Site-archief
Kerkhof
Jean Pierre Rawie
.
Vandaag uit mijn boekenkast de bundel ‘Geleende tijd’ van Jean Pierre Rawie, uitgegeven in 2000 door uitgeverij Bert Bakker. En omdat ik een fascinatie heb voor kerkhoven het toepasselijke gedicht ‘Kerkhof’.
.
Kerkhof
.
Het hek hangt scheef in het scharnier.
De struiken groeien door het schroot.
Het stilstaand water in de sloot
symboliseert de doodsrivier.
.
Wat dreef ons om te zien wat hier
van zoveel leven overschoot?
Er liggen bleke wortels bloot
onder een weggezakt plankier.
.
Wij gaan tussen de graven door,
zonder te vragen naar de zin
van wat als vraag zijn zin verloor.
.
Er is geen eind en geen begin.
Wat is geweest ligt op ons voor,
wat komt loopt langzaam op ons in.
.
De Grote Vakantie
F. Starik
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘De Grote Vakantie’ van F. Starik uit 2004, uitgegeven door In de Knipscheer. De bundel bevat behalve 45 gedichten ook een CD met daarop 4 gedichten “verklankt” door Von der Möhlen en Cor Vos en gezongen door F. Starik. De CD bevalt me minder dan de bundel. De gezongen gedichten doen me erg ‘kleinkunstig’ aan. Niks mis mee op zichzelf maar ik persoonlijk vind
ze niet echt iets toevoegen, zoals de CD bij de laatste bundel van Serge van Duijnhoven dat absoluut wel doet.
De bundel met gedichten kan ik echter zeer waarderen. In 6 hoofdstukken en een coda neemt Starik je mee in zijn wereld en poëzie. Soms heel serieus, dan weer heel luchtig en altijd in een frisse taal.
Hieronder twee voorbeelden van een zeer luchtig gedicht en een op het oog luchtig gedicht maar met een serieuze ondertoon.
.
Landjuweel
Landjuweel, jaarlijks nazomerfestival
voor ouwe hippies, bewijst in elk geval
zo sprak Diana Ozon luid: ‘roken is niet dodelijk’.
Al zie ik wel bezwaren voor de huid.
.
De Grote Vakantie
Zo op het oog hier alles
welvaart en gemoedsrust.
Waar de Noordzee loom
haar brede zandstrand kust.
.
Vaders, moeders, kinderen
ze lachen, ze spelen, ze scheppen kastelen
in de tamme vloedlijn. Zou er ooit
volmaakter vrede zijn?
.
Eén van hen zal volgend jaar
niet langer bij ze zijn. Ze onderscheidt zich
al van verre: het dunne, kroezend haar.
.
De zon gaat onder, onbewogen
staan ze in het koude licht.
Niemand maakt bezwaar.
.
Tot het ons loslaat
Rutger Kopland
.
Uit de bundel ‘ Tot het ons loslaat’ van Rutger Kopland het gedicht ‘Die eeuwige schoonheid’.
.
Die eeuwige schoonheid
Hij begon in die toevallige wereld
die onbegrepen wirwar van lijnen en lijntjes
die een boom werden bijvoorbeeld
hij noemde deze schoonheid de tragische schoonheid
van de mens die haar ziet:
van moment tot moment
hij wilde niet zien hoe de wereld voorbij gaat
maar zien hoe eeuwig zij is
als zij terugkeert naar dat ene
moment waarin haar lijnen en lijntjes uiteenvallen
tot een boom bijvoorbeeld
tot haar formule
hij stierf en zag alles, zag alles en stierf
Rijk
Lucebert
.
Vandaag uit mijn boekenkast getrokken de bundel ‘Erts; een bloemlezing uit de poëzie van heden’ waarbij moet worden aangetekend dat ‘heden’ in dit geval 1955 is. Ingeleid en samengesteld door Bert Voeten.
Uit deze bundel van Lucebert het gedicht ‘Rijk’.
