Maandelijks archief: oktober 2016

Mont Ventoux

Jan Kal

.

De Mont Ventoux is vooral bekend onder wielerliefhebbers (als Col van de buitencategorie) en onder de lezers van het gelijknamige boek van Bert Wagendorp (dat inmiddels ook verfilmd is). Minder bekend is het gedicht met deze titel van Jan Kal.

Jan Pieter Kal (1946) is  vooral bekend van zijn vele sonnetten. Hij groeide op in Haarlem, maar verhuisde naar Amsterdam voor een studie medicijnen. Aan studeren kwam hij niet toe door een alles overheersende liefde, maar die bracht hem wel tot het schrijven van sonnetten. Jan Kal kan van weinig poëzie maken. Hij heeft een eigen spontane, weemoedige toon, waarin ook zijn humor een plaats heeft.

Kal debuteerde in 1974 met de bundel ‘Fietsen op de Mont Ventoux’ waaruit ook dit gedicht is genomen. Hij heeft inmiddels 16 bundels het licht laten zien met ‘Een dichter in mijn voorgeslacht’ uit 2015 als laatste.

.

Mont Ventoux

.

Dichten is fietsen op de Mont Ventoux,

waar Tommy Simpson nog is overleden.

Onder zo tragische omstandigheden

werd hier de wereldkampioen doodmoe.

.

Op deze col zijn velen losgereden,

eerste categorie, sindsdien tabu.

Het ruikt naar dennegeur, Sunsilk Shampoo,

die je wel nodig hebt, eenmaal beneden.

.

Alles is onuitsprekelijk vermoeiend,

de Mont Ventoux opfietsen wel heel erg,

waarvoor ook geldt: bezint eer ge begint.

.

Toch haal ik, ook al is de hitte schroeiend,

de top van deze kaalgeslagen berg:

ijdelheid en het najagen van de wind.

.

kaldrie

jan-kal-2-juni-2011

                                                                                                                        foto: Annet Hogenesh

 

Het onvermijdelijke

Death wants more death

.

Vrijdag jongstleden ontvingen we bericht dat Derrel Niemeijer, dichter, bijzonder mens en powezievriend ernstig ziek is. Hij heeft slokdarmkanker met kwaadaardige uitzaaiingen naar lever en maag. Jullie mogen me geloven dat, toen ik het las, ik blij was dat ik alleen was want ik heb de hele kamer stijf gevloekt. De dood is onvermijdelijk maar tegelijkertijd zo oneerlijk, vilein en onverwacht en natuurlijk weet ik dat Derrel er nog is, maar ik heb in (te) korte tijd al twee mensen die ik liefhad verloren aan kanker en daar word je wel realistisch van.

Ik vind dat Derrel in deze moeilijke tijd aan alle kanten moet voelen en merken dat er mensen zijn die hem in hun hart hebben gesloten. Ook ik heb dat gedaan. Ik weet nog de eerste keer dat ik hem tegenkwam, ik vond het maar een raar mannetje maar wel een die iets bijzonders bracht, iets dat je niet veel ziet, iets volledig authentieks. In de loop van de tijd ben ik Derrel zeer gaan waarderen, zijn bijzondere poëzie, zijn liefde voor het woord en zijn vriendelijke speelsheid.

Om hem een hart onder de riem te steken moet je met poëzie komen. Poëzie die hij kan waarderen en waarvan hij de boodschap kan vatten. Ik denk (en hoop) dat dit gedicht van Charles Bukowski een glimlach bij hem zal kunnen ontlokken. De dood is onvermijdelijk, voor ieder van ons,  maar laten we toch vooral proberen die zelfde dood te tergen, te irriteren, uit te dagen en wie weet tijdelijk te overwinnen.

.

