Telefoonseks

Herman de Coninckzondag

.

In de bundel ‘De gedichten’ van Herman de Coninck staan in het laatste gedeelte de zogenaamde ‘verspreide gedichten’. Gedichten die overal en nog ergens zijn gepubliceerd. Het gedicht dat begint met ‘Telefoonseks’ is gepubliceerd in 1995 in Nu dus.

.

Telefoonseks. Trek je je slipje uit?

Hou je hoorn erbij dat ik het hoor?

Kun je je benen zo opendoen dat ik hoor

dat je nat bent?

.

Je hebt een lange buik, aan weerszijden waarvan

wij aan tafel zitten, jij met je hoofd, ik van tussen

je benen komend met ook een hoofd.

Banket. In je navel zout voor de radijsjes.

.

Mijn verbeelding is zo groot als mijn gemis.

Het zou elkaar kunnen vullen. Zoiets als een glas

waarvan je drinkt en dat even vol blijft.

Het staat op een lege tafel

op een schilderij in een leeg huis.

.

telefoonseks

 

Afscheid

Adriaan Morriën

.

Adriaan Morriën (1912-2002) was dichter, essayist, vertaler en criticus. In 1935 debuteerde hij met een gedicht in het, door Menno ter Braak, E. du Perron en Marice Roelants opgerichte, tijdschrift Forum.

Morriën was een bijzonder man binnen de letteren. Zo schreef hij vertalingen, literaire beschouwingen en recensies voor onder andere Het Parool en werkte hij bij het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam. Maar hij was ook betrokken bij de oprichting van het Fonds voor de Letteren en werkzaam als redacteur van een aantal literaire tijdschriften waaronder Tirade. Daarnaast was hij adviseur van de uitgeverijen van Oorschot en De Bezige Bij.

Maar hij was ook dichter. Tijdens zijn leven publiceerde hij meer dan 15 poëziebundels waaronder zijn ‘Verzamelde gedichten’ in 1994 waaruit het volgende gedicht afkomstig is.

.

Afscheid

.

Zul je voorzichtig zijn?

.

Ik weet wel dat je maar een boodschap doet

hier om de hoek

en dat je niet gekleed bent voor een lange reis

.

je kus is licht

je blik gerust

en vredig zijn je hand en voet

.

Maar achter deze hoek

een werelddeel

achter dit ogenblik

een zee van tijd

.

Zul je voorzichtig zijn?

.

AM

Met dank aan het ANP Historisch Archief

Duingedicht

Tussen Scheveningen en Kijkduin

.

Ik woon vlak bij Scheveningen en al wandelend door de duinen tussen Scheveningen en Kijkduin kwam ik dit bouwwerk tegen. Of het een functie heeft en welke dat dan is weet ik nog steeds niet. Volgens mij is het er vooral neergezet om de fietsenstalling ‘smoel’ te geven maar het gedicht op de ronde betonnen wand mag er zijn. En het past mooi in de categorieën Gedichten op vreemde plekken en Gedichten in de openbare ruimte.

.

Terugkeer naar het stille strand

bijzaken verwaaien

.

Zee golft door in duinen

branding ruist in de kruinen

.

Hier is ruimte

om lief te hebben

.

IMG_1378

Poëzie uit Estland

Indrek Mesikepp

.

Op http://www.wordswithoutborders.org/ kwam ik een mooi gedicht tegen van de Estlandse dichter Indrek Mesikepp (1970) in vertaling van de Noord Ierse Miriam McIlfatrick getiteld ‘I wish there was a god’.

Mesikepp is in Estland een bekend dichter, hij heeft 5 bundels gepubliceerd en hij ontving in 2004  the Estonian Cultural Endowment’s Award voor poëzie. Zijn werk is o.a. vertaald in het Russisch, Fins, Bulgaars en Zweeds en hij is naast dichter sinds 2000 editor van het literaire magazine ‘Looming’ en Rock DJ.

Miriam McIlfatrick woont sinds 1991 in Estland. Veel van haar tijd besteedt ze aan het vertalen van poëzie uit Estland voor performances over de hele wereld. Haar vertalingen verschenen in vele journals en magazines. Eigen werk verscheen in vertaling in Estland.

