Site-archief
Poëzie in 3D
Gedichten in vreemde vormen
.
De Shapeways creator geeft de mogelijkheid om allerlei dingen in 3D te printen. Dus waarom geen poëzie in 3D?
Kimberly Michelle vroeg in 2009 aan haar bloglezers haar liefdesgedichten toe te sturen. Zij heeft van één van deze gedichten een 3D gedicht laten maken in de vorm van een kaars. Hieronder zie je hoe dat er uit ziet.
Lees het hele bericht hier: http://www.kimberlymichelle.com
.
Gedichten op vreemde plekken
Deel 85: Op een stalmuur
.
Vanaf 2009 wordt in het kleine plaats Watou in West Vlaanderen een kunstenfestival georganiseerd.
Kunstenfestival Watou is een internationale kunsttentoonstelling met beeldende kunst, poëzie en literatuur op de snijlijn tussen taal en beeld. Zo valt te lezen op de website van het kunstenfestival http://www.kunstenfestivalwatou.be/ De 2013 editie vindt plaats tussen 6 juli en 1 september.
Vrijwel alle grote namen uit de poëzie zijn in de afgelopen 4 jaar aanwezig geweest bij dit bijzondere festival; van Remco Campert tot Vrouwkje Tuinman van Lucebert tot Rutger Kopland.
In deze traditie werd op een stal van een boerderij in Watou het gedicht ‘Ezel Ambroos’ van Hugo Claus aangebracht.
.
Ezel Ambroos
.
Deze ezel heet Ambroos.
Hij drentelt langs hond en lam.
Tussen zijn saffraangele tanden
zit een halve boterham, ambrosia.
.
Vele meesters reden op zijn rug,
Heer Jezus, Heer Honger, Heer Dood.
Om zijn dagelijks brood
balkt hij: Glorie, gloria.
.
Op de vlucht naar een of ander Egypte
verloor hij onderweg de os, zijn vriend,
met wie hij redeneerde
over de stro, de kribbe, het kind.
.
Soms buigt een vreemde rouw
zijn pluizige kop nog verder naar voren.
De schuwte van de paria
in de wereld waarin ook wij dolen.
.
Waarom duldt hij onze grillen
als de vliegen in zijn wimpers,
de horzels op zijn billen?
Wat is het waarom van zoveel
nederige vrede? Herinnering aan Arcadia?
.
Al is Ambroos al eens duister en duivels
op zijn tijd en stond,
zijn ogen zijn de gewonde ogen
van de eeuwigheid.
.
Uit: De Sporen
(De ezel Ambroos was een gift van dichter Roger de Neef aan Hugo Claus)
Dirk Verbruggen
Via de Liebster award
.
Via een vraag aan één van de genomineerden voor de Liebster award Marceline Peeters (www.Blauwkruikje2.wordpress.com), namelijk welke nog relatief onbekende dichter zou je een oeuvre prijs willen geven?, kwam ik op het spoor van Dirk Verbruggen. Ik kende deze dichter/schrijver niet terwijl hij in Mechelen verantwoordelijk was voor het aanbrengen van een gedicht op een banier op de Minnebroederskerk aldaar. Had zomaar in de rubriek Gedichten op vreemde plekken kunnen komen.
Dirk Verbruggen is niet oud geworden (1951-2009) maar is, zeker voor Mechelen, een belangrijk dichter geweest. Na zijn overlijden werd in COLOMAplus, een scholengemeenschap waar hij leraar was en dat is gevestigd in een oud voormalig klooster, een tentoonstelling aan hem gewijd.
Flarden tekst, woorden – woorden en beelden… Hier is Dirk aanwezig. Tussen de muren met nostalgie behangen, brengen zijn collega’s leerkrachten een hommage aan Dirk.
Op zondagen 6 en 13 mei 2012 stelden zij tentoon voor het publiek in het unieke decor van het leegstaande voormalige kloostergebouw van de Dames de Marie, op de Tervuursesteenweg 14 in Mechelen.
.
De Minnebroederskerk
.
Teksten en woorden in het voormalig kloostergebouw
.
