Categorie archief: Dichtbundels

Klankgedicht

Wilhelmina Kuttje

.

Uit de onvolprezen bundel ‘Kuttje Compleet’ uit de Ronflonflonreeks het klankgedicht ‘Vaarwater’ (uit de bundel ‘Ga uit mijn’).

.

Vaarwater 

.

Sschr Br. Kek ps. Rararara

Rarararann

vvvv – ffff – gz

Aboeboeboe ketoe leloe fuut

Farzzzz Fazas                kar

Fattas

.

 

kuttje

Kuttje compleet

Ronflonflon Reeks Deel 3

.

Eind jaren 80 was er op 3FM (wat toen nog radio 3 heette) het legendarische middagprogramma ‘Ronflonflon met Jacques Plafond. Als er ooit een radioprogramma was dat het absurdisme hoog in het vaandel had dan was het dit programma van Wim T. Schippers. Volledig absurde dialogen, interviews die meestal geen interviews waren, liedjes die ineens werden afgebroken of waar volledig doorheen gepraat werd, bedenk het gekste wat je kunt verzinnen en dan nog gekker.

Een vast onderdeel van het programma waren de gedichten van Wilhelmina Kuttje. Het onderdeel dat steevast werd aangekondigd als “de gedichten van Wilhelmina Kuttje met twee t, waarna even later Jan Vos (het alter ego van Clous van Mechelen) inbrak in het programma met de woorden: Wie had er twee thee besteld?

Volledige anarchie op de radio gebracht door de VPRO. Van dit programma zijn 4 boekjes verschenen. Deel 1: Gevoelige plekjes van wilhelmina Kuttje, deel 2: Wel, en ook, het grote Jaap Knasterhuis Filmwoordenboek, deel 3: Kuttje compleet, gedichten van Wilhelmina Kuttje uitgelegd aan Jacques Plafond en deel 4: De grote hoop, tips en wenken van Jan Vos uitgelegd aan Jacques Plafond.

Aan deel 3, Kuttje compleet wil ik hier de komende weken aandacht besteden. Van de achterflap:

“Uit de honderden dichtbundels die haar grootmoeder, Wilhelmina Kuttje Sr. voornemens was te voltooien bij leven en welzijn (1901 – 1967) deed haar kleindochter, Wilhelmina Kuttje Jr. een welgemikte keuze, niet alleen als voordrachtsstof in het befaamde radioprogramma ‘Ronflonflon met Jacques Plafond’maar ook bijeengebracht in deze verzamelbundel. Uitvoerig geannoteerd en keurig van voetnoten voorzien geven zij een helder inzicht in de gedachtenwereld van de terecht herontdekte grote dichteres en als zodanig een cultuur-historisch overzicht van de eerste drie/vijfde van de 20ste eeuw. Met een voorwoord van haar kleindochter en een inleiding van Remco Campert.”

.

Brand* (uit de bundel ‘Verlangens’)

.

Nietsvermoedend zeurt

mijn diepgang voort

balancerend geurt

mijn oppervlakte, gloort

ginder spookt verlangen

naar het onbekende grote.

.

Wist ‘k maar waar het zich ontblootte

in zonneschijn en juub’lend denken

aan kreeg’lend vallen en weer opstaan

zie, daar staat vergeefs de hoop te wenken

laat ik maar een eindje verder gaan…

.

En plots: Daar vat ik vlam,

mijn leven en welzijn explodeert

ik sta in brand, ik wordt begeerd…

door jou, die in mijn leven kwam

maar hoelang? Houden wij die haard wel aan?

.

Immers, alles wat begint zal tot as vergaan

maar voorlopig brandt mijn ziel nog door…

Ik red het nog wel… tot den ochtendgloor

.

*Dit gedicht schreef Wilhelmina Kuttje  op haar 22ste, kort nadat tekenaar H. Zedden haar  voor het eerst bezocht, Zedden die op 18jarige leeftijd een pentekening van haar maakte.

.

kuttje plafond

 

 

Geef me de waarheid, een recensie

Magda Thomas

.

In november 2011 was ik te gast bij Magda Thomas in Gemert bij omroep Centraal. Het was een zeer onderhoudend bezoek van een uur waarin we veel over poëzie hebben gepraat, waar ik een aantal gedichten heb voorgedragen en waarbij me toen al de oprechte interesse opviel van Magda.

