Auteursarchief: woutervanheiningen

(oud) Gedicht onder een brug

Leiden

.

Dat je in de openbare ruimte gedichten aan kan brengen is geen nieuws, dat dit in vroeger tijden al gebeurde blijkt uit een eeuwenoude steen onder de Sint Jeroensbrug in Leiden.

In 2012 maakte Dirk Geirnaert bekend dat het gedicht tevens 5 raadsels bevat. De raadsels gaan over de lengte van het beleg van Leiden en tijdstip, dag, maand en jaartal van Leidens Ontzet. De antwoorden vind je in de tekst zelf.

De tekst luidt:

 

Men was in groot verdriet
Want eten wasser niet
En tvolc van hunger schreiden
Ten laetst God nedersiet
En zunt deur deze vliet
Broot spiz en dranc in Leiden

 

De onderstreepte letters vormen samen de datum ‘drie october’. Maar dat is niet het enige. Dirk Geirnaert ontdekte dat het gedicht een chronogram is: een stukje tekst waarin Romeinse cijfers voorkomen die bij elkaar opgeteld het jaartal vormen dat wordt herdacht. Tel de letters M, C, I en L als Romeinse cijfers op, dan krijg je 1574, het jaar van Leidens Ontzet. Het gedicht bevat 131 letters. Zoveel dagen duurde het beleg.

.

gedenksteens_vliet_geuzen_leiden

 

jeroensbrug

Puberpoëzie

Vragen

.

Al eerder besteedde ik aandacht aan de website puberpoezie.nl waar pubers hun gedichten kunnen plaatsen. Ook werd ik gevraagd om als jury op te treden bij hun gedichtenwedstrijd. Ik werd toen al verrast door de kwaliteit van de gedichten op deze site.

Binnenkort start ik op Dichterskring.nl een bespreking van gedichten van leden van de Dichterskring en zal ik inzenders van puberpoëzie behandelen op deze website. Maar meer daarover later. Vandaag van de puberpoëzie website een gedicht van Carline (18 jaar) met de titel ‘Vragen’

.

Vragen

.

 

 

 

Wat kraken de kraaien, waar schuilen

sterren overdag, waarom schreeuwen vaders,

welk weer is echt

waarom krijsen kinderen, wie brandt

de coniferen plat, waar verblijft de winter

in de zomer, denkt de tijd ook wel eens

dat hij te laat zal komen?

.

wanneer barsten de wolken, wie maakt

de luchten grijs, waar schuilt de zon voor

branden kaarsen ooit eens aan

waarom knappen snaren, wie loopt

er ’s nachts door de straat, waar halen

lampen dat licht vandaan en wanneer

gaan ze uit?

.

wie breekt de glazen, waarom knelt

de kou soms om je nek, waarom wil

de zon iedereen verbranden

waar ben je, en hoe gaat het, en draag

je nog je vaders sjaal, en hoe

gaat het in de liefde,

heb je al veel vrienden gemaakt?

.

en hoe hoog is nou eigenlijk

de hemel?

 

puberpoezie

 

 

Thuis

Kees Spiering

 

Vandaag, omdat ik weer thuis ben een toepasselijk gedicht van Kees Spiering ‘ Thuis’.

 

Thuis

 

Alsof je een plek bereikt.

Om je heen kijkt en weet

dat je thuis bent.

 

Een weiland, vergeten

langs duinen en bosrand,

iemand buigt tussen jou

en een feest – op zoek

naar de wijn, een gezicht

wordt zijn eerste woorden,

wat geschreven werd voor jou

door een nooit gevoelde hand.

 

Alsof je dit al kende

voor je het zag. Er geweest was

voor je er zou komen.

 

Zo thuis

 

 

met dank aan Plint.nl

 

Ballade aan de maan

Theo van Ameide

.

Theo van Ameide is het pseudoniem van Johan Hendrik Labberton. Labberton was een Nederlands jurist, dichter en essayist (1877 – 1955), geboren in Ameide (wat zijn pseudoniem verklaart).

