Site-archief
Ik hou van het beetje aarde dat jij bent
Pablo Neruda
.
Ook een mooi liefdesgedicht, een sonnet in dit geval, mag niet ontbreken in mijn vakantie, zeker niet op een mooie dag als vandaag. Daarom het gedicht ‘XVI’ uit ‘Honderd liefdessonnetten’ uit 1960 van de Chileens dichter en Nobelprijswinnaar (Literatuur) Pablo Neruda (1904-1973).
.
XVI
.
Ik hou van het beetje aarde dat jij bent,
omdat ik in alle melkwegweiden
geen andere ster heb. Jij weerspiegelt
en verveelvoudigt het heelal
.
Je grote ogen zijn het licht dat ik bewaar
uit de verslagen sterrenstelsels,
Je huid huivert net als de wegen
die de meteoor bereist in de regen.
,
Van zoveel maan waren voor mij je heupen,
van alle zon je diepe mond en zijn genot,
van zoveel gloeiend licht, als honing in de schaduw,
.
je hart geschroeid door lange rode stralen,
en zo bereis ik het vuur van je vorm,
en kus je, kleintje en planeet, duif en geografie.
.
Ode aan het brood
Een tuin vol brood en poëzie
.
De ochtend strekt zich voor me uit als een onbeschreven bladzijde, er hangt lente in de lucht! Ik heb m’n plannen afgezegd en een stapel boeken opzij gelegd, ruim baan voor de zon en het woekerend gras.
Ik verkies om niets te doen. Terwijl een querulerende mussenbende hun territoriumdriften botviert op de dorre beukenhaag waar weldra olla vogala hun nestas zullen bouwen, duik ik met m’n neus in de poëzie. Al snel komen er twee jongens hongerig naar beneden voor een boterham. Zo zitten we samen in de tuin, met brood en poëzie.
Er was een tijd dat ik graag de tango hoorde, in het bijzonder de uitvoeringen die Gotan Project daarvan maakte, Argentijnse tango van Astor Piazolla gemixt met samples, ingetogen beats, jazzy elementen en sferen uit de achterstraten van Buenos Aires en Parijs. Luisterend naar het nummer Diferente, uit 2006, hoorde ik de regels
.
En el mundo habrá un lugar
Para cada despertar
Un jardín de pan y de poesía
.
Een tuin van brood en poëzie. Werkelijk? Of had ik het verkeerd begrepen? Dit gegeven was genoeg om op surftocht te gaan. Het bracht me bij vertalingen, dichters en filosofen, bij een podcast en bij pan & poesía, een culinair-cultureel festival dat plaatsvond in Spanje in 2022 waar dichters en broodbakkers. Pablo Neruda bracht een ode aan het brood: Oda al Pan. Het blijkt toch niet zo’n gekke combinatie. Het graan en de taal staan voor ambachten die zo oud zijn als de mensheid: het zaaien-oogsten-kneden en bakken van brood, en het proces van poëtische creatie. Brood en poëzie zijn er om te delen.
Voor de liefhebber hieronder de Spaanse songtekst (te mooi om te vertalen) en een linkje naar de muziek.
.
un jardin de pan y de poesia
,
En el mundo habrá un lugar
para cada despertar
un jardín de pan y de poesía
Porque puestos a soñar
fácil es imaginar
esta humanidad en harmonía
Vibra mi mente al pensar
en la posibilidad
de encontrar un rumbo diferente
Para abrir de par en par
los cuadernos del amor
del gauchaje y de toda la gente
Qué bueno che , qué lindo es
reírnos como hermanos
Porqué esperar para cambiar
de murga y de compás.
.
– “Diferente” Gotan Project
.
Dit is het zevende gastblog van Marianne Hermans
.
Pegasus
Catharina Blaauwendraad
.
Zo nu en dan kom ik de naam van een dichter tegen die ik niet ken. Nu zal je denken dat dat niet zo vreemd is maar als je, zoals ik, al ruim 17 jaar dagelijks (de laatste 15 jaar) over poëzie schrijf, dan doen de meeste dichtersnamen wel ergens een belletje rinkelen. Maar niet altijd en is ook zo met de dichter en vertaler Catharina Blaauwendraad (1965). Voor de zekerheid check ik dan altijd nog even dit blog want na bijna 5.300 berichten weet ik ook niet precies meer over wie ik wat wanneer geschreven heb.
Maar over Catharina Blaauwendraad dus nog nooit. Op zichzelf niet heel vreemd want na te zijn gedebuteerd in 2004 met de bundel ‘Niet ik beheers de taal’ verscheen daarna alleen nog in 2009 de bundel ‘Beroepsgeheim’. In 1989 debuteerde zij in het literaire blad De Tweede Ronde, waaraan zij in de loop van de daaropvolgende jaren veel bijdragen zou leveren. Ook trad ze een aantal malen op als gastredacteur voor dit blad. Als vertaler vertaalde ze onder andere ‘Honderd liefdessonnetten’ van Pablo Neruda.
Uit haar debuutbundel uit 2004 nam ik het gedicht ‘Pegasus’.
.
Pegasus
.
Ik heb mij plotseling bedacht
al weet ik niet waarom. Ik jaag
de trappen af
omlaag
omlaag
.
Op straat
heb ik mijn draai verloren
en raak ik buiten adem van zijn naam.
.
Ik sta te zwaaien naar een verre man
en zoek de woorden om hem te herroepen.
.
Dan keer ik op mijn schreden terug
en tel de gaten die mijn hakken
als paardehoeven in ’t plaveisel sloegen.
.
Neruda en de Coninck
Dichter over dichter
.