Nu is er een bundel van haar hand verschenen met de titel ‘Geef me de waarheid’ bij uitgeverij Heimdall. Ik kreeg de bundel van haar bij Podium X waar ze samen met die andere dichter van Heimdall, Derrel Niemeijer, ging voordragen.

Net als de bundel van Derrel is ook ‘Geef me de waarheid’ op een nette manier vorm gegeven, ook hier zijn de gedichten gecentreerd, blijkbaar een stijlfiguur van Heimdall.

Op de achterkant van de bundel staat dat ‘de schrijfstijl van Magda getuigt van een directheid en oprechtheid die schaars is’. Of dat laatste waar is vraag ik me af maar dat de gedichten direct en oprecht zijn is een ding dat zeker is. Dat de bundel een inkijk geeft in een getormenteerd leven dat niet alleen menig dieptepunt maar toch ook gelukzalige momenten kent vind ik persoonlijk wat sterk uitgedrukt.

Toegegeven, er staan een aantal gedichten in die in een donkere kant van Magda als onderwerp hebben (ervan uitgaand dat alle gedichten autobiografisch zijn) maar toch vond ik na lezing niet dat het een heel zware bundel was. Sterker nog, na lezing had ik het idee dat ik een bundel liefdespoëzie had gelezen. Dat de liefde niet altijd van een leien dakje gaat, okay, maar vrijwel elk gedicht heeft de liefde als uitgangspunt. De ene keer wordt de liefde bezongen met blijheid, de andere keer krijg je een inkijkje in wat de liefde ook kan doen; een mens kwellen of tot razernij brengen.

Al met al heb ik de bundel met plezier gelezen. De gedichten verschillen nogal van kwaliteit en vorm (dat ene Engelse gedicht had ik er persoonlijk uitgelaten) maar het geeft een mooi beeld van de dichter Magda Thomas. Bij het kiezen van een gedicht dat ik hier wilde plaatsen heb ik getwijfeld tussen ‘Geef me de waarheid’ wat een heel krachtig gedicht is, zonder opsmuk en recht voor zijn raap en ‘Ach, niets is zo mooi’ waar ik erg blij van werd. Het is de laatste geworden. Wil je die andere (en de rest) ook lezen, koop dan de bundel zou ik zeggen.

.

Ach, niets is zo mooi

.

Ach niks is zo mooi

als de liefde tussen een vrouw

en haar homo

.

Liggend op het strand in Tel Aviv

dromen we

Jij van mij

in wit kant met jarretels

lekker bruin

Ik van jou in witte pumps

en een witte lederen string

ook lekker bruin

.

Niets is zo mooi als

de liefde tussen een vrouw

en haar homo

.

Thomas

Hoop, geloof en liefde, een recensie

Derrel Niemeijer

.

Vorig jaar in december schreef ik een recensie van de bundel van Derrel Niemeijer met de veelzeggende titel ‘Krankzinnig aangedicht’. Ik schreef toen dat de bundel op mij overkwam als een geordende chaos en dat de poëzie van Niemeijer me deed denken aan de poëzie van Johnny the selfkicker. Onbegrijpbaar en ongrijpbaar met de neiging om na lezing van elk gedicht meteen tot herlezing over te gaan om er iets van te begrijpen. Ook schreef ik toen over de opmaak van de bundel, schreeuwerig en vol hoofdletters, uitroeptekens en punten en komma’s. Ondanks de interpunctie, de slordige opzet en het schreeuwerige karakter van de bundel was ik ervan gecharmeerd.

Derrel, door Von Solo ‘een levende icoon van de Neo beatniks’ genoemd lijkt in zijn nieuwste bundel wat tot rust gekomen. Lijkt, want in zijn poëzie is Derrel niet of nauwelijks veranderd. In de afwerking van de bundel is wel veel veranderd. Zo staan de gedichten op een normale bladspiegelverdeling, de vele dik gedrukte leestekens zijn achterwege gebleven, en de bundel heeft een rustig voorkomen. De afbeelding op de voorkant vind ik persoonlijk wat fletst en dat in combinatie met het lichte blauw en de titel doet een heel andere soort poëzie vermoeden. Ook de gekozen centrering van de gedichten in het midden van de bladzijden zou niet mijn keus geweest zijn maar al met al is ‘the look and feel’ van deze bundel professioneel.

