Site-archief
Herman de Coninck
Intimiteit onder de melkweg
.
Afgelopen weekend was ik in België en daar verbleef ik in een huis met veel boeken. Een van die boeken had meteen mijn aandacht want het was geschreven door een van mijn favoriete dichters Herman de Coninck (1944-1997). Het bleek een bundel uit 1994 met beschouwingen over poëzie te zijn bijeengebracht onder de titel ‘Intimiteit onder de melkweg’, waarvan de meeste in de jaren daarvoor verschenen in het Nieuw Wereldtijdschrift, De Morgen of Ons Erfdeel. ‘Over poëzie’, zo luidt ook de ondertitel, hoewel er ook twee stukken instaan over fotografie. Fotografie dan als een soort van taalloze poëzie, hetzelfde maar anders: ‘Poëzie en fotografie gaan over iedereen, altijd, overal. Persoonlijk vond ik deze twee stukken wel interessant om te lezen maar vanuit een poëzie standpunt minder belangrijk.
Tijdens het lezen bedacht ik me dat ik dit boek wilde hebben, ook omdat ik niet genoeg tijd had om het uit te lezen. Dus bestelde ik het tweedehands bij een antiquariaat in Rotterdam. Wel noteerde ik al een paar zinnen die ik las en die ik interessant vond. Deze twee zinnen zijn:
‘Poëzie komt pas als het er niet meer op aankomt’ en ‘Door een beschaving van het teveel, sterft de kunst van het weinige uit’.
Over beide zinnen is veel te zeggen. De eerste zin geeft aan dat (in de visie van Herman de Coninck) poëzie niet aan actualiteit hoeft te doen, niet activistisch hoeft te zijn. Pas wanneer er ruimte en tijd is om rustig te contempleren wordt poëzie geboren. Een interessante gedachte en kloppend in wat ik weet van Herman de Coninck en hoe hij poëzie schreef.
De tweede zin is juist weer heel actueel. Poëzie opnieuw is de kunst van het weglaten, het ruimte bieden aan inzichten en ideeën die de dichter niet opschrijft maar waar de dichter wel ruimte toe biedt door het gedicht. De Coninck was ook heel uitgesproken over proza en poëzie; die gaan niet samen. Als je kijkt naar de prozaïsche poëzie die momenteel zo populair is, dan weet ik zeker dat Herman de Coninck daar niet blij van zou worden. Maar deze uitspraak gaat op voor zoveel meer dan alleen de poëzie. Leg zo’n uitspraak tegen de wereld van nu en je begrijpt wat ik bedoel.
De bundel ga ik verder lezen en ik kom er hier vast en zeker nog op terug. Voor nu wil ik eindigen met, uiteraard, een gedicht van Herman de Coninck. Ik koos voor het gedicht ‘Parabel van de verloren vader’ uit zijn bundel ‘Vingerafdrukken uit 1997.
.
Parabel van de verloren vader
.
Zoon wil wereld veranderen.
Vader eigenlijk liever zoon.
Maar hij kan alleen een zin veranderen
tot die niet meer anders wil.
Je zal maar jong zijn en meningen hebben
van anderen, en verder niks,
niet eens een dode vader.
‘Dat eigen leven, begin daar gvd. eens mee,
en kom over tien jaar eens terug met verdriet
in plaats van gelijk, bijvoorbeeld na een vrouw of twee.
Dat ik kan zeggen: je bent dezelfde gebleven.’
Het bovenstaande is tien jaar geleden geschreven.
En aldus is tien jaar later geschied.
.




