Site-archief

Burenbuurtballade

Ruben van Gogh

.

Vele gedichten gaan over muziek en in de bundel ‘Het muzikaalste gedicht, De mooiste gedichten over muziek uit Nederland en Vlaanderen’ uit 2006, staan er maar liefst ruim 90. Dat gedichten over muziek niet altijd meteen herkenbaar zijn als zodanig blijkt uit het gedicht ‘Burenbuurtballade’ van Ruben van Gogh. En als je het gelezen hebt begrijp je toch waarom het in deze bundel is opgenomen.

.

Burenbuurtballade

.

Ik neem je mee

Ja

Waarheen waarheen

Ja

.

Hee m’n straat

Zie daar, geen kleren aan

Naakt naakt

Laat maar gaan

.

Hee ho

Nog nooit gezien

Zal treuren man

Vandien

.

Vandien haar armen

Hee

Vandien haar borsten

Ho

Vandien haar geur

.

Vandien

haar bruine muren burenbuurt

waarin het buren uren duurt

.

vangogh1

muziek

Ongehoord! podium februari

Verslag

.

Op zondagmiddag 15 februari was het dan zover, het Ongehoord! podium verhuisde. Na jarenlang in de Glazen te zijn georganiseerd van de centrale bibliotheek van Rotterdam vertrokken we naar het podium op de 4e etage van diezelfde bibliotheek. Een interne verhuizing dus. In tegenstelling tot de Glazen zaal (of de Maarten Toonderzaal zoals deze tegenwoordig heet) is het podium op de 4e etage veel toegankelijker omdat het geen afgesloten zaal is.

Of het kwam door dit gegeven of door de geweldige programmering weet ik niet maar de middag trok over ruim twee en een half uur meer dan 60 bezoekers en belangstellenden. Door het open karakter van dit podium kwamen er steeds mensen aanlopen die de dichters zagen voordragen of werden gelokt door de klanken van Roos Blufpand. Hoe dan ook, het was een mooi podium met goeie, verrassende dichters, een prachtige prozaschrijfster en een betoverende Roos Blufpand met Nederlandstalige luisterliedjes.

Na de opening van de voorzitter Peter de Knegt, waarin hij afgaf terug te treden i.v.m. zijn gezondheid en het stokje over te geven aan Ton Huizer en het voordragen van een gedicht van de Rotterdamse dichter Jan Prins, was het de beurt aan Roel Weerheijm. Hij trapte af met zijn poëzie, persoonlijke gedichten, met bij elk gedicht een introductie.   Roel warmde het publiek op met poëzie waar je over na kan denken.

Hierna was het de beurt aan Yvonne van der Haven. In een set zonder woorden (zonder af en aankondigingen van haar gedichten) en met tweemaal een bijzondere bijdrage van Roos kreeg ze de zaal doodstil.

Cynthia Stijger vertelde over de totstandkoming van haar roman ‘Aurora’. De roman verhaald over de kracht van verbondenheid tussen twee mensen die in een maatschappij die hen voorschrijft hoe te leven, hun eigen pad kiezen omdat ze slechts naar één ding verlangen; elkaar. In het stuk dat ze voorlas kwam dit, naast de prachtige beschrijvende passage, goed naar voren.

Na de pauze was het de beurt aan Renato Miguel. Renato stond heel ontspannen voor te dragen, met een uitstekende timing en in contact met het publiek  kwamen veel (persoonlijke) zaken voor het voetlicht. Zijn gedicht ‘Gooi een roos naar de zangeres’ werd door het publiek maar vooral door Roos van Roos Blufpand die op de eerste rij zat, met groot enthousiasme ontvangen.

A.H. van de Elst ging er vervolgens eens goed voor zitten. Anekdotisch maar met een onderliggende serieuze ondertoon bracht hij vanuit de bonte stoel een reeks korte gedichten die het publiek regelmatig in de lach deed schieten.

Roos Blufpand deed verschillende nummers op de piano en begeleid door haar mannen op Cello en elektrische gitaar. Luisterliedjes die in de sfeervol verlichte zaal mooi tot zijn recht kwamen.

Op het open podium kwamen Rob Hilz (bedankt weer voor de mooie foto’s voor op de website), Helle van Aardeberg en Dennis Kras een aantal gedichten voordragen.

