Maandelijks archief: april 2017

De kleurige onbekende

Dichten over dichten, Karel Appel

.

In de mooie bundel ‘Dichten over dichten’ bloemlezing uit de Nederlandse poëzie van de 19de en 20ste eeuw van samenstellers Atte Jongstra en Arjan Peters, kwam ik een opmerkelijke naam tegen; Karel Appel. Iedereen kent de schilder Karel Appel (1921 – 2006) maar dat hij ook gedichten schreef was mij in ieder geval onbekend.

In deze bundel staat van zijn hand het gedicht ‘Regen in Holland’ oorspronkelijk verschenen in ‘Kleurige onbekende’ uit 1986, een verzameling gedichten en tekeningen van Karel Appel. In een recensie van de poëzie las ik dat zijn gedichten tussen 1941 en 1982, op een licht toegenomen pessimisme na, in karakter niet veranderd was. De recensent oordeelde dan ook over zijn poëzie als zijnde naïef.

Oordeel zelf zou ik zeggen.

.

Regen in Holland

.

Misschien gaan we uit eten

.

of misschien bedenken we

een aap in spijkerbroek

die aan de jenever is

.

ik denk aan oude

Hollandse windmolens

al dat water, al die wind

al dat gedraai in het rond

.

geen nieuws vandaag

en dat rot geheugen van je

heb je er wat aan?

.

maakt dat een dichter van je?

.

Nooit wacht er een man op een vrouw

Neeltje Maria Min

.

Het gedicht van de dichter van de maand april, Neeltje Maria Min, is dit keer het gedicht ‘Nooit wacht er een man op een vrouw’ uit de bundel ‘Kindsbeen’ uit 1995.

.

Nooit wacht er een man op een vrouw

Nooit wacht er een man op een vrouw.
Een man gaat naar zee of hij vecht
of hij komt in een afgrond terecht.
Mannen gaan altijd weg.

Op een balkon speurt een vrouw,
de hand aan haar slaap,
de horizon af: Komt hij gauw?

De wacht zet zich voort
op luchthaven, kade, perron
en bij de gevangenispoort.

Eerlijk, het wachten viel licht
als hij terug is waar het begon.
Ze vertrouwt het vertrouwde gezicht.
Haar zeeman, haar dief, haar soldaat,
haar dappere ontrouwe lief
die het niet helpen kon.

.

De bijen

Myrte Leffring

.

Myrte Leffring (1973) ken ik al een aantal jaar als dichter sinds zij een optreden bij Ongehoord! verzorgde (toen met pianist Marijn van de Ven) en later toen ze jurylid was van de Ongehoord! gedichtenwedstrijd. Ze is niet alleen dichter maar ook redacteur en literair docent. Zij is op freelance-basis werkzaam voor onder meer poëzietijdschrift Awater, Stichting Poëzieclub, Turing Gedichtenwedstrijd, Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam (SKVR) en DOK, Centrum voor de kunsten in Delft.

Aanstaande zondag 9 april komt ze opnieuw naar een podium van Ongehoord! in de centrale bibliotheek van Rotterdam (4e etage van 14.00 tot 16.30) samen met Neusa Gomes, Irene Siekman, Demi Baltus, Look J. Boden, Kim van Schie (proza) en Beau de Graaff (muziek).

Van haar website http://www.wolkenvankrijt.nl een gedicht uit 2015.

.

De bijen

.

Wij waren meisjes

wij konden alles worden

 

we droomden van zwarte paarden

van een eigen bureau met laatjes

we hinkelden door kantoren

aten ongewassen druiven

 

we zagen reeën, het goud

viel van hun ruggen

en alleen wij konden dat horen

 

wij waren alles

zouden iemand worden

personen met agenda’s en ideeën

met een huisje van koek in ons eigen bos

 

we stalen kleine dingen

die we best

konden betalen

 

de zomers waren lang en

we waren laat op straat

niemand zou ons kelen

 

er waren buurvrouwen en

bij de bakker kreeg je ongevraagd

het warme kapje in je hand

 

we vingen tussen bekers

bijen in springbalsemienen

ze zoemden hoog en daarna laag

ze waren niet kwaad als we ze lieten gaan

we droomden van zwarte paarden

in een wei vol paarse klavers

 

wij konden alles worden

.

Papa Says It Won’t Hurt Us

De allereerste readymade

.

“Wat is het verschil tussen een ketchup label, en een gedicht?” Dat is wat dichter Ivor Unsk zich in 1915 afvroeg. De Russische immigrant Unsk, een  onbekende dichter en drinkgezel van Marcel Duchamp,  was degene die de oorspronkelijke readymade bedacht.

