Site-archief

Pierre Kemp

Stadswandeling

.

Op zondag 23 augustus 2015 (van 11.00 – 13.00) organiseren Centre Céramique en de Vereniging Literaire Activiteiten Maastricht een literaire stadswandeling door Maastricht en Wyck aan de hand van zestien gedichten van de Maastrichtse dichter Pierre Kemp. Tijdens de wandeling wordt u getrakteerd op poëzie van Pierre Kemp bij de plekken in de wijk waar hij gewoond en gewerkt heeft. De wandeling is een kans bij uitstek om kennis te maken met de dichter die zoveel speelse en originele gedichten schreef.
Het startpunt van de wandeling is het Centre Céramique, ingang Plein 1992, Maastricht. Aanmelden en reserveren kan via info@vlammaastricht.nl. Prijs: € 5,00   VLAM-leden gratis (inclusief de wandelbrochure ‘Pierre Kemp. Nobel oud kind’).

Pierre Kemp (1886 – 1967) was plateelschilder en later loonadministrateur bij de kolenmijnen maar daarnaast dichter. In 1914 debuteerde Kemp met de bundel ‘Het wondere lied’. Decennia lang reisde Kemp met de trein heen en weer tussen Maastricht en Eygelshoven, op weg naar zijn werkplek bij de kolenmijn Laura. Kemp, meestal onberispelijk gekleed in donkere stemmige tinten, schreef tijdens die korte treinreizen honderden korte gedichten. Vele daarvan kwamen terecht in uitgaven als ‘Stabielen en passanten’ (1934), de bundel die ‘Kemps tweede debuut’ wordt genoemd, vanwege de lichtere toon en de speelse, bescheiden verzen, en ‘De Engelse Verfdoos’ (1956).

Pierre Kemp kreeg voor zijn werk onder andere de Comstantijn Huygensprijs (1956) en de P.C. Hooft-prijs (1958).

.

Gang

Ik, de zon en de weg
en de zon, de weg en ik
in zonderlinge samenhang
op dit ogenblik.

Ik ruik geen bloemen, ik zie
geen bomen, geen vogels, geen heg.
Ik voel maar een gaande man in de zon
op een weg.

.

kemp omslag

kemp01

Weeën

Lemn Sissay

.

Het bizarre verhaal van de schrijver/dichter Lemn Sissay begint in 1966 als zijn moeder uit Ethiopië in Bracknell in het Verenigd Koninkrijk arriveert en daar in 1967 naar een ziekenhuis in Lancashire wordt gestuurd waar ze haar zoon krijgt. Een sociaal werker, Norman Goldthorpe, biedt zijn moeder een manier om haar studies af te ronden door haar zoon onder te brengen bij (maar feitelijk te laten adopteren door) een Engelse familie. Hij hernoemt Sissay ‘Norman’ en tot zijn twaalfde woont hij bij dit Engelse gezin.

Dit strenge gelovige gezin herdoopt hem als Mark (naar de evangelist Marcus) en geven hem een nieuwe achternaam Greenwood. Als hij twaalf is plaatst dit gezin hem in een kindertehuis omdat ze dan inmiddels 3 kinderen van zich zelf hebben met de mededeling dat niemand van dit gezin ooit nog contact met hem zal opnemen.

Tussen zijn 12e en 17e woont hij in 4 kindertehuizen en als hij meerderjarig wordt krijgt hij zijn geboorte-akte onder ogen waarin staat dat zijn moeder  Yemarshet Sissay is en dat zijn naam Lemn Sissay is. Dan krijgt hij ook een brief van zijn moeder uit 1968 van zijn moeder aan Norman Goldthorpe waarin ze hem smeekt haar zoon terug te brengen. Ze schrijft: “How can I get Lemn back? I want him to be with his own people, his own colour. I don’t want him to face discrimination”

Lemn Sissay gaat op zoek naar zijn moeder en vindt haar op zijn 21ste. Op die leeftijd ook debuteert hij met zijn eerste dichtbundel ‘Tender Fingers in a Clenched Fist’. Vanaf zijn 24ste is hij full time schrijver en werkt hij onder andere mee aan Radio Plays bij de BBC, schrijft hij toneelstukken en poëzie.

Zijn werk is op verschillende plaatsen in de openbare ruimte te bewonderen en te lezen zoals onderstaande voorbeelden laten zien.

.

weeen

Lemn Sissay

weeen2

lemn

 

Fitness

Axel van der Ende

.

Axel van der Ende (1967 Rotterdam) is dichter, tekst- en liedjesschrijver, columnist en werkt voor de radio (o.a. Theater van het Sentiment). Op Gedichten.nl schrijft hij al jaren op actuele snelsonnetten en op nederlands.nl tevens een tweewekelijkse column op donderdagen. Axel van der Ende is een vormvast dichter, niets is voor hem zo aantrekkelijk als alles op een rijtje krijgen binnen de beperkingen van de vorm. Na vele poplimericks bekwaamde hij zich verder in onder meer kwatrijn en ollekebolleke en ontwierp hij de SMS-poëzie voor mobiele telefoons.

