Categorie archief: Youtube

Ben Ali Libi

Willem Wilmink

.

Bij De Wereld Draait Door van donderdagavond was één van de onderwerpen een documentaire van Dirk Jan Roeleven over de goochelaar Ben Ali Libi ( Michel Velleman 1895 – 1943) die in de oorlog in 1943 werd vermoord in concentratiekamp Sobibor.

Rode draad in dit item was het gedicht van Willem Wilmink over Ben Ali Libi. Het gedicht uit de bundel ‘Je moet je op het ergste voorbereiden’ uit 2003 is een aangrijpend gedicht over het leven van deze joodse goochelaar.

Joost Prinsen heeft het gedicht voorgedragen en dat YouTube filmpje kun je hieronder bekijken.

.

Ben Ali Libi

 

Op een lijst van artiesten, in de oorlog vermoord,
staat een naam waarvan ik nog nooit had gehoord,
dus keek ik er met verwondering naar:
Ben Ali Libi. Goochelaar.

Met een lach en een smoes en een goocheldoos
en een alibi dat-ie zorgvuldig koos,
scharrelde hij de kost bij elkaar:
Ben Ali Libi, de goochelaar.

Toen vonden de vrienden van de Weduwe Rost
dat Nederland nodig moest worden verlost
van het wereldwijd joods-bosjewistisch gevaar.
Ze bedoelden natuurlijk die goochelaar.

Wie zo dikwijls een duif of een bloem had verstopt,
kon zichzelf niet verstoppen, toen er hard werd geklopt.
Er stond al een overvalwagen klaar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

In ’t concentratiekamp heeft hij misschien
zijn aardigste trucs nog wel eens laten zien
met een lach en een smoes, een misleidend gebaar,
Ben Ali Libi, de goochelaar.

En altijd als ik een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

 

Voor Ben Ali Libi, de kleine schlemiel,
hij ruste in vrede, God hebbe zijn ziel.

.

ben

Our lips raw with love

Charles Bukowski

.

Van je helden kun je nooit genoeg plaatsen, daarom nog maar eens een prachtig gedicht van Charles Bukowski. De foto is gemaakt door Eva Rovers  in Bar Bukowski in Amsterdam.

 .

little dark girl with
kind eyes
when it comes time to
use the knife
I won’t flinch and
I won’t blame
you,
as I drive along the shore alone
as the palms wave,
the ugly heavy palms,
as the living does not arrive
as the dead do not leave,
I won’t blame you,
instead
I will remember the kisses
our lips raw with love
and how you gave me
everything you had
and how I
offered you what was left of
me,
and I will remember your small room
the feel of you
the light in the window
your records
your books
our morning coffee
our noons our nights
our bodies spilled together
sleeping
the tiny flowing currents
immediate and forever
your leg my leg
your arm my arm
your smile and the warmth
of you
who made me laugh
again.
little dark girl with kind eyes
you have no
knife. the knife is
mine and I won’t use it
yet.

 

 

bukowski

Tsjebbe Hettinga

Faderpaard

.

Afgelopen zondag was schrijver/archeoloog/dichter David van Reybrouck zomergast bij het gelijknamige programma van de VPRO. In de uitzending kwam de poëzie enige malen ter sprake. Bij het fragment van Tsjebbe Hettinga sprak van Reybrouck zijn liefde uit voor de ‘vlezige dichters waar het vet vanaf druipt’ zoals Claus, Ter Balkt en dus Hettinga.

Van de dichter Hettinga liet men een stuk uit de documentaire van Pieter Verhoef zien waar een deel van het gedicht  ‘Faderpaard’ te zien was. Rondom Faderpaard  is begin van dit jaar een groot muziekspektakel opgezet in Leeuwarden met 100 Friese paarden. Zie hiervoor http://www.npo.nl/fryslan-dok/18-01-2014/POW_00728907

Hieronder Tsjebbe Hettinga met Faderpaard.

Waltzing Matilda

Tom Waits

.

Teksten van liedjes hebben vaak een poëtische waarde. Tekstdichters zijn soms ook goede dichters. Een voorbeeld van een poëtische tekst is de tekst van Waltzing Matilda van Tom Waits.

