Site-archief

Gedichten 69 t/m 75

Silva Ley

.

In een kringloopwinkel in Vlaanderen, in de buurt van Leuven, was ik op zoek naar de afdeling (meestal een plankje) poëzie. In deze betreffende kringloopwinkel hadden ze verschillende onderwerpen en thema’s ontsloten maar geen poëzie. Ik was dus al enigszins teleurgesteld tot ik ergens bij een volledig andere categorie een stapel boeken ontwaarde. Het bleken acht edities te zijn van ‘Gedichten‘ gevolgd door een jaartal. In dit geval ‘Gedichten 69’ tot en met ‘Gedichten 75’ (en dan nog apart ‘Gedichten 79’). Deze reeks die samengesteld werd door onder andere Hubert van Herrewhegen, Jos de Haes en Willy Spillebeen (die het overnam van Jos de Haes na zijn overlijden in 1974) samengesteld. Vanaf 2001 nam Hugo Brems de rol van Hubert van Herreweghen over.

De serie werd uitgegeven door het Davidfonds in Leuven en gesteund door het Noordstarfonds van de kulturele stichting van de Vlaamse verzekeringsmaatschappij De Noordstar en Boerhaave. Deze reeks heeft bestaan van 1960 tot 2000. De samenstellers maakte een selectie van 50 gedichten uit de poëtische jaarproductie in tijdschriften.

Uit de editie ‘Gedichten 69’ nam ik het gedicht ‘Park’ van Silva Ley, een mij onbekende dichter. Silva Ley (1927) is het pseudoniem van Johanna van Aelst-Versteden. Silva (latijn) betekent bos  en de Ley is een stroompje door Tilburg. Het gedicht verscheen in het tijdschrift ‘Proeve’.

Toen zij les gaf aan de basisschool stelde zij de bundels ‘Kinderwensen’ en ‘Kindertoneel’ samen, uitgegeven door haar  vader. Rond 1960 sloot Silva zich aan bij de Eindhovense dichterskring en uitgeverij Opwenteling waar vier bundels van haar uitkwamen. Ook schreef zij haiku’s, senryu’s en tanka’s.

.

Park

.

klokken en fonteinen bruisen samen

.

avondsauna voor de mensen:

zij zweten stad uit

staan éven naast de hoge

persoonlijkheden van bomen

.

nu worden hun armen lui en langer

hun wangen bladzacht naar het licht

.

nu nemen de bomen stem aan

en vermenselijken

.

er is éven

een vergetelheid hersteld

.

Iedereen begint in het klein

Raad

.

Afgelopen weekend was ik in Vlaanderen (Mechelen en Leuven en omstreken) en wat ik dan in ieder geval altijd doe is in de plaatselijke kringwinkels (zoals ze ze daar noemen) op zoek naar de boekenafdeling en dan het plankje (indien aanwezig) poëzie zoeken. Nu was ik in de Sjans! (what’s in a name!) en daar hadden ze allerlei thema’s in de boeken kasten maar geen poëzie. Toch stuitte ik op een alleraardigst bundeltje met de titel ‘Iedereen begint in het klein’ geboortegedichten uit 2022.

In dit bundeltje gedichten van bekende namen (vooral Vlaamse maar niet exclusief) als Lotte Dodion, Shari Van Goethem, Runa Svetlikova, Maud Vanhauwaert, Siel verhanneman, Benno Barnard, Vrouwkje Tuinman en Ingmar Heytze. De reden dat men deze bundel uitgaf is op de achterkant beschreven: “In blijde verwachting? Je hebt al een naam gekozen maar je bent nog op zoek naar gepaste woorden? Iedereen begint in het klein bevat gebalde gedichten voor wie nood heeft aan mooie, gloedvolle woorden om je verbazing, ongeduld en hoop het best te omschrijven.”

Het leuke aan deze verzamelbundel op thema (ik hou ervan) is dat nu eens niet gegrepen is naar de canon van de Nederlandstalige poëzie met al haar grote, bekende namen, maar gekozen is voor dichters van nu, misschien niet allemaal bekend bij een groot publiek, maar voor wie zich in de poëzie van nu interesseert (of MUGzine leest), namen die men wel kent of waar men van gehoord heeft. Ik kende slechts drie van de vijfentwintig namen niet (alle drie Vlaamse dichters).

