Categorie archief: Dichtbundels
Diagnose
Gerrit Achterberg
.
Uit mijn boekenkast, uit de bundel ‘Het weerlicht op de kimmen’ een verzamelbundel, het gedicht ‘Diagnose’ uit ‘Inertie’ waarvan geen jaartal bekend is maar dat in 1951 als onderdeel van ‘Oude cryptogamen’ verscheen.
.
Diagnose
.
De dingen komen nu vertrouwelijk bij de serre:
de hond, de avond en de verre
horizon.
Ik wou dat ik nu kon
sterven;
of dat nog eens begon
leven;
dan viel dit wel aan scherven,
wat van de liefde is gebleven;
waarin alleen nog waanzin wonen kan.
.
Met dank aan http://www.dbnl.org
Copyrettes
Menno Wigman
.
Van Menno Wigman vandaag het gedicht ‘Tot besluit’. Twee weken geleden kwam ik in een copyrette (nou ja een copyshop maar what’s in a name) toen ik aan dit gedicht moest denken.
.
Tot besluit
.
Ik ken de droefenis van copyrettes,
van holle mannen met vergeelde kranten,
bebrilde moeders met verhuisberichten,
de geur van briefpapieren, bankafschriften,
belastingformulieren, huurcontracten,
die inkt van niks die zegt dat we bestaan.
En ik zag Vinexwijken, pril en doods,
waar mensen roemloos mensen willen lijken,
de straat haast vlekkeloos een straat nabootst.
Wie kopiëren ze? Wie kopieer
ikzelf? Vader, moeder, wereld, dna,
daar sta je met je stralend eigen naam,
je hoofd vol snugger afgekeken hoop
op rust, promotie, kroost en bankbiljetten.
En ik, die keffend in mijn canto’s woon,
had ik maar iets nieuws, iets nieuws te zeggen.
Licht. Hemel. Liefde. Ziekte. Dood.
Ik ken de droefenis van copyrettes.
.
Uit: Dit is mijn dag, 2004 (Prometheus)
Last
Leonard Nolens
.
Leonard Nolens (1947) is één van de belangrijkste levende dichters uit Vlaanderen. Nolens is een romanticus, schrijft vaak over de liefde en over manieren om aan de identiteit te ontsnappen. Hij publiceerde sinds zijn debuut in 1969 (Orpheushanden) meer dan 20 dichtbundels en een groot aantal dagboeken. Leonard Nolens won vele Vlaamse en Nederlandse poëzieprijzen.
In 2004 werd ‘Laat alle deuren op een kier’ gepubliceerd bij uitgeverij Querido. Ruim 800 pagina’s poëzie, een dik verzameld werk met gedichten uit zijn werk tot dan toe. Uit deze mooie uitgave het gedicht ‘Last’ uit de bundel ‘Geboortebewijs’ uit 1988.
.
Last
.
De blootgewoelde uren liggen wakker.
De splinternieuwe dag is geen gezicht –
Een blinde middag vol intieme nederlagen,
Een avond die verdwaalt en niet de straat op durft.
.
De nacht is doof, een blauwe pot vol sterren,
Een holle bol waarin een lichtjaar circuleert
Van dagen zonder nummer, weken waken, maanden
Zonder je lippen en namen en handen van ons.
.
Kom maar gauw, ik heb me morgen nodig.
Je bent het raadselboek waarin mijn leven past.
Wat word je zwaar, ik kan je niet meer dragen.
Kom maar. Kom maar gauw. En haal je van mij af.
.
Just your everyday apocalypse
Amelia Walker
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel van Amelia Walker met de intrigerende titel ‘Just your everyday apocalypse’. De paar keer dat ik Amelia heb ontmoet waren bijzonder. Haar poëzie is anders, gelaagd en in al haar gedichten zijn vooral de dingen die niet benoemd worden van belang.
Amelia Walker begon met voordragen (spoken word) in cafés en clubs in de regio rond Adelaide (Australië) toen ze zestien was. Na vele optredens die volgde op allerlei festivals in Australië verbleef ze voor korte tijd in Nederland. Ze publiceerde gedichten in de Verenigde Staten, Groot Brittanië, Noorwegen, India, Australië en Nieuw Zeeland. Meer over Amelia op haar (iets gedateerde) website http://www.freewebs.com/ameliawalker/
De gedichten in ‘Just your everyday apocalypse’ zijn geschreven in de jaren tussen 2004 en 2008 (de bundel is uit 2008). Uit deze bundel het gedicht ‘Phone Call With An Ex’.
.
Phone call with an ex
.
I tell him I’m good,
I’m really good, extra good,
everything is good
good good good.
And he’s good,
really good.
And I say how good it is
that’s he’s really good
and I’m good
and we agree – for once-
it’s all good.
.
After we hang up
I heat a tin of asparagus soup
and watch ‘Muriel’s Wedding’
for the eleventh time.
Hoe dingen soms lopen
James Franco
.