Het gedicht ‘Het monster van fitness is te lezen op Gedichten.nl

.

Het monster van fitness

.

We sporten thans in scholen, veilig binnen
Het trimmen, joggen, surfen is passé
Al tweeënhalf miljoen doen eraan mee
Aan bodycombat, steppen en aan spinnen

De fitnessfreaksverzameling groeit straf
En valt dezelfder tijd meteen weer af

.

 

jack

Foto: http://www.jackandjillaroo.nl/

logo

Kuttje compleet

Ronflonflon Reeks Deel 3

.

Eind jaren 80 was er op 3FM (wat toen nog radio 3 heette) het legendarische middagprogramma ‘Ronflonflon met Jacques Plafond. Als er ooit een radioprogramma was dat het absurdisme hoog in het vaandel had dan was het dit programma van Wim T. Schippers. Volledig absurde dialogen, interviews die meestal geen interviews waren, liedjes die ineens werden afgebroken of waar volledig doorheen gepraat werd, bedenk het gekste wat je kunt verzinnen en dan nog gekker.

Een vast onderdeel van het programma waren de gedichten van Wilhelmina Kuttje. Het onderdeel dat steevast werd aangekondigd als “de gedichten van Wilhelmina Kuttje met twee t, waarna even later Jan Vos (het alter ego van Clous van Mechelen) inbrak in het programma met de woorden: Wie had er twee thee besteld?

Volledige anarchie op de radio gebracht door de VPRO. Van dit programma zijn 4 boekjes verschenen. Deel 1: Gevoelige plekjes van wilhelmina Kuttje, deel 2: Wel, en ook, het grote Jaap Knasterhuis Filmwoordenboek, deel 3: Kuttje compleet, gedichten van Wilhelmina Kuttje uitgelegd aan Jacques Plafond en deel 4: De grote hoop, tips en wenken van Jan Vos uitgelegd aan Jacques Plafond.

Aan deel 3, Kuttje compleet wil ik hier de komende weken aandacht besteden. Van de achterflap:

“Uit de honderden dichtbundels die haar grootmoeder, Wilhelmina Kuttje Sr. voornemens was te voltooien bij leven en welzijn (1901 – 1967) deed haar kleindochter, Wilhelmina Kuttje Jr. een welgemikte keuze, niet alleen als voordrachtsstof in het befaamde radioprogramma ‘Ronflonflon met Jacques Plafond’maar ook bijeengebracht in deze verzamelbundel. Uitvoerig geannoteerd en keurig van voetnoten voorzien geven zij een helder inzicht in de gedachtenwereld van de terecht herontdekte grote dichteres en als zodanig een cultuur-historisch overzicht van de eerste drie/vijfde van de 20ste eeuw. Met een voorwoord van haar kleindochter en een inleiding van Remco Campert.”

.

Brand* (uit de bundel ‘Verlangens’)

.

Nietsvermoedend zeurt

mijn diepgang voort

balancerend geurt

mijn oppervlakte, gloort

ginder spookt verlangen

naar het onbekende grote.

.

Wist ‘k maar waar het zich ontblootte

in zonneschijn en juub’lend denken

aan kreeg’lend vallen en weer opstaan

zie, daar staat vergeefs de hoop te wenken

laat ik maar een eindje verder gaan…

.

En plots: Daar vat ik vlam,

mijn leven en welzijn explodeert

ik sta in brand, ik wordt begeerd…

door jou, die in mijn leven kwam

maar hoelang? Houden wij die haard wel aan?

.

Immers, alles wat begint zal tot as vergaan

maar voorlopig brandt mijn ziel nog door…

Ik red het nog wel… tot den ochtendgloor

.

*Dit gedicht schreef Wilhelmina Kuttje  op haar 22ste, kort nadat tekenaar H. Zedden haar  voor het eerst bezocht, Zedden die op 18jarige leeftijd een pentekening van haar maakte.

.

kuttje plafond

 

 

Eb en vloed

Robert Joseph

.

Robert Joseph was het pseudoniem van Robert Jozef Willibrordus Wieseman (1943-2003). Hij hield zich met poëzie bezig sinds zijn zeventiende jaar  en opende met zijn echtgenote Marijke het PoëZiehuis in hun woonhuis in Duiven. Robert Joseph maakte concrete poëzie, visuele poëzie, doe-poëzie onder de noemer Totaalpoëzie. Zijn werk bestaat hoofdzakelijk uit minimal poetry, installaties en haiku’s.