Death Wants More Death

death wants more death, and its webs are full:
I remember my father’s garage, how child-like
I would brush the corpses of flies
from the windows they thought were escape-
their sticky, ugly, vibrant bodies
shouting like dumb crazy dogs against the glass
only to spin and flit
in that second larger than hell or heaven
onto the edge of the ledge,
and then the spider from his dank hole
nervous and exposed
the puff of body swelling
hanging there
not really quite knowing,
and then knowing-
something sending it down its string,
the wet web,
toward the weak shield of buzzing,
the pulsing;
a last desperate moving hair-leg
there against the glass
there alive in the sun,
spun in white;
and almost like love:
the closing over,
the first hushed spider-sucking:
filling its sack
upon this thing that lived;
crouching there upon its back
drawing its certain blood
as the world goes by outside
and my temples scream
and I hurl the broom against them:
the spider dull with spider-anger
still thinking of its prey
and waving an amazed broken leg;
the fly very still,
a dirty speck stranded to straw;
I shake the killer loose
and he walks lame and peeved
towards some dark corner
but I intercept his dawdling
his crawling like some broken hero,
and the straws smash his legs
now waving
above his head
and looking
looking for the enemy
and somewhat valiant,
dying without apparent pain
simply crawling backward
piece by piece
leaving nothing there
until at last the red gut sack
splashes
its secrets,
and I run child-like
with God’s anger a step behind,
back to simple sunlight,
wondering
as the world goes by
with curled smile
if anyone else
saw or sensed my crime

.

dn

Wonder

Toon Tellegen

.

Zondag dus Toon Tellegen. Een pijnlijk actueel gedicht. Uit: ‘Daar zijn woorden voor’ uit 2006.

.

 

Het pijnlijke van een wonder is

dat je je er niet over kunt verbazen,

hoe graag je dat ook zou willen,

het kan niet.

.

Het pijnlijke van doodgaan is

dat je je er altijd over moet verbazen,

ook al wil je dat niet, kun je dat niet,

het moet!

.

Waarom schreeuw ik zo?

Ik hoor mezelf wel.

.

tt

Hij had eens gelezen

Look J. Boden

.

In 2007 debuteerde Look J. Boden (1974) met de bundel ‘De waan van de nacht’. Volgens de achterflap zijn de gedichten uit deze bundel bondig, helder en nuchter. Geen mistige taalmuziek maar poëzie uit de echte wereld en daardoor even geschikt voor de leek als voor de liefhebber.

Boden studeerde rechten in Rotterdam en werd uiteindelijk journalist. Hij schreef voor het Rotterdams Dagblad, FEM Business en Schrijven Magazine. Naast dichter is hij zelfstandig communicatieadviseur. In deze bundel staan 33 gedichten die stuk voor stukvoldoen aan de beschrijving op de achterflap. Ik koos voor het gedicht ‘Hij had eens gelezen’.

.

Hij had eens gelezen

.

Hij had eens gelezen

dat iedereen

min of meer

hetzelfde was

.

Niet dat hem dat

tevreden stelde

of gerust

.

Het enige pluspunt

was dat hij niet

niet meer de deur

uit hoefde om

dit te staven

.

U kunt uw leven

nog eens rustig

nalezen op

Teletekst of

www. –

maar verder kwam

hij niet

.

look

Poëzieroute

Harderwijk

.

Harderwijk kent iedereen natuurlijk van het Dolfinarium. Maar er is meer te beleven. Zo is er in de binnenstad de poëzieroute ‘Dichter bij de stad’. De poëzieroute is een initiatief van Literaire Culturele Stichting Apollo in Harderwijk, i.s.m. VVV Harderwijk. De literaire culturele kring Apollo is opgericht in 1986 en stelt zich ten doel: het literaire en culturele leven in Harderwijk te stimuleren door het organiseren van evenementen welke een onderhoudend karakter hebben, en werkt zij, op het gebied van cultuur, theater en kunst ook met andere organisaties samen.

Joz Brummans was de initiatiefnemer van deze route die bestaat uit 25 gedichten geplaatst op stenen tableaus die overal in de binnenstad en aan de haven liggen. Gedichten van plaatselijke dichters maar ook van Ida Gerhardt, Arthur Rimbaud, Hans Lodeizen en A. Marja.

De route is te raadplegen via https://www.google.com/maps/d/viewer?mid=1pcSVKHdahMsT14AOXyvR4JD6I7w&hl=en_US

h1

h2

h3

 

harderwijk

 

 

POeM PAiNtiNG

Lynda Black

.

De Engelse kunstenares Lynda Black is zeer veelzijdig als kunstenaar. Een deel van haar werk staat in het teken van (poëtische) teksten en daarbij maakt ze willekeurig gebruik van kleine letters, kapitalen en lettervormen.

