Site-archief

Voskuil

Dichters op de begraafplaats

.

Gistermiddag was er op begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag een bijeenkomst van dichters, georganiseerd door Dichter bij de Dood,  die een gedicht hadden geschreven (en daar voordroegen) over de, in Den Haag geboren, schrijver J.J. Voskuil (1926-2008) naar aanleiding van zijn honderdste geboortedag (1 juli). Het eerste aardige weetje dat ik tegenkwam over J.J. Voskuil was dat hij ooit debuteerde met een gedicht. Het titelloze gedicht met de beginregel ‘Als ik groot ben’ werd door Voskuil kennelijk tijdens zijn studie geschreven.

In ‘Bij nader inzienstaat beschreven hoe Maarten Koning het aan Chris van Heel schenkt, die het wil opnemen in een bundel met bijlage ‘anonieme poëzie van het volk’. Chris van Geel (1917-1974) publiceerde het uiteindelijk in 1963 in het tijdschrift Barbarber, met vermelding van Voskuils naam. Het gedicht werd opnieuw gepubliceerd in Van Geels bundel ‘Dank aan de koekoek’ (1980) en is opgenomen in Van Geels ‘Verzamelde Gedichten’.

-Als ik groot ben
als ik groot ben
wil ik kousen
weet je van die hele blote
strak getrokken om m’n poten
-kousen, kousen, gekke kind
zorg maar eerst eens voor een vrind
zo maar kousen is zo zonde
.
Ook ik ben gevraagd door de organisator van de bijeenkomst over Voskuil een gedicht te schrijven. Dat heb ik uiteraard gedaan en dat gedicht is getiteld  ‘Daarbuiten’ .
.

Daarbuiten

 

De zon scheen net als de dag ervoor, de bomen en de koppen

als altijd naar buiten gericht, er was geen aanleiding voor een

 

gesprek. Wel vragen, altijd vragen en verwijten en verwachtingen.

Onuitgesproken, onder de huid etterend, een samenleving binnen

 

schijnbaar beschermende muren. Een dag was pas een dag bij het uit-

klokken, bij het fietsenhok, de fijne avond die plichtmatig, speels verveeld

 

uit bekende monden klonk. Daarbuiten lag een wereld te ontdekken, tot

een moment van wekken; 07.00 uur, op weg  naar opnieuw een opstelling,

 

een trekken en duwen, vriendschappelijk toneel, gedwongen enthousiasme,

terwijl daarbuiten de bomen meewarig de kruinen schudden. Het licht

 

in dunne strepen op de vloer. Tot een lamellengordijn ook die rust

verstoort en de aandacht verlegd naar de onrust van tot elkaar verhouden.

.

 

Eerst de hoeve, dan het hart

Nederlandse boerderijen in verhalen, gedichten en foto’s

.

Poëzie komt in vele vormen, dat schreef ik al vele malen. Poëziebundels vormen daarop geen uitzondering. Buiten de bundels van dichters zijn er vele bloemlezingen en themabundels uitgegeven. Daarnaast zijn er boeken en bundels die een mengeling bieden van poëzie en andere kunstvormen.

Het boek ‘Eerst de hoeve, dan het hart’ onder redactie van Arie van den Berg uit 2000 is zo’n boek. Aan de hand van verhalen en gedichten van Nederlandse schrijvers en dichters wordt een beeld geschetst van een aantal boerderijen uit vele hoeken van Nederland. Elke boerderij is daarbij in de vorm van een foto vertegenwoordigd om het beeld compleet te maken.

Bekende Nederlandse schrijvers en dichters als Maarten ’t Hart, J.J. Voskuil;, Robert Anker, Carla Boogaards en Rutger Kopland beschreven speciaal voor dit boek boerderijen maar er staan ook bijdragen in die er al waren maar goed bij het thema pasten. Het boek is verschenen ter gelegenheid van het veertigjarig jubileum van de Stichting Historisch Boerderij-Onderzoek (SHBO), in literaire kring beter bekend als ‘De Boerenhuisclub’ uit de romancyclus ‘Het Bureau’ van J.J. Voskuil.

Ik heb, uiteraard, voor een poëtische bijdrage gekozen en wel van Karel Eykman met het gedicht ‘Verzuchting van de slome koe’.

.

Verzuchting van de slome koe

.De

waarom ik droevig kijk

dat moet je mij niet vragen

dat is niet anders.

.

niet dat ik ermee zit

je zal mijn niet horen klagen

er zit niks anders op.

.

het gaat zoals het gaat

daar begin je toch niets tegen

daar zit ik heus niet mee.

.

wat kijk je me dan nog aan

ik kijk niet terug, kan mij wat schelen

ik kijk wel voor me uit.

.

als je het niet te erg vindt

ga ik door waar ik was gebleven

wat was dat ook alweer?

.

juist ja, gras.

.

cow

hoeve