In de categorie ‘Gedichten in bijzondere vormen’ hier een paar voorbeelden van zijn werk.

.

concrete-poezie - eb en vloed

concrete-poezie - kaarsen

concrete-poezie - ma yuan-2 (1)

.

Meer over het leven en werk van Robert Joseph op: http://www.robertjoseph.nl/index.php?pagina=informatie

Bonnie & Clyde

Bonnie Parker

.

Naar aanleiding van een redactioneel stuk dat ik las, over het stel dat het oosten van Nederland en een deel van Duitsland de afgelopen dagen in haar greep had, na berovingen, gijzelingen en geweldplegingen, vandaag dit stuk. Want wat las ik? In de meeste kranten en media werden de twee uit Nederland vergeleken met Bonnie & Clyde. Bonnie Parker en Clyde Barrow werden in de jaren dertig van de vorige eeuw als bankrovers en outlaws bekend, opgejaagd door de politie kwamen ze om het leven in een hinderlaag van de politie op 23 mei 1934, volgens de kranten van toen door “een regen van duizend geweerschoten”. Bonnie & Clyde werden verdacht van  14 moorden en diverse roven en inbraken.

Bonnie & Clyde werden vooral bekend na de verfilming van hun leven in 1967 met in de hoofdrollen Faye Dunnaway en Warren Beatty.

Terug naar de reden van deze post. In dat zelfde redactionele stuk las ik dat Bonnie Parker gedichten schreef. En dat ze een gedicht had geschreven over hoe zij en Clyde tenslotte aan hun einde zouden komen, door geweerschoten van de politie. Dat gedicht heb ik uiteraard opgezocht en hieronder kun je lezen hoe het allemaal is gekomen volgens Bonnie Parker.

.

The trail’s end

You’ve read the story of Jesse James

of how he lived and died.

If you’re still in need;

of something to read,

here’s the story of Bonnie and Clyde.

 .

Now Bonnie and Clyde are the Barrow gang

I’m sure you all have read.

how they rob and steal;

and those who squeal,

are usually found dying or dead.

 .

There’s lots of untruths to these write-ups;

they’re not as ruthless as that.

their nature is raw;

they hate all the law,

the stool pigeons, spotters and rats.

 .

They call them cold-blooded killers

they say they are heartless and mean.

But I say this with pride

that I once knew Clyde,

when he was honest and upright and clean.

 .

But the law fooled around;

kept taking him down,

and locking him up in a cell.

Till he said to me;

“I’ll never be free,

so I’ll meet a few of them in hell”

 .

The road was so dimly lighted

there were no highway signs to guide.

But they made up their minds;

if all roads were blind,

they wouldn’t give up till they died.

 .

The road gets dimmer and dimmer

sometimes you can hardly see.

But it’s fight man to man

and do all you can,

for they know they can never be free.

 .

From heart-break some people have suffered

from weariness some people have died.

But take it all in all;

our troubles are small,

till we get like Bonnie and Clyde.

 .

If a policeman is killed in Dallas

and they have no clue or guide.

If they can’t find a fiend,

they just wipe their slate clean

and hang it on Bonnie and Clyde.

 .

There’s two crimes committed in America

not accredited to the Barrow mob.

They had no hand;

in the kidnap demand,

nor the Kansas City Depot job.

 .

A newsboy once said to his buddy;

“I wish old Clyde would get jumped.

In these awfull hard times;

we’d make a few dimes,

if five or six cops would get bumped”

 .

The police haven’t got the report yet

but Clyde called me up today.

He said,”Don’t start any fights;

we aren’t working nights,

we’re joining the NRA.”

 .

From Irving to West Dallas viaduct

is known as the Great Divide.

Where the women are kin;

and the men are men,

and they won’t “stool” on Bonnie and Clyde.

 .

If they try to act like citizens

and rent them a nice little flat.

About the third night;

they’re invited to fight,

by a sub-gun’s rat-tat-tat.

 .

They don’t think they’re too smart or desperate

they know that the law always wins.

They’ve been shot at before;

but they do not ignore,

that death is the wages of sin.

 .

Some day they’ll go down together

they’ll bury them side by side.

To few it’ll be grief,

to the law a relief

but it’s death for Bonnie and Clyde.

.

Hieronder een ander gedicht van Bonnie in haar handschrift.

.

bonnie

Palet

Eenvoudige poëzie uit deze eeuw

.

Vandaag uit mijn boekenkast een curieus boekje onder de titel Eenvoudige poëzie uit deze eeuw (en even voor de goede orde, dat was dus de vorige eeuw want uit 1967). Verzameld door A.C. Bosch en uitgegeven door J.B. Wolters te Groningen.