Dan de inhoud, tenslotte gaat het om de gedichten. Bij veel gedichten overkomt mij hetzelfde als bij het lezen van ‘Krankzinnig aangedicht’, na lezing schud ik mijn hoofd, denk ik: “Waar gaat het eigenlijk over” en vervolgens lees ik het opnieuw. In de meeste gevallen komt na een tweede lezing het besef dat Derrel er vast iets mee heeft bedoeld dat ik er niet uit haal en dat wat ik er in lees vast niet zo door Derrel bedoeld is. En is dat niet precies waar poëzie over gaat.

Opnieuw soms zinsconstructies die wat krom zijn (bijvoorbeeld uit Ze is nu zo sterk: ‘om haar echt te waarnemen’ in plaats van ‘om haar echt waar te nemen’. Het gebruik van de ‘/ ‘ zoals in Masker: ‘als reflectie van/voor , wie/wat ik ben’ en in Achter de muur:  “Mijn leven behoud/behoed ik” . Maar ook de omkering van woorden die daardoor iets surrealistisch krijgen zoals in hetzelfde gedicht: ‘De Dood houd ik buiten. / Buiten houd ik De Dood. / Ik houd De Dood buiten.’

Tel daarbij de vele typisch Derreliaanse visuele ‘grapjes’ zoals in Verslikken: ‘over: *De liefde / *Je liefde/ *Liefde m.b.t./ *Liefde t.a.v./ *Liefde voor”

Komen we veel meer te weten over de mens Derrel? Wie goed leest en een beetje weet hoe stormachtig het leven van Derrel zich heeft ontwikkeld kan zich er een voorstelling van maken. Voor de neutrale lezer doemt een beeld op van een soms getormenteerde dichter, dan weer een ouwe romanticus en zelfs af en toe een sentimentele schrijver.

Voor ieder wat wils lijkt me. Een voorbeeld van het laatste in het gedicht ‘Ik houd van je’.

.

Ik houd van je

.

Hij is dichter

ik ben juist opener

sinds ik schrijf.

.

Soms schrijf ik vijf dingen

en soms op een dag

nog eens vijf.

.

Al die kraaienpoten

waren oefeningen.

.

Ik heb geleerd

Met minder woorden,

zeg je meer!

.

Vier woorden zijn genoeg!

.

derrel-250x370

 

Uitgeverij Heimdall is een betrekkelijk nieuwe uitgeverij van uitgever Hub Dohmen. Heimdall geeft naast poëzie vooral non-fictie uit.

 

Wij dragen Rotterdam: de bundel

Rotterdamse poëzie

.

Vorige week werd in de Rotterdamse schouwburg de eerste papieren bundel van mijn uitgeverij MUG books gepresenteerd. Negen Rotterdamse dichters laten in deze bundel hun stad zien en beschrijven waarom 010 of Rotterdam zo belangrijk is voor ze.

Omdat een bundel meer gaat leven als je een voorproefje hebt gehad, in dit geval een gedicht uit de bundel, zal je snel meer willen. Dat kan, de bundel is te koop via Mark Boninsegna via http://wijdragenrotterdam.nl/

Van de onnavolgbare Rotterdamse Keet daarom hier het gedicht ‘Korte wandeling aan de Maas’.

.

Korte wandeling aan de Maas

.

Onhoorbaar en gelaten loop ik langs de golvende Maas, geen tranen, geen

lach, geen gesnik.

Alleen de nacht was groots aanwezig, er stonden mensen roerloos in zwart

gehuld, wachtend in een rij, allen getroffen door het helse licht van de maan.

Ik wist, de reis was nu begonnen en sloot geduldig aan.

Langzaam wordt het ondraaglijk helder en mijn droge tranen vallen als stenen

in de Maas.

Het water verbaasd en in druppels geslagen door een eenzame ziel riep:

‘Volgende graag’.

.

Keet

Krullenbol

Nyk de Vries

.

Ik kwam maandagavond de bundel van Nyk de Vries tegen die ik kocht naar aanleiding van zijn optreden bij Poetry park een paar jaar geleden. De bundel ‘De dingen gebeuren omdat ze rijmen’ staat vol prachtige, licht absurde prozagedichten.  Daarom vandaag nog eens een gedicht van deze bijzondere dichter.

.

Krullenbol

.
Er was een foto van mij in omloop. Maar ik was het niet.