Collage gedicht
Hertha Müller
.
Hertha Müller (1953) is een Duitstalige schrijfster van Roemeense afkomst. Ze stamt uit een etnisch Duitse familie uit het Banaat (een geografische en historische regio in Centraal Europa). Zij studeerde Duits en Roemeense taal- en letterkunde en ontving voor haar werk in 2009 de Nobelprijs voor Literatuur. Omdat ze weigerde met de Securitate samen te werken werd haar werk in Roemenië verboden of ernstig gecensureerd. In 1987 week ze samen met haar partner Richard Wagner uit naar West Duitsland. Daar werkte ze verder aan haar oeuvre dat vooral gaat over het dagelijkse leven in een dictatuur.
Bij het schrijven van haar proza putte de schrijfster tijdens de dictatuur uit woorden die ondanks alles vrijelijk in haar hoofd konden rondzoemen. Vreemd genoeg bedient ze zich voor haar poëzie juist vaak van het gedrukte woord. In Nederland verscheen in 2011 bij uitgeverij De Geus haar bundel ‘De rokkenjager en diens bijdehante tante’.
Uit deze bundel, vertaald door Ria van Hengel, een ‘collage’ gedicht met vertaling.
.
op een keer regende
het melk op het huis
in 3 ploegen kwamen
alle katten drinken
de magere op de arm gedragene de
spitsneuzige die met slim genoegen
de hemel als privébezit in hun kop
droegen de verslagene de begravene
maar tevreden geworden
met de jaren – en overreden met
granaatrode poten waren de bulgaren
verreweg de mooiste van alle katten
in de dakgoten
.
Meer informatie over Hertha Müller is te vinden op de site van Meander: http://meandermagazine.net/wp/2011/06/een-lust-voor-het-lezersoog/
Dada gedicht
Raymond Federman (1928 – 2009)
.
Federman werd in Frankrijk geboren en emigreerde in 1947 naar de Verenigde Staten. Hij studeerde er aan de Columbia universiteit en aan de UCLA, waar hij een doctoraat vergelijkende letterkunde behaalde over Samuel Beckett. Federman was van 1973 tot 1999 verbonden aan de universiteit van Buffalo. Hij beoefende het experimentele genre, dat het traditionele proza tracht af te breken. Deze schrijfstijl is duidelijk zichtbaar in zijn boek Double or Nothing, waarin de lineaire verhaallijn afgebroken wordt en wordt hergebouwd in een bijna onsamenhangend verhaal. Woorden worden dikwijls op bladzijden geschikt om op afbeeldingen te lijken of om zich herhalende thema’s te suggereren. Ook in zijn poëzie maakt hij gebruik van afbrekingen en zijn gedichten zijn dan ook vaak op het eerste gezicht onsamenhangend. In zijn poëzie heeft hij ook veel geëxperimenteerd veelal samen met anderen.
Hier een voorbeeld van een gedicht van hem met de toepasselijke titel The DaDa poem for two face to face.
.
.
Een ander voor beeld van een gedicht van hem is Word-thief
.
WORD-THIEF ex- pelled from mother tongue ex- iled in foreign tongue tongue- less he ex- tracts words from other tongues to ex- act his speech- lessness
.
Meer informatie over en van Raymond Federman kun je vinden op zijn blog en op zijn website:
http://www.federman.com/ en http://raymondfederman.blogspot.nl/
Dertigduizend bezoeken
Gehaald!
.
Op 18 december vroeg ik mij af of ik dit jaar 30.000 pageviews zou kunnen halen in 2012. Dat is gelukt, inmiddels staat de teller op 30.091 en we hebben we nog een paar dagen te gaan. Toen ik in 2007 begon met dit blog had ik werkelijk geen idee hoeveel en door wie dit blog gelezen zou gaan worden. Inmiddels heb ik daar een redelijk goed beeld van.
Een rijtje cijfers van pageviews door de jaren heen:
.
2007: 550 (vanaf oktober)
2008: 11.296
2009: 13.782
2010: 12.225
2011: 13.402 (overgang van web-log naar wordpress)
2012: 30.091 (tot 28 december)
.
