Site-archief
Zondag 24 november
Ongehoord! podium
.
Het novemberpodium is het laatste van dit jaar maar zeker niet het minste, Een overvol programma waarin de dames zeer goed vertegenwoordigd zijn.
Wat te denken van schrijfster columniste Elfie Tromp, haar ster is niet rijzende, die schiet omhoog! Haar debuutroman Goeroe werd zeer goed ontvangen en genomineerd voor het beste Rotterdamse boek en ze werkt aan een nieuwe roman over zaadsmokkel in de hondenfokkerij. Dan de Meanderdichter van deze editie Marloes Robijn, ook nog jong maar ze trad al op bij Dichters in de Prinsentuin, Onbederf’lijk vers en Festifarm.
Dan komen er maar liefst twee Poolse dichters, woonachtig in Nederland voordragen. Gosia Wolak en Agnieszka Steur. De eerste architect en gastdocent ontwerples aan de TU Delft, de tweede Pools taal- en letterkundige, schrijfster, columnist, journalist en taalonderzoeker. Zij zijn gevraagd in het kader van de Poolse maand in de bibliotheek van Rotterdam.
De laatste vrouw is Avilyn, een Rotterdamse singer-songwriter die in 2009 debuteerde met haar album ‘alleen maar vrij’. Avilyn schrijft zelf haar liedjes (teksten en muziek) op gitaar en piano.
Maar er komen ook twee heren. Joz Knoop. Joz was van 2010 tot 2013 wijkdichter van het Rotterdamse Beverwaard. In 1990 ontwierp Joz een eigen dichtvorm, het jozzonet: een gedicht dat zich in zijn middelste regel spiegelt. Inmiddels wordt deze dichtvorm tot ver over onze landsgrenzen gebruikt.
En tot slot komt Edwin de Voigt, Hij neemt ons mee in zijn nieuwe project Naar Inkt Vissen. Een speciaal boek vol zeemansverhalen, gedrukt met echte inktvisseninkt.
De presentatie is in handen van Menno Olde Riekerink.
We beginnen om 14.00 uur, zaal open om 13.30 uur. Gratis koffie en thee en natuurlijk is er de mogelijkheid om met alle dichters te praten en hun bundels aan te schaffen en te laten signeren.
Toegang is gratis. Waar: In de centrale bibliotheek van Rotterdam aan de Hoogstraat, op de eerste verdieping in voorheen de Glazen Zaal.
.
Collage gedicht
Hertha Müller
.
Hertha Müller (1953) is een Duitstalige schrijfster van Roemeense afkomst. Ze stamt uit een etnisch Duitse familie uit het Banaat (een geografische en historische regio in Centraal Europa). Zij studeerde Duits en Roemeense taal- en letterkunde en ontving voor haar werk in 2009 de Nobelprijs voor Literatuur. Omdat ze weigerde met de Securitate samen te werken werd haar werk in Roemenië verboden of ernstig gecensureerd. In 1987 week ze samen met haar partner Richard Wagner uit naar West Duitsland. Daar werkte ze verder aan haar oeuvre dat vooral gaat over het dagelijkse leven in een dictatuur.
Bij het schrijven van haar proza putte de schrijfster tijdens de dictatuur uit woorden die ondanks alles vrijelijk in haar hoofd konden rondzoemen. Vreemd genoeg bedient ze zich voor haar poëzie juist vaak van het gedrukte woord. In Nederland verscheen in 2011 bij uitgeverij De Geus haar bundel ‘De rokkenjager en diens bijdehante tante’.
Uit deze bundel, vertaald door Ria van Hengel, een ‘collage’ gedicht met vertaling.
.
op een keer regende
het melk op het huis
in 3 ploegen kwamen
alle katten drinken
de magere op de arm gedragene de
spitsneuzige die met slim genoegen
de hemel als privébezit in hun kop
droegen de verslagene de begravene
maar tevreden geworden
met de jaren – en overreden met
granaatrode poten waren de bulgaren
verreweg de mooiste van alle katten
in de dakgoten
.