Steeds als ik met het beeld werd geconfronteerd, sloeg ik

snel de pagina om, ongemakkelijk door die vreemde

onbekende ogen. Jaren gingen voorbij. We oefenden

zomers in de omgebouwde boerderij van Ursula. We

speelden onder leiding van Jan Switters in het voormalig

Oostblok. Ik sprak voor het laatst met mijn

schoolvriendin tijdens het afscheidsconcert. Ruim een

decennium later, in een klein café, niet ver van het pontje,

bladerde ik door een stel oude knipsels en stuitte

opnieuw op het portret. En pas daar zag ik het. Die

jongen met die onbekende ogen. Die krullenbol. Ik was

het wel.

.

Nyk

 

Succesvolle presentatie

Wij dragen Rotterdam

.

In een bomvolle lobby van de Rotterdamse Schouwburg vond gistermiddag (onder meer) de presentatie plaats van de eerste papieren bundel van MUG books, mijn uitgeverij, van negen Rotterdamse dichters met als toepasselijke titel ‘Wij dragen Rotterdam’.

Van 16.00 tot 18.00 uur presenteerde Daniel Dee een literaire talkshow voor Poetry International met een aantal buitenlandse dichters en dus de presentatie van de bundel.

Een aantal van de dichters uit de bundel droegen gedichten voor en Mark Boninsegna werd gevraagd naar het hoe en waarom van dit initiatief. Op zijn geheel eigen wijze antwoordde Mark op de vraag naar de noodzaak van deze bundel: Noodzaak, gewoon Rotterdam!

De bundel is te koop en vandaag staan een aantal van de dichters uit de bundel op het zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin in Rotterdam (Von Solo, Rotterdamse Keet).

Het eerste exemplaar van de bundel werd door Mark uitgereikt aan Jana Beranová die de gedichten selecteerde.

Hieronder een korte foto-impressie van de presentatie.

.

wd

Daniël Dee (ook in de bundel) in gesprek met Mark Boninsegna

wd1

Von Solo

wd2

Gino van Weenen

wd3

Marco Martens

wd5

Kobus Carbon

wd6

Edwin de Voigt met Jana Beranová en Mark Boninsegna

wd7

 

Uitreiking van het eerste exemplaar

 

Iris

Laten we mijn lichaam delen

.

Uit de prachtige debuutbundel uit 2013 ‘Laten we mijn lichaam delen’ van Iris Brunia (1977) het titelgedicht.

.

Laten we mijn lichaam delen

om de week, afwisselend een weekend
Over halve dagen valt te praten

Mijn hemd deed ik bijna uit, hier, midden in het café
Gelukkig bedacht ik me, maar O die dag, dat ik te laat ben

wil je de notaris bellen?

Rond etenstijd kwam je binnen, we aten pannenkoeken met zeewier
Ik keek uit op het aquarium. Twee vissen treuzelden –

Een bubbelend in een boterhamzak, de ander lippen tuitend op haar af
botste, stuiterde kopje duikelend terug

Om te wennen zei de ober, anders gingen ze dood
De overgang zou te groot zijn

wennen? de dood?

Een pin van mijn kam schoot mijn nagelriem in. De rekening
Ik graaide in mijn tas

dus ja, ik bloed wel eens, maar ik vergeet

Bijna kregen we ruzie, omdat het aquarium klinkt als onze koelkast
Je wilde geen nieuwe zolang hij het deed, maar geluiden
kunnen ondraaglijk zijn

Ik las dat drie appels per dag goed zijn voor een gezond verstand
Je keek over je bril, slikte een hap weg, dat ik de boodschappen
dan niet moest vergeten

Ik begon maar weer over die vissen, dat ik me als ik een vis was
daar in het water niet thuis zou voelen, dat ik beter gedij
op plekken waar ik niet verwacht word

maar als ik naar je kijk ben ik er nog
en als ik glimlach beaam jij dat

.

Iris

Presentatie eerste boek

MUGbooks

.

Het zal de oplettende lezer van dit blog niet ontgaan zijn dat ik een (netwerk) uitgeverijtje voor poëzie ben begonnen, MUGbo0oks. Dat wil zeggen dat ik dichters help bij het uitgeven van poëzie als E-bundel of op papier. Dit volledig zonder winstoogmerk. Lees alle informatie op http://mugbookpublishing.wordpress.com/

Na de proefpublicatie van mijn vierde bundel als E-bundel, Winterpijn, wordt aanstaande zaterdag mijn eerst papieren bundel gepresenteerd in de Rotterdamse Schouwburg bij Poetry International, ‘Wij dragen Rotterdam’. De Rotterdamse Schouwburg is gelegen aan het Schouwburgplein 25.

