Site-archief
Feniks
Nieuwe stadsdichter
.
Afgelopen donderdag mocht ik, voor de zesde keer alweer, juryvoorzitter zijn van de stadsdichtersverkiezing in Maassluis. Cedric Muchal had de afgelopen twee jaar het stadsdichterschap op geheel eigen wijze voortreffelijk ingevuld en nu waren we alweer twee jaar verder en tijd voor een nieuwe stadsdichter. In Maassluis worden deze verkiezingen georganiseerd door poëziepodium Woordkunst en is er vrije inschrijving. Het is dus altijd maar afwachten hoeveel dichters en wie zich inschrijft. Dit keer waren er drie inschrijvingen: Patricia, Levi en Naomi.
De jury bestond uit de nieuwe wethouder van Cultuur Jurre van de Merwe, voorzitter van Literair de Lier en dichter Jeroen den Harder en ikzelf dus. Het was een mooie avond waar alle stadsdichters die vanaf 2016 deze titel invulling mochten geven, aanwezig waren. De drie kandidaten waren heel verschillend maar hun presentaties waren er niet minder om. De band met de stad was bij alle drie heel goed aanwezig en waar de een meer prozaïsche poëzie bracht en de andere zich juist heel erg richtte op de ervaringen in de stad was er ook een dichter die op de onderdelen Maassluis, gedichten, presentatie en gebruik van poëtische stijlmiddelen alle drie goed scoorde.
Uiteindelijk besloot de jury dat Naomi Jansen de nieuwe stadsdichter van Maassluis 2027-2028 wordt. Naomi (1995) is kunstenaar en docent kunst. Voor een nieuwe dichter (ze droeg op deze avond voor het eerst voor) beschikt zij over de gereedschappen die het stadsdichterschap invulling kan geven op een manier die, aan de ene kant aansluit bij de activiteiten en ontwikkelingen in de stad en aan de andere kant, dit poëtisch kan verwoorden op een heldere en interessante manier.
Als stadsgedicht (de deelnemers wordt gevraagd een stadsgedicht en een vrij gedicht in te sturen bij deelname) stuurde zij het gedicht ‘Feniks’ mee. Een gedicht over de Oude Vliet, een complex met seniorenwoningen die is afgebroken voor nieuwbouw. Ik wens de nieuwe stadsdichter heel veel succes toe en ben benieuwd naar meer van haar werk.
.
Feniks (over De Oude Vliet)
.
Ik heb ijzer in mijn aderen, roest in mijn spieren.
Ik heb blauwe plekken van de slopende kogels.
Ik voel pijn, als ze mijn aderen uit mij trekken.
Ik hoor geknars van steen.
Ik zie delen van mezelf verspreid liggen.
Het is puin, of hoop?
Ik zie mezelf niet meer.
Als gruis voor de zon.
Het enige wat ik nu nog ben, is as.
Het as waaruit nieuw leven zal voortvloeien.
.
Naomi en Cedric
Nieuwe stadsdichter
Cedric Muchal
.
Afgelopen woensdag mocht ik alweer voor de vijfde keer in successie plaats nemen in de jury (als voorzitter) van de verkiezing stadsdichter Maassluis. Elke twee jaar wordt door een onafhankelijke organisatie en los van het gemeentebestuur een stadsdichter gekozen op basis van aanmeldingen. Dit keer deden 5 aspirant stadsdichters mee. Dat lijkt niet veel maar er is een jaar geweest met maar twee aanmeldingen waar toen ook nog op het laatste moment een dichter afhaakte.
De huidige stadsdichter Marleen Opschoor gaf nog eenmaal acte de présence en de deelnemende dichters droegen een stadsgedicht voor en een vrij gedicht dat ze schreven. De keuze was dit jaar niet makkelijk, de kwaliteit onder de deelnemende dichters was goed en dan komt het aan op de soms kleine verschillen. In dit geval gaf het spelen met de taal, de muzikaliteit en de voordracht de doorslag (in totaal gaf de jury op acht verschillende aspecten punten). De andere juryleden waren Jeroen den Harder (organisator van o.a. Literair de Lier) en wethouder Denise Mulder-Sonneveld.
De nieuwe stadsdichter van Maassluis is Cedric Muchal geworden. In Maassluis geen onbekende maar als dichter een nieuwe naam. Het gedicht dat hij als stadsgedicht schreef ‘Hard water’ deel ik hieronder met jullie. Een gedicht over dat deel van de Waterweg (het Scheur) waar Maassluis aan grenst.
.
