Site-archief

Renaat Ramon

Visuele poëzie

.

Renaat Ramon is beeldhouwer en graficus uit Brugge (België). Maar Ramon is ook dichter en essayist en hij was redacteur van Betoel, Radar en Diogenes. Daarnaast was hij medewerker aan Poëziekrant, IZ en Big Ode. Naast visuele poëzie publiceerde hij 7 dichtbundels en een bloemlezing van zijn werk. Op de website van Ramon http://www.renaatramon.be/ staat het volgende over hem geschreven:

“Esthetiek zit diep in Ramon ingegraven want het is in alle geledingen van zijn dagelijks bestaan consequent terug te vinden. Architectuur, meubilair, huisraad, kledij: noemt het op en hij geeft het een eigen tint. Een ritme. Het ritme van een stijl. Hoe ‘afstandelijk, onpersoonlijk, koud, cerebraal of berekend’ bij een eerste oppervlakkige kennismaking van zijn plastisch werk (dat expliciet van alle anekdotiek is geëvalueerd) ook lijkt: een geraffineerd hedonistisch principe vormt er het fundament van.”

Renaat Ramon maakt dus visuele poëzie maar ook schrijft hij gedichten. Het is die combinatie die zijn werk interessant en uitdagend maakt. Hieronder het gedicht ‘dans les steppes de la flandre occidentale’ uit zijn bundel ‘Flandria Fabulata’ uit 1983.

.

dans les steppes de la flandre occidentale

.

en hier word ik geacht thuis te zijn:
in deze wakke vlakten
aan de zoom van zand en zee
waar late jonkers
hun illegale levens van legaten leiden,
waar dit ganse onherbergzame seizoen
en tot in lengte van dagen
zwerven en zullen zwerven
de grijze gezellen van den swighenden eede
die op prebenden teren
en nazaten van zwarte zoeaven,
zingend
en zuipend het zerpe, donkere bier.

.

ramon

ramon3

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Hill 60

Poëzie en WO 1

.

Hill 60 is een van de heuvels in de Westhoek van Vlaanderen (even buiten het dorp Zillebeke) waar in de eerste wereldoorlog verbeten is gevochten, ten koste van vele doden. De heuvel was dan weer in handen van de Engelsen, dan weer van de Duitsers. Een klein stukje niemandsland waarin de gruwelijke waanzin van de van de eerste wereldoorlog vier jaar lang voortduurde.

Op Hill 62  (een stuk verderop waar al net zo gevochten werd) ligt het Sanctuary Wood Museum waar de waanzin van deze oorlog op een bijzondere wijze is gedocumenteerd. Heel veel artefacten, zaken die zijn achtergebleven na WO 1 en spullen uit opgravingen zijn daar in een aantal ruimtes bij elkaar gebracht. Niet door een goed gedocumenteerd team van conservators maar door een aantal privé personen.

Dit bepaald een groot deel van het karakter van dit museum. In het museum staan een groot aantal dia-kastjes waarin heel veel dia’s waarop de oorlog in al zijn facetten te bekijken is. Dus niet alleen officiële foto’s maar juist veel foto’s van de gruwelijkheden, het oneindig lijkende maanlandschap waarop dit deel van Vlaanderen destijds nog het meest aan doet denken maar ook foto’s van ontredderde soldaten, doden tot aan een bijzonder aangrijpende dia van een dood paard in een boom!

Naast deze dia-kastjes dus ook veel uniformen, helmen, munitie, geweren en afbeeldingen (schilderijen en tekeningen). Tussen de enorme hoeveelheid spullen ontwaarde ik het onderstaande lijstje. Iets dat je in een ‘officieel’ museum nooit zou tegenkomen. Het is een getypt gedicht uit juni 1960 van Annie Littlewood uit Harrogate in Engelanmd. Waarschijnlijk is Annie een familielid van een soldaat die op Hill 60 is overleden of de geschiedenis heeft haar zo aangegrepen dat ze er een gedicht over heeft geschreven.

Dit is het gedicht.

.

Remembered at Hill 60

.

They are not dead

they rest in peace,

the men that lie

in yonder graves,

tis us that live

that wonder why

this precious waste of lives

must still exist,

Ah — they gave their lives

that we might live,

God rest their souls.

.

foto (25)

Joris Declercq

Haringe (naast Watou)

.

Ik was afgelopen weekend in Vlaanderen en daar in het plaatsje Haringe kwam ik, wandelend over de begraafplaats, de grafsteen tegen van Pater Joris Declercq (1921-1981).