Hij publiceerde een bundel gedichten onder de titel ‘Lof der wijsheid’ (1906), poëzie die eerder verscheen in het tijdschrift  ‘De Beweging’. In dat tijdschrift nam hij deel aan de discussie over ‘bezielde retoriek’ met bijdragen waarin hij pleitte voor ‘een nieuwe rethoriek’ (1913), een herstel van de ‘oude’ beelden en metaforen, mits doorvoeld en natuurlijk toegepast.  In 1912 verscheen zijn tot dan toe verschenen poëzie in ‘Verzamelde gedichten: 1906-1912’.

Pas in 1941 verscheen opnieuw poëzie van hem met het langere gedicht ‘Eeuwige lente’, in 1950 gevolgd door ‘Aarde en hemel: een gedicht’. De poëzie van Theo van Ameide heeft een filosofische strekking en is geschreven in een verheven retorische stijl.

.

Ballade aan de maan

.

Wij zijn te zamen maar alleen,
mijn bleke liefde, en over tijden
en ruimten gaat mijn mijmring heen
met u door lege luchten glijden;
daar kan geen tegenstand ons beiden;
gij ziet mij van de hemel aan,
als vroeg gij: waarom al dit lijden?
….Zwijg stil, zwijg stil, mevrouw de maan.
.
Ik ben maar liefst met u getweên,
gij zijt althans niet van de blijden,
gij kunt begrijpen, dat ik ween,
wen gij uw tere glans gaat breiden
en dromen weeft om dorre heiden,
een parel tovert in een traan….
Gij zoudt mij willen leeds bevrijden?
….Zwijg stil, zwijg stil, mevrouw de maan.
.
Hoe dikwijls, ach, hoe dikwijls scheen
mijn wezen ook, van de aard gescheiden,
niets, niets te blijven dan alleen
een oog dat schouwde, een oog dat – schreide….
.
Mijn arm verlangen, dat bij zijden
verheven machteloos blijft staan,
heet gij vergeten, heet gij mijden?
….Zwijg stil, zwijg stil, mevrouw de maan.
.
Ook gij….toch moet ik U benijden:
gij drijft, een glimlach, rond uw baan….
Begeer ik ook zo stil te weiden?
….Zwijg stil, zwijg stil, mevrouw de maan.

.

Verschenen in ‘De Beweging’ in 1912.

.

moon

Henk van Randwijk

Poëzieroute in Gorinchem

.

In Gorinchem is een poëzieroute waarbij allerlei gedichten in de openbare ruimte zijn aangebracht. Een van de gedichten is van dichter, journalist, verzetsheld, Gorkummer en mede-oprichter van Vrij Nederland Henk van Randwijk (1909-1966) . Hoewel Henk van Randwijk niet veel poëzie heeft gepubliceerd zijn de laatste regels uit het gedicht ‘Een volk dat voor tirannen zwicht’ beroemd geworden. Deze regels zijn aangebracht op de muur van het monument aan het Weteringplantsoen in Amsterdam.  Op deze plek was tijdens de oorlog een fusilladeplaats waar onder andere op 12 maart 1945 dertig verzetsstrijders werden geëxecuteerd.

Maar niet alleen daar deze regels, ook op een kunstwerk dat deel uit maakt van de poëzieroute in Gorinchem.

.

Een volk dat voor tirannen zwicht

.

Allen, die hier tesamen zijn,
de levenden, de doden,
de handbreed, die ons scheidt, is klein,
wij zijn tesamen ontboden voor het gericht …
.
Gedenk de liefste, die hier ligt,
de broeder, vrind of vader,
maar gun Uw ogen wijder zicht,
aanzie het land en alle mens tegader,
hoor dit bericht:
.
Wij staan tesaam voor het gericht
voor goed of kwaad te kiezen,
een volk dat voor tirannen zwicht,
zal meer dan lijf en goed verliezen,
dan dooft het licht.

.

Henk van Randwijk

 

In Gorinchem

HVR

 

In Amsterdam

Rijk

Lucebert

.

Vandaag uit mijn boekenkast getrokken de bundel ‘Erts; een bloemlezing uit de poëzie van heden’ waarbij moet worden aangetekend dat ‘heden’ in dit geval 1955 is. Ingeleid en samengesteld door Bert Voeten.

Uit deze bundel van Lucebert het gedicht ‘Rijk’.

.

Rijk

.

Zie je spiegel wordt blind

je gezicht zo klein als een kind

je gezicht een nietige ster

tussen de storm en de wind

.