.
Rijk
.
Zie je spiegel wordt blind
je gezicht zo klein als een kind
je gezicht een nietige ster
tussen de storm en de wind
.
De weg die je ging was zo oud
als de hand die hangt uit de wolk
en de vlam die je vroeg zo koud
als de driftige sikkel de sluipende dolk
.
Maar nog nimmer zo rijk
als bij stenen voor brood
bouw je je troon in het slijk
met de bronstige troffel de dood
.
Rijk : uit de bundel Alfabel, 1955
Zonder titel uit mijn boekenkast
Harrie Frijters en Alkmaar Anders
.
In mijn boekenkast staan twee kleine bundeltjes van Alkmaar Anders uitgegeven door Alja Spaan. In de rode versie van 2008 staat een gedicht van Harrie Frijters gemaakt bij een foto van fotograaf Eduard Lampe uit zijn serie Architecture.
.
Zonder titel
.
Daar loop je dan in benepen tred
Alsof trappen je ergens brengen
Je moet stil staan bij wat je hebt
Het detail bezien, de blik verlengen
.
Maar wat zie ik dan als ik niets zie
Van wie het grote steeds afbuigt
In een ruigte van blauw dat zuigt
Aan die blik naar binnen in wie
.
De bogen van het glinsterend beton
Het glas dat die trend overwon?
Ik matig nu mijn pas en verras
Me met lucht die mijn das
Gekleurd en verwrongen doet zijn
In het glas van jouw zonneschijn
.
Foto: Eduard Lampe http://www.pbase.com/eduard_lampe/root&view=recent
Alja Spaan http://aljaspaan.nl/
Krullenbol
Nyk de Vries
.
Ik kwam maandagavond de bundel van Nyk de Vries tegen die ik kocht naar aanleiding van zijn optreden bij Poetry park een paar jaar geleden. De bundel ‘De dingen gebeuren omdat ze rijmen’ staat vol prachtige, licht absurde prozagedichten. Daarom vandaag nog eens een gedicht van deze bijzondere dichter.
.
Krullenbol
.
Er was een foto van mij in omloop. Maar ik was het niet.
Steeds als ik met het beeld werd geconfronteerd, sloeg ik
snel de pagina om, ongemakkelijk door die vreemde
onbekende ogen. Jaren gingen voorbij. We oefenden
zomers in de omgebouwde boerderij van Ursula. We
speelden onder leiding van Jan Switters in het voormalig
Oostblok. Ik sprak voor het laatst met mijn
schoolvriendin tijdens het afscheidsconcert. Ruim een
decennium later, in een klein café, niet ver van het pontje,
bladerde ik door een stel oude knipsels en stuitte
opnieuw op het portret. En pas daar zag ik het. Die
jongen met die onbekende ogen. Die krullenbol. Ik was
het wel.
.
Iris
Laten we mijn lichaam delen
.
Uit de prachtige debuutbundel uit 2013 ‘Laten we mijn lichaam delen’ van Iris Brunia (1977) het titelgedicht.
.
Laten we mijn lichaam delen
om de week, afwisselend een weekend
Over halve dagen valt te praten
Mijn hemd deed ik bijna uit, hier, midden in het café
Gelukkig bedacht ik me, maar O die dag, dat ik te laat ben
wil je de notaris bellen?
Rond etenstijd kwam je binnen, we aten pannenkoeken met zeewier
Ik keek uit op het aquarium. Twee vissen treuzelden –
Een bubbelend in een boterhamzak, de ander lippen tuitend op haar af
botste, stuiterde kopje duikelend terug
Om te wennen zei de ober, anders gingen ze dood
De overgang zou te groot zijn
wennen? de dood?