Joris Declercq was behalve pastoor in Haringe, kunstenaar, verteller van streekverhalen en dichter. De kettingrokende Declercq lag aan de basis van de Kultuurgemeenschap en er kwamen kunsttentoonstellingen, orgelconcerten, openluchttoneel en andere manifestaties waarop nogal wat vreemden, waaronder heel wat Fransvlamingen afkwamen. Hij schreef boeken en heerlijke poëzie, hij deed volop mee aan carnaval en andere dorpsactiviteiten en na de  mis ging hij graag een pintje drinken en dobbelen. Kortom een bijzonder man.

Dat zie je terug aan zijn grafsteen. De steen was al klaar toen Declercq nog leefde, zo wist hij zeker hoe zijn graf er uit zou komen te zien. alleen de datum van overlijden moest nog worden toegevoegd.

Op de grafsteen een voorbeeld van zijn poëzie.

.

E vrind is lik e stekkerdroad,

je kut dr an vaste roak’n;

en ojje were weg wult goan,

t doe zeer je los te moak’n.

.

Joris Declercq 2

Joris Declercq bij zijn grafsteen

foto (24)

foto (23)

Appel

Gedicht op kruispunt

.

Afgelopen dagen was ik in de westhoek van Vlaanderen, Tijdens een bezoek aan Kortrijk viel me een enorme muurschildering op met een bijzonder gedicht met als titel Appel.

Ik heb er onderstaande foto van genomen en ben op zoek gegaan naar de dichter en de achtergrond. Wat blijkt; sinds 2007 ijvert Moniek Gheysens voor het aanbrengen van muurgedichten in Kortrijk. In eerste instantie zou op het kruispunt Appel een gedicht komen van Jan Decock. Dat is er nooit van gekomen maar in 2012 werd bekend gemaakt dat het gedicht Appel van Lut De Block (plattelandsdichter van Oost Vlaanderen) aangebracht zou worden op de muur aan het kruispunt.

Moniek Gheysens wil echter meer. Zelf zei ze hierover in het Nieuws van Kortrijk: ‘Dit is een begin’, meent Moniek Gheysens. ‘Laten we nu systematisch openbare ruimten aanpakken. Ik denk aan spoorwegmuren, de Leieboorden en de zijkant van het Streuvelshuis in Heule. Daar zijn we trouwens al aan bezig. Van Appel tot Zevende brug, van a tot z. Er zijn genoeg locaties in Kortrijk die kunnen profiteren van een dichterlijke ingreep. Wie zijn hart opent voor poëzie, opent zijn hart voor anderen.’

.

Gedicht Kortrijk

Moniek Gheysens en Lut De Block voor de muur waar Appel moest komen

foto (40)

gedicht kortrijk 2

Literair en poëtisch leesvoer

Website met literaire tijdschriften

.

Op internet zijn veel, heel veel website te vinden over literatuur en poëzie. Je bent op dit moment op zo’n website. Veel liefhebbers van poëzie en beginnende dichters doen hun eerste stappen op poëtisch gebied dan ook op internet. Via fora, gedichtensites, blogs of poëzie websites publiceren zij hun ‘pennenvruchten’.

Toch merk ik bij vrijwel elke dichter, beginnend, amateur, semi-professioneel en professioneel de behoefte om op papier gepubliceerd te worden. Bij mij is dat niet anders. Als je op papier gepubliceerd bent telt het ineens lijkt het wel. Nu is het niet iedereen gegeven om een bundel uit te geven, al zijn er tegenwoordig vele mogelijkheden om in eigen beheer of bij kleine uitgeverijen toch een bundeltje te publiceren.

Gelukkig zijn er ook papieren magazines waarin je zou kunnen publiceren. De lat ligt hiervoor vaak wel wat hoger maar wie niet waagt..

In Nederland en in België zijn er vele tijdschriften en magazines waar je je poëzie naar toe kunt sturen. De verschijningsfrequentie is bij elk magazine anders en ook de voorwaarden liggen heel divers. Wil je je hierin verder inlezen dan kun je heel goed terecht bij http://www.literairetijdschriften.org/#1

en de redacties van de verschillende Nederlands- en Friestalige literaire tijdschriften.

Op deze website 37 literaire magazines en tijdschriften met allerlei informatie over kosten, hoe in te zenden, een inhoudsopgave van het laatste nummer en nog veel meer.