Het was een mooie middag en de volgende editie van het Ongehoord! poëziepodium is op zondag 19 april 2015 opnieuw in de bibliotheek van Rotterdam.

.

renato O

Roel O

Cynthia O

Yvonne O

Roos O

Arthur O

mannen van Roos O

 

Met dank aan Rob Hilz

Aanstaande zondag Poëziepodium

Ongehoord!

.

Op zondag 15 februari is het de hoogste tijd voor een nieuwe editie van het Ongehoord! poëziepodium En ook dit keer wordt het een bijzonder podium met een gevarieerd palet aan poëzie en proza. Allereerst verruilen we onze vaste plek in de centrale bibliotheek van Rotterdam (naast station Blaak)  in de Glazen zaal voor een nieuw onderkomen in de bibliotheek. Dit keer vind je ons op de vierde etage – een dynamische en sfeervolle plek.

Vier dichters en een prozaschrijfster

Voor ons treden op: Renato Miguel. Het vorige podium was hij helaas ziek, maar dit keer is hij blakend van gezondheid te zien en te horen. Daarnaast is het podium voor de dichters Yvonne van der Haven, Roel Weerheijm en A.H. van der Elst, die uit zijn nieuwe bundel ‘De som der dingen’ zal voordragen.

Prozaschrijfster Cynthia Stijger Aramburu presenteert haar nieuwe roman ‘Aurora’.

Muziek

Roos Blufpand verzorgt de muziek

Niemand minder dan Roos Blufpand neemt de muzikale intermezzo’s voor haar rekening. Tot slot is er uiteraard weer een open podium. Zorg dat je op tijd aanwezig bent. We starten 14.00 uur, maar vanaf 13.30 is het podium geopend en staat er gratis koffie en thee voor je klaar.

Presentatie is in handen van Wouter van Heiningen. En uiteraard is er weer een open podium. Wil je zelf een keer het podium op om je gedichten voor te dragen? Dat kan. Maximaal twee wat langere of drie korte gedichten (i.v.m. de tijd) mag je komen voordragen. Geef je vooraf of tijdens het podium op bij Wouter dan krijg je een plek op het open podium.

.

Roos Blufpand

renato-proper

Yvonne

Roel

cynthia

 

Arthur

La Chanson des Vieux Amants

Jacques Brel

.

Afgelopen week had ik contact met Peter WJ Brouwer, dichter en theatermaker. Hij heeft samen met Michael Abspoel (de stem van Man bijt hond) een theater programma over Jacques Brel met als titel Over leven met Brel. Vol poëzie en muziek. Op het Zomerpodium van Ongehoord! lieten zij al zien en horen wat een bijzonder programma dit is. Dit bracht mij ertoe nog eens naar mijn favoriete Brel nummer te luisteren La chanson des vieux amants met bijna op het eind van het nummer het prachtige geluid van een Hoorn.

Op zoek naar dit nummer kwam ik de Nederlandse vertaling tegen die Lennaert Nijgh tegen onder de titel Liefde van later. Hieronder de Franse tekst en de Nederlandse vertaling en uiteraard de muziek die alles zegt.

.

La chansons des vieux amants

Bien sûr, nous eûmes des orages
Vingt ans d’amour, c’est l’amour fol
Mille fois tu pris ton bagage
Mille fois je pris mon envol
Et chaque meuble se souvient
Dans cette chambre sans berceau
Des éclats des vieilles tempêtes
Plus rien ne ressemblait à rien
Tu avais perdu le goût de l’eau
Et moi celui de la conquête

Mais mon amour
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime

Moi, je sais tous tes sortilèges
Tu sais tous mes envoûtements
Tu m’as gardé de pièges en pièges
Je t’ai perdue de temps en temps
Bien sûr tu pris quelques amants
Il fallait bien passer le temps
Il faut bien que le corps exulte
Finalement, finalement
Il nous fallut bien du talent
Pour être vieux sans être adultes

Oh, mon amour
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime

Et plus le temps nous fait cortège
Et plus le temps nous fait tourment
Mais n’est-ce pas le pire piège
Que vivre en paix pour des amants
Bien sûr tu pleures un peu moins tôt
Je me déchire un peu plus tard
Nous protégeons moins nos mystères
On laisse moins faire le hasard
On se méfie du fil de l’eau
Mais c’est toujours la tendre guerre

Oh, mon amour…
Mon doux, mon tendre, mon merveilleux amour
De l’aube claire jusqu’à la fin du jour
Je t’aime encore, tu sais, je t’aime.