Uit de gedichten, die een grote afwisseling in vorm en inhoud kennen (van Haiku’s tot proza-gedichten en alles wat er tussen valt), koos ik voor het gedicht ‘Raad’ van dichter Mustafa Kör (1976) met meteen een goede raad voor het (nog ongeboren) kind.

.

Raad

.

Het mag dan zijn

dat jij begon te zijn

met een schreeuw

kind

Daar hoef je je geen zorgen om te maken

Waar je voor moet waken is het zuchten

Een zucht is opgeven

Een schreeuw is een begin

Hoe pril ook

.

Poëziecamera

Poëzie en AI, een toepassing

.

Na eerder berichten te hebben gepost op dit blog over poëzie en kunstmatige intelligentie (AI) met betrekking tot mijn eigen poëzie, over Chat GPT en de poëzie van Jules Deelder en Charles Bukowski, het schrijven van poëzie door Chat GPT en de macht van poëzie op AI gebied, nu iets nieuws namelijk een toepassing van AI in een camera, de Poetry Camera.

Poetry Camera maakt en drukt gedichten af over de mensen, objecten en omgeving die het fotografeert met behulp van AI. Het apparaat doet denken aan een instantcamera, met een grote, uitstekende cameralens op het hoekige frame die het onderwerp scant. Daaronder zit een gleuf waar het papier, dat op een bonnetje lijkt, de gedichten afdrukt die de AI Poetry Camera digitaal heeft geschreven. Het ontwerp oogt komisch met de forse ontspanknop en zoeker, maar er is ook een nostalgisch gevoel, wetende dat de gebruiker de strofen op een stuk papier krijgt in plaats van ze op een scherm te projecteren.

Het AI-taalmodel dat de Poetry Camera gebruikt, is afkomstig van Anthropic en heet Claude 4. Dankzij dit model kan het apparaat vrijwel direct gedichten schrijven in literaire taal. De gebruiker kan met de ingebouwde draaiknop het gewenste type AI-gegenereerd gedicht kiezen, van haiku, sonnet en limerick tot alliteraties in een gedicht en vrije versvorm. De afbeeldingen en gedichten worden vooralsnog niet digitaal opgeslagen op de Poetry Camera, wat betekent dat de gebruiker alleen een geprinte kopie heeft. Toch nog een beetje old school dus. 

Hieronder vind je een voorbeeld dat de Poetry Camera maakte van de achtergrond die ziet (het veld met de rode en blauwe vlakken).

.

Als een slak de berg Fuji

Een reis in 8 Haiku

.

Een slak aanmoedigen om de berg Fuji te beklimmen, maar: langzaam, langzaam! Dat kan alleen in een Japanse haiku. Een haiku is méér dan een gedicht van 5 – 7 – 5 lettergrepen. De natuur, de seizoenen, de waarneming van de omgeving, met een twist of onverwachte wending. Een sterke haiku gaat over de grote vragen in het leven maar ook om het detail. “De haiku is een vingerhoed vol emotie, waarin de natuur een centrale plaats inneemt” las ik ergens.

.

De verhalenvertellers van het online reismagazine WideOyster selecteerden voor hun ‘travel poetry film’ acht van deze miniscule lofzangen om te verfilmen in Tokyo, Kyoto en de natuur ertussenin: https://magazine.wideoyster.com/ode-aan-de-reis-japan/. In eerdere edities zijn verfilmingen van gedichten over New York, Brazilië & Australië te vinden.

.

Matsuo Bashō

蝶の飛ぶばかり野中の日影哉

 

Vlinders
fladderen alleen
in een veld van zonlicht

Yosa Buson

夏河を 越すうれしさよ 手に草履

 

Een zomer rivier wordt overgestoken
hoe aangenaam
met sandalen in mijn handen!

Matsuo Bashō

雲霧の暫時百景を尽しけり

 

In wolken en mist
worden in een oogwenk
honderd scènes tot vervulling gebracht

Kobayashi Issa

蝸牛 そろそろ登れ 富士の山

 

O slak
beklim de berg Fuji
maar langzaam, langzaam!