Een bloemlezing voor “ongeschoolde” lezers en daarmee worden leerlingen in de laagste drie klassen van de middelbare scholen bedoeld door meneer Bosch. De criteria bij het bijeenbrengen van de gedichten waren dan ook eenvoud en begrijpelijkheid. De gedichten komen uit het tijdvak 1900-1950.

Wie staan er dan zoal in zul je je afvragen? Nou dat zijn niet de minste: J. C. Bloem, Achterberg, Hanlo, Lucebert, A. Roland Holst, Slauerhoff, Jos Vandeloo, Leo Vroman en ga zo maar door. Me dunkt, niet de minste. En als je dan naar de inhoud kijkt, daar hoef je tegenwoordig niet meer mee aan te komen bij middelbare scholieren, snappen ze niks van. Misschien daarom is dit juist zo’n heerlijke bundel.

Als hommage aan de overleden Leo Vroman, zijn gedicht ‘Bloemen’ uit deze bundel.

.

Bloemen

.

Als alle mensen eensklaps bloemen waren

zouden zij grote bloemen zijn met lange snorren.

Vermagerende vliegen, dode torren

zouden blijven haken in hun haren.

Tandestokers, steelsgewijs – ontsproten,

zouden zwellen tot gedraaide tafelpoten,

katoenen knoppen zouden openscheuren

tot pluche harten die naar franje geuren.

.

en op de bergen zouden gipsen zuilen staan

die gipsen druiven huilen.

.

Op het water dreven bordkartonnen blaren,

de vlinders vielen uit elkaar tot losse vlerken

en van geur verdorden alle perken

als alle mensen eensklaps bloemen waren

.

Origineel uit: gedichten, Querido, Amsterdam

.

Palet

Afbeelding : Nederlandse Poëzie Encyclopedie

Dichters dansen niet

Serge van Duijnhoven en Fred dB

.

In 1995 kocht ik het boek ´Dichters dansen niet´ van de toen nog onbekende schrijver Serge van Duijnhoven. In dit boek beschrijft van Duijnhoven het leven van een groepje jonge schrijvers. Gisteravond trad Serge van Duijnhoven op met Fred dB als deejay met hun programma Dichters dansen niet, een titel die dus al 18 jaar meegaat, op in de kantine van theater Walhalla op Katendrecht in Rotterdam. Een bijzondere ervaring. Op de website van Dichters dansen niet staat de volgende omschrijving±

.

Serge van Duijnhoven (1970) en dj Fred dB (Fred de Backer, 1967) treden sinds 1997 op, in binnen- en buitenland, onder de naam Dichters Dansen Niet. De avontuurlijke koers van dit eigenzinnige gezelschap is al zeventien jaar een opvallende constante aan het firmament van de literaire voordrachtskunst.

Nou dat was het. Op sfeervolle, soms mystieke, soms verwarrende geluids- en muziekfragmenten draagt Serge van Duijnhoven zijn gedichten voor. Met een stemgeluid, dat  mij nog het meest deed denken aan de reportages van Paul Jambers, een opvallende stage performance en teksten die dan weer echt binnen kwamen, dan weer wat vlakker waren, vermaakte zij het circa 60 koppige publiek in Theater kantine Walhalla. Deze literaire talkshow werd voor de tweede keer georganiseerd en gepresenteerd door de kersverse stadsdichter van Rotterdam Daniel Dee.

.

Als je ooit in de gelegenheid bent om Dichters dansen niet te zien of te beluisteren,  kan ik dit zeker aanbevelen.

.

dichters-dansen-niet-omslag

 

.

foto (3)

Nieuw gedicht

Zoetermeer 1967

Toen ik jong was was Zoetermeer nog een dorpje met 6.000 inwoners,  werd een van de ssrte vinexwijken van Nederland gerealiseerd. Boerderijen maakten plaats voor nieuwbouwwoningen en al gauw was de Boerderij niet meer die plek waar de koeien op stal stonden en het graan werd verbouwd maar de poptempel te midden van flats en doorzonwoningen.

.

De Boerderij

 .

Hier was de boomgaard met appelbomen en

perenbomen, waar kippen vrij rond liepen en wij,

niet gehinderd door enig historisch besef,

onze jeugdjaren gulzig genoten

 .

Het uitzicht eindigde daar waar je ogen je brachten

waar de zon de scherpe lijnen tot wazigheid verwarmde

 .

De eerste flatgebouwen klommen op uit de klei

van akkerbouwers en foerageergebieden van  weidevogels

ze gaven ons een nieuwe horizon en brachten hoogte

in ons platte polderleven

 .

we liepen gedachteloos van en naar school

terwijl zich om ons heen de wereld vormde

het dorp verdween als de seizoenen

zonder ooit nog terug te keren

 .

daar lopen wij nu, in deze stad zonder grenzen,

waar alleen de poptempel nog verwijst naar vroeger tijden

.