Categorie archief: Uit mijn boekenkast

Diagnose

Gerrit Achterberg

.

Uit mijn boekenkast, uit de bundel ‘Het weerlicht op de kimmen’ een verzamelbundel, het gedicht ‘Diagnose’ uit ‘Inertie’ waarvan geen jaartal bekend is maar dat in 1951 als onderdeel van ‘Oude cryptogamen’ verscheen.

.

Diagnose

.

De dingen komen nu vertrouwelijk bij de serre:

de hond, de avond en de verre

horizon.

Ik wou dat ik nu kon

sterven;

of dat nog eens begon

leven;

dan viel dit wel aan scherven,

wat van de liefde is gebleven;

waarin alleen nog waanzin wonen kan.

.

oude

Met dank aan http://www.dbnl.org

 

Just your everyday apocalypse

Amelia Walker

.

Uit mijn boekenkast vandaag de bundel van Amelia Walker met de intrigerende titel ‘Just your everyday apocalypse’. De paar keer dat ik Amelia heb ontmoet waren bijzonder. Haar poëzie is anders, gelaagd en in al haar gedichten zijn vooral de dingen die niet benoemd worden van belang.

Amelia Walker begon met voordragen (spoken word) in cafés en clubs in de regio rond Adelaide (Australië) toen ze zestien was. Na vele optredens die volgde op allerlei festivals in Australië verbleef ze voor korte tijd in Nederland. Ze publiceerde gedichten in de Verenigde Staten, Groot Brittanië, Noorwegen, India, Australië en Nieuw Zeeland. Meer over Amelia op haar (iets gedateerde) website http://www.freewebs.com/ameliawalker/

De gedichten in ‘Just your everyday apocalypse’ zijn geschreven in de jaren tussen 2004 en 2008 (de bundel is uit 2008). Uit deze bundel het gedicht ‘Phone Call With An Ex’.

.

Phone call with an ex

.

I tell him I’m good,

I’m really good, extra good,

everything is good

good good good.

And he’s good,

really good.

And I say how good it is

that’s he’s really good

and I’m good

and we agree – for once-

it’s all good.

.

After we hang up

I heat a tin of asparagus soup

and watch ‘Muriel’s  Wedding’

for the eleventh time.

.amelia

 

walker book

Vrouw Holle

Tjitske Jansen

.

Tjitske Jansen (1971) studeerde cum laude af in Beeldende kunst en Theater, aan de Hogeschool voor de kunsten in Arnhem. Voordat ze begon te dichten was ze onder meer werkzaam als koopvrouw op de markt, kokshulp, serveerster en administratief medewerker. In 2003 brak ze door als dichter met haar debuutbundel ‘Het moest maar eens gaan sneeuwen’  waarvan er meer dan 10.000 werden verkocht.

.

Haar   stijl kenmerkt zich door een eenvoudig taalgebruik, waar veel referenties aan de kinderwereld in voorkomen, vaak gepaard met laconieke humor (zelf gaf Tjitske Jansen ooit aan de gedichten die ze schrijft kinderlijk of puberaal te vinden) Ook een hoofdfiguur uit een sprookje die zich aan zijn/haar rol houdt maar in het gedicht een andere kant krijgt. Bijvoorbeeld Vrouw Holle (zie hieronder) die verliefd wordt. Ze snijdt echter wel de grote thema’s als liefde, dood en verbondenheid aan in haar werk.

.

Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Vrouw Holle’ speciaal voor Lune.

.

Vrouw Holle

Ik kijk liever naar de maan
dan naar de mens.
De mens,
ik word er zó moe van.
Dat roepende, smekende,
lachende, verlangende,
niet wetende,
willen wetende
ik hou van jou zeggende,
of denkende,
op schoenen
of op eelt lopende,
van de een naar de ander rennende,
met sieraden en muziek beklede mens.
Ik kijk liever naar de maan
die altijd hetzelfde is:
onverschillig.
trouw.

De maan heeft geen woorden nodig
om te zeggen:
ik ben er
en morgennacht ben ik er weer

Misschien zit er een wolk voor,
misschien zie je me niet omdat je binnen bent,
omdat je binnen naar dwaze liedjes ligt te luisteren
of omdat er tranen voor je ogen zitten,
tranen omdat je denkt dat je alleen bent,
maar je bent niet alleen,
want ik ben er,
en gisteren was ik er ook,
en morgen ben ik er weer.

 

.

tjitske jansen foto is vrij van auteursrechten

Heimwee naar vakantie

Uit mijn boekenkast: Robert Anker

.

Vandaag uit de dikke bundel ‘Nieuwe veters, verzamelde gedichten 1979 – 2006’ het gedicht ‘Heimwee naar vakantie’. Met het prachtige weer dat ons vandaag staat te wachten en ons gisteren al heeft verwend moest ik vandaag wel een berichten posten met een link naar de vakantie.

.

Heimwee naar vakantie

.