Natsume Sōseki

錦画や壁に寂びたる江戸の春

 

Wanneer de lamp gedoofd is
Komen de koele sterren binnen
Door het raamkozijn.

Matsuo Bashō

君火を焚けよきもの見せん雪まるげ

 

Als jij het vuur ontsteekt
zal ik je iets moois laten zien
een grote sneeuwbal

Yosa Buson

目に遠くおぼゆる藤の色香かな

 

In het maanlicht
Lijkt de kleur en geur van de blauweregen
Ver weg.

Matsuo Bashō

夏草や兵どもが夢の跡

 

Zomergras,
Is het enige dat overblijft
Van de dromen van krijgers

.

Dit is de derde gastblog van Marianne

.

Orakelpoëzie

Waka (Poëzie)

.

Van Marianne ontving ik een mail met daarin een paar foto’s uit Japan. De foto’s zijn genomen in een tempel waar je voor 100 yen mag rammelen met een koker tot er een stokje uitkomt met daarop een nummer. Dat nummer correspondeert met één van de laadjes uit een bijbehorend kastje. Uit dat laadje haal je dan vervolgens een briefje met een waka (gedicht) dat de vorm heeft van een tanka.

De tanka is een kort gedicht (denk ook aan de haiku) gebruikt om ‘korte gedichten’ te onderscheiden van de langere chōka (in de tijd dat deze vorm ontstond, de 8ste eeuw).  In de negende en tiende eeuw werd het korte gedicht echter, met name met de compilatie van de Kokinshū (een vroege bloemlezing van de Japanse poëzie), de dominante vorm van poëzie in Japan, en het oorspronkelijk algemene woord waka werd de standaardnaam voor deze vorm.

De Japanse dichter en criticus Masaoka Shiki (1867-1902) heeft de term tanka in het begin van de twintigste eeuw nieuw leven ingeblazen vanwege zijn uitspraak dat waka vernieuwd en gemoderniseerd moest worden. Haiku is ook een van zijn ‘uitvindingen’. Deze term gebruikte hij voor zijn herziening van de op zichzelf staande Hokku. De Hokku is de openingsstrofe van een Japans orthodox, samenwerkend gedicht, renga , of van zijn latere afgeleide, renku, dat dus aan het einde van de 19e eeuw tot haiku werd omgedoopt en sindsdien de meest bekende Japanse dichtvorm is buiten de Japanse landsgrenzen.

Het Genootschap voor de Japanse Badhuizencultuur organiseert sinds een aantal jaar elk jaar een haikuwedstrijd over deze cultuur. Als voorbeeld wordt een haiku van Masaoke Shiki meegestuurd over de badhuiscultuur in Japan.

.

in het badhuis

gaan over Ueno’s bloesems

de verhalen rond

.

 

Wolk 2.0

Maak je eigen gedicht in augmented reality

.

Afgelopen vrijdag was ik bij de presentatie van de nieuwe WOLK app, Wolk 2.0. De oude wolk app waarbij je met behulp van een app op je telefoon gedichten kon lezen in augmented reality in de ruimte waarin je op dat moment bent (in de bibliotheek van Maassluis bijvoorbeeld waar de wolk app zuil staat) is nu vernieuwd en te gebruiken door in je browser van je laptop, je tablet of telefoon naar wolkapp.nl te gaan. Door dit te doen open je de app. Je kan in de nieuwe app zelf een gedicht schrijven (keuze uit: limerick, sonnet, haiku, elfje of vrije vorm).

Door de app te volgen kun je je gedicht vervolgens bekijken in de augmented reality omgeving. En behalve dat je nu zelf een gedicht kan maken (je kunt ook nog steeds uit gedichten van Joke van Leeuwen, Akwasi, Roos Rebergen, Teske de Schepper, Edward van de Vendel, Tim Hofman, Radna Fabia en Anne Vegter) kun je deze ook delen via social media. Je gedicht is alleen zichtbaar voor jezelf tenzij je het deelt.

