Site-archief
Liefdesgedicht voor Deborah
Ja rozen
.
Vandaag een speciaal liefdesgedicht van Remco Campert voor zijn vrouw Deborah. In 2002 verscheen in een mooi doosje het kleine maar o zo fijne bundeltje ‘Ja rozen’ de mooiste liefdesgedichten van Remco Campert. In dit bundeltje staan gedichten van Campert die eerder in ‘Dichter’ uit 1995 en ‘Ode aan mijn jas’ uit 1997 verschenen. Een aantal gedichten in dit bundeltje ( en misschien wel allemaal) zijn geschreven voor zijn vrouw Deborah. Een bijzondere vrouw zo blijkt ook uit de podcast die op 1 mei 2020 werd uitgezonden in het radio 1 programma ‘Nooit meer slapen’ met Pieter van der Wielen. Luister hier de podcast: https://www.nporadio1.nl/nooit-meer-slapen/uitzendingen/700625-2020-05-01
.
Voor Deborah
.
Als ik doodga
hoop ik dat je erbij bent
dat ik je aankijk
dat je mij aankijkt
dat ik je hand nog voelen kan.
.
Dan zal ik rustig doodgaan.
Dan hoeft niemand verdrietig te zijn.
Dan ben ik gelukkig.
.
Als vrouwen me niet tegenhouden
Citroengeel
.
De Poëziebus gaat weer rijden en tot die tijd stel ik je aan enkele deelnemers voor die dit jaar meerijden. Vandaag is dat Steff Geelen (Citroengeel). Steff is schrijver en performer, studeerde Antropologie aan de Amsterdam University College en Kunst- en cultuurwetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Steff schrijft poëtisch proza en gedichten waar vaak minstens één dier in verschijnt en droeg voor op o.a. Roots Festival, Radio 1, in de Tolhuistuin en in Het Amsterdam Museum. Daarnaast maakt Steff theater bij Likeminds Factory en maakte Steff van 2016-2018 onderdeel uit van het talentontwikkelingstraject Poetry Circle Nowhere. Steff is organisator en oprichter van Uitgesproken Queer, een platform dat LHBT+ (woord)kunst stimuleert in Utrecht.
.
Als vrouwen mij niet tegenhouden,
val ik in ze, zoals je door iets heen
kan vallen wanneer je weerstand verwacht.
Ik bleef alleen vrijwilliger bij de Regenboog,
omdat iemand me er kind bleef noemen.
Wanneer ik broccoli sneed of vegetarische burgers bakte, er iemand was die zei:
Je doet het toch goed, kind.
Ik werd daar week van.
Zo het hebben van talloze moeders die verschijnen in een moment, vervangen zijn
het volgende.
Als dat echt was,
kon ik er op elk moment een opbellen
of tegenkomen in de supermarkt bij de komkommers.
En dat ze me overal kleinigheden toestoppen: toffee en zuurtjes en meer snoep
zoals vroeger. En dat iedereen
met ongepast advies kwam.
Er iemand was die zei:
Trek die vale sokken uit.
Er zit een gat in je broek.
Kind, kam je haren eens.
Als vrouwen me niet vasthouden, dan vouw ik mezelf door ze heen, verweef me
met hun handen, vraag hen kleren
van me te maken, zodat ik om hun schouders,
rug, over zachte buik hang.
Ik kan het niet laten, ik wil
altijd dichterbij zijn, waar het zacht
is zijn. Ik wil altijd meer terug en meer verder, meer kind en meer moeder zijn
Iets mij laten sussen, wiegen
Iets hebben om te sussen, wiegen.
.