‘Tom Traubert’s blues’, zoals de officiële titel van ‘Waltzing Matilda’ luidt komt van zijn album ‘Small Change’ uit 1976 en is een verwijzing naar een populair Australisch volksliedje waarvan de melodie dan weer van een Schots liedje is. In het nummer van Tom Waits is het een mogelijke verwijzing naar alcoholmisbruik of het spuiten van heroïne, zoals de militairen het noemde tijdens de Vietnamoorlog.

 

Waltzing Matilda

Wasted and wounded
And it ain’t what the moon did
I got what I paid for now
See you tomorrow
Hey Frank can I borrow
A couple of bucks from you
To go waltzing Matilda waltzing Matilda
You’ll go waltzing Matilda with me

I’m an innocent victim
of a blinded alley
And I’m tired of all these soldiers here
No-one speaks English
And everything’s broken
And my strength is soaking away
To go waltzing Matilda, waltzing Matilda
You’ll go a waltzing Malitda with me

Now the dogs they are barking
and the taxi cab’s parking
A lot they can do for me
I begged you to stab me
You tore my shirt open
And I’m down on my knees tonight

Old bushmills I staggered
You buried the dagger
Your silhouette window light
To go waltzing Matilda, waltzing Matilda
You’ll go a waltzing Matilda with me

Now I’ve lost my St. Christopher
Now that I kissed her
And the one-arm bandit knows
And the maverick Chinaman
with the cold-blooded sigh
And the girls down by the striptease shows go
Waltzing Matilda, waltzing Matilda
You’ll go a waltzing Matilda with me

No I don’t want your sympathy
Fugitives say
that the streets aren’t for dreaming now
Manslaughter dragnet
and the ghost that sells memories
Want a piece of the action anyhow
Go waltzing Matilda, waltzing Matilda
You’ll go waltzing Matilda with me

And you can ask any sailor
And the keys from the jailor
And the old men in wheelchairs know
That Matilda’s the defendant
She killed about a hundred
And she follows wherever you may go
Waltzing Matilda, waltzing Matilda
You’ll go waltzing Matilda with me

And it’s a battered old suitcase
in a hotel someplace
And a wound that would never heal
No prima donnas the perfume is on
and old shirt that is stained with blood and whiskey
And goodnight to the street-sweepers,
The night watchmen flame-keepers
And goodnight Matilda too
Goodnight Matilda too.

Suzanne Vega

Poëzie in muziek

.

De zangeres Suzanne Vega is vooral bekend als zangeres van hits als ‘Luka’, ‘Tom’s diner’ en ‘Left of center’. Wat minder bekend is, is dat ze ook gedichten schrijft en verhalen.

Zo verscheen van haar in 1999 het boek “The Passionate Eye: The Collected Writing of Suzanne Vega” met daarin verhalen, herinneringen, gedichten en songteksten. Op haar officiële website is zelfs een pagina besteed aan gedichtjes uit haar jeugd. Daar kun je al lezen dat ze op zeer jonge leeftijd talent had voor taal.

Haar jeugdpoëzie staat op http://www.suzannevega.com/suzannes-childhood-poems/

Maar ook in de teksten van haar liedjes blijkt een poëtisch taalgevoel. Hieronder de tekst van een van haar grootste hits Luka.

.

Tom’s Diner

I am sitting
In the morning
At the diner
On the corner

I am waiting
At the counter
For the man
To pour the coffee

And he fills it
Only halfway
And before
I even argue

He is looking
Out the window
At somebody
Coming in

“It is always
Nice to see you”
Says the man
Behind the counter

To the woman
Who has come in
She is shaking
Her umbrella

And I look
The other way
As they are kissing
Their hellos

I’m pretending
Not to see them
Instead
I pour the milk

I open
Up the paper
There’s a story
Of an actor

Who had died
While he was drinking
It was no one
I had heard of

And I’m turning
To the horoscope
And looking
For the funnies

When I’m feeling
Someone watching me
And so
I raise my head

There’s a woman
On the outside
Looking inside
Does she see me?

No she does not
Really see me
Cause she sees
Her own reflection

And I’m trying
Not to notice
That she’s hitching
Up her skirt

And while she’s
Straightening her stockings
Her hair
Has gotten wet

Oh, this rain
It will continue
Through the morning
As I’m listening

To the bells
Of the cathedral
I am thinking
Of your voice…

And of the midnight picnic
Once upon a time
Before the rain began…

I finish up my coffee
It’s time to catch the train

.