Op http://detijdschriften.be/wp/ staat een overzicht van de Vlaamse tijdschriften (als aanvulling op literairetijdschriften.org) waar nog veel informatie te vinden is.

.

logo's

Taalunie

tijds

De geur van de maan

Menen 2013

.Gistermiddag was de bundelpresentatie van Hervé Deleu’s nieuwste dichtbundel ‘De geur van de maan’.

Morgen hiervan uitgebreid verslag. Vandaag een prachtig gedicht van Hervé.

.

Nu je gaat…

 

Sierlijk is niet de zwaan

maar het water

waarin de zwaan zich eindloos in weerspiegeld waant.

 

Het warmst is niet jouw blik

maar de mijne

omdat jouw blik als harde marmer glanzen gaat.

 

Het zachtst zijn niet jouw armen

maar de mijne

omdat jouw armen mij als versteend alléén doen staan.

 

Teder zijn niet jouw woorden

maar de mijne

omdat jouw woorden in mij onhoorbaar wonden slaan.

 

Verdriet is niet de traan

maar de kilte

die ik als sjaal eeuwig omheen mijn schouders draag.

 

En toch…

 

Naast alles wat niet bleef, bleef jij mij over

want alles gaat voorbij, maar niets gaat over.

/

Herve

Stadsdichters

In Nederland (en België)

.

Nederland kent vele stadsdichters. Om precies te zijn waren het er vorig jaar 50. Volgens mij zaten daar ook dorpsdichters bij maar voor het gemak (waarom ook niet) houden we het op stadsdichters. Nederland telde op 1 januari 2013 precies 408 gemeenten. Dat wil zeggen dat maar 12,3% van de Nederlandse gemeenten over een stadsdichter beschikt. In Vlaanderen is het aantal inmiddels gegroeid naar 5 (van 3).

Wat is eigenlijk een stadsdichter? Stadsdichters zijn dichters die officieel door een college van burgemeester en wethouders zijn benoemd. Hun taak is meestal een aantal gedichten schrijven over de gemeente of over activiteiten en gebeurtenissen in de gemeente. Dat varieert van een paar gedichten per jaar  tot maandelijks een gedicht. Sommige stadsdichters hebben daarnaast de rol van aanjager. In hun functie van stadsdichter mogen of moeten ze de inwoners van de gemeente kennis laten maken met poëzie of activiteiten op het gebied van de poëzie.

De stadsdichter van Hengelo, Fred van de Ven heeft nu voorgesteld om te komen tot een instituut voor stadsdichters.  Zo’n instituut zou dan aanbevelingen kunnen doen aan de colleges: over het aantal gedichten dat geschreven zou kunnen worden, over de publicatie en over de vergoeding. Want in de regel is het liefdewerk, oud papier.

In 2005 werd de eerste stadsdichtersbundel  ‘De stad en ik’ uitgegeven door uitgeverij Kontrast, onder redactie van Gerard Beense (Stadsdichter van Lelystad) gevolgd door ‘Verzen van verbondenheid’ in 2008 en ‘Stadsdichters bijeen’ in 2009 tijdens de 5e stadsdichtersdag in Lelystad. Inmiddels is de 9e stadsdichtersdag geweest in Lelystad, georganiseerd door de stichting Poëtikos, met een stadsdichtersgedichtenwedstrijd, dus volgend jaar het tweede lustrum.

De winnaar van deze wedstrijd was stadsdichter van Hengelo Lowie Gilissen met het gedicht ‘Amsterdam’.

.

Amsterdam

Nabij gehei dreunt, dreunt, dreunt,
in een dwingend ritme
als van een metronoom.

Op die doffe beat houden trams
met hun triangeltringtingtinggetinkel
en ssschurend sssnerpen
van weerbarstig wentelende wielen
helemaal geen maat.

Opgevoerde brommers overstemmen
met knalpijphard geknettterrrr
en passant moeiteloos
nerveuze claclaxons van schildpadtrage taxi’s.

Doppleriaans nadert met steeds meer nadruk
de viertonige ta-ti-ta-ta sirene
van een slalomambulance.

Te midden van deze ongeorkestreerde kakofonie
staat een straatmuzikant op zijn viool
een ti-ta-ti-ta partita van Bach te spelen,
alsof al die helse herrie om hem heen niet bestaat.

En warempel,
ik denk dat ook,
één hemels ogenblik.