In de jaren 70’en 80’van de vorige eeuw studeerde ze kunst en arts aan verschillende Engelse scholen en instituten, ze had vele tentoonstellingen, solo of in groepen en inmiddels verkoopt ze delen van haar werk via https://www.etsy.com op internet. Ook is haar werk opgenomen in collecties in Londen, Brisbane en Gympie (dit laatste verzin ik niet, het is een stadje van 10.000 inwoners in Queensland, Australië).

Haar Black and white paintings is het werk waar ze poëtische teksten in verwerkt zoals je hieronder kunt zien. Onder de noemer ‘Gedichten in vreemde vormen’ wilde ik je deze niet onthouden.

.

lb

lb2

lb3

An

Herman de Coninck

.

In april 2016 ben ik gestopt met het, elke zondag, plaatsen van gedichten van één van mijn favoriete dichters aller tijden Herman de Coninck. Maar telkens als ik voor mijn boekenkast sta met dichtbundels trekken zijn bundels mijn aandacht. Dan neem ik ze één voor één ter hand, blader en lees er wat in en zet ze terug. En soms, zoals vandaag, denk ik; ik ga er gewoon weer een plaatsen.

Op de onvolprezen website http://www.dbnl.org/ staat te lezen over de bundel ‘Schoolslag’ uit 1994:

“De Coninck is een dichter die zichzelf van nature tegenspreekt, in de rede valt, corrigeert. Hij moet wel iemand zijn die waarheden in het algemeen en ook zijn eigen waarheden wantrouwt. Dat heeft zo zijn consequenties voor zijn poëzie. Van grote onderwerpen ziet hij de ontnuchterende details, triviale kleinigheden brengen hem tot visioenen. Die wisselwerking levert karakteristieke gedichten op.”

In het gedicht over An ‘1971’ (dat gaat over zijn bij een ongeluk overleden vrouw An en hun zoon Tom) is de Coninck heel persoonlijk en zelfs wat afstandelijk in één gedicht. Hij ondergaat en hij observeert. Mede daarom bleef mijn oog hangen op dit gedicht.

.

1971

Verliezen lukte beter: daar heb ik ternauwernood
één dichtbundel over gedaan. Ik won
de Prijs van de Vlaamse Provinciën met jouw dood.
Ik herinner me vooral dat ik mijn bril niet vinden kon.

Die lag naast de auto op de grond. Eerst vond
ik hem, het was een nieuwe, dan jou.
Dank zij die bril kan ik je nog steeds zien.
Na een eeuwigheid, misschien.

een minuut of twee, wees een vrouw naar het gras:
kijk, een kindje. Oja, dat hadden we ook. Snel mond
op mond. Tom gillen als vermoord. Dat leek me gezond.

Pas toen besefte ik hoe stil het voordien was.
Ik dacht: zal ik eens proberen te huilen?
Het lukte. Dat kwam de volgende dagen goed van pas.

.

de-coninck-4

Eneas

Publius Virgilius Maro en Joost van de Vondel

.

Van Ton Rodenburg kreeg ik de ‘Eneas’ van Publius Virgilius Maro in de vertaling van Joost van den Vondel uit 1947 met lithografieën van Dignum Dominicus Lammers. Een mooi, groot, lijvig werk van 382 pagina’s dat eigenlijk te groot is voor mijn boekenkast. En toch ben ik zeer verrukt over deze gift van Ton.

Vergilius zijn bekendste werk is de Aeneis  (of in vertaling de Eneas), het grote heldendicht waarin de grootheid van Rome, van Romes oorsprong en verleden wordt bezongen. Dit werk moest even beroemd worden als de Ilias en de Odyssee van Homerus, het heeft dan ook een gelijkaardige inhoud, maar het is kritischer geschreven.

De Aeneïs gaat over de legende van Aeneas, die de Romein voorstelt als de verre afstammelingen van de Trojanen en van het geslacht van de Iulii (=Julii), waartoe Augustus behoorde door de adoptie van Quintus, de zoon van Aeneas en kleinzoon van Venus en Jupiter. De vermenging van deze mythologie met Latijnse geschiedenis maakt dit epos tot een nationaal kunstwerk, dat vanaf zijn ontstaan tot het heden toe geldt als het mooiste gedicht in de Latijnse taal.

