Site-archief

Odyssee

Homeros en Nolan

.

Christopher Nolan verfilmde de Odyssee van Homeros en blijkt daar inmiddels een blockbuster mee te hebben gemaakt. Honderden miljoenen heeft de film in de eerste weken na de première al opgeleverd. Dat betekent dus miljoenen mensen die de film al hebben gezien en waarschijnlijk nog gaan zien. Ik ga er zelf komende week heen en ben benieuwd. Op de filmwebsite IMDb krijgt de film al een 8,5 (van 10) en dat komt ongetwijfeld deels door de sterrencast die Nolan aan de film wist te binden;  Matt Damon , Tom Holland , Anne Hathaway , Robert Pattinson en Charlize Theron om er maar een paar te noemen.

De meeste mensen weten dat de Odyssee uit de Griekse literatuur komt maar waarschijnlijk weten er veel minder mensen dat het oorspronkelijke verhaal van Homeros (850 voor Chr. – 750 voor Chr.) een episch dichtwerk is.  De ca. 12.000 versregels zijn ingedeeld in 24 boeken, genummerd met Griekse kleine letters α (alpha) t/m ω (omega). Het epos gaat voor een belangrijk deel over de zwerftocht van de held Odysseus na afloop van de Trojaanse Oorlog en zijn thuiskomst op het eiland Ithaka.

Het is een gedicht in dactylische hexameters. De dactylische hexameter is een versregel die bestaat uit zes voeten of versvoeten, gebaseerd op de lengte van de lettergrepen. De hexameter was de meest gebruikte versvoet voor epische gedichten in de klassieke oudheid zoals de Odyssee maar ook de Ilias (ook van Homeros), de Metamorphosen van Ovidius en de Aeneis van Vergilius. In traditionele, in hexameters geschreven teksten gaat het niet om het rijm, maar ligt de nadruk op het metrum.

In de Odyssee gaat over de laatste 41 dagen van de eveneens tien jaren durende omzwervingen van de held Odysseus – de bedenker van de list met het paard van Troje – die zich de haat van de zeegod Poseidon op de hals heeft gehaald. De godin Athena blijft hem echter wel steunen: zij stelt alles in het werk om Odysseus een behouden thuiskomst te bezorgen.

De Odyssee begint in medias res op de Olympos waar Athena haar vader Zeus vraagt of er eindelijk een einde mag komen aan de omzwervingen van Odysseus. Deze verblijft dan al een aantal jaren tegen zijn zin bij de zeenimf Kalypso. Zeus stemt toe en Hermes wordt naar Kalypso gestuurd. Athena zelf vertrekt echter naar Ithaka, waar ze Odysseus’ zoon Telemachos aanspoort om een reis te maken met het doel meer over zijn vader te weten te komen. Tijdens dit bezoek worden we ook op de hoogte gesteld van de erbarmelijke situatie op Ithaka. Odysseus’ paleis wordt overspoeld door de zogenaamde “vrijers”: adellijke lieden die in de hoop dat Odysseus nooit meer terug zal keren naar de hand van diens vrouw Penelope dingen. Deze vrijers gedragen zich als bijzonder slechte gasten: ze verteren vele voorraden aan wijn en voedsel die zich in het paleis bevinden.

Het einde van dit epische gedicht is bekend: Odysseus en zijn zoon Telemachos  weten de ‘vrijers’ te overwinnen en tot de laatste man te doden. Na een scheiding van twintig jaar worden Odysseus en Penelope herenigd.

Natuurlijk wil ik hier een deel van de Odyssee delen. Voor het hele verhaal in een hertaling verwijs ik graag naar de ‘Odysseia’ van Imme Dros (1991). Ik heb gekozen voor de ‘Aanroeping der muze’ de eerste zang, vers 1 t/m 10.

.

Muze! verhaal mij van den man, den listigen, die zeer veel rondzwierf, nadat hij de sterke veste van Troje had helpen verwoesten; van vele menschen aanschouwde hij de steden en leerde hij den volksaard kennen, vele smarten ook leed hij op zee in zijn gemoed, strevend naar eigen levensbehoud en naar den terugkeer van zijne makkers.

Maar toch redde hij zijne makkers niet, hoezeer hij ´t ook vurig verlangde; want door hun eigen onbezonnenheid kwamen zij om, de dwazen, die de runderen van Helios, den Zonnegod, opaten; maar deze ontnam hun daarvoor den dag van den terugkeer.

Verhaal ons ook, godlijke dochter van Zeus, daarvan, aanheffend waar ´t u behaagt.

.

 

Eneas

Publius Virgilius Maro en Joost van de Vondel

.

Van Ton Rodenburg kreeg ik de ‘Eneas’ van Publius Virgilius Maro in de vertaling van Joost van den Vondel uit 1947 met lithografieën van Dignum Dominicus Lammers. Een mooi, groot, lijvig werk van 382 pagina’s dat eigenlijk te groot is voor mijn boekenkast. En toch ben ik zeer verrukt over deze gift van Ton.

Vergilius zijn bekendste werk is de Aeneis  (of in vertaling de Eneas), het grote heldendicht waarin de grootheid van Rome, van Romes oorsprong en verleden wordt bezongen. Dit werk moest even beroemd worden als de Ilias en de Odyssee van Homerus, het heeft dan ook een gelijkaardige inhoud, maar het is kritischer geschreven.

De Aeneïs gaat over de legende van Aeneas, die de Romein voorstelt als de verre afstammelingen van de Trojanen en van het geslacht van de Iulii (=Julii), waartoe Augustus behoorde door de adoptie van Quintus, de zoon van Aeneas en kleinzoon van Venus en Jupiter. De vermenging van deze mythologie met Latijnse geschiedenis maakt dit epos tot een nationaal kunstwerk, dat vanaf zijn ontstaan tot het heden toe geldt als het mooiste gedicht in de Latijnse taal.

In de taal van Vondel wordt dit een prachtig maar niet eenvoudig werk om te lezen. En toch ben ik eraan begonnen. De taal van Vondel is archaïsch maar prachtig. En nee, niet alles wat ik lees begrijp ik meteen maar dat geeft niet, door de taal, de rijkdom aan woorden en beschrijvingen neemt de schrijver me mee in het verhaal. Wat ik verder heel bijzonder vind is hoe de taal is veranderd. Als je de tekst hardop in je hoofd leest is er niet zo gek veel veranderd maar het gebruik van d’s en t’s, van h’s en g’s waar we dat niet gewend zijn, de ae voor de e, het gebruik van de stille c, de n aan het eind van vele woorden, allemaal in onbruik geraakt. Mooi om te zien hoe taal steeds veranderd en zich aanpast aan de tijd.

Per boek staat aan het begin een korte inhoudsopgave zoals dat vroeger vaker gedaan werd. Hier de inhoud van het eerste boek. Als tekst bijna een gedicht.

.

Eneas, de godtvruchte en strijtbaere oorloghshelt,

Vervolght van Iunoos wrock, en doolende om te landen

In ’t oude Italie, vervalt, door ’t woest gewelt,

Der Siciljaensche zee, in ’t ende aen Didoos stranden.

Zijn moeder Venus wijst hem ’t onbekende padt,

Dat naer Karthago loopt: zij deckt met eene wolcke

Achates, en haer’ zoon; die vindt de nieuwe stadt,

En wint Elyzes gunst, ten troost van zijnen volcke,

Geberght, en wel onthaelt ter tafel in ’t palais,

Belust om trojes val te hooren, en hun reis.

.

img_5642

img_5643

img_5644

img_5645