Site-archief

Gastredacteur Mugzine

Wim van Til

.

Vanaf dit jaar, te beginnen met de zomereditie die verschijnt medio juli/augustus, hebben wij van MUGzine iets nieuws. Het gastredacteurschap. Vanaf nu willen we elk jaar een dichter of poëzieliefhebber uitnodigen om als gastredacteur op te treden voor MUGzine en zelf te bepalen welke dichters en mogelijk ook welke kunstenaar/illustrator er in het zomernummer verschijnt.

De eerste dichter en allround poëzieliefhebber en kenner die we vroegen is Wim van Til (1955). Wim is naast dichter leraar Nederlands. Hij richtte in het jaar 2000 het Poëziecentrum Nederland op, een studie- en documentatiecentrum voor moderne Nederlandstalige poëzie dat ruim 17.000 bundels, vele bloemlezingen en vertaalde poëzie omvat en een uitgebreid knipselarchief met recensies, besprekingen, interviews en geschreven portretten van dichters en secundaire literatuur herbergt.

Sinds 1975 verschijnen met onregelmatige tussenpozen gedichten van hem in tijdschriften en bloemlezingen. Wim van Til debuteerde in 1981 met de bundel ‘Dichtmaken open’. Wim van Til ontving voor zijn werk bij het Poëziecentrum Nederland de eerste Esther Jansma-prijs.

Maar Wim is ook dichter en in de nieuwe MUGzine verschijnen ook nieuwe gedichten van zijn hand. Nu hier alvast een voorbeeld van zijn kunne, uit de bundel ‘De reestap over het leenveld’ uit 2002 het gedicht ‘Alles begint en herbegint met zwijgen’.

 

Alles begint en herbegint met zwijgen

.

Alles begint en herbegint met zwijgen
Alles begint en herbegint met zwijgen, de taal
die het verleden spreekt, is eigen. Wat eigen is,
is stervensmoe fragiel. Wie kilt mijn vragen nu
mijn weemoed strekt, wie warmt de dagen nu ik

leegte zie in naderend verschiet? Ginds in het oer
versliep zich onze dag. En elke stap daarna wordt
trager en trager; steeds sneller dwalen onze gebaren
terug naar het leenveld van onze ontmoeting.

Rondom mij herhaalt zich het water, herhaalt zich
herhaald wat ik vraag en een antwoord voltrekt
in dat ene moment van volmaaktheid als de dag
onaangedaan stil hangt tot de beulsknecht zich buigt.

Het zal eerder sneeuwen in de zomer dan dat haar
gestalte zich loutert en luistert voordat mijn woord
van zwijgen naar zwijgen vergaat.

.

Littorina Littirea

Wim van Til

.

Wim van Til (1955) is een dichter en voormalig leraar Nederlands. Hij richtte in het jaar 2000 het Poëzie centrum Nederland op. Het Poëzie centrum Nederland is een studie- en documentatiecentrum voor moderne Nederlandstalige poëzie en omvat ruim 20.000 bundels, vele bloemlezingen en vertaalde poëzie en een uitgebreid knipselarchief met recensies, besprekingen, interviews en geschreven portretten van dichters en secundaire literatuur. Het Poëziecentrum Nederland is sinds maart 2014 gevestigd in Nijmegen.

Van Wim hoorde ik dat het Poëzie centrum Nederland, dat nu nog gevestigd is in de bibliotheek van Nijmegen moet verhuizen omdat de bibliotheek ruimte gebrek heeft. Een duivels dilemma, aan de ene kant begrijp ik de wens van de bibliotheek (ik heb er zelf als directeur van een openbare bibliotheek mee te maken met ruimtegebrek) maar aan de andere kant gaat het me zeer aan het hart dat het Poëzie centrum Nederland straks misschien geen onderkomen meer heeft.

En dat gaat me minstens zo aan het hart. Het PcN organiseert jaarlijks ruim 150 activiteiten rondom dichters, poëzie en schrijven en stelt het zich open voor lezingen, boekpresentaties en cursussen en stelt zich ten doel het lezen en bestuderen van poëzie te bevorderen in de breedste zin van het woord. Ik hoop dan ook van ganser harte dat het PcN snel een mooie en betaalbare plek en onderdak vindt want een dergelijke collectie mag niet verloren gaan.

Wim van Til is echter naast een van de dertig vrijwilligers die het PcN draaiende houdt, ook dichter. In 1981 debuteerde hij bij uitgeverij Opwenteling met de bundel ‘Dichtmaken open’ waarna nog 9 bundels zouden volgen. In 2000 verscheen de bundel ‘Sleutelhouder’ Gedichten 1979-1999. In deze bundel staat het gedicht ‘Littorina Littirea’ voor Rogi Wieg. De Latijnse titel doet vermoeden dat er iets heel spannends achter schuil gaat maar het is ‘slechts’ de Latijnse naam voor de Alikruik, een in zee levende kieuwslak.

.

Littorina Littirea

Voor Rogi Wieg

.