Meer informatie over Hertha Müller is te vinden op de site van Meander: http://meandermagazine.net/wp/2011/06/een-lust-voor-het-lezersoog/
Anna Swirszczynska
1909 – 1984
.
Door @PieterDrift werd ik gewezen op de Poolse dichteres Anna Swirszczynska, de dichteres met de meest onuitspreekbare achternaam van alle dichters. Over haar lezend en vooral haar gedichten lezend werd ik erg enthousiast. Deze Poolse dichteres heeft een zwaar leven gehad, veel meegemaakt en hele mooie poëzie geschreven.
Meer informatie over Anna is te vinden op: http://www.poemhunter.com/anna-swirszczynska/biography/ en op de website van Meander.
Hieronder een fraai staaltje van haar (vertaalde) poëzie.
.
The Same Inside
Walking to your place for a love fest
I saw at a street corner
an old beggar women.
I took her hand,
kissed her delicate cheek,
we talked, she was
the same inside as I am,
from the same kind,
I sensed this instantly
as a dog knows by scent
another dog.
I gave her money,
I could not part from her.
After all, one needs
someone who is close.
And then I no longer knew
why I was walking to your place.
.
Met dan aan Pieter Drift en Poemhunter.com
Het Vliegend Varken
Website met poëzie
.
Hebben ze in Vlaanderen het Liegend Konijn, in Nederland hebben we het Vliegend Varken. Deze website met en over poëzie is een mooie aanvulling op de poëziewebsites die er al zijn. Juist omdat er aandacht wordt besteed aan dichters die wel al bekend zijn bij een kleiner publiek of waarvan het werk wel al wat bekendheid geniet. Deze dichters worden in de spotlight gezet en van hen verschijnen er gedichten op de website.
Naast Meander, De Contrabas, Hanta, Krakatau en Hernehim (en vele andere) nu dus een vernieuwde website voor een ieder die zich interesseert in poëzie of het lezen van gedichten.
.
Je kunt de website vinden op http://www.hetvliegendvarken.nl/index.html
.
Hermetische poëzie
Met vis op weg
.
Naar aanleiding van het gedicht dat ik gisteren plaatste heeft Ger Belmer gereageerd. Deze reactie gaat ondermeer over het toevoegen van onbegrijpelijke elementen aan gedichten waardoor deze vrijwel onleesbaar worden. Elementen die op het eerste gezicht niets met elkaar en het gedicht te maken hebben. Hoewel mijn gedicht Met vis op weg bedoeld was als een stukje absurde tekst zonder enige betekenis (gewoon omdat het kan en ik er zin in had zoiets te schrijven) heeft dit me wel aan het denken gezet.
Ook ik lees weleens poëzie waarvan ik denk; waar gaat het eigenlijk over? Poezie die ondoorgrondelijk en eigenzinnig is (zou je ook kunnen zeggen) maar waar ik niets mee kan. Nu weet ik dat er mensen zijn die dit ook van (delen) van mijn poëzie vinden. Hierover schreef ik al in Zoet en Fruitig versus Zoet en Bitter (27 april). Soms kan mijn poëzie wat abstract zijn. Toch denk ik dat mijn poëzie niet als hermetisch gekenschetst moet worden. Zoals ik in mijn reactie op de reactie van Ger schreef heeft Joris Lenstra een zeer duidelijk en leesbaar stuk voor Meander geschreven over wat hermetische poëzie is, wat de kenmerken zijn en hoe deze vorm van poëzie te (leren) waarderen. Dit stuk kun je hier lezen: https://meandermagazine.nl/2007/09/7-hermetische-pozie/
Tot slot een voorbeeld van hermetische poëzie van Hans Faverey. Met dank aan gedichten.nl
Zodat ik uitzie
.
Zodat ik uitzie
door het oog
van mijn naald
.
en sneeuwblind herken
de zwerfsteen,
sterfsteen onder
.
mijn tong: splinter
voor splinter
.
slaagt hij erin
niets te wegen,
niets voor te stellen.
