Site-archief
Copyrettes
Menno Wigman
.
Van Menno Wigman vandaag het gedicht ‘Tot besluit’. Twee weken geleden kwam ik in een copyrette (nou ja een copyshop maar what’s in a name) toen ik aan dit gedicht moest denken.
.
Tot besluit
.
Ik ken de droefenis van copyrettes,
van holle mannen met vergeelde kranten,
bebrilde moeders met verhuisberichten,
de geur van briefpapieren, bankafschriften,
belastingformulieren, huurcontracten,
die inkt van niks die zegt dat we bestaan.
En ik zag Vinexwijken, pril en doods,
waar mensen roemloos mensen willen lijken,
de straat haast vlekkeloos een straat nabootst.
Wie kopiëren ze? Wie kopieer
ikzelf? Vader, moeder, wereld, dna,
daar sta je met je stralend eigen naam,
je hoofd vol snugger afgekeken hoop
op rust, promotie, kroost en bankbiljetten.
En ik, die keffend in mijn canto’s woon,
had ik maar iets nieuws, iets nieuws te zeggen.
Licht. Hemel. Liefde. Ziekte. Dood.
Ik ken de droefenis van copyrettes.
.
Uit: Dit is mijn dag, 2004 (Prometheus)
Last
Leonard Nolens
.
Leonard Nolens (1947) is één van de belangrijkste levende dichters uit Vlaanderen. Nolens is een romanticus, schrijft vaak over de liefde en over manieren om aan de identiteit te ontsnappen. Hij publiceerde sinds zijn debuut in 1969 (Orpheushanden) meer dan 20 dichtbundels en een groot aantal dagboeken. Leonard Nolens won vele Vlaamse en Nederlandse poëzieprijzen.
In 2004 werd ‘Laat alle deuren op een kier’ gepubliceerd bij uitgeverij Querido. Ruim 800 pagina’s poëzie, een dik verzameld werk met gedichten uit zijn werk tot dan toe. Uit deze mooie uitgave het gedicht ‘Last’ uit de bundel ‘Geboortebewijs’ uit 1988.
.
Last
.
De blootgewoelde uren liggen wakker.
De splinternieuwe dag is geen gezicht –
Een blinde middag vol intieme nederlagen,
Een avond die verdwaalt en niet de straat op durft.
.
De nacht is doof, een blauwe pot vol sterren,
Een holle bol waarin een lichtjaar circuleert
Van dagen zonder nummer, weken waken, maanden
Zonder je lippen en namen en handen van ons.
.
Kom maar gauw, ik heb me morgen nodig.
Je bent het raadselboek waarin mijn leven past.
Wat word je zwaar, ik kan je niet meer dragen.
Kom maar. Kom maar gauw. En haal je van mij af.
.
Stropdas
Peter W.J. Brouwers
.
Peter W.J. Brouwers herinner ik me nog goed van zijn voordracht bij het Ongehoord! poëziepodium in 2011. In november van dat jaar stond hij o.a. samen met Elfie Tromp en Floor Cornelisse (Upperfloor) op het podium. Sindsdien is zijn ster rijzende.
In datzelfde jaar kwam zijn landelijke debuutbundel ‘Landdieren’ uit. Peter treedt regelmatig op, publiceert gedichten op internet en in magazines en tijdschriften. Ook heeft hij een aantal poëziewedstrijden gewonnen. Hij is als jurylid verbonden aan de jaarlijkse Guido Wulmsprijs (B) en is redactielid van het literaire tijdschrift Ambrozijn.
Samen met t.v. maker Michael Abspoel werkt hij aan een theaterprogramma rondom Jacques Brel. Op zijn website http://www.peter-brouwer.com/ staan naast bio- en bibliografische gegevens, recensies, foto’s, gedichten en filmpjes.
.
Stropdas
Toen hij gestorven
en zwaar in zijn indigoblauwe
pak gehesen was
en hem
zijn sokken en zijn schoenen
weer waren aangedaan
moest hij nog een stropdas om,
die zou jij zoon
voor hem wel knopen.
Maar terwijl hij en zijn dode ik
nog enkele woorden met
jouw gedachten wisselden
zakte de knoop steeds dieper
en stroomde de das door
je handen weg.
En je schaamde je,
groot en verdrietig geworden
boven het lege laken.
Later doe je het
je zoon voor,
hoe een das te knopen.
Wanneer hij ergens in de nacht
danst en lacht,
lig jij met zijn moeder in bed
en wacht.
Denkend aan het pak en zijn postuur
leg je knopen in het behang
en kijkt bij tijd en wijlen op de klok
en neuriet,
totdat hij komt.
.
De echo
Anna Achmatova (1889 – 1966)
.
