Site-archief
Rijk
Lucebert
.
Vandaag uit mijn boekenkast getrokken de bundel ‘Erts; een bloemlezing uit de poëzie van heden’ waarbij moet worden aangetekend dat ‘heden’ in dit geval 1955 is. Ingeleid en samengesteld door Bert Voeten.
Uit deze bundel van Lucebert het gedicht ‘Rijk’.
.
Rijk
.
Zie je spiegel wordt blind
je gezicht zo klein als een kind
je gezicht een nietige ster
tussen de storm en de wind
.
De weg die je ging was zo oud
als de hand die hangt uit de wolk
en de vlam die je vroeg zo koud
als de driftige sikkel de sluipende dolk
.
Maar nog nimmer zo rijk
als bij stenen voor brood
bouw je je troon in het slijk
met de bronstige troffel de dood
.
Rijk : uit de bundel Alfabel, 1955
Poëtische stadswandeling
Maarten van den Elzen
.
In Uden kan, onder leiding van dichter Maarten van den Elzen (onder andere stadsdichter van Uden), een poëtische stadswandeling worden gemaakt van circa 2,5 uur. Deze wandeling voert langs vijftien van diens gedichten op diverse plaatsen in de openbare ruimte van het Udense centrum. De gedichten hebben altijd een relatie met de plek waar zij zich bevinden. Deze worden op de betreffende plek uitgebreid toegelicht door de dichter met de nodige verhalen en details.
De wandeling kan worden gecombineerd met een bezoek aan het Museum voor Religieuze Kunst, waar Maarten van den Elzen tevens zal voorlezen uit eigen werk.
.
Tot in de Nederige Madeliefjes
.
ik heb uw gezicht
gezocht tussen
altaren die
hemelhoog
torenden tussen
getorste
kandelabers en in
het gekleurde licht
van de glas-in-lood
ramen
.
maar ook tussen
de bomen die zo
dicht bij elkaar
staan dat het
daglicht blijft
steken in hun
schaduw
.
en natuurlijk
tussen bloemen in
de arrogantie van
gladiolen tot in de
nederige
madeliefjes
.
ik heb uw gezicht
gezocht tussen de
mensen
.
Meer informatie over de stadswandeling op: http://www.poeziewandeling.nl/
Nieuw gedicht
Er is maar een weg
.
Omdat het alweer even geleden is dat ik werk van mezelf plaatste nu dan een nieuw gedicht.
Er is maar een weg
En een weg terug? vroeg ik
er is geen weg terug, alleen
afslagen te nemen
die de weg naar het einde
van je reis vertragen
dat is voortgang
we keken om ons heen
een labyrint aan wegen, paadjes,
sluiproutes en andere mogelijke
doorgangen
lag klaar om de weg terug
te laten wegglijden
In een mooie herinnering
en niet meer
When you are old
W.B. Yeats
.
Hoewel ik dacht dit gedicht al eens te hebben gepost, blijkt nu dat ik slechts een fragment heb geplaatst. Daarom het gedicht ‘When you are old’ van William Butler Yeats (1865 – 1939), gewoon omdat het zo’n prachtig gedicht is.
.
When you are old
.
When you are old and greyand full of sleep,
And nodding by the fire, take down this book,
And slowly read, and dream of the soft look
Your eyes had once, and of their shadows deep;
.
How many loved your moments of glad grace,
And loved your beauty with love false or true,
But one man loved the pilgrim soul in you,
And loved the sorrows of your changing face;
.
And bending down beside the glowing bars,
Murmur, a little sadly, how Love fled
And paced upon the mountains overhead
And hid his face amid a crowd of stars.
.
Onvoltooid gedicht
Klapband
.
Uit de bundel Kuttje Compleet vandaag een gedicht van Wilhelmina Kuttje Sr. uit 1936. De notitie bij dit gedicht luidt na de laatste regel: Hier houdt het op. ’t Was ook eigenlijk maar een kladje in handschrift. Maar toch de moeite waard.
Uit de bundel: Vetpot
.
Klapband
.
Zoevend langs ’s heren wegen
dromend achter ’t stuurwiel heen
glijdt het modderige landschap
door den miezerige regen
klaagt den motor steen noch been
WAAR GAAN WIJ HEEN?
.
Ach, ’t is niet zozeer een einddoel
’t is veeleer de vreugde van den reis
Ploeterend door die modderpoel
op den vlucht voor Hein met Zeis
.
KLAP! klinkt plots ter linkerzijde
en wij stoppen met gesis!