.
Zoet en fruitig versus Zuur en bitter
Of: een recensie van een recensie
De afgelopen week bekeek ik het nieuwe tv programma ‘De nieuwe Rembrandt’ samen met mijn vrouw en dochter. In dit programma worden door 3 ‘experts’ kunstwerken beoordeeld op hun ‘Rembrandtfactor’. Mijn dochter werd al snel opstandig van de opstelling en de air van de ‘experts’. Zo was er een groot wit kruis met daarop een kruisbeeld waaraan een koordje hing. Als je daar aan trok klonk een kinderliedje. De kunstenaar vertelde daar over dat het een aanklacht was tegen het kindermisbruik in de kerk. Duidelijk.
Toen het kunstwerk binnen werd gebracht voor de ‘experts’ werd er lacherig over gedaan, er werd dan nog net aan het touwtje getrokken maar het kunstwerk werd weggezet als niet ter zake doende. Mijn dochter vond dat heel onrechtvaardig. Waarom mag zo’n kunstenaar niet vertellen wat het idee is achter zo’n kunstwerk? Ik verdedigde toen nog het besluit van de programmamakers door te zeggen dat een kunstwerk als uniek werk een eigen zeggenschap moet hebben en dat in een museum ook niet bij elk kunstwerk wordt uitgelegd wat de kunstenaar er mee bedoeld heeft.
Later bedacht ik, na het lezen van een tv recensie in de Volkskrant, dat er wel degelijk iets mankeerde aan dit programma. Er werd door de ‘experts’ niet serieus nagedacht over de aangeboden kunstwerken. Een blik op het werk en men had zijn mening klaar. Niet nadenken of doordenken over wat er werd aangeboden, wat de diepere laag zou kunnen zijn. Ongetwijfeld om de vaart in het programma te houden. Terwijl er ook een kunstwerk werd binnengebracht dat al goed werd bevonden op basis van de naam van de kunstenaar. Deze was bij één van de ‘experts’ bekend en de twee andere volgde dociel zijn mening en vonden het werk ook meteen heel erg goed.
Waarom schrijf ik dit?
Ik moest hieraan denken toen ik gisteren door een goede vriend opmerkzaam werd gemaakt van het feit dat er een recensie van mijn laatste bundel was verschenen op Meander. Ene Kees G. te A. had zich aan mijn boek gezet op een manier die bij mijn vriend het stoom uit zijn oren deed komen. “Wat denkt die overjarige elitaire hippie wel. Naar mannetje met zijn paardenstaartje.”, hij had inmiddels op internet informatie ingewonnen over de schrijver van het ‘zure, naargeestige stuk’
Ik heb de recensie gelezen had daar de volgende gedachten bij.
Kees G. beweert van alles maar geeft geen voorbeelden. Niets prikkelt, alles is saai en als voorbeelden geeft hij dan korte stukjes van soms maar een paar woorden. Uit de context getrokken zonder verder commentaar waarom dat dan blijkbaar saai of monotoon-brommerig zou zijn. Als dieptepunt wordt het enige rijmende gedicht aangehaald. Pijnlijk noemt Kees G. het. Waarom Kees? Waarom is dit pijnlijk? Geef daar duiding aan, neem je werk als recensent serieus.
Laat ons neuken Nora, je windt me op
want alleen jij kunt je lippen zo tuiten
als ik streel over het vlees aan je kuiten
kom schat, nog een keer, hoppa-hoppa-hop
O, maar nu begrijp ik het zal je zeggen. Maar is dat zo? Dit is een strofe uit een gedicht van Kees G. Een strofe uit een gedicht waarmee hij een prijs heeft gewonnen. Wederom, zo uit de context getrokken zou je kunnen zeggen: lekker vulgair met een kinderlijk rijmpje aan het einde (quote bevriende dichter).
‘Als je poëzie serieus neemt, dan is er maar een maatstaf, de hoogste.’ Schrijft Kees G. Is dat zo Kees?
