Site-archief

Toen nog niet alles digitaal was

Bies van Ede

.

Schrijver van jeugdliteratuur, televisiescenario’s, romans, poëzie, liedteksten en vertaler Bies van Ede (1957) is van vele markten thuis. Vorig jaar verscheen ‘Een landschap voor wie wil’ vijftig jaar gedichten en liedteksten verzameld en bijeengebracht door Bert Bevers. Bevers gebruikte hiervoor materiaal uit de zeven poëziebundels die Van Ede publiceerde, uitgaven van de Stichting Plint, gedichten van het legendarische Griezelgenootschap (met Paul van Loon), kinderliedjes en musicals.

Werk van Bies van Ede werd opgenomen in verschillende bloemlezingen waaronder ‘de Nederlandse jeugdpoëzie in 1000 en enige gedichten’ van Gerrit Komrij. De bundel ‘Een landschap voor wie wil’ wordt ingeleid door Frits Spits. Hij schrijft onder andere: “U moet zelf maar dwalen door deze bundel. Steeds zult u, net als ik, even de adem inhouden, een gevoel van herkenning, soms van geluk ervaren als u zijn werk overziet.’

Dat is precies wat ik gedaan heb, dwalen door deze stevige bundel van 282 pagina’s. Uiteindelijk heb ik als gedicht gekozen voor ‘Toen nog niet alles digitaal was’, iets dat denk ik, vooral wat oudere mensen uit het hart gegrepen is.

.

Toen nog niet alles digitaal was

.

Later, als ik niet meer dwaal

door de nachten van verlangen,

blijft een foto, in gedachten genomen,

van toen jij al weg was, een nieuwe ochtend in

met paarden misschien, of sportwagens.

.

Ergens moet toch de zon opkomen

boven het leven dat we wensen.

We wonen in beton, maar er zijn heuvels,

dalen, er is grasland en die zon

elke dag weer.

.

Later, als het dwalen lopen wordt

door bekende herinneren, zoals je nog precies weet

waar de stoel stond, of het bed,

weet ik weer hoe ik je kussen mocht.

.

Ik dacht toen al: nu wil je het nog.

.

En de zon zal altijd schijnen

door de ramen van onthouden.

Je bent de foto uit gelopen

maar de lijst is blijven staan.

.

 

Lang verwacht

Een nieuwe MUGzine

.

We hebben er even op moeten wachten (wat problemen met de distributeur) maar hij is er! De nieuwe MUGzine, editie 34. En in deze nieuwe editie staat weer veel moois, zoals poëzie van Dorien De Vylder, Masja Vrijland en Hanna Kirsten (de Meanderdichter van deze editie). Maar ook een korte Muggencolumn van Karel Feenstra, natuurlijk een kakelverse Luule en uiteraard wordt dit alles voorafgegaan door weer een poëtisch voorwoord van onze redactiefilosoof Marianne. De kunst is dit keer van een oude (jonge) bekende namelijk Marilou Klapwijk die eerder al als dichter een bijdrage leverde.

Wil je nu, als ware poëzieliefhebber, dit moois graag op papier ontvangen, dan kan dat. Word jaardonateur en je ontvangt 5 x per jaar een nieuwe MUG via de post in je brievenbus. Als nieuwe donateur krijg je van ons nog een leuk extraatje. Donateur ben je al voor € 22,50 per jaar. Voor dat bedrag koop je een dichtbundel of krijg je 100 pagina’s poëzie en illustraties/kunst via de MUG.

Een van de dichters die dit keer in de nieuwe MUGzine staat is de Vlaamse Dorien De Vylder (1988). Zij is dichter en apotheker. Haar debuut ‘Vertraagd stilleven’ (2017) werd gevolgd door ‘Heerlijk afgebakend eindeloos’ (2020). Ze bracht haar poëzie al op het podium van onder meer Kunstenfestival Watou, Felix Poetry Festival en Dichters in de Prinsentuin, maar ook op boten, in roze caravans en in gevangenissen. In 2020 won ze de publieksprijs van Cultuurlaureaat Lochristi. Als voorproefje hier het gedicht ‘Alles is er’ dat verscheen in literair tijdschrift DB W.

.

Alles is er

.

Er is water. Het stroomt niet

onder een pier. Het stroomt niet. Het stroomt niet onder een pier

die er is, maar niet wordt bewandeld door mensen

die er zijn. Het water draagt geen schepen,

voert geen handel, geen piraterij,

huisvest geen zeemeerminnen, dolfijnen of boodschappen in flessen.