.

.

Liefde van later

 

Als liefde zoveel jaar kan duren,

dan moet het echt wel liefde zijn,

ondanks de vele kille uren,

de domme fouten en de pijn.

Heel deze kamer om ons heen,

waar ons bed steeds heeft gestaan,

draagt sporen van een fel verleden,

die wilde hartstocht lijkt nu heen,

die zoete razernij vergaan,

de wapens waar we toen mee streden.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

Jij kent nu al mijn slimme streken,

ik ken allang jouw heksenspel.

Ik hoef niet meer om jou te smeken,

jij kent mijn zwakke plaatsen wel.

Soms liet ik jou te lang alleen,

misschien was wat je deed verkeerd,

maar ik had ook wel eens vriendinnen.

We waren jong en niet van steen

en zo hebben we dan toch geleerd:

je kunt toch altijd opnieuw beginnen.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

We hebben zoveel jaar gestreden

tegen elkaar en met elkaar.

Maar rustig leven en tevreden

is voor de liefde een gevaar.

Jij huilt allang niet meer zo snel,

ik laat me niet zo vlug meer gaan,

we houden onze woorden binnen.

Maar al beheersen we het spel

een ding blijft toch altijd bestaan:

de zoete oorlog van het minnen.

 

Ik hou van jou,

met heel mijn hart en ziel

hou ik van jou.

Langs de zon en maan

tot aan het ochtendblauw,

ik hou nog steeds van jou.

 

Ik hou nog steeds van jou,

voorgoed van jou.

.

jacques_brel_1-6e246

.

Met dank aan poezieaanhuis.nl en Youtube.com

 

 

Yellow Ledbetter

Pearl Jam

.

Soms vraag je je af bij poëzie waar een gedicht of een tekst over gaat. In een aantal gevallen gaat poëzie ‘nergens over’ maar is de klank van een gedicht of de muzikaliteit, het ritme en de loop van de tekst belangrijk en niet zozeer de tekst zelf (zeer bekend voorbeeld Oote van Jan Hanlo). In de muziek komt dit ook voor en dan wordt dit meestal versterkt door de instrumenten die daarbij gebruikt worden.

In het nummer Yellow Ledbetter van Pearl Jam is de tekst ook niet of nauwelijks relevant. Op dit nummer improviseert Eddie Vedder de tekst in woorden en zinnen die schijnbaar geen relevantie hebben maar als je dan goed tussen de regels doorleest lijkt het toch misschien ergens over te gaan.

Op de zeer informatieve website http://songmeanings.com/ staat over dit nummer te lezen:

For the most part the lyrics in this song are irrelevant. The song was written by Mike McCready and Eddie just made up the words as he went along. Eddie’s voice is supposed to be more of an instrument by using improvised words, the words are never the same in concert. Ledbetter refers to Eddie’s friend from Chicago named Tim Ledbetter. If there is any meaning to the lyrics I think the letter in the beginning of the song refers to the telegrams that we sent to the families of soldiers KIA in WWII. The telegrams were so distinct that many families didn’t have to open them to know what they said. In the song I see a family sitting on a porch when a man comes to deliver a telegram and the family is so devestated about their loss that they cannot even bear to open it.

De stem van de zanger dus als extra instrument, of als ‘ poëtisch kunstwerk’ te plaatsen in de categorie waarin ook zovele gedichten vallen die schijnbaar zonder een duidelijk onderwerp zijn.

Hier de tekst en het nummer.

.