In de afgelopen jaren ben ik verschillende keren door dichters en aankomende dichters benaderd en gevraagd om commentaar te geven op hun gedichten. Dat heb ik altijd met nuance gedaan, niet alleen maar de zwakke punten benoemen maar vooral de sterke kanten benadrukken, stimuleren, enthousiasmeren. Een paar van deze mensen zijn inmiddels zelfs door Meander geïnterviewd en als talenten bestempeld. Wat ik maar wil zeggen is dat de beschrijving van Kees G. een zeer eenzijdig beeld schept van de werkelijkheid. Ik heb mijn bundel er even bij gepakt (en je kunt dit verifiëren door mijn blog te lezen) en wat blijkt: 3 gedichten uit de bundel hebben de eerste prijs gewonnen in poëziewedstrijden waaronder die van de LAZ en de SLAU, 4 gedichten zijn genomineerd in poëziewedstrijden of waren laureaat gedichten en maar liefst 15 gedichten werden gepubliceerd in tijdschriften, magazines en op literaire en /of poëziewebsites op het internet.
Tientallen mensen vonden mijn gedichten blijkbaar goed of goed genoeg. Wie zou er dan gelijk hebben, al die mensen en de inmiddels honderden mensen die mijn bundels hebben aangeschaft of Kees G. ‘Een zwetende schilferige zestiger’ (quote bevriend dichter)?
De kwalificaties van mijn vriend hebben allemaal door mijn hoofd gespeeld, de eerste keer dat ik de recensie las, daar ben ik heel eerlijk over, als je integriteit en je rechtvaardigheidsgevoel wordt aangetast verval je snel in vileine termen. Ik ben de eerste die zal erkennen dat niet al mijn gedichten even goed zijn, dat ik wel eens in de val van het cliché trap of dat mijn poëzie soms wel erg abstract is (dat is ook zo). Tegelijkertijd weet ik dat veel mensen van mijn gedichten genieten en dat ze mijn poëzie waarderen. De mening van 1 mens kan daar niets aan veranderen.
Ik hoop met bovenstaand stuk een eerlijk tegengeluid te hebben gegeven. En Meander? Meander stond een aantal jaar geleden te boek als licht elitair en nogal negatief in haar besprekingen van ‘minder bekende dichters’. De afgelopen jaren is daarin verandering in gekomen en ik beschouw de recensie van Kees G. dan ook maar als een incidentele terugval. Ik ben niet voor niets pas geleden Vriend van Meander geworden. Ik zal dat ook blijven, want in tegenstelling tot Kees G. hou ik wel van poëzie en al haar beoefenaren.
Dat wilde ik kwijt.
Wil je de recensie met eigen ogen lezen? Dat kan op: http://meandermagazine.net/wp/2012/04/in-het-wangslijm/
Ongehoord!
6 maart 2011
Op zondag 6 maart werd door de stichting Ongehoord! weer een poëziepodium georganiseerd in de centrale bibliotheek van Rotterdam. In de glazen zaal traden Jana Beranova, Kira Wuck, Baban Kirkuki en Peter van Helsen (Meander dichter) op. De muziek werd verzorgd door de Troubadours. Op het open podium traden o.a. Amelia Walker en Rieneke Minderman op. De sfeer was goed, de poëzie afwisselend verrassend, mooi en intrigerend en de muziek was een prachtige omlijsting van een geslaagde middag, waar ruim veertig bezoekers op af kwamen.
Hieronder zijn een aantal foto’s te zien van deze middag. Voor meer foto’s kun je hier klikken.
Meandermagazine
Vermelding
Mijn gedichtenwedstrijd heeft een vermelding gekregen in het Meandermagazine van 21 maart 2010.
Inmiddels stromen de gedichten binnen en van een hoog niveau moet ik zeggen.
Iedere inzender krijgt van mij persoonlijk bericht dat zijn of haar gedicht is aangekomen en meedoet voor de prijs.
.
Kijk voor de vermelding op:
http://meandermagazine.net/magazines/mea385.html
.

.






















