Site-archief
Simon Vinkenoog
gedicht
.
In 1973 richtte Remco Campert het tijdschrift ‘gedicht’.op dat werd uitgegeven door de Bezige Bij. ‘gedicht’ was een tijdschrift dat uitsluitend gewijd was aan poëzie en het vertegenwoordigde geen stroming in de Nederlandse letteren, maar wilde poëzie brengen van goede kwaliteit, of wat de redacteur daarvoor aanzag. Het tijdschrift stond open voor debuterende en gevestigde dichters. Het tijdschrift ‘gedicht’ verscheen 4 maal per jaar. Uit nummer 5 van de tweede jaargang (1975) koos ik voor een gedicht van de dichter Simon Vinkenoog getiteld ‘Anna sunya’.
.
anna sunya
.
in de fontein
van het licht
dat alle dorst lest
is alles waar
.
alles leeft
.
voor haar
is alles
een, vanuit
haar is alles
waar
.
anna sunya
zuiver niets
teder levend
kwetsbaar
wonder
.
dochter
.
je bent volmaakt
hoe is het mogelijk?
maar- het is waar-
je bent volmaakt
.
Hoe je vaart
Nieuw gedicht
.
De laatste tijd heb ik niet veel nieuwe gedichten geschreven. Ik raak daar niet van streek van, het komt wanneer het komt. Toch schreef ik pas geleden weer iets nieuws, het gedicht ‘Hoe je vaart’.
.
Hoe je vaart
Verlaat de kajuit, verlaat
het schip, het grote water lonkt naar je.
Trek eropuit, de oneindig grote oppervlakten
liggen braak. Niet voor niets, niet zonder reden,
klaar te worden ontdekt, geëxploiteerd.
Stap in de reddingsboot, neem je plaats in, kijk
niet om, laat vrouwen en kinderen hun
weg zoeken, op eigen benen.
De kapitein zwaait af, gedag, tot nader order.
Ook met een buitenboordmotor is het
geriefelijk varen, met minder vaart misschien
maar wendbaar, eenvoudiger de koers
te verleggen, een andere wind te kiezen.
.
Woordwaarde
Mirjam Noach
.
Dichters kom je op de gekste plekken tegen. Zo blijkt een collega van me bij ProBiblio (de provinciale ondersteuningsorganisatie van bibliotheken) Mirjam Noach polderdichter van de Haarlemmermeer te zijn. Begin dit jaar hield de bibliotheek Haarlemmermeer een collecte van woorden. Van de meer dan 100 opgehaalde woorden maakte Mirjam het volgende gedicht ‘Woordwaarde’ waaruit duidelijk blijkt in welke omgeving je dit gedicht kan plaatsen.
.
Woordwaarde
.
Hoi windmolen in het open landschap van de polder,
Ben je polderwind aan het vangen?
Zo dicht bij Schiphol in de stroom van vliegtuigen,
En het vliegtuiglawaai.
Mensen op weg naar de zomerzon
Opstijgend via de Bulderbaan
Langs het laatste stukje Bulderbos.
Afhankelijk van de tijd kleurt de lucht oranje
Hemelsbreed zicht op het uit de klei getrokken land.
Kruisbestuiving door het bedwingen van de waterwolf,
Waar akkerbouw ontstond en visch plaatsmaakte voor graan.
Hoe zou Charlotte Demantons dat illustreren
– Wanneer ze zou fietsen op de rechte wegen –
De boerderij van Amersfoordt, de ringvaart en het gemaal?
Onoverzichtelijk lijnenspel boven de oude A9,
Het Haarlemmermeerse bos zonder populieren op de Geniedijk.
In het gras bespreek ik met mijn lief de liefde gezellig in het groen
Calatrava siert met zijn bruggen Harp, Citer en Luit,
De recht-toe-recht-aan-weg.
Rechtlijnig, zonder poespas – weet ook Onno Hoes
Is de polder.
Spottershill en de ruimte aan de horizon waarin we samenleven,
Met koolmees of poldervogel, rups en katjes aan een polderboom.
Als overwinning op het water, in het honkbalstadion
Waar jongeren op de bank
Kansen zien in zonlicht en wind; gratis geldloos edenisme.
Leuk en leerzaam ook voor expats,
Die desalniettemin voor het ijs betalen.
Vliegtuigen vliegen naar het licht
Over de Geniedijk met zijn fietsers
Weg van loslopende honden, hun tak hun poep en nattigheid
En de agressie die dat oproept.
In deze gemeente waar waarachtig de zomerzon
Wonderwel opkomt en ondergaat
En het effect van die juxtapositie ons heeft bereikt
Voelen wij ons (t)huis.
.
Zwembad
Sam Hoeck
.
De Vlaamse dichter Sam Hoeck (1995) studeert filosofie aan de universiteit van Antwerpen en wil daarnaast heel graag schrijven.Van tijd tot tijd staat ze op een podium om haar teksten ten gehore te brengen, andere keren weer zijn haar teksten vooral om te lezen. Sam Hoeck is naast dichter ook verzamelaar van pasfoto’s. In 2017 was Sam Hoeck een van de dichters die deelnamen aan de Poeziebustoer. Ook is zij verbonden aan het Collectief Dichterbij, verenigd Kempisch woordtalent. Van haar het prozagedicht ‘ Zwembad’.