Hard water
Schreiend
langs de keienrij
Een zwaan, een hond
een enk’le bij
Scheurend hart, verlicht aldaar
Een mens, een fiets, een zweveraar
De neus omhoog,
de kin opzij
Het zicht op lucht,
langszij de brei
Scheurend hard verlicht het daar
Een ren, een zit, een wandelaar
Een klaproos bloeit
en kijkt geboeid
naar een schip
dat een scheur
in nieuw water
wegroeit.
Het donker nat, het golvend zwaar
Maassluis de stad, verlicht aldaar
Het Scheur is thuis
waar leven stoeit
Dagelijks nacht
maar zonneklaar.
.
Cedric Muchal en Marleen Opschoor
Poëziepodia
Voordragen
.
Toen in 2007 mijn debuutbundel werd gepubliceerd bij uitgeverij de Brouwerij, stelde mijn uitgever voor dat ik mijn poëzie zou voordragen op een poëziepodium in Brielle. Dit kleinschalige podium werd georganiseerd in een café met de prozaïsche naam ‘De kont van het paard’. Ik wist niet precies wat ik me moest voorstellen bij een poëziepodium maar daar aangekomen voelde ik me al snel op mijn gemak. De organisatoren vertelde me waar in het programma ik mocht voordragen, hoe lang ik had voor mijn voordracht en ik kreeg een paar consumptiebonnen.
En meer heb je als beginnend dichter ook eigenlijk niet nodig. Een kleinschalig podium met andere dichters (waarvan sommige ook beginnend maar de meeste vaak al ervaring hebben. En juist door het contact met die andere dichters, met het publiek, met de organisatoren leer je hoe een poëziepodium werkt, leer je welke gedichten goed en minder goed werken en leer je dat het om de poëzie draait (nog te vaak zie ik dichters die een gedicht met een heel verhaal inleiden waardoor de aandacht niet zozeer meer op het gedicht ligt en waardoor je minder gedichten kan voordragen (de tijd is meestal beperkt tussen de 5 en 10 minuten.
Reden waarom ik nog steeds graag poëziepodia bezoek (om te luisteren en om voor te dragen) is de ontdekkingstocht naar nieuwe, mij nog onbekende dichters, een vernieuwde kennismaking met dichters die ik al ken en om mezelf beter te maken, verder te leren hoe een goede voordracht te brengen. In de afgelopen 14 jaar heb ik op heel veel poëziepodia gestaan, op ongelofelijk mooie en heel verschillende plekken mijn gedichten voorgedragen, prachtige dichters gehoord en gezien en ja, ook soms dichters die het in mijn ogen niet goed doen of het wel nooit zullen leren.
En juist dat maakt poëziepodia zo belangrijk voor jonge maar ook beginnende dichters (ik was al in de 40) die willen leren hoe je een goede voordracht brengt. Daarom ben ik ooit op dit blog de categorie ‘poëziepodia’ begonnen. En dat is waarom ik hier vandaag weer een aantal poëziepodia onder de aandacht wil brengen. Een greep uit het aanbod van de afgelopen weken:
- De Groene Fee van Louis van Londen in Het Belcrumhuis, Pastoor Pottersplein 12 Breda (elke maand nog dit jaar) https://www.facebook.com/groenefee/
- Dichter bij de dood, begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag https://www.facebook.com/dichterbijdedood
- Dichter in de dop van Jeroen den Harder, elke maand nog dit jaar in bibliotheek de Lier (Westland)
- WoordKunst van o.a. Jelle Ravestein, elke maand in Kevin’s Grand café in Maassluis https://www.facebook.com/WoordKunstMaassluis/
- Open Podium in de bibliotheek Huizen, elke maand in de Bibliotheek Huizen | Plein 2000-1, 1271 KK Huizen https://www.bibliotheekhlb.nl/actueel/agenda/OpenPodium26juni.html
- De Poetsclub in café de Schouw in de Witte de Withstraat 80 in Rotterdam https://www.facebook.com/poetsclubrotterdam
Als je zelf googled op poëziepodium dan zul je er nog veel meer vinden, bij jou in de buurt of wat verder weg. Mij heeft het bezoeken van poëziepodia veel gebracht, doe er je voordeel mee.
Tot slot een gedicht over voordragen, een oud gedicht van mij (iets bewerkt) dat ik schreef toen ik nog zoekende was.
.
De dichter ontmaskerd
.
Je sprak over peilloze diepten
en omfloerste gedachten,
doorwrochte zinnen en
latent temperament.
En ik vroeg me af
waar zich dat dan
allemaal wel bevond?
.
Bij mij?
Hoe kon ik dat geloven.
Ik deed maar wat
tenslotte.
.