Yellow Ledbetter

 

Unsealed
On a porch a letter sat
Then you said I want to leave it again

Once I saw him
On a beach of weathered sand
And on the sand I want to leave it again

On a weekend want to wish it all way
And they called an I said an I want what
I said an I call out again

And the reason oughta leave her calm I know
I said I know what I wear that a box or the bag

Oh yeah can you see them?
Out on the porch
Ah, but they don’t wave
I see them
Round the front way, yeah
And I know and I know
I don’t want to stay

Make me cry

I see
I don’t know there’s something else
I want to drum it all away
An I said
“I don’t, I don’t know whether I was the boxer or the bag”

Oh yeah can you see them?
Out on the porch
Ah, but they don’t wave
I see them
Round the front way, yeah
And I know and I know
I don’t want to stay
I don’t want to stay
I don’t want to stay

.

yellow

.

Laatste Ongehoord! podium van 2014

Met een bijzondere line up

.

Op zondag 14 december zal in de centrale bibliotheek van Rotterdam het laatste podium van Ongehoord! te bezoeken zijn met dit keer wel een bijzondere line up van dichters. Zo komen de Vlaamse dichters Willy Spillebeen en Hervé Deleu vanuit Menen naar Rotterdam om daar hun poëzie te brengen. Willy Spillebeen (1932) is in Nederland vooral bekend van zijn monografieën en essays over de dichters Nijhoff, Leopold en Gerhard. Hij won in België en Nederland tal van literaire prijzen.  Willy Spillebeens oeuvre bezit een opvallende eenheid qua thematiek en levensbeschouwing. De sleutelbegrippen tot de gedichten keren terug in de romans en verhalen. De vaak sterk symbolisch geladen beelden uit zijn poëzie zijn ook terug te vinden in zijn proza en worden daar aangevuld met een naturalistische natuurbeschouwing. Schrijven is de zingeving van zijn bestaan. Willy schrijft nog altijd en zal zijn laatste poëzie brengen.

Hervé Deleu kreeg bekendheid in Nederland (en België) na het winnen van de eerste Ongehoord! Poëziewedstrijd in 2012. Hierna verscheen in zijn woonplaats Menen de bundel ‘De geur van de maan’ uitgegeven door Marcel Vaandrager en pas geleden zijn verhalenbundel ‘De Blonde Engel’.

Naast deze twee heren uit Vlaanderen staan Rinske Kegel, schrijfster, dichter, stemactrice en illustratrice. In 2012 en 2013 was ze eens per maand  Dichter bij de Dag bij het Actualiteitenprogramma ‘Dit Is De Dag’  op Radio 1. Meer over Rinske op: http://rinskekegel.blogspot.nl/

Ook op het podium Miguel Santos. Miguel Santos is schrijver, dichter en levensgenieter. Hij woont, schrijft, blogt en werkt in Rotterdam. In vriendenkringen wordt hij vaker ‘dichter’ dan ‘schrijver’ en is een dichtbundel in de maak. Met zijn poëzievoordrachten stond hij op het Rotterdamse kunstplatform Speyksessies, Vuurverhalen en Firma ZINtuig. Daarnaast organiseert hij het poëziepodium Het Nieuwe Dicht en mede de Poetry Slam Rotterdam. Hij is één van de 9 dichters die de bundel ‘Wij dragen Rotterdam’ tot een succes maakte.

En tot slot komt een oude bekende terug op het Ongehoord! podium: Daniel Vis, een jong dichttalent dat opvalt door zijn rauwe toon en succes op het podium. Anno nu kan Vis zichzelf Nederlands Kampioen Poetryslam 2014 noemen. Zijn debuut,’Crowdsurfen op laag water’, verscheen in april van dit jaar bij uitgeverij Prometheus.

Voor de muziek tekent Bryony Burns. Dichteres en muzikante Bryony verzorgd tekst en muziek deze middag.

Het podium heeft plaats in de centrale bibliotheek van Rotterdam (Hoogstraat) op de eerste verdieping in de Glazen Zaal, is gratis toegankelijk, gratis thee en koffie en begint om 14.00 uur. Inloop vanaf 13.30 uur.

vis

Rinske Kegel1

 

renato

 

Willy Sp

Te leen

Muziek in poëzie

.