Stille hitte trilt het middaguur

uit de voegen van het blinde stadje

op zijn rots ketst het witste licht

je oog in en geen mens te zien maar oh

dat ben jij de mens en nu moet jij

weerstaan het wellen van de stilte uit

het vlieden van de velden daarin Nergens

nu het groot ontzinnend aangaan

van een krekel naast je hoofd het slepend

aangetrokken vliegwiel in je hoofd nu

Nergens trilt naar binnen waar jij was naar buiten.

.

Anker

 

 

Vasalis vs Moors

Nu u!

.

In de bijzonder aardige bundel Nu u! uit 2009, van literair productiehuis Wintertuin staan gedichten uit de Nederlandse canon, die op verzoek herschreven zijn door dichters van nu.

In 2012 schreef ik er al eens over en in mijn boekenkast zoekend kwam ik de bundel weer tegen. Daarom vandaag nog een mooi voorbeeld van een gedicht van M. Vasalis, ‘De idioot in het bad’ (uit Parken en woestijnen, 1940) dat door Els Moors is herschreven.

.

En elke keer, dat hij uit ’t bad gehaald wordt,

en stevig met een handdoek drooggewreven

en in zijn stijve, harde kleren wordt gesjord

stribbelt hij tegen en dan huilt hij even.

.

En elke week wordt hij opnieuw geboren

en wreed gescheiden van het veilig water-leven

en elke week is hem het lot beschoren

opnieuw een bange idioot te zijn gebleven.

.

M. Vasalis

vasalis

.

Achter het kniehoge hek liggen velden

zwart van de papaver

en overal aan de kant van de weg liggen lijken

die aarzelen net als hij

en net zoals het licht

.

’s ochtends

.

soms ziet hij ze dansen – de anderen – tussen korenbloem en kamille

ze gaan duizelig maar duizelig waarvan?

hij kan alleen zichzelf omarmen

en hij smoort steeds dezelfde schreeuw

is dat mijn hand? ik zie hem altijd

.

voor het eerst

.

Els Moors

Moors

Met dank aan 

Met dank aan Tzum.info en  Wintertuin

Memphis

Kees ’t Hart

.

Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘Ik weet nu alles weer’ van Kees ’t Hart.

En omdat ik er mooie herinneringen aan heb, een gedicht over Memphis.

,

Memphis

Door Gladys Presley-Smith

.

Elvis staat in de keuken

Met me te praten

Ik vertel dat ik

Lekker heb geslapen

.

Ik droomde van je

Zeg ik glimlachend

Je stond bij een berg

Naar boven te kijken

.

Elvis luistert en denkt

Aan beelden die hij

Niet meer wil

Geen beelden meer

,

Ik heb ook gedroomd

Zegt hij er waren

Een paar dingen boven op

Een tafel gezet

.

Het is stil in Memphis

De straten zijn verlaten

Het is vier uur ’s nachts

En de mensen slapen

Kees

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Palet

Eenvoudige poëzie uit deze eeuw

.

Vandaag uit mijn boekenkast een curieus boekje onder de titel Eenvoudige poëzie uit deze eeuw (en even voor de goede orde, dat was dus de vorige eeuw want uit 1967). Verzameld door A.C. Bosch en uitgegeven door J.B. Wolters te Groningen.

Een bloemlezing voor “ongeschoolde” lezers en daarmee worden leerlingen in de laagste drie klassen van de middelbare scholen bedoeld door meneer Bosch. De criteria bij het bijeenbrengen van de gedichten waren dan ook eenvoud en begrijpelijkheid. De gedichten komen uit het tijdvak 1900-1950.

Wie staan er dan zoal in zul je je afvragen? Nou dat zijn niet de minste: J. C. Bloem, Achterberg, Hanlo, Lucebert, A. Roland Holst, Slauerhoff, Jos Vandeloo, Leo Vroman en ga zo maar door. Me dunkt, niet de minste. En als je dan naar de inhoud kijkt, daar hoef je tegenwoordig niet meer mee aan te komen bij middelbare scholieren, snappen ze niks van. Misschien daarom is dit juist zo’n heerlijke bundel.

Als hommage aan de overleden Leo Vroman, zijn gedicht ‘Bloemen’ uit deze bundel.

.

Bloemen

.

Als alle mensen eensklaps bloemen waren

zouden zij grote bloemen zijn met lange snorren.

Vermagerende vliegen, dode torren

zouden blijven haken in hun haren.

Tandestokers, steelsgewijs – ontsproten,

zouden zwellen tot gedraaide tafelpoten,

katoenen knoppen zouden openscheuren

tot pluche harten die naar franje geuren.

.

en op de bergen zouden gipsen zuilen staan

die gipsen druiven huilen.

.

Op het water dreven bordkartonnen blaren,

de vlinders vielen uit elkaar tot losse vlerken

en van geur verdorden alle perken

als alle mensen eensklaps bloemen waren

.

Origineel uit: gedichten, Querido, Amsterdam

.

Palet

Afbeelding : Nederlandse Poëzie Encyclopedie

De Russen komen

Russische poëzie

.

De Russen komen eraan, tenminste als het aan mij ligt. Ik zal de komende tijd hier wat vaker aandacht besteden aan de Russische poëzie. Rusland heeft een groot aantal beroemde dichters voortgebracht. Ik zal hierbij vooral putten uit het lijvige werk van Willem G. Weststeijn en Peter Zeeman: De Spiegel van de Russische poëzie.(Meulenhoff, 2000).

