Site-archief
Uit 1 stuk
J. Bernlef
.
Vandaag uit mijn boekenkast de bundel ‘Hoe wit kijkt een eskimo’ van J. Bernlef uit 1970. Uit deze bundel het gedicht ‘Uit 1 stuk’.
.
Uit 1 stuk
.
nadat hij de bank
had getimmerd
van ruw ongeverfd
hout
werkte hij de zwarte schroeven
weg met centen van hout
.
op één knie
zijn hoofd schuin
omhoog en
het gebaar van zijn hand:
.
Dichtersomnibus, 12e Bloemlezing
Ida G.M. Gerhardt
.
In de jaren 60 van de vorige eeuw gaf Esso elk jaar een bloemlezing uit onder de titel Dichtersomnibus (ik schreef al eerder over deel 9) en gaf dit als nieuwjaarsgeschenk weg aan haar medewerkers (vermoed ik). Ik heb 6 exemplaren in mijn boekenkast en vandaag uit de 12e bloemlezing uit 1966 een gedicht van Ida G.M. Gerhardt. De gedichten in deze bloemlezing verschenen in het jaar 1964 en dit gedicht werd in het literaire tijdschrift Maatstaf gepubliceerd.
.
In de bergen
.
Achter de barre wand vandaan
verschijnt, een steengrauw stalactiet,
de ram. Hij daalt naar zijn gebied.
Haast raakt de vacht de voeten aan.
.
Oeroud, gelijkt hij een profeet:
Elia, in zijn vacht gekleed,
uit Tisbe over de Jordaan.
.
Asketisch, tot de strijd gereed.
.
Een die niet wijkt voor het geweld
maar nadert en de horens velt.
.
Als je groot bent
Het moest maar eens gaan sneeuwen
.
Het afgelopen weekend heb ik weer eens de bundel ‘Het moest maar eens gaan sneeuwen’ van Tjitske Jansen uit 2003 gelezen. Opnieuw heb ik genoten van haar taal en haar poëzie. Al eerder schreef ik over deze bundel en voor eenieder die deze bundel nog niet kent of nooit heeft ingezien kan ik alleen maar zeggen: Lezen!
Uit deze bundel het gedicht ‘Als je groot bent, wil je dan niet meer spelen?’.
.
Als je groot bent, wil je dan niet meer spelen?
Als je groot bent
wil je dan niet meer spelen
of mag het dan niet meer?
Is er een leeftijd waarop iemand je komt vertellen:
‘Vanaf heden is spelen verboden,’ en wie
zou degene zijn die mij dat kwam vertellen?
Toen ik weer de zon in liep, zag ik de buurvrouw
met een gieter achter mijn vader aanrennen.
Het mocht dus nog! Opgelucht
ging ik vissen in de beek. Ik nam mee:
een emmer en een tak met daaraan een touw.
Een haakje had ik niet nodig.
.
Kerkhof
Jean Pierre Rawie
.
Vandaag uit mijn boekenkast de bundel ‘Geleende tijd’ van Jean Pierre Rawie, uitgegeven in 2000 door uitgeverij Bert Bakker. En omdat ik een fascinatie heb voor kerkhoven het toepasselijke gedicht ‘Kerkhof’.
.
Kerkhof
.
Het hek hangt scheef in het scharnier.
De struiken groeien door het schroot.
Het stilstaand water in de sloot
symboliseert de doodsrivier.
.
Wat dreef ons om te zien wat hier
van zoveel leven overschoot?
Er liggen bleke wortels bloot
onder een weggezakt plankier.
.
Wij gaan tussen de graven door,
zonder te vragen naar de zin
van wat als vraag zijn zin verloor.
.
Er is geen eind en geen begin.
Wat is geweest ligt op ons voor,
wat komt loopt langzaam op ons in.
.
De Grote Vakantie
F. Starik
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘De Grote Vakantie’ van F. Starik uit 2004, uitgegeven door In de Knipscheer. De bundel bevat behalve 45 gedichten ook een CD met daarop 4 gedichten “verklankt” door Von der Möhlen en Cor Vos en gezongen door F. Starik. De CD bevalt me minder dan de bundel. De gezongen gedichten doen me erg ‘kleinkunstig’ aan. Niks mis mee op zichzelf maar ik persoonlijk vind
ze niet echt iets toevoegen, zoals de CD bij de laatste bundel van Serge van Duijnhoven dat absoluut wel doet.
De bundel met gedichten kan ik echter zeer waarderen. In 6 hoofdstukken en een coda neemt Starik je mee in zijn wereld en poëzie. Soms heel serieus, dan weer heel luchtig en altijd in een frisse taal.
Hieronder twee voorbeelden van een zeer luchtig gedicht en een op het oog luchtig gedicht maar met een serieuze ondertoon.
.