Ik zal de komende tijd wat vaker gedichten met jullie delen die over muziek gaan. Ik schreef al vaker over tekstdichters, liedjesmakers en muzikanten die poëtische teksten schrijven maar nu dus liedjes en muziek in de tekst zelf. Door de tijden heen hebben dichters muziek en het lied als onderwerp gekozen voor hun poëzie. Van Guido Gezelle tot Stefan Nieuwenhuis. In deze nieuwe categorie gedichten uit alle tijden van verschillende dichters, te beginnen met de dichter Bart Moeyaert.

Bart Moeyaert (Brugge, 1964) is schrijver van met name jeugdboeken, dichter en docent Creatief Schrijven aan de afdeling Woordkunst van het Koninklijk Conservatorium in Antwerpen. Van 2006 tot 2008 was hij Stadsdichter van Antwerpen. Hij ontving verschillende literaire prijzen voor zijn jeugdboeken ( Deutsche Jugendliteraturpreis, de Boekenleeuw en de Zilveren griffel) en werd in 2009 genomineerd voor de J.C.Bloem-poëzieprijs 2009.

Uit: ‘Als een geheim zat in ons huis een ander huis verborgen’, De Maan, Mechelen 2011 het gedicht ‘Van mij’.

.

Van mij

.

Je zong een liedje

en je zei: dit liedje

is alleen van mij.

Ik vroeg: moet je

niet zeggen: was?

Je keek verveeld.

Je zei: Waarom?

Ik zei: dat je dat zegt.

Wat je net zong heb je

gedeeld, want noten

zijn van iedereen.

Je krijgt ze maar

een liedje lang.

Zolang het duurt,

zei ik. Te leen.

.

bart moeyaert

Winnend gedicht: Aan de slechthorenden

Ongehoord! Poëzieprijs 2014

.

Zoals ik gister al schreef is de winnaar van de Ongehoord! Poëzieprijs Gerard Scharn met het gedicht ‘Aan de slechthorenden’. In een goed gevuld bibliotheektheater werd op zondag 16 november de dichters van de shortlist de mogelijkheid geboden om hun gedicht ten gehore te brengen. Een aantal had aangegeven niet aanwezig te kunnen zijn op deze middag, weer anderen wilden of konden hun gedicht niet voordragen, een enkeling liet het gedicht door een ander voordragen en weer een ander kwam terug op haar besluit om het gedicht niet voor te dragen en deed dit alsnog (heel goed!). Onder de voordragende dichters waren zeer ervaren podiumbeesten en dichters die nog nooit op een podium hadden gestaan, jong en oud, van alles wat. Voeg daar de prachtige muziek van Patty van Trossèl (La Pat) en haar musici aan toe en het ongelijk was weer eens aan de thuisblijvers. De jury nam uitgebreid de tijd om het juryproces toe te lichten, gaf daarna een aantal dichters een eervolle vermelding (Johan Devos, Jeannette Kim en Ruben) en ging toen over op het uitreiken van de 3 prijzen.

Ik zal de komende dagen de gedichten van de prijswinnaars (behalve Gerard Scharn als winnaar, de tweede prijs voor Martin Aart de Jong en de derde prijs voor Hein van der Schoot) hier plaatsen met de juryrapporten die erbij horen, alsmede de speciale vermeldingen, zeg maar de runners up.

De eerste prijs was dus voor het gedicht ‘Aan de slechthorenden’ van Gerard Scharn. De jury schreef in haar rapport:

‘David Lynch,’ is een van de opmerkingen van de juryleden. ‘Het lubbert zo lekker uit je mond,’ is een andere. Wat centraal staat is dat dit gedicht met zijn minimalistische aanpak een volledige wereld met een geheel eigen filosofie weet te scheppen. De jury was er dan ook al snel over uit dat gedicht, zonder twijfel, rechtmatig de eerste plaats verdiende. Wij willen je hierbij vragen om meer te blijven schrijven. Begin zo snel mogelijk maar aan je gedichtenbundel.
De eerste plaats, de winnaar van de Ongehoord Poëziewedstrijd 2014, is het gedicht Aan de slechthorenden van Gerard Scharn.