De weg die je ging was zo oud

als de hand die hangt uit de wolk

en de vlam die je vroeg zo koud

als de driftige sikkel de sluipende dolk

.

Maar nog nimmer zo rijk

als bij stenen voor brood

bouw je je troon in het slijk

met de bronstige troffel de dood

.

lucebert

 

Rijk : uit de bundel Alfabel, 1955

 

Poëtische stadswandeling

Maarten van den Elzen

.

In  Uden kan, onder leiding van dichter Maarten van den Elzen (onder andere stadsdichter van Uden), een poëtische stadswandeling worden gemaakt van circa 2,5 uur. Deze wandeling voert langs vijftien van diens gedichten op diverse plaatsen in de openbare ruimte van het Udense centrum. De gedichten hebben altijd een relatie met de plek waar zij zich bevinden. Deze worden op de betreffende plek uitgebreid  toegelicht door de dichter met de nodige verhalen en details.

De wandeling kan worden gecombineerd met een bezoek aan het Museum voor Religieuze Kunst, waar Maarten van den Elzen tevens zal voorlezen uit eigen werk.

.

Tot in de Nederige Madeliefjes

.

ik heb uw gezicht

gezocht tussen

altaren die

hemelhoog

torenden tussen

getorste

kandelabers en in

het gekleurde licht

van de glas-in-lood

ramen

.

maar ook tussen

de bomen die zo

dicht bij elkaar

staan dat het

daglicht blijft

steken in hun

schaduw

.

en natuurlijk

tussen bloemen in

de arrogantie van

gladiolen tot in de

nederige

madeliefjes

.

ik heb uw gezicht

gezocht tussen de

mensen

.

wandeling

 

Meer informatie over de stadswandeling op: http://www.poeziewandeling.nl/

Nieuw gedicht

Er is maar een weg

.

Omdat het alweer even geleden is dat ik werk van mezelf plaatste nu dan een nieuw gedicht.

 

Er is maar een weg

 

En een weg terug? vroeg ik

er is geen weg terug, alleen

afslagen te nemen

die de weg naar het einde

van je reis vertragen

 

dat is voortgang

 

we keken om ons heen

een labyrint aan wegen, paadjes,

sluiproutes en andere mogelijke

doorgangen

 

lag klaar om de weg terug

te laten wegglijden

In een mooie herinnering

en niet meer

 

 

When you are old

W.B. Yeats

.

Hoewel ik dacht dit gedicht al eens te hebben gepost, blijkt nu dat ik slechts een fragment heb geplaatst. Daarom het gedicht ‘When you are old’ van William Butler Yeats (1865 – 1939), gewoon omdat het zo’n prachtig gedicht is.

.

When you are old
.

When you are old and greyand full of sleep,

And nodding by the fire, take down this book,

And slowly read, and dream of the soft look

Your eyes had once, and of their shadows deep;

.

How many loved your moments of glad grace,

And loved your beauty with love false or true,

But one man loved the pilgrim soul in you,

And loved the sorrows of your changing face;

.

And bending down beside the glowing bars,

Murmur, a little sadly, how Love fled

And paced upon the mountains overhead

And hid his face amid a crowd of stars.

.

yeats

Onvoltooid gedicht

Klapband

.

Uit de bundel Kuttje Compleet vandaag een gedicht van Wilhelmina Kuttje Sr. uit 1936. De notitie bij dit gedicht luidt na de laatste regel: Hier houdt het op. ’t Was ook eigenlijk maar een kladje in handschrift. Maar toch de moeite waard.

Uit de bundel: Vetpot

.

Klapband

.

Zoevend langs ’s heren wegen

dromend achter ’t stuurwiel heen

glijdt het modderige landschap

door den miezerige regen

klaagt den motor steen noch been

WAAR GAAN WIJ HEEN?

.

Ach, ’t is niet zozeer een einddoel

’t is veeleer de vreugde van den reis

Ploeterend door die modderpoel

op den vlucht voor Hein met Zeis

.

KLAP! klinkt plots ter linkerzijde

en wij stoppen met gesis!

En wij maken vuile handen

en wij wisselen van wiel

zetten onze lange tanden:

en wat ons toen heeft bezield

was: O staak het gemopper over banden

straks draven wij weer door vreemde landen

Die klapband deed ons weer beseffen

dat het leven…

.

groep