.

omslag 1

omslag 2

omslag 3

Wanneer kom je buiten spelen? door Evy van Eynde

Recensie

.

Wanneer kom je buiten spelen?

Wie: Evy van Eynde

Waar: Literair café De Tijd Hervonden in Hasselt

Wanneer: Zaterdag 13 juli 2013

 .

Op uitnodiging van Evy ben ik met fotograaf Ruben Philipsen afgereisd naar Hasselt waar in het intieme maar sfeervolle literair café De Tijd Hervonden de presentatie van haar dichtbundel/theatervoorstelling ‘Wanneer kom je buiten spelen?’ plaats vind.

Café De Tijd Hervonden is naar eigen zeggen (en waarom zouden we eraan twijfelen?) het enige literaire café in Belgisch Limburg en is vernoemd naar de romancyclus À la recherche du temps perdu van Marcel Proust. Het literair café is tevens een conceptstore en pleisterplaats voor literatuurliefhebbers, voor debatten, lezingen boekvoorstellingen en poëzieavonden. De Hervonden Tijd is tevens de enige onafhankelijke boekhandel van Hasselt.

Vandaag dus een poëzieavond met Evy van Eynde. Aan één zijde van het café is een gordijn gespannen waardoor de ruimte daarachter als minitheatertje fungeert. Dan klinkt er muziek, muziek die mij nog het meest aan de filmmuziek van Bagdad café doet denken. Het doek gaat open en daar zit Evy, in een decor vol kinderstoeltjes, een tafeltje, een zandbakschelp en kinderservies.  Haar voorstelling begint met de vraag aan de aanwezige volwassenen om de ogen te sluiten en zich in te beelden dat ze nog een keer kleuter zouden zijn.

Wat volgt is een poëtische voorstelling vol gedichten en poëtische teksten die voor zowel kinderen als volwassenen zeer te genieten is. De taal van Evy is verrassend, voor mij klinkt het Vlaams meteen al poëtischer dan het harde Hollands maar door woordgebruik en beeldende taal weet Evy je mee te nemen in haar bijzondere, fantasievolle wereld. Door decor, lichtgebruik en mimiek doet Evy me af en toe denken aan Buster Keaton. Het hele beeld versterkt de teksten en maakt het tot één geheel.

En dan gebeurd er iets. Als Evy het gedicht Zoenen voordraagt zie ik uit mijn ooghoek een meisje van een jaar of 7 ( Helena die de dochter van Evy blijkt te zijn) haar hoofd omdraaien en veelbelovend kijken naar een jongen direct achter haar (Robbe). Ze draait haar hoofd, kijkt hem aan en aan alles zie ik dat voor haar de tijd niet snel genoeg kan gaan. En dan valt bij mij het kwartje.

Deze voorstelling gaat over de tijd, hoe wij, volwassenen en kinderen de tijd ervaren. Voor volwassenen is er de melancholie van het terugkijken en het ervaren hoe snel de tijd gaat en voor kinderen is er het verlangen naar zo snel mogelijk groot worden en deel gaan nemen aan alles wat de wereld hen te bieden heeft.

Misschien ken je de Parade, het reizende theaterfestival dat momenteel Den Haag aandoet? Dit reizende theaterfestival is vooral gericht op volwassenen. Mocht er ooit een Parade voor kinderen komen dan moet Evy van Eynde met deze (korte) voorstelling zeker meedoen.

Evy eindigde haar bijzondere voorstelling met de veelzeggende woorden ‘Je bent gezien!’.

Nou, dat klopt. Ik ben blij dat ik erbij was.

.

Zoenen

.

Als we nu eens…

dat lijkt me reuze fijn

.

Ik zal mijn lippen zoeten

met kersensmaak of mandarijn

.

Ik zal ze golvend pruilen

mijn ogen zachtjes sluiten

.

En alles wat daarbuiten

gebeurd dan eigenlijk niet

.

Zoenen

.

knuffel

_DSC1835

_DSC1832

                                                                             De laatste twee foto’s zijn van Ruben Philipsen.
Meer informatie over Evy en haar boek/theatervoorstelling op http://evyvaneynde.wordpress.com/

Wanneer kom je buiten spelen?

Door Evy van Eynde

.

Eind juni kreeg ik van Evy van Eynde een uitnodiging om naar België te komen om daar een voorstelling bij te wonen die bij haar nieuw verschenen bundel hoort ‘Wanneer kom je buiten spelen”. Deze voorstelling heb ik gisteravond in De Tijd Hervonden (wat een geweldige naam) aan de Witte nonnenstraat 8 in Hasselt bekeken samen met fotograaf en vriend Ruben Philipsen.