Een pin van mijn kam schoot mijn nagelriem in. De rekening
Ik graaide in mijn tas
dus ja, ik bloed wel eens, maar ik vergeet
Bijna kregen we ruzie, omdat het aquarium klinkt als onze koelkast
Je wilde geen nieuwe zolang hij het deed, maar geluiden
kunnen ondraaglijk zijn
Ik las dat drie appels per dag goed zijn voor een gezond verstand
Je keek over je bril, slikte een hap weg, dat ik de boodschappen
dan niet moest vergeten
Ik begon maar weer over die vissen, dat ik me als ik een vis was
daar in het water niet thuis zou voelen, dat ik beter gedij
op plekken waar ik niet verwacht word
maar als ik naar je kijk ben ik er nog
en als ik glimlach beaam jij dat
.
Erts
Een bloemlezing uit de poëzie van heden
.
vandaag uit mijn boekenkast een bloemlezing uit 1955 ‘ mede samengesteld ten behoeve van literatuuronderricht op de middelbare scholen’ door Bert Voeten. Aardig aan deze bundel is dat de dichters in volgorde van geboortejaar worden opgevoerd waarbij de ‘jongste’ uit 1930 stamt namelijk Ellen Warmond en de oudste van 1883 H.W.J.M. Keuls.
veel bekende namen maar ook een aantal dichters waar ik nog niet eerder van gehoord had zoals Jan Wit, W.J. van der Molen, J. Valentin en Nes Tergast.
Van Ellen Warmond het gedicht ‘Naar men zegt’ uit deze bloemlezing.
.
Naar men zegt
.
Naar men zegt is dit
het leven der wijzen:
.
niet meer bewegen stilstaan als een berg
zeer ouderwetse liefdesbrieven lezen
een kerkboek copiëren zonder lachen
bij willekeurige voorbijgangers
naar hun gezondheid informeren
.
1 boek bezitten met het alfabet
letter voor letter op een ander blad geschreven
daar lang in lezen
dan tevreden als een varen
het lichaam samenvouwen
en gaan slapen.
.
Diagnose
Gerrit Achterberg
.
Uit mijn boekenkast, uit de bundel ‘Het weerlicht op de kimmen’ een verzamelbundel, het gedicht ‘Diagnose’ uit ‘Inertie’ waarvan geen jaartal bekend is maar dat in 1951 als onderdeel van ‘Oude cryptogamen’ verscheen.
.
Diagnose
.
De dingen komen nu vertrouwelijk bij de serre:
de hond, de avond en de verre
horizon.
Ik wou dat ik nu kon
sterven;
of dat nog eens begon
leven;
dan viel dit wel aan scherven,
wat van de liefde is gebleven;
waarin alleen nog waanzin wonen kan.
.
Met dank aan http://www.dbnl.org
Just your everyday apocalypse
Amelia Walker
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel van Amelia Walker met de intrigerende titel ‘Just your everyday apocalypse’. De paar keer dat ik Amelia heb ontmoet waren bijzonder. Haar poëzie is anders, gelaagd en in al haar gedichten zijn vooral de dingen die niet benoemd worden van belang.
Amelia Walker begon met voordragen (spoken word) in cafés en clubs in de regio rond Adelaide (Australië) toen ze zestien was. Na vele optredens die volgde op allerlei festivals in Australië verbleef ze voor korte tijd in Nederland. Ze publiceerde gedichten in de Verenigde Staten, Groot Brittanië, Noorwegen, India, Australië en Nieuw Zeeland. Meer over Amelia op haar (iets gedateerde) website http://www.freewebs.com/ameliawalker/
De gedichten in ‘Just your everyday apocalypse’ zijn geschreven in de jaren tussen 2004 en 2008 (de bundel is uit 2008). Uit deze bundel het gedicht ‘Phone Call With An Ex’.
.
Phone call with an ex
.
I tell him I’m good,
I’m really good, extra good,
everything is good
good good good.
And he’s good,
really good.
And I say how good it is
that’s he’s really good
and I’m good
and we agree – for once-
it’s all good.
.
After we hang up
I heat a tin of asparagus soup
and watch ‘Muriel’s Wedding’
for the eleventh time.