Toch werd deze vorm van readymade poëzie destijds niet geaccepteerd door de literaire wereld. Hoe fanatiek en luidruchtig en met argumenten, Unsk deze nieuwe vorm van poëzie ook verdedigde. De ondertekening van een gedicht door de dichter, de plaatsing in een literair tijdschrift, de bijbehorende aandacht van de lezer, dat maakt dat de de poëzie zich nestelt in de geest.

“Reclames voor schoensmeer, sigaretten, of revolvers zijn een naadloze weerspiegeling van de industriële massaproductie en moderniteit bevat een alledaagse waarheid die de dichter, gebogen over zijn typemachine, nooit kan benaderen. De titel van een gedicht kan niet concurreren met een krantenkop in de aandacht van de geest van de moderne mens.” Zo stelde Ivor Unsk in 1915.

Hoewel Marcel Duchamps beroemd werd met zijn readymade kunst kun je stellen dat Unsk in feite de grondlegger was van deze vorm van kunst (en dus ook poëzie). Toen het gedicht ‘Papa says it won’t hurt us’ werd gepubliceerd in ‘The Southwest Review’ werd het met de grond gelijk gemaakt door de critici.

De ironie wil dat Unsk in 1916 werd dood geschoten door een Iver Johnson revolver na een mislukte inbraak (hij had gok- en drankschulden) waardoor dit het enige gedicht is dat er van Unsk bekend is.

Hieronder de oorspronkelijke advertentie van Iver Johnson revolvers en de readymade die Unsk daarvan maakte.

.

Op de dag (vandaag) dat in de Volkskrant een heel artikel verschijnt over het porceleinen urinoir van Marcel Duchamps (en waar dat ding gebleven is) post ik dit stuk (dat ik begin van deze week al schreef (toeval bestaat niet). Hoewel het oorspronkelijke Amerikaanse artikel heel echt leek, blijkt dit een geval van  ‘alternative facts’, of een hoax. De auteur van dit artikel over Ivor Unsk blijkt Eric Kuns en het is dus allemaal bedacht. Desalniettemin vind ik het een mooi (bedacht) verhaal en als readymade zeker niet slecht!

Nieuw gedicht

ZomerExpo

.

ZomerExpo is de grootste kunsttentoonstelling in een Nederlands museum via open inschrijving en anonieme keuze. In 2017 in de Fundatie met het thema Water. Iedereen kon meedoen want de inschrijvingstermijn is inmiddels verlopen. Aanwezig bij de dag van het tonen van de kunstwerken aan de jury schreef ik het volgende gedicht.

.

Zomerexpo

 

Wat kunst is of

kunst mag heten, de tachtig mensen voor haar

denken het  te weten.

 

Zorgvuldig dragen haar familie en vrienden

de schatten (in haar ogen) richting het

verplichte,  maar daardoor niet minder

gewenst fotomoment.

 

Dan het  zwarte  gordijn,

het zwarte gat daarin, ze moet loslaten,

onzekerheid wint het tijdelijk van vertrouwen.

 

Loslaten vindt ze minder erg

dan het daaraan overgeleverd zijn.

In een te kort moment  gevolgd door een

absoluut en onverbiddelijk  ‘helaas’.

.

Dichters in Durban

Novib

.

In 1997 werd het eerste internationale poëziefestival in Zuid Afrika georganiseerd. Nadat Nelson Mandela in 1994 werd verkozen tot president in de eerste non-raciale verkiezingen ooit in Zuid Afrika was er een tijd van vrijheid en vernieuwing in Zuid Afrika. Dit leidde tot Poetry Africa in de Zuid Afrikaanse havenstad Durban. Vele dichters die tijdens het apartheidsregime vervolgd werden of in ieder geval hun stem niet konden laten horen gaven hier acte de présence. Ook Nederlandstalige dichters waren aanwezig in Remco Campert en Hugo Claus. Maar ook dichters uit India, Mexico, Canada, Duitsland, Japan, Mauritius, Zimbabwe en nog een aantal landen waren vertegenwoordigd. Vanuit Zuid Afrika waren er dichters die poëzie schreven in het Engels, het Afrikaans en het Zulu.

De organisatie, het Centre of Creative Arts onder de bezielende leiding van Adriaan Donker en Breyten Breytenbach had zich laten inspireren door Poetry International in Rotterdam. Het festival werd dan ook geopend door Obed Mlaba, burgemeester van Durban en Bram Peper, burgemeester van Rotterdam.

De Novib bundelde in 1997 een aantal van deze dichters in ‘Dichters in Durban’ en ik koos voor het gedicht ‘Veteraan’ van Tatamkhulu Afrika in een vertaling van Hugo Claus.

.

Veteraan

.

Achter de omgekeerde ruggen

van de heuvels hoor ik nog altijd

de hoest van motors die plots zwenken

en de blauwe

rook van de lucht is de blauwe

rook van geweren en de grauw-

blauwe rook van de jaren.