Landjuweel
Landjuweel, jaarlijks nazomerfestival
voor ouwe hippies, bewijst in elk geval
zo sprak Diana Ozon luid: ‘roken is niet dodelijk’.
Al zie ik wel bezwaren voor de huid.
.
De Grote Vakantie
Zo op het oog hier alles
welvaart en gemoedsrust.
Waar de Noordzee loom
haar brede zandstrand kust.
.
Vaders, moeders, kinderen
ze lachen, ze spelen, ze scheppen kastelen
in de tamme vloedlijn. Zou er ooit
volmaakter vrede zijn?
.
Eén van hen zal volgend jaar
niet langer bij ze zijn. Ze onderscheidt zich
al van verre: het dunne, kroezend haar.
.
De zon gaat onder, onbewogen
staan ze in het koude licht.
Niemand maakt bezwaar.
.
Tot het ons loslaat
Rutger Kopland
.
Uit de bundel ‘ Tot het ons loslaat’ van Rutger Kopland het gedicht ‘Die eeuwige schoonheid’.
.
Die eeuwige schoonheid
Hij begon in die toevallige wereld
die onbegrepen wirwar van lijnen en lijntjes
die een boom werden bijvoorbeeld
hij noemde deze schoonheid de tragische schoonheid
van de mens die haar ziet:
van moment tot moment
hij wilde niet zien hoe de wereld voorbij gaat
maar zien hoe eeuwig zij is
als zij terugkeert naar dat ene
moment waarin haar lijnen en lijntjes uiteenvallen
tot een boom bijvoorbeeld
tot haar formule
hij stierf en zag alles, zag alles en stierf
Rijk
Lucebert
.
Vandaag uit mijn boekenkast getrokken de bundel ‘Erts; een bloemlezing uit de poëzie van heden’ waarbij moet worden aangetekend dat ‘heden’ in dit geval 1955 is. Ingeleid en samengesteld door Bert Voeten.
Uit deze bundel van Lucebert het gedicht ‘Rijk’.
.
Rijk
.
Zie je spiegel wordt blind
je gezicht zo klein als een kind
je gezicht een nietige ster
tussen de storm en de wind
.
De weg die je ging was zo oud
als de hand die hangt uit de wolk
en de vlam die je vroeg zo koud
als de driftige sikkel de sluipende dolk
.
Maar nog nimmer zo rijk
als bij stenen voor brood
bouw je je troon in het slijk
met de bronstige troffel de dood
.
Rijk : uit de bundel Alfabel, 1955
Zonder titel uit mijn boekenkast
Harrie Frijters en Alkmaar Anders
.
In mijn boekenkast staan twee kleine bundeltjes van Alkmaar Anders uitgegeven door Alja Spaan. In de rode versie van 2008 staat een gedicht van Harrie Frijters gemaakt bij een foto van fotograaf Eduard Lampe uit zijn serie Architecture.
.
Zonder titel
.
Daar loop je dan in benepen tred
Alsof trappen je ergens brengen
Je moet stil staan bij wat je hebt
Het detail bezien, de blik verlengen
.
Maar wat zie ik dan als ik niets zie
Van wie het grote steeds afbuigt
In een ruigte van blauw dat zuigt
Aan die blik naar binnen in wie
.
De bogen van het glinsterend beton
Het glas dat die trend overwon?
Ik matig nu mijn pas en verras
Me met lucht die mijn das
Gekleurd en verwrongen doet zijn
In het glas van jouw zonneschijn
.
Foto: Eduard Lampe http://www.pbase.com/eduard_lampe/root&view=recent
Alja Spaan http://aljaspaan.nl/
Krullenbol
Nyk de Vries
.
Ik kwam maandagavond de bundel van Nyk de Vries tegen die ik kocht naar aanleiding van zijn optreden bij Poetry park een paar jaar geleden. De bundel ‘De dingen gebeuren omdat ze rijmen’ staat vol prachtige, licht absurde prozagedichten. Daarom vandaag nog eens een gedicht van deze bijzondere dichter.
.
Krullenbol
.
Er was een foto van mij in omloop. Maar ik was het niet.
Steeds als ik met het beeld werd geconfronteerd, sloeg ik
snel de pagina om, ongemakkelijk door die vreemde
onbekende ogen. Jaren gingen voorbij. We oefenden
zomers in de omgebouwde boerderij van Ursula. We
speelden onder leiding van Jan Switters in het voormalig
Oostblok. Ik sprak voor het laatst met mijn
schoolvriendin tijdens het afscheidsconcert. Ruim een
decennium later, in een klein café, niet ver van het pontje,
bladerde ik door een stel oude knipsels en stuitte
opnieuw op het portret. En pas daar zag ik het. Die
jongen met die onbekende ogen. Die krullenbol. Ik was
het wel.
.

















