Site-archief
Zomereditie MUG
Frouke Arns
.
Zoals ik pas geleden al schreef hebben we voor MUGzine nummer 33 voor het eerst een gastredacteur gevraagd. De eerste gastredacteur is Wim van Til en hij heeft een aantal zeer fijne dichters gevraagd een bijdrage te leveren. Naast gedichten van hemzelf heeft hij twee aanstormende talenten weten te strikken; Famke Houthoff en Solaris, en hij heeft Frouk Arns weten te overreden om een bijdrage te leveren waar ik persoonlijk heel blij mee ben. Ik heb grote waardering voor de poëzie van Frouke. En als klap op de vuurpijl heeft Wim ook nog eens de zeer getalenteerde Julia le Fevre zover gekregen dat zij voor de illustraties zorgde. Al met al een bijzonder geslaagd eerste gastredacteurschap dat zeker navolging gaat krijgt.
We verwachten nummer 33 van MUG in juli te publiceren, de laatste hand wordt momenteel gelegd aan de afwerking. Om alvast in de sfeer te komen heb ik een gedicht van Frouke Arns erbij gepakt uit De Revisor jaargang 2016 getiteld ‘Plattegrond’. Frouke Arns (1964) is tekstschrijver, redacteur, literair vertaler en dichter. In de periode 2015-2016 was zij Stadsdichter van Nijmegen. Haar gedichten werden gepubliceerd in onder meer de Poëziekrant, Het Liegend Konijn, Schrijven Magazine, Het Parool en nrc.next. Arns viel met haar werk verschillende keren in de prijzen. Zo won ze onder andere de Meander Dichtersprijs, de literaire prijs van de Stad Harelbeke en de jury- en publieksprijs van de Nijmeegse editie van ‘Aan het woord!’. Ook heeft ze inmiddels twee romans gepubliceerd, haar derde roman verschijnt deze zomer.
.
Plattegrond
.
Gastredacteur Mugzine
Wim van Til
.
Vanaf dit jaar, te beginnen met de zomereditie die verschijnt medio juli/augustus, hebben wij van MUGzine iets nieuws. Het gastredacteurschap. Vanaf nu willen we elk jaar een dichter of poëzieliefhebber uitnodigen om als gastredacteur op te treden voor MUGzine en zelf te bepalen welke dichters en mogelijk ook welke kunstenaar/illustrator er in het zomernummer verschijnt.
De eerste dichter en allround poëzieliefhebber en kenner die we vroegen is Wim van Til (1955). Wim is naast dichter leraar Nederlands. Hij richtte in het jaar 2000 het Poëziecentrum Nederland op, een studie- en documentatiecentrum voor moderne Nederlandstalige poëzie dat ruim 17.000 bundels, vele bloemlezingen en vertaalde poëzie omvat en een uitgebreid knipselarchief met recensies, besprekingen, interviews en geschreven portretten van dichters en secundaire literatuur herbergt.
Sinds 1975 verschijnen met onregelmatige tussenpozen gedichten van hem in tijdschriften en bloemlezingen. Wim van Til debuteerde in 1981 met de bundel ‘Dichtmaken open’. Wim van Til ontving voor zijn werk bij het Poëziecentrum Nederland de eerste Esther Jansma-prijs.
Maar Wim is ook dichter en in de nieuwe MUGzine verschijnen ook nieuwe gedichten van zijn hand. Nu hier alvast een voorbeeld van zijn kunne, uit de bundel ‘De reestap over het leenveld’ uit 2002 het gedicht ‘Alles begint en herbegint met zwijgen’.
Alles begint en herbegint met zwijgen
.
Alles begint en herbegint met zwijgen
Alles begint en herbegint met zwijgen, de taal
die het verleden spreekt, is eigen. Wat eigen is,
is stervensmoe fragiel. Wie kilt mijn vragen nu
mijn weemoed strekt, wie warmt de dagen nu ik
leegte zie in naderend verschiet? Ginds in het oer
versliep zich onze dag. En elke stap daarna wordt
trager en trager; steeds sneller dwalen onze gebaren
terug naar het leenveld van onze ontmoeting.
Rondom mij herhaalt zich het water, herhaalt zich
herhaald wat ik vraag en een antwoord voltrekt
in dat ene moment van volmaaktheid als de dag
onaangedaan stil hangt tot de beulsknecht zich buigt.
Het zal eerder sneeuwen in de zomer dan dat haar
gestalte zich loutert en luistert voordat mijn woord
van zwijgen naar zwijgen vergaat.
.
Pegasus
Catharina Blaauwendraad
.
Zo nu en dan kom ik de naam van een dichter tegen die ik niet ken. Nu zal je denken dat dat niet zo vreemd is maar als je, zoals ik, al ruim 17 jaar dagelijks (de laatste 15 jaar) over poëzie schrijf, dan doen de meeste dichtersnamen wel ergens een belletje rinkelen. Maar niet altijd en is ook zo met de dichter en vertaler Catharina Blaauwendraad (1965). Voor de zekerheid check ik dan altijd nog even dit blog want na bijna 5.300 berichten weet ik ook niet precies meer over wie ik wat wanneer geschreven heb.
Maar over Catharina Blaauwendraad dus nog nooit. Op zichzelf niet heel vreemd want na te zijn gedebuteerd in 2004 met de bundel ‘Niet ik beheers de taal’ verscheen daarna alleen nog in 2009 de bundel ‘Beroepsgeheim’. In 1989 debuteerde zij in het literaire blad De Tweede Ronde, waaraan zij in de loop van de daaropvolgende jaren veel bijdragen zou leveren. Ook trad ze een aantal malen op als gastredacteur voor dit blad. Als vertaler vertaalde ze onder andere ‘Honderd liefdessonnetten’ van Pablo Neruda.
Uit haar debuutbundel uit 2004 nam ik het gedicht ‘Pegasus’.
.
Pegasus
.
Ik heb mij plotseling bedacht
al weet ik niet waarom. Ik jaag
de trappen af
omlaag
omlaag
.
Op straat
heb ik mijn draai verloren
en raak ik buiten adem van zijn naam.
.
Ik sta te zwaaien naar een verre man
en zoek de woorden om hem te herroepen.
.
Dan keer ik op mijn schreden terug
en tel de gaten die mijn hakken
als paardehoeven in ’t plaveisel sloegen.
.