Stadsdichters

Avond met stadsdichters Rotterdam en Antwerpen

.

Afgelopen vrijdag- en zaterdagavond organiseerden het Vlaams-Nederlands Huis deBuren, Antwerpen Boekenstad & Poetry International in samenwerking met de Arenbergschouwburg en Bibliotheek Rotterdam twee avonden met stadsdichters van Rotterdam en Antwerpen. Ik ging naar de avond in het Bibliotheektheater in Rotterdam.

Presentator en interviewer Ernest van der Kwast ging in gesprek met de huidige stadsdichters Stijn Vranken (A) en Daniël Dee (R) en voormalig stadsdichters Jana Beranová (R) en Joke van Leeuwen (A).

De gesprekken gingen over wat een stadsdichter doet, welke vrijheden hij of zij zich kan permitteren, welke projecten men had gedaan en aan welke men werkte, over de lengte van het stadsdichtersschap en over de relatie met het gemeentebestuur, de stad en de inwoners van de stad. Behalve veel interessante informatie en een kijkje in het leven van de stadsdichters droegen zij ook allemaal een aantal gedichten voor.

Van Stijn Vranken was net daags ervoor een nieuwe bundel gepubliceerd. Helaas was die daar nog niet te krijgen. Persoonlijk was ik zeer onder de indruk van zijn (stads)gedicht ‘Spat onder stroom’.

Hieronder de gefilmde versie van (delen van) dit gedicht voorgedragen en besproken door Stijn zelf en de volledige tekst van het gedicht..

 

Spat onder stroom
(een bovenaanzicht)

 

Zie uzelf daar eens liggen, daar beneden, zo licht, gij stuk
stad, al dat stralen staat u precies goed, al dat schijnen

zit u blijkbaar diep in het bloed, gij brandt als vaneigens
bijna door de kaart, zo vurig als gij uzelf bemint en dit

brave land bevlekt, zo hard, zo hels, mijn god, gij non
stop big bang (in miniatuur, jaja, maar toch) – ach, waar

moet dat stranden, met uw steeds oeverlozer gescheld,
uw gebreek en gebouw, uw gegraaf en gedemp, uw

geschipper en gevaar, uw keer om keer altijd maar
weer wat aan de hand – niet te geloven hoe luid gij lijdt

aan uw zelfverklaarde rand – kom op schat, schitter nog
maar wat feller, ja gij, vermakelijke vlek, flikker voort

met uw geschilder en geschets, uw geschrijf en gezwets,
uw gekunst en gekitsch, uw gefuif en gefoor (ga door!)

met uw gesmoor en gesnuif, uw gesnor en gekuif, uw
getjing en getjoek, uw gezeik en gezoek, uw gedoe en

gedroom – allez, komaan, vooruit, licht uzelf nog eens
wat hogerop (armen genoeg) – zie, voila: zo valt daar

dan toch (uit uw eigen warme handen, jaja, maar toch)
een verdomd verdiend applaus (geklap, geklap!) voor u

en uzelf en vooral voorgoed, want zo zijt gij (dat ziet ge
nu eens van hier), gij schitterende plek

welgemorste mensheid, onbeschaamd schuim
op dit schiftend land, gij onuitwisbare

spat onder stroom.

.

Spat

© stadsgedicht Antwerpen 2014. Met dank aan de de organisatie van deze avond.

In woord en gebaar

Tanya Davis

.

Tanya Davis is een schrijver, zangeres en dichter uit Halifax, Canada. Sinds 2006 is ze actief op het gebied van kunst en literatuur. Ze houdt zich bezig met het gesproken woord, voordrachten, het schrijven van proza en poëzie en het maken van video’s. Dit laatste vaak met filmmakers. Verschillende voorbeelden van haar videokunst zijn te bekijken op Youtube. Twee mooie voorbeelden zijn hieronder te bekijken.

.

Hieronder een voorbeeld van één van haar gedichten waarbij ze de volgende aantekening maakte: ‘This poem is for my lovers who were once the suns in my skies: i am sorry that i never ravished you enough and that there is nothing to be done about the passing of time’.