Gesterkt door deze mooie cijfers zal ik ook in 2013 schrijven over poëzie in het algemeen, de mooiste gedichten posten, over de uithoeken van de poëzie schrijven, mijn gedichten posten, over vreemde vormen en vreemde plekken schrijven m.b.t. poëzie en jullie proberen te blijven verrassen met bijzondere, mooie en /of ontroerende stukjes.
Voor 2013: Op naar de 40.000!
.
Ver als de horizon ben je
Simon Vinkenoog
.
Na alle inhoudelijke en beschouwende poezie van de laatste dagen is het nu weer eens tijd voor een gedicht. Geen duiding, geen omschrijving, gewoon een fraai gedicht uit 1952 uit de bundel ‘Land zonder nacht’ van één van de vijftigers Simon Vinkenoog (1928 – 2009).
.
Ver als de horizon ben je
.
ver als de horizon ben je
in de glazen kist van het weer geborgen
beukend op de blikken deksels
van het najaar
ik zie de bliksem langs je lichaam trillen
en de regen loopt onrustig door je ogen
.
ik kan de afstand die mij van je scheidt
in lichtjaren tellen
en in de meter van het geluid
zoemen de seconden
.
mijn handen opnieuw in gebruik gesteld
sluiten het onweer in je borsten buiten
.
alleen de regen is thuis
op de platte daken van de nachten
zonder duizelingen
.
Flarf
Ready mades of collages
.
Zoals je in de kunst de techniek van de collage hebt (zie hieronder een bijzonder fraai voorbeeld van I. Vos), zo heb je in de poezie ook iets dergelijks onder de naam Flarf. Een Flarf is een gedicht waarin zoekresultaten van het internet zijn verwerkt. Een Flarf kan helemaal bestaan uit deze teksten of ermee zijn gelardeerd.
Wikipedia geeft de volgende onstaansgeschiedenis van de Flarf:
“Eind 2000 stuurt de Amerikaanse dichter Gary Sullivan een gedicht in naar poetry.com, ‘één van die frauduleuze poëziewedstrijden’, zoals hij de Amerikaanse organisatie noemt. Hij wil hiermee protesteren tegen de onoorbare praktijk van het verlokken van de argeloze dichter tot publicatie van zijn of haar gedichten, door poetry.com uiteraard, tegen buitensporig hoge tarieven. Aangezet door de theorie dat elk gedicht, hoe slecht ook, met het oog op winstbejag per definitie door dit soort organisaties de hemel in wordt geprezen, zendt Sullivan het slechtste gedicht in dat hij kan bedenken. Hieronder volgen de eerste 10 regels van het gedicht ‘Mm-hmm’.
- Yeah, mm-hmm, it’s true
- big birds make
- big doo! I got fire inside
- my “huppa”-chimp(TM)
- gonna be agreessive, greasy aw yeah god
- wanna DOOT! DOOT!
- Pffffffffffffffffffffffffft! Hey!
- oooh yeah baby gonna shake & bake then take
- AWWWWWL your monee, honee (tee hee)
- uggah duggah buggah biggah buggah muggah
Drie weken later ontvangt Sullivan een lovende brief van poetry.com met een aanbieding om, tegen forse betaling, zijn gedichten in een ‘coffee-table quality book’ uit te laten geven met een ‘Arristock leather cover stamped in gold and a satin bookmarker’. Sullivan maakt van dit voorval gewag op een mailinglist en roept andere dichters op om eveneens ‘vreselijke’ gedichten in te sturen naar poetry.com. Enkelen, waaronder K. Silem Mohammed en Drew Gardner reageren positief. Ergens in deze beginperiode valt het betekenisloze woord flarf, dat al snel als benaming wordt opgepikt voor het ‘aanstootgevende, sentimentele en infantiele’ in de vreselijke gedichten. Zo ontstaat er begin 2001 een clubje dichters dat begint te experimenteren met flarf gedichten, waarbij het gebruik van Google als primaire bron van flarfteksten zijn intrede doet. Dit laatste heeft tot gevolg dat flarf steeds vaker wordt aangewend als aanduiding van de wijze waarop de poëzie tot stand komt in plaats van de aanvankelijke betekenis van ‘het infantiele, het domme’.”