In de bundel ‘Met een klank van hobo’ uit 1980 van de Vlaamse dichter Herman de Coninck (1944-1997), staat een gedicht van hem over een andere dichter, namelijk de Chileense dichter Pablo Neruda (1904-1973). Het gedicht is getiteld ‘Neruda’.
In de categorie ‘dichters over dichters’ vind ik dit een mooi voorbeeld.
.
Neruda
.
Alles is gelijk, niet alleen mensen
onder elkaar, maar ook planten en mineralen
en poezen en regen en Vivaldi.
Ik breng de avond door met een vriend
en een glas wijn en een dode en verhalen
en schemer en minnestrelen.
Wij zijn met zeer velen.
.
Riekus Waskowsky
Haikoe
.
Rotterdamse dichter Riekus Waskowsky (1932 – 1977) was dichter en vertaler van onder andere de gedichten van Pablo Neruda en Evelyn Waugh. Om in zijn levensonderhoud te voorzien, verrichte hij allerlei werkzaamheden. Tijdens een van zijn baantjes behaalde hij een diploma ‘uitslaan van plaatwerk’ waarop hij, naar verluidt, trots was. In 1968 won hij de Alice van Nahuys-prijs voor zijn debuut ‘Tant pis pour le clown’. Waskowsky was bevriend met Jules Deelder en kon net als hem korte grappige gedichten schrijven zoals de haikoe uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1985:
apropos, heb jij
soms
f 1000,-
In Maatstaf jaargang 13 (1956-1966) verschenen een aantal gedichten van hem zoals het gedicht voor Simon V. (Vinkenoog) ‘Uit onze advertentie’.
.
Uit onze advertentie
Voor Simon V.
.
Catharina Blauwendraad
Gehangene
.
De VSB poëzieprijs is tussen 1994 en 2018 georganiseerd. Deze jaarlijkse prijs was bedoeld voor de bekroning van een bundel Nederlandstalige poëzie, die voor het eerst in boekvorm gepubliceerd werd in het jaar voorafgaande aan het jaar waarin de uitreiking van de prijs plaatsvindt (dus bundels uit 2017 konden meedoen in 2018). Elk jaar werd door de organisatie een bundel met gedichten gemaakt uit de bundels die dat jaar meededen met de prijs. De samenstelling was steeds door iemand anders (niet noodzakelijk een dichter).
In 2011 werden de gedichten gekozen door Maaike Meijer en de gedichten zijn zeer uiteenlopend. Ik koos voor een gedicht van een dichter die ik nog niet kende Catharina Blauwendraad. Ik heb gezocht maar heel veel informatie is er over haar niet te vinden. Ze is dichter (haar bundel ‘Beroepsgeheim’ uit 2009 deed, verassend genoeg mee met de VSB Poëzieprijs 2011), vertaalster van de poëzie van Pablo Neruda, docent, trainer en schrijfster van literair tijdschrift De Tweede Ronde.
Uit haar bundel ‘Beroepsgeheim’ komt het gedicht ‘Gehangene’.
.
Gehangene
.
De kleinste engel in de boom
was zijn cadeau; hij was een soort
van verre oom, de eerste die
aan mij gerichte brieven schreef
en als de dood op afstand bleef.
.
Nog steeds in leven, ongeneeslijk
en toch: met Kerst denk ik aan hem.
,
Stem van alarm, stem van vuur
Basil Smith
.
In de bundel ‘Stem van alarm stem van vuur’ uit 1981 staat geëngageerde poëzie uit Latijns Amerika, Afrika en Azië. De bundel werd uitgegeven door Het Wereldvenster,. de NOVIB en het NCOS in Brussel. In de bundel staat een keur van dichters uit deze drie werelddelen. Vele namen zijn voor mij volledig onbekend en af en toe staat er een naam tussen die ik herken of ken. Zo staan Frank Martinus Arion, Anton de Kom, Carlos Drum,mond de Andrade en Pablo Neruda in de bundel maar van de Afrikaanse dichters en Aziatische dichters zijn vrijwel alle namen mij vreemd.
Tussen de Caraïbische dichters staat de naam van de Jamaicaanse dichter Basil Smith. Van hem is het gedicht ‘Mijn erfenis’ opgenomen in een vertaling van Jan Boelens. Op zoek naar meer informatie kom ik niet veel verder dan dat van hem gedichten zijn opgenomen in het literaire magazine ‘Savacou’ . Dit ‘Journal of the Caribbean Artists Movement’ was een tijdschrift voor literatuur, nieuwe verhalen en ideeën dat in 1970 werd opgericht als een kleine coöperatieve onderneming, geleid door Edward Kamau Brathwaite, op de Mona-campus van de University of the West Indies, Jamaica. In editie 3/4 van 1970/1971 zijn drie gedichten van Smith opgenomen.
In een andere bloemlezing ‘Aftermath: An anthology of poems in English from Africa, Asia, and the Caribbean’ is het gedicht ‘Tom Tom opgenomen evenals in het magazine ‘Black World’ uit 1973. Maar in ‘Stem van alarm stem van vuur’ staat dus het gedicht ‘Mijn erfenis’ zonder enige verwijzing.
.
Mijn erfenis
.
Mijn erfenis van van de nacht,
van stro-droge hutten,
van beschilderde gezichten,
en van trommels.
.
In mijn herinnering zijn
droge bergtoppen,
groene velden en bomen
die nooit vergrijzen of sterven
.
Daarom word ik niet begrepen,
gehaat om mijn dikke lippen
en mijn herinnering aan trommels.
.