.
Zwembad
.
Aan de rand van het zwembad staat een man. Hij neemt een kind
vast bij de enkel en steekt het in de lucht als een trofee. Het kind
hangt ondersteboven. In de veronderstelling dat het kind valt als
het losgelaten wordt, zegt de man: ” Kijk ik red een kind.” Iemand
passeert en zegt: ” Misschien is hij de moeite van het redden niet
waard.” De man laat het kind los. het kind valt ussen haakjes,
wordt niet meer bekeken, ook al is het er nog steeds.
.
Ik draag een badpak waarin mijn tepels uitgesproken aanwezig
zijn. Ik zit aan de rand van het zwembad en het kind in zijn
zwemband drijft voorbij.
.
Ik Ben je gevallen?
Hij Ja
Ik Doet het pijn?
.
Het kind trekt zijn schouders op en laat ze weer los.
.
Hij Valt wel mee
.
Ik ben bang dat mensen naar mijn tepels kijken. In het water volgt
iedereen dezelfde koers, alleen de gedachten gaan andere kanten
uit. Een vrouw met een rode badmuts op haar hoofd denkt aan de
liefde als een bokswedstrijd: wachten tot de ander opgeeft, zodat
alleen achterblijven een teken van overwinnen is.
.
De fatale bres
Günter Kunert
.
De titel van een boek kan soms tot verwarring leiden. Neem nou de bundel ‘de fatale bres’ vertaalde hedendaagse duitse poëzie. Bij het kopen van dit bundeltje dat de dichter A. Marja als vertaler kent, dacht ik hedendaagse Duitse poëzie te gaan lezen. Totdat ik erachter kwam dat het boekje in 1962 werd uitgegeven. Hedendaags wordt op die manier ineens poëzie uit de jaren ’50 en ’60. De dichters die worden opgevoerd hebben dan ook geboorte jaren tussen 1881 en 1937. Desalniettemin staan er prachtige en goeie gedichten in. Zowel in het Duits als in het Nederlands.
Dichters waarvan ik er maar een paar van naam ken zoals Paul Celan, Ingeborg Bachmann en Peter Hamm. Een dichter die ik niet kende is Günter Kunert (of Guenter Kunert zoals hij in deze bundel wordt opgevoerd).
Kunert (1929) woonde en werkte in de DDR en was lid van de communistische partij. Toen hij in 1976 een petitie tekende omdat de partij Wolf Biermann (een collega schrijver) het lidmaatschap van de partij wilde afnemen, werd hem ook het lidmaatschap afgenomen. In 1979 kon hij door het verkrijgen van een visum naar West Duitsland reizen en daar vestigde hij zich.
Kunert wordt gezien als één van de meest veelzijdige en belangrijkste hedendaagse Duitse schrijvers. Naast poëzie schreef hij essays, autobiografisch werk, aforismen, satires, sprookjes, science fiction, speeches, reisverhalen, film scripts, en romans. Hij werd in verschillende literaire tijdschriften gepubliceerd en hij is daarnaast ook schilder en grafisch ontwerper.
Het gedicht dat uit de bundel ‘de fatale bres’ komt is getiteld ‘Wenn ihr mal kniet vor einem’ of in de vertaling van A. Marja ‘Als u knielt’.
.
Als u knielt
.
Op deze steen
heeft Willem de Veroveraar
en later Napoleon
gezeten-
ook nog Saint-Just
en twee al lang vergeten
koningen – een
de Vijfde en een
de Zestiende.
.
Maar vergeet nooit
dat de steen telkens
warm werd van een paar
levende billen.
.
En niet van een naam.
.
Wenn ihr mal kniet vor einem
.
Auf diesem Stein
sass William de Eroberer
und später Napoleon.
Es hockten Saint-Just
auf ihm und zwei längst
vergessene Könige – ein
Fünfter und ein Sechzehnter.
.
Vergesst bitte nicht,
das der Stein jeweils durch
einen lebenden Hintern
erwärmt wurde.
.
Nicht durch einen Namen.
.
Johan Cruijff
Hard Gras
.
Toen Johan Cruijff in 1997 50 jaar werd, besteedde het voetbaltijdschrift Hard Gras een heel nummer aan hem. Het eerste deel van dit tijdschrift bevat gedichten van dichters en schrijvers over Johan Cruijff. Van o.a. Willem Wilmink, Toon Hermans, K. Schippers, Ronald Giphard, Aad Nuis tot Michel van der Plas. Maar er staat ook een gedicht in van Arnon Grunberg met de intrigerende titel ‘Johan Cruijff heeft het zelf gezegd.
.
Johan Cruijff heeft het zelf gezegd
.
Kijk, met schrijven is het zo:
Je boeken verkopen
of niet.
En dan is er altijd nog wel werk
op het postkantoor.
.
Maar Johan Cruijff heeft gezegd:
ik ben geen dief
van mijn eigen portemonnee.
.
Ik ook niet.
.

