.

aan de slechthorenden

 

in het land van de limousines

staat geen brandstofpomp

de wagens worden volgeladen

geduwd door lakeien of getrokken

door keizerlijke muilezels en ossen

 

profeten worden niet gehoord

in het land van de limousines

zijn alle vensters op het noorden

gesloten als de poolwind giert

als tinitus in dovemansoren

 

in het land van de profeten

danst de derwish op wolken

en vliegende schotels uit koper

gedreven klinken als klokken

over het westvlaamse land

.

winnaars

Van links naar rechts: Martin Aart de Jong, Hein van der Schoot, Gerard Scharn, jurylid Edwin de Voigt en jurylid Joz Knoop.

Gedicht versus songtekst

Poëzie in muziek

.

Op deze blog staan in de categorie Poëzie in songteksten, voorbeelden van liedteksten die een poëtische lading hebben of die ook als poëzie gelezen zouden kunnen worden. Toch zou je kunnen stellen dat maar weinig songteksten echt poëtisch zijn. Hoe kan dat? Een songtekst heeft over het algemeen de lengte die ook een gedicht heeft of kan hebben. Beide vertellen in weinig tekst een verhaal of proberen met weinig woorden een beeld of een verhaal te vertellen. En toch zijn ze zo verschillend.

Pat Pattison, tekstschrijver en dichter heeft in 2009 het boek ‘Writing better lyrics’ gepubliceerd. In een interview met hem komt de vraag over het verschil tussen liedtekst en gedicht aan de orde. Hij zegt er het volgende over:

Sinds de uitvinding van de drukpers zijn gedichten vooral geschreven voor het oog waar liedteksten vooral geschreven zijn voor het oor. Als consequentie volgt hieruit:

A. Dichters kunnen er van op aan dat de lezer in staat is om te stoppen en terug te gaan, of om een woord op te zoeken tijdens het lezen van het gedicht. Een tekstschrijver kan dit niet.

B. Omdat het einde van een regel in de poëzie een visuele cue is, kan een dichter een zin beëindigen, maar de inhoud verder naar de volgende regel laten doorlopen, waarmee hij spanning kan creëren, zonder dat dit tot verwarring leidt:

You may see their trunks arching in the woods?
Years afterwards, trailing their leaves on the ground?
Like girls on hands and knees that throw their hair?
Before them over their heads to dry in the sun.?
Robert Frost –“Birches”

De spanning tussen het einde van de derde zin en hoe dit beeld wordt voortgezet in de volgende regel, voelt alsof de meisjes daadwerkelijk met hun haar gooien …

Een liedtekstregel heeft een sonische cue-einde van een melodie frase. Omdat het lied is gericht op het oor. Wanneer een tekstschrijver probeert een gedachte uit te voeren in de volgende melodische frase, creëert dit meestal verwarring, want er is een discrepantie tussen de melodische routekaart en grammaticale structuur.

C. Omdat een songtekst een sonische gebeurtenis (gericht aan het oor) is,  is rijm belangrijk, want het bevat een stappenplan voor het oor; toont relaties tussen de zinnen, creëert het een voorwaartse beweging, creëren het zowel stabiliteit als instabiliteit in onderdelen, en vertelt het het oor waar deze onderdelen eindigen.

Hoewel rijm gebruikelijk is in de poëzie, is het minder belangrijk, omdat de lezer kan zien waar een sectie eindigt. Zelfs wanneer gedichten rijmen, wordt niet per se aangekondigd waar het einde van een zin of het einde van een sectie is:

O wild West Wind, thou breath of Autumn’s being,
Thou, from whose unseen presence the leaves dead
Are driven, like ghosts from an enchanter fleeing,

Yellow, and black, and pale, and hectic red,
Pestilence-stricken multitudes: O thou,
Who chariotest to their dark wintry bed

The winged seeds, where they lie cold and low,
Each like a corpse within its grave, until
Thine azure sister of the Spring shall blow

Her clarion o’er the dreaming earth, and fill
(Driving sweet buds like flocks to feed in air)
With living hues and odours plain and hill:
Shelly –“Ode to the West Wind”

Hierbij moet worden opgemerkt dat de recente trend naar de presentatie van gedichtenslams en rap, beide meer gericht zijn op het oor dan op het oog, rijm wordt een belangrijk element, daar beide gericht zijn op het oor in plaats van op het oog.