Dichteres Anna Achmatova is één van de bekendste vrouwelijke dichters uit Rusland. De belangrijkste thema’s van haar werk zijn de liefde en het dichterschap. Haar werk wordt bovendien gekenmerkt door melancholie en teleurstelling, bijvoorbeeld over de tragedie die de revolutie van 1917 in haar land heeft veroorzaakt. Na de tweede wereldoorlog had Achmatova veel last van de officiële communistische kritiek. Ze werd in 1946 uit de Unie van Schrijvers gezet. Ze hield zich hierna in leven door vertaalwerk te doen. Pas na 1956 kreeg ze de mogelijkheid om weer te publiceren. Aan het einde van haar leven ontvang ze onder andere het eredoctoraat van de Universiteit van Oxford. In diezelfde periode verscheen ook haar laatste grote werk ‘Epos zonder held’.
Uit ‘Spiegel van de Russische poëzie’ het gedicht ‘De Echo’.
.
De echo
.
Het verleden is al lang geleden
Wat zou ik erin vinden bovendien?
Grafzerken waarop bloed is vergoten,
Deuren met beton gedicht, misschien
Nog de echo die terug blijft komen
Hoezeer ik hem ook om stilte vraag…
Hem is weer hetzelfde overkomen
Als de ander, die ik in mij draag.
.
Programma Ongehoord! zondag 6 april
Morgen is het weer zover
.
Op zondag 6 april (morgen) is er weer een gevarieerd podium van de Stichting Ongehoord!. In samenwerking met de bibliotheek Rotterdam zet Ongehoord! een podium neer in het kader van de maand van de filosofie.
Dus zet je denkbril op en bezoek dit zeer gevarieerde podium. Wie zijn er te zien en te beluisteren?
.
Iris Penning: Singersongwriter/Dichter (1993)
“Je wordt niet oud en wijs als je niet jong en dwaas bent geweest”.
.Gideon Roggeveen (1984)
is theatermaker, columnist, dichter en tekstschrijver. Hij schrijft over het dagelijks leven al zit dat ook vaak helemaal alleen in zijn hoofd.
.
.
Daan Zeijen (21 jaar)
woont in Utrecht waar hij humanistiek studeert. Daan heeft opgetreden bij diverse slams (dit jaar o.m. publieksprijzen bij Bellum Poetica en Festina Lente (voorronde) en een gewonnen voorronde bij de Rhythm & Poetry slam in Delft) en andere evenementen (o.m. Museumnacht in Amsterdam, Literaire Manifestatie in Den Bosch, Dichter bij de Bar in Delft). Hij heeft een voorliefde voor (Noord-Amerikaanse) slam poets en hip-hop. Oh, en dit wordt zijn eerste optreden in Rotterdam!
.
Vrouw Holle
Tjitske Jansen
.
Tjitske Jansen (1971) studeerde cum laude af in Beeldende kunst en Theater, aan de Hogeschool voor de kunsten in Arnhem. Voordat ze begon te dichten was ze onder meer werkzaam als koopvrouw op de markt, kokshulp, serveerster en administratief medewerker. In 2003 brak ze door als dichter met haar debuutbundel ‘Het moest maar eens gaan sneeuwen’ waarvan er meer dan 10.000 werden verkocht.
.
Haar stijl kenmerkt zich door een eenvoudig taalgebruik, waar veel referenties aan de kinderwereld in voorkomen, vaak gepaard met laconieke humor (zelf gaf Tjitske Jansen ooit aan de gedichten die ze schrijft kinderlijk of puberaal te vinden) Ook een hoofdfiguur uit een sprookje die zich aan zijn/haar rol houdt maar in het gedicht een andere kant krijgt. Bijvoorbeeld Vrouw Holle (zie hieronder) die verliefd wordt. Ze snijdt echter wel de grote thema’s als liefde, dood en verbondenheid aan in haar werk.
.
Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Vrouw Holle’ speciaal voor Lune.
.
Vrouw Holle
Ik kijk liever naar de maan
dan naar de mens.
De mens,
ik word er zó moe van.
Dat roepende, smekende,
lachende, verlangende,
niet wetende,
willen wetende
ik hou van jou zeggende,
of denkende,
op schoenen
of op eelt lopende,
van de een naar de ander rennende,
met sieraden en muziek beklede mens.
Ik kijk liever naar de maan
die altijd hetzelfde is:
onverschillig.
trouw.
De maan heeft geen woorden nodig
om te zeggen:
ik ben er
en morgennacht ben ik er weer
Misschien zit er een wolk voor,
misschien zie je me niet omdat je binnen bent,
omdat je binnen naar dwaze liedjes ligt te luisteren
of omdat er tranen voor je ogen zitten,
tranen omdat je denkt dat je alleen bent,
maar je bent niet alleen,
want ik ben er,
en gisteren was ik er ook,
en morgen ben ik er weer.