Wolk maakt poëzie laagdrempelig, toegankelijk en leuk. Het is een vernieuwende manier om bezoekers (aan de bibliotheek waar de app voor is ontwikkeld) met poëzie in aanraking te laten komen. Wolk laat je kennis maken met de technologie van augmented reality en met poëzie. De app is in opdracht van de bibliotheek ontwikkeld door Johannes Verwoerd Studio.

Natuurlijk een gedicht met wolken, dit keer van Henny Vrienten (1948 – 2022).

.

Als mijn adem op

is, het gedaan is

met mijn leven

reis ik naar de

hemel toe om een

concert te geven

want ik was nog

lang niet klaar,

mijn bas niet

uitgeklonken

ik klop aan en

meld me daar, bij

het bandje in de

wolken

.

 

Sidzjo

Koreaanse poëzie

.

Iedere poëzieliefhebber kent de Japanse Haiku, bestaande uit drie regels van respectievelijk 5, 7 en 5 lettergrepen. Maar wie weet dat dat de Haiku afgeleid is van de Koreaanse Sidzjo? De Sidzjo mocht zich gedurende 500 jaar tijdens de Yi-dynastie (1392-1910) over een ongekende populariteit verheugen. De Sidzjo werden meestal gezongen en hun meest oorspronkelijke vorm drukken zij vooral de loyaliteit met de heerser en de ethische waarden van het Confusianisme uit. Later toen deze vorm steeds populairder werd gaan de Sidzjo ook steeds meer over de liefde, de natuur over het leven en over het genot van de drank.

De sidzjo bevat gemiddeld 45 lettergrepen waarvan de eerste twee regels bijna altijd een stelling of vaststelling zijn. In de derde regel volgt dan de conlcusie. Een voorbeeld van een Sidzjo van Chung Cheol (1536-1593) luidt:

.

Aan de wegrand staan twee stenen Boeddha’s naakt en uitgehongerd

gegeseld door regen en wind vorst en sneeuw

En toch benijd ik ze, want de scheiding zoals bij mensen is hen vreemd

.

Dit en nog veel meer staat te lezen in ‘Herfstheuvels’ moderne Koreaanse poëzie in Point, jaargang 8, nummer 37 uit 1996. Ik schreef al eerder over een nummer uit deze reeks. De keuze van de Koreaanse gedichten en de herdichting is in het geval van dit nummer gedaan door Germain Droogenbroodt. Ik koos voor een gedicht van Yu Chi-hwan (1908-1967). Chi-hwang was een vooraanstaand Koreaans dichter die vele bundels uitgaf en die in 1957 de Vereniging van Koreaanse dichters oprichte (de oudste poëzieorganisatie in Zuid-Korea). Vandaag de dag heeft deze vereniging zo’n 1500 leden.

Uit de bundel koos ik voor het gedicht ‘Vaandel’, geen Sidzjo maar wel een voorbeeld van ‘moderne’ Koreaanse poëzie.

.

Vaandel

Dat stemloos geroep,

die zakdoek van eindeloos verlangen

die naar de blauwe occeaan toe wuift.

.

Zuivere, toegewijde ziel, golvend in de wind

op een standaard die haar pure,

rechtlijnige gedachte weergeeft

en haar melancholie uitstrekt,

zoals een reiger zijn vleugels.

.

Ach, wie is het geweest

die daar voor het eerst heeft opgehangen

dat droeve, woelige gemoed?

.