In de taal van Vondel wordt dit een prachtig maar niet eenvoudig werk om te lezen. En toch ben ik eraan begonnen. De taal van Vondel is archaïsch maar prachtig. En nee, niet alles wat ik lees begrijp ik meteen maar dat geeft niet, door de taal, de rijkdom aan woorden en beschrijvingen neemt de schrijver me mee in het verhaal. Wat ik verder heel bijzonder vind is hoe de taal is veranderd. Als je de tekst hardop in je hoofd leest is er niet zo gek veel veranderd maar het gebruik van d’s en t’s, van h’s en g’s waar we dat niet gewend zijn, de ae voor de e, het gebruik van de stille c, de n aan het eind van vele woorden, allemaal in onbruik geraakt. Mooi om te zien hoe taal steeds veranderd en zich aanpast aan de tijd.

Per boek staat aan het begin een korte inhoudsopgave zoals dat vroeger vaker gedaan werd. Hier de inhoud van het eerste boek. Als tekst bijna een gedicht.

.

Eneas, de godtvruchte en strijtbaere oorloghshelt,

Vervolght van Iunoos wrock, en doolende om te landen

In ’t oude Italie, vervalt, door ’t woest gewelt,

Der Siciljaensche zee, in ’t ende aen Didoos stranden.

Zijn moeder Venus wijst hem ’t onbekende padt,

Dat naer Karthago loopt: zij deckt met eene wolcke

Achates, en haer’ zoon; die vindt de nieuwe stadt,

En wint Elyzes gunst, ten troost van zijnen volcke,

Geberght, en wel onthaelt ter tafel in ’t palais,

Belust om trojes val te hooren, en hun reis.

.

img_5642

img_5643

img_5644

img_5645

 

Leave a light on

Marble sounds

.

Soms zijn de tekstregels van liedjes voor meerdere interpretaties vatbaar. En een enkele keer kom je er nooit helemaal achter wat er nu precies bedoeld wordt met de tekst, wat je met poëzie ook kunt hebben. In het geval van een liedtekst kan dan altijd de muziek nog helpen of zelfs een video die bij dat nummer hoort. Bij het nummer ‘Leave a light on’ van de Belgische band Marble Sounds heb ik dat heel erg.

Marble Sounds is een Belgische postrockband rond zanger Pieter Van Dessel. Een belangrijk kenmerk van de muziekgroep is het melancholisch karakter van hun liedjes en dat is in ‘Leave a light on’ zeer goed te horen.

.

Leave a light on

sure i can leave a light on
let it shine on
leave it till dawn
sure i can leave a light on
leave a light on for you

it takes two to find a way out
there is no doubt
i will be around
if you have lost the right track
then i’ll lead you right back

don’t search to find
don’t smile just to be nice
don’t run just to get there on time

be amazed
simply blown away
live on without
getting off your cloud

sure i can leave a light on
leave a light on for you

sure i can play a quiet song
i could just hum

beat a soft drum
sure i can play a quiet song
play a quiet song for you

it takes you to make my heart sing
to let air in
and keep breathing
it takes two to keep the vibe true
i am waiting for you

it struck me again
we both look the same
but what you make
appears in all shapes

i should impress
but nevertheless
i cannot change
night into a day

so sure i can leave a light on
leave a light on for you

.

marbles
.

Dichter van de maand Oktober

Toon Tellegen

.

Zoals al een beetje weggegeven op verschillende social media heb ik als Dichter van de maand oktober gekozen voor Toon Tellegen. Blijkbaar weet de poëzie van Toon Tellegen vele harten te raken. In ieder geval het mijne en daarom dus op elke zondag in oktober een gedicht van Toon Tellegen.

Voor vandaag heb ik gekozen voor het gedicht ‘Een gedachte’ uit de bundel ‘Gedichten 1977 – 1999’ uit het jaar 2000.

.

Een gedachte

.

Er moet een gedachte zijn

die te verschrikkelijk is om te bedenken.

Aan die gedachte moet ik denken,

nu.

Buiten morren mijn dromen, lopen geruchten tergend langzaam

heen en weer. Ik denk

dat zij bedolven ligt

onder al mijn andere gedachten

en niets te maken heeft met god of dood

of wat dan ook.

Misschien rekt zij zich wel uit, nu,

in het diepst van mijn gedachten, begeeft zij zich

op weg.

.

tt