.

[ I wish there was a god] 

I wish there was a god
who would see to it
that we
who work in Finland as bus drivers
small-town hairdressers
overwrought nurses
rock band roadies
liquor store assistants
dressmakers and decorators
would never know
the persistence of power freaks
the attention of moneylenders
the support of legal experts
that we would be spared
the taunts of rich folks’ kids

that those
who are paid for their words
would never learn our names

that our private lives
and our private parts
would not be touched by the art lot
who would like to connect with us
collect ideas and experience
for their books
films and stage lives

I wish there was a god
who would preserve us
from interesting people
I wish there was the sort of god
who would preserve us from a god
we invent for ourselves
to protect us from all of them
and from selecting someone
from among ourselves
who would not let us become
religious fanatics or fascists
that he would give us peace
dull workday peace

there is no god of that sort

.

Mesikepp

Miriam

Allerheiligen, bezeten woorden

Levenslang lezen

.

Enige tijd geleden kreeg ik de vraag of ik een toepasselijk gedicht had of wilde schrijven voor de bundel ‘Allerheiligen, bezeten woorden’ met als thema de vergankelijkheid, het mysterie en de kracht van het leven. Nogal vaag misschien maar als je de bundel leest ben je er snel achter dat het hier gaat om een combinatie Halloween, Edgar Allen Poe, Dracula, vampiers en griezelen. Eem echte bundel voor jeugd en jongeren dus.

Zelf sta ik er met het gedicht ‘Levenslang lezen’ waar ik Dracula laat leven op het lezen van boeken. Het gedicht kun je lezen op dit blog, kijk hiervoor bij 30 december 2014.

Daarom uit deze bundel een gedicht van een collega dichter Mattie Goedegebuur met de titel ‘Takkewijf’.

.

Takkewijf

.

mijn haren waaien

als een bos sprokkelhout

terwijl ik omzichtig

onzichtbaar voor

witte wieven

hen beloer

als zij uitgaan

uit versgestorvenen

en rondspieden

naar onbedachten

als vers aanstaand lijk

.

heimdall

Verzetsgedichten

Garmt Stuiveling

.

Ik kreeg de bundel ‘Bij Nederlands bevrijding’ van Garmt Stuiveling in handen met houtgravures van Jan Th. Giessen. Het betreft hier een uitgave van vlak na de oorlog met gedichten die in de jaren 1941 tot 1945 zijn geschreven. In drie hoofdstukken: Tijdens de bezetting, In memoriam en Bij Nederlands bevrijding.

De bundel is na de bevrijding gepubliceerd en uitgegeven door W.G. Breughel te ‘s-Graveland in een oplage van 4900 stuks. Hieronder het eerste gedicht uit de bundel getiteld ‘Vorstenverrader en verradersvorst’.

De hele bundel is on-line te lezen via het geheugen van Nederland op http://www.geheugenvannederland.nl/ en dan zoeken op Garmt Stuiveling.

.

Verzetsgedicht

2015-09-13 16.00.04

Avond

Julian Przyboś

.

Julian Przyboś (1901 – 1970) was een Pools dichter, essayist en vertaler. Hij werkte als docent, in de bibliotheek van Lvov, als samensteller van literaire werken, als diplomaat in Zwitserland en als directeur van de bibliotheek Jagillonian in Krakow en als vice-president van de PEN club.

Zijn eerste gedichten in de jaren twintig kenmerken zich door de invloed van de theorie van Peiper. Daarin schuilt de fascinatie voor de bewuste poging om een creatieve tekst te maken. De dichters zien zichzelf als ambachtslieden. De gedichten gaan ook vaak over het creatieve proces die een metafoor lijkt voor het werk van de dichter. In de gedichten van Przyboś in deze periode komt ook zijn fascinatie met techniek naar voren die zich manifesteert in het gebruik van conventionele wetenschappelijke taal.