poëzieles

Acrostichon, Elfje, Haiku of Luule

.
Afgelopen maandag mocht ik weer een gastles poëzie geven bij Bart, vriend en docent van het Farel college in Ridderkerk. Dit keer in klas H1A. In de onderbouw geef ik eerst een korte uitleg van het kleine gedicht en vertel ik iets over het elfje, het acrostichon (het naamgedicht of lettervers) de haiku en de luule. Zoals altijd zijn er leerlingen die heel enthousiast zijn en er zijn er die er eigenlijk helemaal geen zin in hebben.
.
De uitdaging voor mij is dan om ze toch mee te krijgen. En eigenlijk is dat helemaal niet zo moeilijk want als je ze eenmaal aan het schrijven krijgt dan komen ze vaak (onbedoeld) met hele leuke, grappige en zinnige ingevingen. Ironie, zelfspot, binnenrijm, alliteraties, experimentele poëzie en andere vormen van poëtische vormen en stijlmiddelen komen voorbij zonder dat ze weten dat het dat is. Als ik ze dan vertel dat ze iets goeds of leuks hebben geschreven zie je ze soms heel verbaasd glunderen.
Net als de vorige keren heb ik beloofd de leukste en beste hier te delen.
.
Elfje van Damla (betekent druppel in het Turks).  Haar hobby was zwemmen.
.
Zwemmen
altijd vermakelijk
trainingen minder leuk
toch blijft het fun
Bommetje!
.
Een naamgedicht van Aya
.
Ach, we hebben hierna wiskunde
Yeah maar we zijn na wiskunde wel uit
Ach, maar wel eerst wiskunde overleven
.
Deze van Julliët vind ik ook leuk omdat ze de verschillende vormen heeft gecombineerd.
Gedicht
er zijn
meerdere soorten gedichten
zoals haiku en naamgedicht
elfje
.
Of die van Yarah (naamgedicht) net als vele andere leerlingen hebben ze een Y in hun naam en dat is nou eenmaal niet eenvoudig want zoveel woorden zijn er niet met een Y
.
Yoghurt is lekker
Andere woorden zijn er niet voor
Redelijk moeilijk om dit te doen
Als dit niet zou lukken zou ik iets anders doen
Hobby’s als voorbeeld
.
Een elfje van Damian
.
Balen
wat koud!
het sneeuwvlokje valt
de egel gaat slapen
Winter
.
Of deze van Julian
.
Klein
druk dier
hamster op wieltjes
rennen, draaien, spelen, rusten
schattig
.
En nog een elfje van Shivano
.
Zoet
kleurrijk goedje
snoepjes in hand
likken, zuigen, kauwen, slikken
verslavend
.
Tot slot nog een compliment voor Yarah en Jakira die van elk van de vormen een voorbeeld hebben ingeleverd. Ik vond het heel leuk om bij klas H1A een gastles te verzorgen en als ik de vraag weer krijg zal ik hier zeker weer positief op reageren.
.

Wat maakt een gedicht?

Gemeenschappelijke kenmerken van poëzie

.

Ik mag graag rondzwerven op het wereldwijde Internet op zoek naar hoe men denkt en schrijft over poëzie. Ik schreef er al over in 2019nogmaals 20192017, 2015, en 2013. En als je goed zoekt waarschijnlijk nog wel vaker. Lezen over poëzie kan je helpen bij het zelf, beter, schrijven van poëzie. Maar wat het allerbeste werkt is heel veel poëzie lezen, het vakmanschap door je eigen ogen binnen halen en daar je eigen draai aan geven.

Op Literacyideas.com kwam ik het volgende artikel tegen. Voor het gemak heb ik de belangrijkste gemeenschappelijke kenmerken van poëzie voor je uit het artikel geplukt en vertaald. Natuurlijk is dit geen uitputtende lijst van gemeenschappelijke kenmerken. Als je meer over poëzie leest mis je er al snel verschillende (verdichten van tekst, aanspreken door de dichter, enjambement – het afbreken van zinnen en woorden-, gebruik van witregels etc.) maar zo’n eerste korte lijst kan je al wat houvast geven. Dit is wat Literacyideas zegt over de gemeenschappelijke kenmerken van een gedicht:

● Het ziet eruit als een gedicht – als het eruitziet als een gedicht en leest als een gedicht, dan is de kans groot dat het inderdaad een gedicht is. Poëzie bestaat uit regels, waarvan sommige volledige zinnen zijn, maar veel niet. Bovendien lopen deze regels meestal niet consequent uit tot in de marge, zoals in bijvoorbeeld een roman. Dit alles geeft poëzie een onderscheidende en herkenbare uitstraling op de pagina.

● Het heeft vaak een onderliggende vorm die dingen bij elkaar houdt – hoewel dit niet altijd waar is (bijvoorbeeld in sommige vrije verzen), voldoet veel poëzie aan een voorgeschreven structuur, zoals in een sonnet, een rondeel, een haiku enz. Tegenwoordig gaat dit steeds minder op want het ‘vrije vers’ is bovenliggend.

