Maandelijks archief: maart 2014

Ongehoord! gedichtenwedstrijd 2014

Update

.

De gedichtenwedstrijd van Ongehoord! is inmiddels alweer een maand onderweg en de gedichten komen nu dagelijks binnen. Tot en met 30 april 2014 kun je je inzending toesturen aan ongehoordgedichtenwedstrijd@gmail.com

Het thema van deze editie is Ongehoord! Nog een keer de voorwaarden en alle info:

Voorwaarden:

– Per inzender mag 1 gedicht worden ingezonden

– Het gedicht moet in het Nederlands zijn

– Het gedicht mag niet meer dan 30 regels hebben (inclusief witregels)

– Het gedicht moet worden aangeleverd in een word document zonder opmaak, lettertype times new roman, 12 punts letter

– In de mail moeten naam van de dichter (geen pseudoniem) staan. ook al staat de naam in het e-mailadres, toch duidelijk de naam van de dichter vermelden, evenals de titel van het gedicht.

– Er zal een onafhankelijke jury worden samengesteld met namen die niet verbonden zijn aan Ongehoord! Deze namen worden in de loop van dit jaar bekend gemaakt.

– Inzendingen kunnen vanaf 1 februari 2014 tot en met 30 april worden ingezonden.

– Inzendingen die niet voldoen aan deze voorwaarden worden uitgesloten van deelname

– De prijsuitreiking van de Ongehoord! poëziewedstrijd zal plaats vinden in oktober/november 2014.

.

beeld

 

oNGEHOORD

Boudewijn de Groot

De kinderballade

.

De tekst van het lied ‘De kinderballade’ van Boudewijn de Groot is geschreven door Gerrit Komrij, niet vreemd dan ook dat ik juist dit nummer vandaag hier plaats in de categorie poëzie en muziek. Zoals Herman Pieter de Boer de tekst van ‘Annabel’ schreef, zo dus Komrij de tekst van ‘De kinderballade’. Nu had ik vrijwel elk nummer van Boudewijn de Groot kunnen nemen, zijn vaste tekstschrijver Lennart Nijgh zou je de dichter onder de tekstschrijvers kunnen noemen.

‘De kinderballade’ kwam uit op het album ‘Zing je moerstaal’ uitgebracht in de Boekenweek van 1976. Ad Visser (Toppop) bedacht en produceerde deze LP. Op dit album vertolkten Nederlandse artiesten teksten van Nederlandse auteurs. Voorbeelden zijn duo’s als Kees Buddingh en Alexander Curly, Jules Deelder en Focus en Judith Herzberg en Earth & Fire. Pas in 2006 verscheen ‘De kinderballade’ in druk.

.

De kinderballade

Hij was twaalf, had rappe leden,
jongen uit de Hof van Eden.
Als hij lachte, lachten luidkeels
alle leeuweriken mee.
Met zijn blikkering van tanden,
met zijn marmerbleke handen
leek hij op een tere engel
uit een sierlijk bal masque.
Hij kon klaterhelder zingen
en zijn haar rook naar seringen.
Oh hij was een waterprins
die in zijn pak van goudlamee
was ontstegen aan de zee.

Zij was dertien, een gazelle,
en haar naam was Annabelle.
Annabelle noemden haar zowel
de hinde als het ree.
Met haar helderrode wangen,
met haar glinsterende spangen,
leek zij in haar gazen bruidsjurk
’t meest nog op een toverfee.
Blauw waren haar vreemde ogen,
blauw maar zonder mededogen.
Oh ze was een kleine meermin
die maar net van lieverlee
was ontstegen aan de zee.

Samen in het ochtendgloren
wandelden ze langs het koren.
Mild en zonder ze te storen
scheen het zonlicht naar benee.
En onder de roze stralen
kuste hij haar lippen dralend
en hij zei haar wonderwoorden,
zelfs het gras luisterde mee.
Op het horen van die woorden
week voor hen gedwee het koren
en het lispelde: wees welkom,
en bood doorgang aan die twee
zoals eens de Rode Zee.