Vandaag dus een eerste Russische dichter: Ivan Zjdanov. Ivan Zjdanov werd in 1948 geboren in de Altaj (Siberië), volgde een opleiding aan de pedagogische academie maar was lang werkzaam als fabrieksarbeider, toneelknecht, liftbediende etc. In zijn poëzie is Zjdanev beïnvloed door Mandelstam en Chlebnikov. Hij schrijft meditatieve-mystieke lyriek die te rangschikken valt onder het metarealisme of het metametaforisme. Twee van zijn boeken werden gepubliceerd in de Sovjettijd: Portret (1982) en Onveranderlijke lucht (1990).

.

Je staat alleen bij de ingang van dit bos,

waar ieder blad nakomeling is van verwachting,

en elke stap heel duidelijk, als laatste.

.

Geen ademtocht staat jou thans meer te wachten,

maar bij het ademen zoek je naar evenwicht –

zo halen grassen adem, wolken, jaren.

.

’t Gezicht van regen, dat behuild was op de dag

dat hij daar liep, is nu weer opgeklaard –

met zijn ogen kijk je naar de takken.

.

Je gaat de kubus in, gevormd door spiegels,

de ruimte-inhoud ritselt door een vogelnacht

en sneeuw van vorig jaar kietelt de lippen.

.

Als doodsgeluid, dat opklinkt uit het duister,

onzichtbaar nog, maar reeds bekend,

verbergt zich het gerucht, ver weg nog, in een stofje.

.

Denkt zo het hart niet over zijn kloppen na?

.

Zhdanov

Uit mijn boekenkast

Biotopia

.

In mijn boekenkast staat (nog) de bundel Biotopia van Jaap Montagne, stadsdichter te Leiden. Gekocht van de dichter tijdens een poëziepodium van Ongehoord! begin deze maand.

In deze bundel neemt Jaap Montagne de lezer mee naar het Leiden van zijn jeugd, de volkswijk waar hij opgroeide maar ook naar het Leiden dat wij, niet Leidenaars, kennen zoals het Leiden van Rembrandt en de 3 oktober feesten.

De fraaie omslag van de bundel is gemaakt door kunstschilder Hans de Bruijn, de vroegere buurjongen van Jaap in de Surinamestraat. De bundel is uitgegeven in 2013 bij uitgeverij De Muze.

.

Plein der eeuwige leegte

.

Op het plein der eeuwige leegte

echoot stiekem verwaaide muziek

pist een hond tegen een kale boom

waait knisperend afval over de klinkers.

.

De maan geeft er geen licht

de zon trekt er zijn gordijnen dicht

vergeten in een duistere hoek

brengt geen mens een bezoek

aan het plein der eeuwige leegte.

.

Geen hopsasa of tralala

geen salsa en geen tango

geen polonaise, geen hoempapa

geen wals, geen rock & roll.

.

Op het plein der eeuwige leegte

is het koud, hoor je de wind nooit zingen

een dichter vindt er zijn verdriet

een zwerver zijn armoede

een clown een droef gezicht

over het plein der eeuwige leegte

schrijft niemand een gedicht.

.

biotopia-voorzijde-+-rug

Uit een oud dorp

Uit mijn boekenkast

.

In mijn boekenkast staan naast de vele dichtbundels die de meesten van ons wel zullen (her)kennen ook een aantal uiterst obscure bundeltjes. Zo ook het bundeltje ‘Uit een oud dorp’ van A. Roland Holst. Onder de naam Kort en goed en onder redactie van Kees Fens en Rob Nieuwenhuis werd bij uitgeverij Em. Querido in 1976 dit curieuze bundeltje uitgegeven. Curieus door zijn vorm; een slap kartonnen kaft in blauwe kleur waarin leven en werk in 7 bladzijden worden geschetst (twee pagina’s aan het begin en twee pagina’s aan het eind van het bundeltje inclusief voor- en achterkaft). Wat dit bundeltje voor mij extra interessant maakt is dat in de verhandeling over A. Roland Holst de naam van Prof. dr. H. C. Rümke valt. Hier wordt prof. Rümke opgevoerd als de auteur van het ‘beroem geworden boekje’ Levenstijdperken van de man, ik ken prof. Rümke van een gedicht dat ik aan hem wijdde naar aanleiding van een uitspraak van hem, die ik las in het Dolhuis in Haarlem (museum van de psychiatrie). (zie hiervoor mijn blogberichten uit 2010 en 2011, zoek onder Rümke).

.

In dit bundeltje een kleine bloemlezing van gedichten van A. Roland Holst en hieruit gekozen het gedicht ‘De vagebond’ uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1971.

.

De vagebond

.

Zij wikken en wegen

hun geld en hun god,

en kanten zich tegen

mijn vluchtiger lot,

omdat ik mijn handen

en ogen leeg

door hunne  landen

omdroeg, en zweeg

in hun geschillen,

en ging als blind

om der eenzame wille

van sterren en wind.

.

A. Roland Holst