En er is daar een gezang dat ik mij rekkend wil bereiken,

een harmonie van razernij die mij lieflijker

toeklinkt dan om het even welke liefde.

Maar de heuvels zijn hoog,

hoger dan mijn begerig hart, en mijn voeten

zijn verstrikt in de wieren.

Soms lijkt het alsof ik

een phut-phut-phut hoor

als een kind dat knalt met een kinderlijk

speelgoedgeweer en ik weet

dat de verre kogels opnieuw zoeken naar

de levenden tussen de gebeenten.

Maar er zijn daar geen levenden meer,

alleen doden, en zij zijn dood

zoals ik dood ben, alhoewel ik ademhaal

en mijn gehuil is dat van een wolf

tussen de schedels en mijn stap

is die van een schaduw in een plek van uilen.

.

Muzen almanak

Vergeet mij niet

.

In de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw heb ik een tijdje oude boekjes gespaard. Of gespaard, als ik een mooi oud boekje tegenkwam kocht ik die en die heb ik altijd bewaard. Omdat ze vrij hoog in mijn boekenkast staan bekijk ik ze niet dagelijks (eigenlijk bijna nooit) en dat is jammer want vandaag besloot ik dat wel te doen en wat bleek? Tussen oude boekjes over ‘100 jaar Diergaarde Blijdorp’ en ‘Tijl Uilenspiegel’ stond een mooi klein boekje met gedichten! Het is de ‘Muzen almanak’ 35e jaargang uit 1853 met als titel op de franse titelpagina ‘Vergeet mij niet’. Uitgegeven door ene Laarman.

Op de eerste pagina’s staat te lezen: Aan hare majesteit de koningin-moeder der Nederlanden wordt dit jaarboekje met verschuldigde hoogachting eerbiedig opgedragen door harer majesteits onderdanigen dienaar J. H. Laarman.  Kom daar nog maar eens om tegenwoordig.

In dit bundeltje staan gedichten van onder andere Dr. Nicolaas Beets, Mr. J. van Lennep (de Heer van Burleigh), H.J. Schimmel en F.J. Blieck (en nog zo’n kleine 30 dichters waar ik nog nooit van gehoord heb). Een aantal gedichten zijn geïllustreerd ‘met eenen plaat’. Dit zijn prachtige gedetailleerde etsjes (?) of andere grafische afbeeldingen die bij het gedicht passen.

Daar heb ik er dan ook één van gekozen namelijk ‘Het jagertje van Verschuur’ Een liedje bij een plaatje door E. Wie deze E. is wordt verder niet uit de doeken gedaan en ik heb het ook niet kunnen vinden.

,

Het jagertje van Verschuur.

.

Stout jager! als ik vragen mag,

Wat jaagt ge hier toch elken dag?

’t En is niet om ’t patrijsken:

’t Is om een eedler hoen

Te doen:

’t Is wel om Mulders Lijsken,

Dat gij zo draaft door ’t groen.

.

Stout jager! als ik zeggen mag,

Gij zijt van ’t echte jagers-slag;

Maar, viert ge ook toom en teugels,

’t Wild danst al even vrij

Voorbij:

De deugd geeft Lijsken vleugels,

Die vlugger zijt dan gij!

.

Stout jager! als ik raden mag,

Hijsch dan de wirtte vredevlag,

Zoek ’t hoentje op uw voeten;

Werp strik en moordgeweer

Ter neêr:

Als vrouw zal Lijske’ u groeten,

Als dienstmaagd–nimmer meer!

.

 

Luspoëzie

Versvorm

.

Op zoek naar bijzondere versvormen kwam ik de ‘Loop poem’ tegen. Luspoezie ofwel Loop Poetry is afkomstig uit Engeland en populair op Engelstalige poëzie-sites.

Het gedicht bestaat uit 20 regels, twee distichons, een kwatrijn, twee distichons, een kwatrijn en afgesloten met twee distichons.
De distichons rijmen, de kwatrijnen rijmen niet, maar vormen luspoëzie, wat inhoudt dat het laatste woord van regel 1 het beginwoord is van regel 2 en zo verder.
Op http://www.hetvrijevers.nl/  staat een mooi voorbeeld van Jaap van den Born getiteld ‘De toren’. Daarna nog een mooi Engels voorbeeld van Hellon getiteld ‘How I see you’.
.

De toren

.

De toren rijst op uit het duister

Er zweeft een zacht en vreemd gefluister

 

Op uitgesleten stenen trappen

Weerklinken doffe, holle stappen

 

Een edelvrouw, reeds lang gestorven

Gestorven door vergeefse liefde?

Liefde, door de dood gebroken

Gebroken, maar niet uitgedoofd?

 

En klinkt soms in de zomernacht

Met zachte stem haar stille klacht?