Toen hij, op geblaf van honden,
dagen later werd gevonden,
lag de blanke prins geschonden
in het koren zonder fee.
Met zijn dode grote ogen
keek hij roerloos naar omhoog en
langzaam ritselde zijn bloed nog
uit een gruwelijke snee.
Niemand wist meer te vertellen
hoezeer kleine Annabelle
had gehouden van haar engel
uit het sierlijk bal masque.
Maar nog altijd ruist de zee.

.

Boudewijn de Groot

Sappho

Een gedicht

.

Sappho was een lyrische dichteres uit het oude Griekenland (ca. 625 tot 565 voor Chr.). Haar werk kenmerkt zich door de verfijning van warme gevoelens. In een heel eigen stijl, getuigend van grote originaliteit. Hieronder een voorbeeld.

.

Hij lijkt mij aan de goden gelijk te zijn,

de man die tegenover jou mag zitten

en van dichtbij hoort hoe jij zachtjes praat

met mooie stem

.

en hoe jij lieflijk lacht, wat bij mij altijd

mijn hart heftig onder mijn ribben laat slaan

Zodra ik maar even naar je kijk verstomt

mijn stem volledig,

.

mijn tong ligt gebroken in mijn mond, meteen

kruipt er een ragfijn vuur onder mijn huid,

mijn ogen zien niets meer, een machtig gonzen

vult mijn oren

.

zweet breekt aan alle kanten uit, een trillen

neemt bezit van mij, bleker dan verdord gras

ben ik, slechts een paar korte stappen nog en

ik lijk te sterven.

.

Maar alles is te verdragen, als zelfs een

onder armoede gebukt mens (…)

.

sappho

Uit: Sapfo, Gedichten, Athaneum-Polak & van Gennep, 1999

Instituut voor Beeldtaal

Stift poëzie

.

Dit is niet voor het eerst dat ik over stiftpoëzie schrijf. Toch doe ik het nu opnieuw omdat ik de liefhebbers van stiftgedichten en stiftpoëzie wil wijzen op het Instituut voor Beeldtaal. Op de website van het Instituut voor Beeldtaal staat hun doelstelling als volgt omschreven:

Het Instituut voor Beeldtaal wil de mogelijkheden en de betekenis van beeldtaal samen met het publiek onderzoeken en ontdekken. Dit doen we door het thema beeldtaal vanuit vele verschillende invalshoeken te benaderen. Thematische bijeenkomsten met een kader waarbinnen de deelnemers de richting mede-bepalen. Dat zal gebeuren door discussie, in woorden maar ook met beelden.

Op de pagina http://www.instituutvoorbeeldtaal.nl/artikelen/over-het-instituut-voor-beeldtaal/ verwoorden de makers op een duidelijke manier wat ze beogen en hoe ze dit willen doen.

Ik kwam op de website van het Instituut voor Beeldtaal via een stiftgedicht. Op http://www.instituutvoorbeeldtaal.nl/beeldtaal/stift-poezie/ staan vele prachtige voorbeelden van stiftgedichten. Wie dacht dat elk stiftgedicht er hetzelfde uitziet moet hier maar eens een kijkje nemen. Of gewoon ter inspiratie. Hieronder twee voorbeelden.

.

stift-poezie10

stift-poezie1

instituut

Van februari naar maart

Gedicht op de muur van je huis

.

In North Dakota, in Fort Atkinson woont dichteres en kunstenaar Lorine Niedecker. Op de muur van haar woonhuis heeft ze een (deel van) een gedicht geschilderd. Hieronder een gedicht van haar dat de muurschildering ondersteunt.

.

February almost March bites the cold.
Take down a book, wind pours in. Frozen–
the Garden of Eden–its oil, if freed, could warm
the world for 20 years and nevermind the storm.

Winter’s after me–she’s out
with sheets so white it hurts the eyes. Nightgown,
pillow slip blow thru my bare catalpa trees,
no objects here.


In February almost March a snow-blanket
is good manure, a tight-bound wet
to move toward May: give me lupines and a care
for her growing air.

.

Lorine

Lorine_2

Foto’s Nomadic Newfies