● Het maakt gebruik van beelden – als een dichter serieus is, zullen deze proberen om beelden in de geest van de lezer te creëren met behulp van veel zintuiglijke details en figuurlijk taalgebruik.

● Het heeft een zekere muzikaliteit – we zouden kunnen denken dat de natuurlijke incarnatie van poëzie het geschreven woord is en zijn habitat, de pagina, maar het gedrukte woord is niet waar de oorsprong van poëzie ligt. De vroegste gedichten werden mondeling gecomponeerd en in het geheugen vastgelegd. We kunnen nog steeds zien hoe belangrijk de klank van taal is als we gedichten hardop voorlezen. We zien het ook terug in de aandacht voor muzikale middelen die in het gedicht zijn verwerkt. Poëtische hulpmiddelen zoals alliteratie, assonantie en rijm bijvoorbeeld. 

Doe er je voordeel mee zou ik zeggen maar vergeet niet dat de beste dichters vaak ook de beste lezers (van poëzie) zijn. Daarom hier een gedicht over poëzie, met als titel ‘Poëzie’ van één van de beste dichters uit het Nederlands taalgebied, mijn favoriet, de Vlaamse dichter Herman de Coninck (1944-1997) uit ‘De gedichten’ uit 1998.

.

Poëzie

.

Zoals je zegt ‘Val maar, sneeuw’

als het al een half uur sneeuwt,

.

zo heb ik er 45 jaar over gedaan

om er 45 jaar over te doen,

.

zo zeg ik ‘slaap maar’

tegen een dochter die al lang slaapt

.

en heb het daar twee uur later

nog altijd een beetje warm van,

als een thermos.

.

Studio Haiku

Lotte Dodion

.

Vorig jaar had ik contact met de Vlaamse dichter Lotte Dodion (1987), ik wilde haar vragen voor een bijdrage in MUGzine. Ze antwoorde toen dat ze heel erg druk was met een nieuw project dat heeft geresulteerd in een boek getiteld ‘Studio Haiku’ een handleiding voor haiku avonturiers. In ‘Studio Haiku’ gidst dichter en haiku-reisgids Lotte Dodion je stap voor stap door de wonderlijke mogelijkheden van de haiku. De haiku is een korte en krachtige Japanse dichtvorm die aan een aantal voorwaarden moet voldoen:

Een haiku bestaat uit drie regels waarin regel 1 vijf klemtonen of lettergrepen heeft, regel 2 zeven klemtonen of lettergrepen en regel 3 vijf lettergrepen of klemtonen.

De regels met betrekking tot de verdeling van de lettergrepen over de verschillende regels van het gedicht slaan voornamelijk op zogenaamde Westerse Haiku gedichten. Traditioneel Japanse Haiku wil nog wel eens afwijken van deze regels. Zo schreef de meest bekende Japanse dichter aller tijden Matsuo Basho (1644-1494) eens een haiku waarvan de tweede regel maar liefst 9 lettergrepen had.

Daarnaast heeft de traditionele haiku nog een aantal kenmerken:

  • omgeving als onderwerp (kan natuur zijn, maar bijvoorbeeld ook een bepaalde ruimte of een specifiek gebouw)
  • probeer een twist in de haiku te verwerken
  • houd het zo zintuiglijk mogelijk
  • probeer geen emoties in de haiku te verwerken: probeer juist emoties bij de lezer op te wekken
  • vermijd stereotype Japanse zaken, zoals de kersenbloesem

Uit het boek ‘Studio Haiku’ van Lotte Dodion blijkt  dat de haiku en het schrijven van deze vorm van Japanse poëzie een heerlijk speelveld is om je gedachten, gevoelens, observaties én kwinkslagen te vangen.

Veel meer over de haiku kun je lezen op deze website over Japanse dichtkunst.

Uit het boek van Lotte hier een aantal voorbeelden.

.

In de ochtendkoelte
maakt het geluid van de bel
zich van de bel los.

Yosa Buson

.

Een meer is mijn hart.
Op de oever sluipt de schaduw
van een zwarte tijger.

Kaneko Tôta

.

In mijn fantasie
kijk je nog één keer om en
dan pas verdwijn je.

Lotte Dodion

.