.
Heimwee naar vakantie
Uit mijn boekenkast: Robert Anker
.
Vandaag uit de dikke bundel ‘Nieuwe veters, verzamelde gedichten 1979 – 2006’ het gedicht ‘Heimwee naar vakantie’. Met het prachtige weer dat ons vandaag staat te wachten en ons gisteren al heeft verwend moest ik vandaag wel een berichten posten met een link naar de vakantie.
.
Heimwee naar vakantie
.
Stille hitte trilt het middaguur
uit de voegen van het blinde stadje
op zijn rots ketst het witste licht
je oog in en geen mens te zien maar oh
dat ben jij de mens en nu moet jij
weerstaan het wellen van de stilte uit
het vlieden van de velden daarin Nergens
nu het groot ontzinnend aangaan
van een krekel naast je hoofd het slepend
aangetrokken vliegwiel in je hoofd nu
Nergens trilt naar binnen waar jij was naar buiten.
.
Jan Maria de Willebois
Vandaag 90 jaar
.
Van José Boersma kreeg ik drie dichtbundels te lezen van de, mij onbekende, dichter Jan Maria de Willebois. Deze dichter wordt vandaag 90 jaar dus ik had een goede reden om juist vandaag iets over zijn werk te schrijven.
De drie bundeltjes met de titels ‘een bloem van licht’, ‘Maar voort gaan, hoog, de reigers’ en Waar stille snaren spannen tot een harpbegin’ zijn alle drie uitgegeven bij Memini in respectievelijk 1998, 1996 en 2003.
Op de achterkant van de drie mooi uitgegeven bundels een kort stukje over de dichter.
Jan Maria de Willebois is geboren in 1924 te Hintham, studeerde sociale wetenschappen, is gehuwd met Lysbeth van der Does de Willebois-Bruining (die de illustraties verzorgde voor de bundels) en heeft twee zonen (aan wie de tweede bundel is opgedragen). Omstreeks zijn 23ste jaar begon hij , in gesprek met zichzelf, spontaan gedichten te schrijven. Heel veel later besloot hij tot publiceren (1996).
.
De poëzie van de Willebois is heel herkenbaar in vorm. De meeste van zijn gedichten bestaan uit gedichten van 4 strofen met twee strofen van 4 regels en twee strofen van 3 regels met als rijmschema abab cdcd efe ghg.
De onderwerpen zijn veelal de zoektocht naar zichzelf, de ander en de dimensies van het leven. Sommige zouden zijn poëzie wat ouderwets noemen maar dat hoeft zeker geen negatieve connotatie te zijn. Hier spreekt een man die het leven niet voor als van zelf sprekend aanneemt, een man die vragen stelt en op zoek naar de antwoorden deze soms wel, soms niet vindt. Voor de liefhebbers van rijmende poëzie zeker een aanrader, juist omdat steeds heel mooi in ritme wordt gedicht, muzikaal en met gebruikmaking van ‘mooie woorden’.
Uit de bundel ‘Maar voort gaan, hoog, de reigers’ het gedicht ‘Elevatie’.
.
Elevatie
.
“L ‘arbre, ce prêtre qui loue, transsubstantie…’ (anoniem, 14 eeuw)
.
Hoog ben ik, als alle bomen.
Adem mijn top
de hemel, waar de winden komen
in en neem ze op.
.
en leid ze naar de stille vaten
van mijn wortelnet
in alle dingen, – doen en laten,
kiezen en verzet:
.
de geestdrift zelf te verwerken,
breken tot bestaan
in vruchten om wat leeft te sterken:
.
de zon bied ik ze aan.
Ik kan niet meer dan ik kan leven.
En meer dan dat kan ik niet geven.
.
Dit hier
Esther Jansma
.
Van Esther Jansma uit haar bundel ‘Hier is de tijd’ uit 1998 het gedicht ‘Dit hier’.
.
Dit hier
Je loopt op het strand: de zee, de einder,
het geluid dat de kom van de wereld
tot de rand toe vult – nee, kleiner.
Je zet je schoenen in het zand: koeienhuid,
geërodeerde bergen, het een laat
een afdruk na in het ander – nee, anders.
Je bent ergens, het doet er niet toe
waar, altijd aan een rand, dit keer tussen
land en water, het gaat over nu – nee
je ligt op je buik. Zand zingt zich voort
zoals water, geribd. Je kiest de kleinste rib.
Berg. Je kiest de kleinste korrel. Aarde.
.

