.

Ravish your lover while you still love her

.

Remember your lovers
but, especially, don’t forget them, while they are in your bedroom
with their hair disheveled and their clothes strewn.
notice them as they stand before you
as there they lie,
tell them that you’re touched a thousand times
of every inch take a picture with your unabashed eye
because this will change, as pictures fade, so does love die

Smell your lovers, their wide open skin
like bare shoulders, before toast, in the morning
pheromones will be what you don’t know you miss
when you’re standing beside ex’s
feeling suddenly nostalgic.
Could be soap, could be freshly-washed clothes
most likely it’s the mix of hidden chemicals,
the silent scent
that perfumers will never get
but you will remember it
long after love goes

so hold your lovers close
as you are drifting off, sharing oxygen and oxytocin both
memorize the napes of their necks, the crooks of their wrists, the way their breathing
rises and falls
knees get cuddled only in one kind of spot
and they will miss this once the spoon is gone
like you will miss the puzzle when you don’t get to be a part.
And, so, while you are
with your limbs entangled in ways that warm your heart
remember to notice it
so that the last night doesn’t go by without you noticing
and only in the sunshine do you know these things
while you pine for one more chance to lay with your loved one when night is falling

This is a plea, mostly for me, so I may remember next time I am to be a puzzle piece
also, it is for the lovers I have held and known
who have been my comforts
as well as my abrasions
I remember the days our skin was first waking
and the love we made then
like we were scorched earth
and it was raining.

.

 

Meer informatie over Tanya op haar website: http://tanyadavis.ca/

 

All I wanna do (is have some fun)

Sheryl Crow en Wyn Cooper

.

Vorige week hoorde ik op de radio dat de tekst van het nummer ‘All I wanna do’ van Sheryl Crow eigenlijk als gedicht is geschreven. Genoeg reden om eens uit te zoeken wie dan de dichter is. De single van Sheryl Crow verscheen in 1993 op haar debuutalbum ‘Tuesday night music club’ en werd een hele grote hit over de hele wereld. Ze won met dit nummer zelfs een Grammy.

Het gedicht waaraan dit nummer te danken is (de tekst is vrijwel een op een overgenomen) is van Wyn Cooper, een Amerikaans dichter uit Michigan. Hij studeerde aan de Universiteit van Utah waar hij later ook docent werd. Sinds 1987 publiceert hij poëzie. In 1987 schreef hij het gedicht ‘Fun’,  de tekst van ‘All I wanna do’. Tegenwoordig is hij actief als docent, dichter en schrijft hij songteksten.

Hieronder de tekst van zijn gedicht ‘Fun’ en de muzikale invulling van dit gedicht van Sheryl Crow.

.

Fun

“All I want is to have a little
fun
Before I die,” says the man
next to me
Out of nowhere, apropos of
nothing. He says
His name’s William but I’m
sure he’s Bill
Or Billy, Mac or Buddy; he’s
plain ugly to me,
And I wonder if he’s ever had
fun in his life.

We are drinking beer at noon
on Tuesday,
In a bar that faces a giant car
wash.
The good people of the world
are washing their cars
On their lunch hours, hosing
and scrubbing
As best they can in skirts and
suits.
They drive their shiny Datsuns
and Buicks
Back to the phone company,
the record store,
The genetic engineering lab,
but not a single one
Appears to be having fun like
Billy and me.

I like a good beer buzz early
in the day,
And Billy likes to peel the
labels
From his bottles of Bud and
shred them on the bar.
Then he lights every match in
an oversized pack,
Letting each one burn down to
his thick fingers
Before blowing and cursing
them out.

A happy couple enters the bar,
dangerously close
To one another, like this is a
motel,
But they clean up their act
when we give them
A look. One quick beer and
they’re out,
Down the road and in the next
state
For all I care, smiling like
idiots.
We cover sports and politics
and once,
When Billy burns his thumb
and lets out a yelp,
The bartender looks up from
his want-ads.

Otherwise the bar is ours, and
the day and the night
And the car wash too, the
matches and Buds
And the clean and dirty cars,
the sun and the moon
And every motel on this
highway. It’s ours you hear?
And we’ve got plans, so relax
and let us in –
All we want is to have a little
fun.