 

Zie ik daar achter de gordijnen

Een vrouwensilhouet verschijnen?

 

Voor eeuwig in de steen gevangen

Gevangen door haar hunkering

Hunkering naar wat verloren

Verloren en ongrijpbaar was?

 

Of was er haast met de facturen

En wordt er nu in overuren

 

En door een diepvriesmaal gesterkt

Hier ’s avonds laat nog doorgewerkt?

.

How I See You

.

Eyes that don’t see

see the things that you do

do you wish me to describe

describe how I see you…

.

Skin so delicate

delicate as a rose

rose that will blossom

blossom as it grows.

.

Hair moving gently

gently you tease tease…

softly whispering

whispering summer breeze.

.

Voice so melodic

melodic singing birds

birds, such sweet tunes

tunes…enchant like your words.

.

Dress…rustling

rustling tress bare

bare as leaves fall

fall, the colour of your hair.

.

Your perfume..sweet fragrance

fragrance frangipani’s bring

bring back many memories

memories of spring.

.

Yes…I am blind

blind, yet I see

see in my mind

mind you fill will glee.

.

Dichter van de maand april

Neeltje Maria Min

.

In april zal Neeltje Maria Min mijn dichter van de maand zijn. Min heeft niet heel veel gepubliceerd, sinds 1966 toen ze heel Nederland verbijsterde met haar debuutbundel ‘Voor wie ik liefheb wil ik heten’ publiceerde ze nog maar 4 bundels. In 1989 verscheen ‘De gedichten’ met daarin behalve haar debuut ook de bundel ‘Een vrouw bezoeken’ en ‘De ballade van Kastor Elim Wolzak’. De laatste is niet eens een bundel maar eerder een wat langer gedicht van 3 pagina’s.

Uit ‘Een vrouw bezoeken’ koos ik voor het gedicht zonder titel maar met de beginregel ‘Zij stonden voorovergebogen’.

.

Zij stonden voorovergebogen,

voorhoofd aan voorhoofd.

Daaronder bewogen

handjes en voetjes.

Een zieltogend lijfje,

een kindje van vijf.

.

Zij spraken, maar spraken in scherven.

Zij schoven uit hun groot gezicht,

dat als een dak boven mijn ogen hing,

woorden van een gedicht

in omgekeerde volgorde.

.

Ik was hun kind.

Ik voelde me verplicht

om weer gezond te worden.

Ik sidderde nog eenmaal en besloot:

Ik ben hun kind,

ik ga nog lang niet dood.

.

 

Poëziebus 2017

De namen zijn bekend

.

De Poëziebus gaat ook in 2017 weer rijden en voert ook dit jaar langs een aantal steden in Vlaanderen en Nederland. Welke dit zijn wordt binnenkort bekend gemaakt. Als voorzitter van de Raad van Toezicht van de stichting Poëziebus wil ik Irene Siekman maar ook alle anderen die weer veel werk in deze tour stoppen een groot compliment maken. Voor de derde keer georganiseerd en als reizend festival elk jaar weer verder groeiend, ik ben onder de indruk!

Van 4 t/m 13 augustus kun je de bus dus weer tegenkomen. Gisteren werd door de organisatie bekend gemaakt welke dichters, performers, slampoeten en spoken word artiesten mee gaan dit jaar. Een paar bekende namen maar ook een boel nog onbekend talent. Dit zijn ze:

Gorik Verbeken, Shanna de Ruiter, Martin Beversluis, Cissy (Cissy Joanita), Hidde Moens, Adriána Kóbor, Kay Slice, Marjan De Ridder, Arno Moens, Heidi Koren, Tijdelijke Toon (Charley El Ranzino), Sam Hoeck, Jeroen Naaktgeboren, Anne-Fleur van der Heiden, Jooz, Petra Van den Berghen, Gerard Scharn, Siebrand (Siebrand), Rellieatuur (Rellie Telg) en Daan Janssens!

Van één van deze dichters namelijk Heidi Koren alvast een voorproefje in de vorm van het gedicht ‘Testament’.

.

Testament

.

Ik heb iets nagelaten

Mijn ribben open te breken en jou mijn kloppend hart te schenken Overgeleverd aan jouw handen had ik moeten wachten niet wegkijken maar voelen dat het klopt

Mijn tijd stil te zetten Dag in nacht laten veranderen wachten tot de nieuwe maan geboren wordt en voelen dat zij schopt

De stilte buiten te sluiten Het zwijgen te begraven De leugen te smoren in het kussen van ons bed
Ik heb iets nagelaten Te laat te laf te diep begraven

Sla de sloten kapot Breek mijn kasten open Lees mijn hart uit Ik heb iets nagelaten Het staat geschreven Het is voor jou.

.

Meer informatie en poëzie over en van Heidi op haar website http://heidikoren.nl/

.