In haar column van 9 april in de Metro, schrijft Elfie Tromp over James Franco. Onder de column staat bij gerelateerd nieuws: James Franco komt met nieuwe dichtbundel. Op dat moment is mijn nieuwsgierigheid gewekt.
Voor wie niet weet wie James Franco is; Deze Amerikaans acteur, regisseur, schilder en producer (1978) is bij het grote publiek vooral bekend door zijn rol in de Spiderman trilogie. In deze films speelt hij de rol van Harry Osborne. Maar hij speelde ook mee in films als Eat, Pary, Love en Datenight. Hij werd genomineerd voor een Oscar en voor drie Golden Globes waarvan hij er een won.
Een typisch geval van een celebrity die een dichtbundel uitbrengt. Nu schreef ik al eens eerder (24 december 2012) over de pogingen van (met name Amerikaanse) celebreties om poëzie te schrijven. De ene keer valt dat beter uit dan de andere. In het geval van James Franco lopen de meningen uiteen.
Zo wordt zijn gedicht Los Angeles Proverb op http://la.curbed.com/archives/2013/12/heres_a_bad_poem_james_franco_wrote_about_los_angeles.php getypeerd als “Not very good”. Oordeel zelf zou ik zeggen.
.
Aan de andere kant wordt een ander gedicht van zijn hand wel gepubliceerd op The American Poetry Review. Dit gedicht gaat over de film industrie.
.
Film Sonnet 3
He walks mindlessly, maniacally
Across the desert, like a Sam Shepard man,
A man who has been down to Mexico to die
Of a broken heart but didn’t die,
So he comes back to Texas, and then to Los Angeles,
Because all the cowboys retired to the movies.
Now they don’t even make Westerns anymore.
Paris, Texas, the name of the place
Where he bought some land, like a slice of Paradise,
But only in his mind. The real place
Is just a deserted plain in the middle of nowhere,
And his wife is working in a peepshow palace,
And you never think, but you should,
He was too old and ugly for her in the first place.
.
Zijn bundel Directing Herbert White is inmiddels te koop en op http://www.goodreads.com krijgt hij van de lezers een beoordeling van 3,5 ster (van de maximaal 5).
.
Liefdesgedicht
XX-XY
.
Binnenkort verschijnt bij MUG books mijn tweede gratis E-poëziebundel XX-XY met louter liefdesgedichten. Uit deze bundel het laatste gedicht.
.
Laat maar
.
Laat het maar
je vlecht zijn of
je jasje, de gespen
van je riem en de
opdruk van je shirts
.
laat het ook
je mondhoeken zijn
die zich vormen naar
een klinkende lach,
je haar dat altijd anders zit
.
laat het de gesprekken
beheersen die we voeren
en soms abrupt worden
verbroken, met telkens
andere betekenissen
.
maar laat het nooit
zomaar, laat maar, niet
vanzelfsprekend of
terloops, laat het maar
zijn wat het is
.
Vrouw Holle
Tjitske Jansen
.
Tjitske Jansen (1971) studeerde cum laude af in Beeldende kunst en Theater, aan de Hogeschool voor de kunsten in Arnhem. Voordat ze begon te dichten was ze onder meer werkzaam als koopvrouw op de markt, kokshulp, serveerster en administratief medewerker. In 2003 brak ze door als dichter met haar debuutbundel ‘Het moest maar eens gaan sneeuwen’ waarvan er meer dan 10.000 werden verkocht.
.
Haar stijl kenmerkt zich door een eenvoudig taalgebruik, waar veel referenties aan de kinderwereld in voorkomen, vaak gepaard met laconieke humor (zelf gaf Tjitske Jansen ooit aan de gedichten die ze schrijft kinderlijk of puberaal te vinden) Ook een hoofdfiguur uit een sprookje die zich aan zijn/haar rol houdt maar in het gedicht een andere kant krijgt. Bijvoorbeeld Vrouw Holle (zie hieronder) die verliefd wordt. Ze snijdt echter wel de grote thema’s als liefde, dood en verbondenheid aan in haar werk.
.
Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Vrouw Holle’ speciaal voor Lune.
.
Vrouw Holle
Ik kijk liever naar de maan
dan naar de mens.
De mens,
ik word er zó moe van.
Dat roepende, smekende,
lachende, verlangende,
niet wetende,
willen wetende
ik hou van jou zeggende,
of denkende,
op schoenen
of op eelt lopende,
van de een naar de ander rennende,
met sieraden en muziek beklede mens.
Ik kijk liever naar de maan
die altijd hetzelfde is:
onverschillig.
trouw.
De maan heeft geen woorden nodig
om te zeggen:
ik ben er
en morgennacht ben ik er weer
Misschien zit er een wolk voor,
misschien zie je me niet omdat je binnen bent,
omdat je binnen naar dwaze liedjes ligt te luisteren
of omdat er tranen voor je ogen zitten,
tranen omdat je denkt dat je alleen bent,
maar je bent niet alleen,
want ik ben er,
en gisteren was ik er ook,
en morgen ben ik er weer.
.


