D. De compositorische strategieën van de dichter verschillen dramatisch van die van de tekstschrijver. De overgrote meerderheid van de gedichten, vaste vorm, leeg vers, of het vrije vers, zijn lineaire verplaatsingen, het verplaatsen van idee naar idee, zin naar zin, tot het einde. Behalve in uitzonderlijke gevallen, zoals het rondeel, maakt poëzie in haar compositorische strategie geen gebruik van herhaling van de inhoud. Oudere ballade-achtige poëzie maakt soms gebruik van herhaling, maar let op dat het werd uitgevoerd, en gericht aan het oor in plaats van het oog.

Teksten zijn sterk afhankelijk van herhaalde content, meestal refreinen en coupletten. In de ontwikkeling van ideeën moet de tekstschrijver rekening houden met de herhaalde secties, en in het ideale geval, proberen deze te transformeren of te verdiepen telkens als we de zinnen opnieuw horen. Let op hoe de zin “What’ll I do” gewicht legt in elke sectie als gevolg van de focus. Eerst afstand; tweede, het gevaar van het vinden van een nieuw iemand; en tot slot, de hartverscheurende aankondiging dat de liefde voorbij is:

What’ll I do
When you are far away
And I am blue
What’ll I do?

What’ll I do?
When I am wond’ring who
Is kissing you
What’ll I do?

What’ll I do with just a photograph
To tell my troubles to?

When I’m alone
With only dreams of you
That won’t come true
What’ll I do?
Irving Berlin 

E. Een tekstschrijver heeft een zeer beperkte ruimte om mee te werken. Normale commerciële songs duren maximaal 2 ½ tot 3 minuten, wat deze ruimte dramatisch beperkt. Nog afgezien van de herhaalde refreinen of refreinen, bestaat het gemiddelde commerciële lied uit 12 tot 20 zinnen. Tenzij wordt gewerkt in een vaste vorm (sonnet, terza rima, haiku’s etc), kan het gedicht zo lang als het nodig heeft doorgaan.

F. Liedteksten zijn veel meer afhankelijker van regelmatig ritme dan gedichten, omdat het ritme van een songtekst is verbonden met het muzikale ritme. Het muzikale ritme, omdat het de lengte van een lettergreep kan verlengen, het ritme kan syncoperen ( het verdringen van beats of accenten in (muziek of een ritme), zodat sterke beats zwak worden en vice versa), en kan transformeren van iets wat gesproken heel saai zou zijn naar wat een interessante reis kan worden.

Er zijn nog vele andere verschillen. Dus als iemand zegt dat een liedtekst pure poëzie is, dan wordt waarschijnlijk bedoeld dat de tekst is een frisse, interessante taal is geschreven waarbij beelden en metaforen effectief worden gebruikt. Want dat is iets dat interessante en goede poëzie en liedteksten gemeen hebben.

Pat

Wil je het hele interview met Pat Pattison lezen ga dan naar http://www.writersdigest.com/qp7-migration-books/writing-better-lyrics-interview

 

 

Poëzie in het Park

Stichting Ongehoord! in samenwerking met Weekend van de Cultuur

Op zondag 14 september organiseert de stichting Ongehoord! in samenwerking met de werkgroep Weekend van de Cultuur alweer voor de 4e keer Poëzie in het Park in Maassluis. In het park achter Theater Koningshof zullen tussen 13.00 en ca. 16.00 uur de volgende dichters voordragen: Yvonne Koenderman, Edwin de Voigt, Sanne van Balen, Marieke Rijneveld en Luuk Imhann.

De muziek wordt verzorgd door de Hongaarse singers-songwriters Ágabága en aan het eind van het programma is er een open podium waarop o.a. een onderdeel is met Verborgen Gedichten, vluchtelingendichters uit Palestina, Soedan, Eritrea en Iran. Daarnaast zal er een hommage gebracht worden door een aantal dichters aan de afgelopen november overleden Bosnisch Kroatische Maassluise dichter Pero Senda. Natuurlijk is er voor talentvolle dichters een open podium, hier kun je je op de dag zelf voor opgeven bij de presentator Wouter van Heiningen.

Het adres is Theater Koningshof, Uiverlaan 20, vanaf 12.30 uur. De toegang is gratis.

.

oNGEHOORD

Yvonne

 

Edwin

 

sanne

 

Luuk

 

marieke