Van onze wandelingen onthoud ik vooral

je stem, die knarste onder onze voeten.

Uitgeleefd, verlaten. Die droge tik,

het definitief verschuilen, bijna naakt – je

beste vermomming, zo open.

De ogen naar binnen gekeerd,

dat ogenschijnlijk opgaan in de massa.

.

Geen zee, geen aarde. Slechts een kust

lijn van een wisselend einde.

.

Zoals poëzie fictie is, is verleden

tijd: wat niet gebeurt, waarvoor niet gekozen wordt.

De slag op het voorhoofd, geweest en nooit plaats gevonden.

.

Wie aanlegt, raakt zijn vrijheid kwijt.

Schutter wordt jachtwild, visser

wordt vangst. een blik om de schouder

maakt van de mens een gedicht.

.

De Stenen Strofe

Gedichtenroute

.

De stadsarchivaris van Bergen op Zoom, Cees Vanwesenbeeck kreeg in 1996 de Sakkoprijs voor Kunsten en Letteren. Hij besteedde een deel van zijn prijzengeld aan een opdracht aan de dichter Bert Bevers, om een gedicht te schrijven voor op de kopgevel van het gebouw van de Gemeentelijke Archiefdienst (later het Regionaal Historisch Centrum).

 

Dat gedicht werd ‘Bergen op Zoom’. Marc Meeuwissen maakte het grafisch ontwerp en in november 1997 werd het gedicht onthuld. De reacties waren zo enthousiast dat de gedachte post vatte een hele reeks van dit soort Stenen Strofen doorheen de gemeente te realiseren.

Andere steden hebben weliswaar vergelijkbare projecten, maar de Stenen Strofen zijn door de desbetreffende dichters op verzoek van het comité steeds ofwel op Bergen op Zoom geschreven, ofwel op de locatie waar ze werden gerealiseerd. Maar er zijn ook gedichten opgenomen van de in Bergen op Zoom geboren dichter Anton van Duinkerken (1903 – 1968).

De gedichten worden gejureerd door Wim van Til (directeur van het Poëziecentrum Nederland), Tony Rombouts (ere-secretaris van de Vlaamse Vereniging van Letterkundigen) en telkens de voorgaande dichter.

Inmiddels is zijn er vele gedichten aan de route toegevoegd, 15 in het stadscentrum en 4 buiten het stadscentrum en nog steeds komen er gedichten bij. Soms is er gekozen voor de uitvergroting van een fragment. Het hele gedicht is in alle gevallen te lezen op een speciaal aangebracht bordje.

Gedichten zijn er te genieten van dichters als Hans Tentije, Albert Hagenaars, Johanna Kruit en Ester Naomi Perquin van wie het gedicht ‘Iemand bedacht’ is aangebracht op een gevel aan de Zuidmolenstraat. Meer informatie vind je op https://www.stenenstrofen.nl/index.html

Iemand bedacht

.

Een man gaat slapen in een dorp en wordt wakker in een stad.

Zijn bed is blijven staan, zijn huis, de naam

die hij kent is gebleven.

.

Ach, niemand vertelt hem ooit wat. Hij staat op en wast zich,

het is een doodnormale dag. Hij spoelt dorpsstof van zijn huid,

luistert naar de kerk, de hoge vogels, opent dan het luik.

.

En kijk eens aan, de lengte van de horizon, de halve hemel

en acht eeuwen stedelijk leven rollen zich

recht voor hem uit.

.

Een dorp past doorgaans in één blik. Een stad in steeds opnieuw

beseffen waar je bent. Steeds andere ogen om te zien dat je bed

vannacht is gebleven, dat je huis er nog staat.

Dat je woont in een naam die je kent.

.

Voetveer

Gedicht bij een Voetveer

.

Bij het voetveer aan de Waal, op de oevers van Beuningen en Slijk-Ewijk, zijn twee zogenaamde veerstoepen gerealiseerd naar ontwerp van Atelier Quadrat en Blom&Moors.

Twee banken van beton en staal bieden een rustplek voor wie even op de boot wacht. De vijf meter lange zit-objecten zijn zowel op het land als vanaf het water duidelijk zichtbaar en herkenbaar. In twee betonnen vloerplaten bij de bankjes staat een speciaal voor deze plek geschreven, gedicht van Tim Pardijs.
Het gedicht luidt:

(bij Veerstoep Slijk-Ewijk)

.

Ik leg op zoek naar jou aan

bij iedere naam

die aan me voorbij trekt

de ruimte

 

wordt zo groot dat ik

los

 

van ieder teken

naar de overkant drijf

.

(bij Veerstoep Beuningen)

.

steek zo stil over

dat het water spiegelt

 

kijk dan voorzichtig

om: je schrijft over

 

kant

op het draagvlak

 

ik lees tussen de wolken hoe

ik bij je kan komen

 

veerstoep

 

veerstoep2

 

veerstoep3

 

.

 

59_stelcon

 

Met dank aan Wim van Til