En wij maken vuile handen
en wij wisselen van wiel
zetten onze lange tanden:
en wat ons toen heeft bezield
was: O staak het gemopper over banden
straks draven wij weer door vreemde landen
Die klapband deed ons weer beseffen
dat het leven…
.
Liefdesgedicht
Kees Winkler
.
Vandaag een liefdesgedicht van een (tot voor kort) voor mij onbekende dichter Kees Winkler. Kees Winkler (1927 – 2004) was een dichter die o.a. deel uitmaakte van de redactie van Propria Cures , hij publiceerde zo’n 17 poëziebundels en in 1985 stelde hij de bloemlezing ‘Liefde is het enige. De honderd mooiste liefdesgedichten sinds 1945′ samen.
Van zijn hand het liefdesgedicht ‘Leuk Judy’ uit de bundel Gedichten uit 1972.
.
Leuk Judy
.
Zij huppelt als een hertje naast mij voort
met af en toe een balletpasje
ik houd haar stevig bij de hand
bang haar te verliezen
.
Als ze er niet meer was
wie zou mij dan kussen in de herfst
en wie zou er met kleine woordjes
aan mijn oor kriebelen?
.
Gelukkig is ze er nog en huppelt
en doet het kraagje van mijn jas goed
met al haar kleine dingen is zij duizendvoudig
huppelend op de maat der stadsmuziek
.
Duizendmaal gedeeld
Delingen
Vandaag is een bijzondere dag voor me, gek als ik ben op statistiekjes. Vandaag werd voor de duizendste maal een bericht van me gedeeld ( en 1001 erachteraan). Zet dat af tegen de iets meer dan 1400 berichten die ik heb geplaatst, dan geeft dat voor mij aan dat wat ik doe gewaardeerd wordt of herkend of iets anders maar in ieder geval ben ik er blij mee.
Jotie T’Hooft
Vlaamse dichters
.
Als ik de Vlaamse dichters behandel mag een van de belangrijkste en bekendste dichters Jotie T’Hooft natuurlijk niet ontbreken. Op veel te jonge leeftijd (21) overleden aan een overdosis cocaïne, heeft Jotie T’Hooft toch een aantal belangrijke dichtbundels gepubliceerd. Nog is de nagedachtenis aan T’Hooft niet minder geworden. Elk jaar wordt door Jong Groen Oudenaarde veel aandacht besteedt aan het leven en werk van Jotie T’Hooft .
Zo is er elke twee jaar (sinds 2008) een Jotie T’Hooft poëzieprijs voor jong en oud (mijn oudste dochter is ooit genomineerd voor de prijs van de jonkies).Maar er worden ook hommageavonden georganiseerd en men ijvert ervoor om zijn graf als funerair erfgoed te bewaren en te beschermen.
Jotie T’Hooft wordt wel eens het wonderkind van de jaren zeventig genoemd.
Hij werd geboren op 9 mei 1956 in Bevere, bij Oudenaarde, net zoals zijn voorouders. Van jongs af aan was hij opvallend taalvaardig, las en schreef hij veel. Omwille van zijn druggebruik en rebels karakter deed hij bijna alle scholen van Oost-Vlaanderen aan. Hij werkte in het antiekatelier van zijn oom, als nachtwaker en als lector bij uitgeverij Manteau. Waar hij ook was, wat hij ook deed, steeds bleef hij schrijven. In 1975 huwde hij uit liefde met Ingrid en verscheen zijn eerste bundel “Schreeuwlandschap”. Voor zijn tweede bundel “Junkieverdriet” (1976) kreeg hij de prestigieuze Reina Prinsen Geerligsprijs. Jotie T’Hooft werd op korte tijd een literair fenomeen. Zijn belangrijkste thema’s zijn: druggebruik, dood, erotiek, het onvervulbare verlangen, de spanning tussen ideaal en werkelijkheid, de droom, het ontvluchten van de werkelijkheid, het verlangen naar zuiverheid,…
Voor hij de kans kreeg van zijn verslaving af te geraken, overleed hij op 6 oktober 1977 aan een noodlottige overdosis. Na zijn leven verschenen nog bundels met onuitgegeven werk. Dat dit prille oeuvre nog steeds wordt gelezen en heruitgegeven toont aan dat het een tijdloze herkenbaarheid bevat. Jotie’s oom Rik verzorgt nog steeds zijn sobere graf op de begraafplaats in de Dijkstraat te Oudenaarde. Je treft er nog geregeld attenties van bewonderaars aan. Jotie wandelde zelf graag over deze begraafplaats.
.
