In Nederland verscheen de eerste Flarfbundel in 2009 van Ton van ’t Hof getiteld ‘Je komt er wel bovenop’.
Ton van ’t Hof heeft een bijzonder leesbaar en interessant stuk geschreven over Flarfpoezie. Deze tekst werd op 27 april 2007 tijdens een avond in Perdu over Amerikaanse poezie gepresenteerd. De volledige tekst lees je hier: http://decontrabas.typepad.com/de_contrabas/Flarf_lezing.pdf
Gedichten op vreemde plekken
Deel 33: Tunnelgedicht
.
Een gedicht van Stadsdichter Joke van Leeuwen (2009) Alleen te lezen als je er langzaam langs loopt/fietst/rijdt.
De hele tekst staat hieronder.
Ha ga hier, u jij golle jullie gij, door deze gang van lucht in boomse klei,
behaagziek als een brug zijn tunnels niet, de wereld is teruggebracht tot kleine optocht van toevalligheden, een snelle blik in onbekende ogen, een jas waarin hier iemand al eens kwam,
hier kunnen zon en wind niet bij, hier bloeit niets, groeit niets, is het heen of weer binnen de lijntjes blijven, en boven gaat het zoveel kanten op, tien hoog en toch nog uitzichtloos of op de grond iets als de hemel,
en u jij golle jullie gij, al is Sint-Annadorp vergaan, de put in en verdwenen, er waaien oude liedjes rond tielierelarelom die willen zich bewaren tussen getob en tegenzin en opgeraapte grappen,
wat doen de benen hier hun best, er moet weer wat, dat zal wel zijn, iets halen, iets betalen, iets willen, iemand zien misschien, waren de buizen hier als glas, was er dan nu nog wat er was,
diep in de grond verzonken huizen, drie potten met verschaalde lijdzaamheid en zoete bonen, de kraag van een matroos met einders in herinnering en veel vuil spel en slappe touwen,
de grove buiken van gestorven schepen, daarboven vissen die volharden, daarboven alles, maar toch weeral geen fraai ontvangend comité dat staat te zingen van wees welkomtierelierelom,
hoe goed dat u jij golle jullie gij weer boven bent zijn zijt (en dan de grote trom en een refrein).
(richting stad)
Ha ga hier, u jij golle jullie gij, gekomen uit een kromgetrokken droom met overkant, nog zevenhonderd stappen min of meer en daar is ’t stad, een plein, een schilderij, een berg vers fruit, een park dat kan bewaard, een menigte die nieuwe kleren wil,
een taak die languit ligt te wachten, een nacht met ogen open, de properpoetser voor de glans (de koninklijke poort is moeten lopen naar de gillisplaats, daar staat die poort niet echt een poort te zijn, er is wel meer niet wat het is),
terwijl hier u jij jullie golle gij onder de Schelde bent zijn zijt, ligt alles boven als versteend op u jij golle jullie gij te wachten, het wenen op de pauzeknop en niemand raapt nog grappen op, het lachen houdt zich in om dalijk door te gaan,
de stad is stil gaan staan bij wat er wringt en al die Antwerpse geschoeide voeten stokken, even vraagt niemand waar vandaan, een schreeuw blijft aan een dakgoot hangen,
de auto’s wachten voor het rood en even gaat er niemand dood die iemand graag in leven houdt, het brood wordt even niet meer oud, de hoogste bomen weigeren de wind,
een val wordt net op tijd gebroken, de prater zwijgt en vraagt zich af wat hij te zeggen denkt, het water blijft verbaasd in buizen aarzelen, de haast weet niet meer waar naartoe,
maar dan als u jij golle jullie gij weer boven komen komt, boegeert het, botst het, bloeit het, vloekt het, is het toch weer later.
.


















