t afscheid werd geweend; op zo’n station

spant alles samen tegen een romantisch slot.

Hij reed naar huis en voelde zich een vod,

maar leerde spoedig, dat hij snel vergeten kon.

.