.

Meer over Wyn Cooper op zijn website: http://www.wyncooper.com/

Dichters dansen niet

Vuurproef

.

Op weg naar Brielle, waar ik ging voordragen bij de Infirmerie, luisterde ik in de auto naar de nieuwste productie van Dichters dansen niet: Vuurproef.

Dichters dansen niet bestaat uit dichter Serge van Duijnhoven, frequency-wizzard Fred de Backer en pianist Edwin Berg. Vuurproef is een box, ter grootte van een ouderwets 45 toerenplaatje met daarin een CD en losse vellen met de teksten van Serge. Een bijzondere box, uitgegeven door uitgeverij Nieuw Amsterdam, met een fraai ontwerp in grijs, geel en zwart.

Deze box beoordelen is niet eenvoudig, het is een productie die zijn gelijke niet kent wat mij betreft. Op de achterkant van de box staat dat dit het spectaculaire slotdeel van een trilogie is die in 2003 begon met ‘Bloedtest’ en gevolgd werd in 2007 door ‘Klipdrift’.

Nu heb ik Serge en Fred bezig gezien in Walhalla bij Daniël Dee en ik was toen al onder de indruk van hun bijzondere samenwerking maar deze productie boort weer hele nieuwe werelden aan. Wat ik ervoer tijdens het luisteren valt moeilijk te beschrijven, net als de inhoud van de CD, daarom maak ik jullie deelgenoot van de beelden, ideeën en namen die bij mij boven kwamen tijdens het beluisteren.

Dat waren: Jacques Brel, klassiek, Laurie Anderson, native American, Jazz, Linton Kwesie Johnson, duister, lief, clubhouse, recht voor zijn raap, mystiek, what you hear is what you get, kabbelend, uitbundig.

Ik begrijp dat als je dit leest, je afvraagt waar dit over gaat. Ik begrijp dat heel goed, maar deze CD laat zich beluisteren, niet vanuit bestaande ideeën maar vanuit een open staan voor nieuwe geluiden, teksten en belevenissen. Steeds als je denkt dat je dit trio doorhebt komen ze met iets volledig vreemds, zo anders dan het voorgaande en toch is het een geheel. De losse vellen geven inzicht in de mindset van de dichter, de CD geeft je een totaal beleving. Een die ik nog vele malen tot me ga laten komen, hier valt nog veel te ontdekken en te genieten!

serge

Meer informatie over Dichters dansen niet en hun producties op: http://dichtersdansenniet.eu/

.

The Raven

Edgar Allen Poe

.

Het meest beroemde gedicht van Edgar Allan Poe ‘The Raven’ (uit 18450  heeft talloze verfilmingen en niet te vergeten honderden verwijzingen en referenties in de pop en populaire cultuur. Leuk weetje: Boris Karloff speelt in zowel The Raven (1935) als in The Raven (1963) . De twee films zijn alleen verbonden door de titel en verwijzingen naar Poe’s werk (de eerste betreft een interpretatieve dans van het gedicht, de laatste is een komedie). En die twee staan nog los van The Raven (1915) en The Raven (2012).

Het gedicht van Edgar Allen Poe heeft dus nogal wat los gemaakt bij filmmakers. Het gedicht is nogal lang vandaar dat ik hier de eerste en laatste strofe plaats.

Wil je het hele gedicht lezen, dan kan dat op http://www.heise.de/ix/raven/Literature/Lore/TheRaven.html

.

The Raven

.

Once upon a midnight dreary, while I pondered weak and weary,
Over many a quaint and curious volume of forgotten lore,
While I nodded, nearly napping, suddenly there came a tapping,
As of some one gently rapping, rapping at my chamber door.
`’Tis some visitor,’ I muttered, `tapping at my chamber door –
Only this, and nothing more.’

.

And the raven, never flitting, still is sitting, still is sitting
On the pallid bust of Pallas just above my chamber door;
And his eyes have all the seeming of a demon’s that is dreaming,
And the lamp-light o’er him streaming throws his shadow on the floor;
And my soul from out that shadow that lies floating on the floor
Shall be lifted – nevermore!

.

Het hele gedicht voorgedragen door Vincent Price.

.