In de jaren dertig worden zijn gedichten meer reflectief en realiseert hij het idee van de avant-gardistische poëtica. Zijn gedichten worden dan gekenmerkt door discipline in woord en beeld. Hij is dan een meester in het gebruik en het stapelen van metaforen. Later nog komen steeds meer autobiografische motieven voor in zijn poëzie zoals het leven op de boerderij.

Uit de bundel ‘Bittere oogst’ vertaald door Gerard Rasch en uitgegeven door de Bezige Bij in 2000 het gedicht ‘Avond’.

.

Avond

.

Dezelfde sterren

fluisterden de avond als een ontboezeming.

.

De lantaarns kwamen uit de donkere poorten op straat

en hielden in de lucht stil halt.

.

De schemer transformeert de ruimten zachtjes.

.

De tuinen hebben hun bomen verlaten,

de grijze huisjes aan de rivier zijn weggedreven.

.

In lage oevers tussen Elzen stroomt verdriet.

.

Alleen de horizon nog buigt de hemel open

met de maan

en de weg leidt lang in de herinnering.

.

En jouw handen zaaien tussen ons een ver verschiet.

.

JP

evening

Dag van rouw

Zondag

.

Op deze dag van rouw een gedicht van Herman de Coninck dat hier naadloos op aansluit.

.

Waar gaan de dingen gebeuren

als ze hier zijn afgelopen?

.

Waarheen gaan nevelscheuren

die hier alles hebben open-

.

gelaten? Waar gaat sneeuw sneeuwen,

geen enkele vlok verloren leggend

.

om alles zo te laten?

Waar blijven woorden, niets meer zeggend

.

over jouw eindelijk

gelaten gezicht?

.

Hoe wordt je halfopen mond

gedicht?

.

snow

Annemieke Schwengle – van Heiningen

29 juni 1972 – 10 oktober 2015

.

 

Voor Annemieke

 

Mijn lieve kleine, lieve

kleinste, jongste, blondste

liefste zusje

 

Je knuistje, je bolle wangen

mijn vinger in je kleine

vuistje, grijp je vast

 

de wereld komt in stormen

vlagen wind en donkere

luchten en regen die reinigt

 

kinderen brengen je stof

tot nadenken, schenken je

onvoorwaardelijk lief en leed

 

leven overkomt je,

overstroomt je en leidt je

naar waar je bestemming ligt

 

waar jij bent doven nimmer

vlammen,  in ons hart dat van

jouw bestaan af weet

 

IMG_1369

 

Monotetra

Versvormen

.

Een interessante versvorm is de monotetra. De monotetra is ontwikkeld door Michael Walker en zoals de naam al doet vermoeden (het Griekse getal 4 heet Tetra) betreft het hier een versvorm waarbij elke strofe (het aantal is onbeperkt) een vierregelig rijmschema heeft. aaaa bbbb enzovoorts.

Het metrum is vierjambig, in de laatste regel treedt een tweevoetige herhaling op die een versterkend weemoedig effect kan hebben (Ach, nimmermeer, ach, nimmermeer) of als ander versterkend middel kan dienen.

Hieronder een mooi voorbeeld van een monotetra van Bas Boekelo getiteld ‘De nieuwe order’.

.

De nieuwe order
 
De hele ploeg stond op kantoor
De nieuwe order was erdoor
Men at gebak en riep in koor
We gaan ervoor! We gaan ervoor!
De baas werd enthousiast begroet
Hij bloosde haast onder zijn hoed
Er was weer werk in overvloed
Het gaat ons goed! Het gaat ons goed!

Men ging met ijver aan de slag
Getooid met kakenbrede lach
Het was een schitterende dag
Steek uit de vlag! Steek uit de vlag!

Er werd gewerkt in menigvoud
Gestaag en zonder oponthoud
Plots bleek een kapitale fout
‘Dat kost ons goud! Dat kost ons goud!’

De baas ‘wist nergens iets van af ’
Dat gold vanzelf ook voor de staf
De chefs verdwenen in een draf
Wie kreeg de straf! Wie kreeg de straf!

Er kwam een sukkel op hun pad
Die er geen werk aan had gehad
Hij kreeg een schop onder zijn gat
Zo doe je dat! Zo doe je dat!

.
tetra