Morgen zal ik hier de recensie publiceren van deze bijzondere combinatie van dichtbundel en theatervoorstelling. Evy van Eynde leerde ik kennen via haar blog http://evyvaneynde.wordpress.com/

Omdat ik daar regelmatig kom om te lezen wat Evy bezig houdt kwam ze op mijn blog terecht en zo vangt een koe een haas.

Uit de aankondiging van dit artistieke tweeluik:

De voorstelling “Wanneer kom je buiten spelen?” maakt deel uit van een artistiek tweeluik, waar ook een geïllustreerde gedichtenbundel bij hoort. In de voorstelling komen de gedichten tot leven in liedjes, dialogen en mijmeringen die hardop rijmen.
“Een klein meisje komt naar je toe. Ze vertelt je een verhaal. Een peperkoeken verhaal. Kraakvers. Zie je die twee gaten in de muur? Dat is het hol van Meneer Konijn. Als je daarin kijkt, verdwijn je. Heel even maar. Voor altijd.”
“Wanneer kom je buiten spelen” is een familievoorstelling. Volwassenen zullen snoepen van taalparels tussen de regels. Kindjes zullen dol zijn op het speelse sprookjesdecor.

.

Morgen dus mijn recensie, vandaag alvast een gedichtje en een tekening van Evy met de titel Alice.

.

Alice

.

Boven in kamers

waar stof opwaait

klopt ze aan

.

Ziet de trap

opgaan in sterren

en lantaarnpalen

.

Langs de melkweg

waar koeien grazen

in graswolken

.

kleine meisjes

in konijnenholen

hoog in de lucht

.

Verscholen

tot iemand gilt

gezien

.

Alice

iCE KiNG

Epic Centre: metalmuziek en poëzie

.

De Belgische muzikant iCE KiNG is een muzikant als geen ander. Alleen vergezeld van een elektrische gitaar maakt hij lange epische nummers vol variatie. De muziek is Keltisch geïnspireerd, maar zijn aanpak en vooral de elektrische gitaar verhindert eenieder om hier van folk te spreken. De zang is gevarieerd en de teksten zijn gebaseerd op bijna vergeten poëtische geheimen.

Zo is het nummer Lost and found een muzikale transcriptie en aanvulling van het gedicht ‘On a Roman Helmet’ van William Henry Ogilvie (1869-1963). In het nummer 1103 B.C. gaat iCE KiNG nog verder terug in de tijd, met aangepaste tekstfragmenten uit ‘The History of Britain’ van John Milton (1608-1674) – beter bekend van het epische gedicht ‘Paradise Lost’. De muziek vertoont hierbij een erg complex, harmonisch en mysterieus karakter.

Het nummer Lord Lochinvar is een middeleeuws aandoende ballade, met een tekst die gebaseerd is op ‘Lochinvar’ van Sir Walter Scott (1771-1832) – de auteur van onder andere ‘Ivanhoe’. Maar niet alleen Engelstalige nummer staan er op deze (in eigen beheer) uitgebrachte CD.

Toppen av isberget is Zweeds voor de spreekwoordelijke top van de ijsberg. Heel het nummer is dan ook in het Zweeds gezongen. Het is een herwerking van het gedicht ‘Du Gamla, Du Fria’ van Richard Dybeck (1811-1877).

.

De CD Epic centre kent 9 nummers.

Hieronder de tekst van On a Roman helmet van William Henry Ogilvie.

.

A helmet of the legion, this,

 

.

That long and deep hath lain,

Come back to taste the living kiss

 

.

Of sun and wind again.

Ah ! touch it with a reverent hand,

 

.

For in its burnished dome

Lies here within this distant land

 

.

The glory that was Rome I

The tides of sixteen hundred years

 

.

Have flowed, and ebbed, and flowed,

And yet — I see the tossing spears

.

Come up the Roman Road;
.

.

De helm uit dit gedicht werd bij opgravingen gevonden die werden verricht bij het oude Romeinse kamp bij Newstead (in de buurt van Melrose aan de voet van de Eildons of Trimontium). Samen met andere Romeinse objecten is de helm nu te zien in het Oudheidkundig museum in Edinburgh.

.

Meer informatie over iCE KiNG op: http://www.darkentries.be/nl/interviews/?iid=503

.

iCE KiNG