‘Wij dragen Rotterdam’ is een initiatief van Mark Boninsegna samen met 8 Rotterdamse dichters te weten Daniël Dee (Stadsdichter Rotterdam), Gino van Weenen, Rotterdamse Keet, Edwin de Voigt, Kobus Carbon, Von Solo, Miguel Santos en Marco Martens.

De bundel is reeds te koop via  http://www.wijdragenrotterdam.nl/ maar natuurlijk ook bij de presentatie van de bundel aanstaande zaterdag. De presentatie begin om 16.00 uur en duurt tot ca. 18.00 uur.

Hier alvast wat pers over dit mooie initiatief.

.

WDR

 

WDR1

Tot zaterdag zou ik zeggen!

Poëzie en Muziek in de Hof

WAK Festival

.

Afgelopen zaterdag was in de Hof van Wouw in Den Haag het eerste WAK festival in het kader van de week van de amateurkunst. Georganiseerd door Cultuurschakel en GMTekst van Geraldina Metselaar. De eerste keer dat dit festival georganiseerd werd en wat mij betreft zeker voor herhaling vatbaar. 6 dichters, 5 koren en een fanfareband waren te zien en te beluisteren op dit soepel georganiseerde, en mede door het prachtige weer, succesvolle festival.

De dichters (en 1 troubadour) die optraden waren in volgorde van opkomst: Simon Mulder, Wouter van Heiningen, Antoinette Sisto, Paulina Vanderbilt, Luuk Imhann en Martijn Breeman (troubadour).

Een zeer kleurrijk gezelschap met heel uiteenlopende poëzie. Simon Mulder, een dandyachtige verschijning, kwam prachtig tot zijn recht in deze historische omgeving met zijn verzen, Antoinette Sisto wist met haar mooie, breekbare poëzie de hof stil te krijgen, Paulina Vanderbilt bracht een paar Engelstalige gedichten (zij heeft 18 jaar in Schotland gewoond) en een paar prachtige gedichten over haar dochter in het Nederlands, Luuk Imhann deed het op zijn eigen, bijna surrealistische manier met wonderbaarlijke maar bijzondere poëzie en Martijn Breeman wist met zijn liederen het publiek te ontroeren en op te vrolijken in een stijl die mij nog het meest deed denken aan die van Cornelis Vreeswijk. Zelf bracht ik wat nieuwe gedichten en wat oudere waaronder ‘Noodzaak van het gunnen’ over cultuur (uiteraard), ‘Mannenman’ en een gloednieuw gedicht ‘Zwart-wit’. Hieronder kun je zien waar wij dichters zicht op hadden (publiek).

.

Publiek WAK

.

Van Antoinette Sisto kreeg ik haar laatste bundel ‘Dichter bij de dagen’ die ik zondag in het zonnetje heb zitten lezen. Een persoonlijk verslag in gedichten in een sobere maar heldere stijl. Gedichten die je vaker wil lezen om alles goed in je op te kunnen nemen. Uit deze bundel één van de mooiste gedichten wat mij betreft ‘Koorts”.

.

Koorts

.

Steevast daagden we elkaar uit

jij, de late avond en ik

.

Moeiteloos werd je mijn minnaar

met filter deluxe sigaretten

gesprekken aan tafel

die zich uitstrekten

tot bank of bed.

.

We schiepen nieuwe werelddelen

met elkaar, oceanen kleurden we in

vol gedachten

blauwe wolkenloze verwachting.

.

Een hemels visioen

van zwarte stranden, kokospalmen

heet zand dat schuurde

tussen onze tenen.

Het kwik steeg tot boven veertig.

.

Jij, de late avond en ik:

.

we vlogen over hooggebergten

heen en over schiereilanden

Jij, die geen hoogtevrees kende

noch grijze golven van heimwee.

.

wak1

Simon Mulder en Martijn Breeman

wak2

 

Paulina Vanderbilt

wak3

Luuk Imhann

wak4

Antoinette Sisto

Wak5

Wouter

.