Het is er. En al het overige vermelde ook.

Er is droog land. Er is water. Er zijn levende wezens

maar ze raken elkaar niet aan.

Ze zijn er, het droge land, het water, de levende wezens.

Alles is er. Om in liefde en vruchtbaarheid te voorzien.

.

Wie zijn we morgen

Babs Gons

.

Schrijver, dichter, spoken word artiest, theatermaker, columnist en voormalig Dichter der Nederlanden Babs Gons (1971) is geen vreemde op mijn blog. Als inspiratiebron, jurylid, optredend dichter, voorwoordschrijver, maar ook gewoon als dichter. Ik ben Babs door de jaren heen bijzonder gaan waarderen, als dichter maar ook als verbinder en mens. En nu is er een nieuwe bundel van haar hand verschenen.

De bundel ‘Wie zijn we morgen’ bevat urgente, geëngageerde poëzie over identiteit, macht en gemeenschap, waarin het persoonlijke met het publieke wordt verbonden en er ruimte komt voor nieuwe stemmen, en hoop, aldus de uitgeverij. En dat is precies wat we verwachten van Babs Gons. De titel verwijst naar het gedicht met de gelijknamige titel die ze schreef vlak voor ze werd geïnaugureerd als, toen nog Dichter des Vaderlands. Een titel die zij, geheel terecht in mijn ogen, veranderde naar Dichter der Nederlanden.

Het gedicht ‘Wie zijn we morgen’ schreef ze bij de start van het herdenkingsjaar Slavernijverleden dat liep van 1 juli 2023 tot en met 1 juli 2024. En nu is er dus de bundel met dezelfde titel. Uit de bundel koos ik het gedicht ‘Wat we verdedigen’, een gedicht waar je alle populisten en machthebbers (bijvoorbeeld de minister van defensie) mee om de oren zou willen slaan om ze in te peperen dat een grote verantwoordelijkheid rust op hun schouders en dat ze die verantwoordelijkheid serieus dienen te nemen.

.

Wat we verdedigen

.

sterke legers worden niet slechts gebouwd

door zwaar materieel en gebeden

defensie begint bij omarmend rijm

bij zeges op velden van kunstgras

bij krantenpapier en waterverftekeningen

.

defensie begint

bij het afwegen van woorden

weten dat taal niet onschuldig is

dat je met drie lettergrepen

iemands veiligheid te grabbel kunt gooien

bij weten wat we buitensluiten

wie we welkom heten

wie we tot zondebok maken

.

defensie begint bij kinderen

genoeg bieden om terug te kunnen veren

een stem te geven in toekomstplannen

de straat de plek te laten zijn

waar je je mag laten horen

voor je idealen

.

een land dat zich wapent

begint bij ontwapenende ontmoetingen

buiten het isolement van dat ene mens

in de nabijheid van vele anderen

.

want om een macht

tot een andere macht te verheffen

zullen we elkaar moeten treffen

niet om elkaar te vrezen

en te verdelen

maar om elke dag

weer opnieuw te beginnen

.

 

Luminale fase

MUGzine #32

.

De donateurs hebben als het goed is vandaag of gisteren de nieuwste uitgave van het meest eigenwijze en meest particuliere poëziemagazine van de lage landen in de bus gekregen. Dit keer was de richting ‘De luminale of liminale fase fase’. Uit het voorwoord van onze redactiefilosoof: ‘Wat als wij de uitkomst zijn van een aardverschuiving die nog plaatsvinden moet, de landing van een vlucht naar voren drie seconden voor het nu’.

Met poëzie van Katelijne Brouwer (1966), Lies Wullaert en Meanderdichter Annet Zaagsma (1971). Of wat te denken van de illsutraties van de jongste kunstenaar tot nu toe Pseudowight (2002). Natuurlijk de vaste rubriek, de Luule op de achterzijde maar vooral veel poëzie. Heb je #32 al in huis? Veel leesplezier! Wil je 5 keer per jaar MUGzine ontvangen per post? Word dan donateur voor maar € 22,50. Daar koop je tegenwoordig bijna geen dichtbundel meer voor.

Voorproefje? Natuurlijk. Van de allereerste Meanderdichter Annet Zaagsma het gedicht ‘Koe’ uit haar derde bundel ‘Opgelet. Het materiaal moet ademen’  uit 2022.

.

Koe

.

dit maatwerk polyester kunstdier
is een aanwinst voor uw bedrijf, school of organisatie
zoals een cabriodak appelluizen tegenhoudt

kosmonauten zweefafval eten
groenoogdazen liefst vezels van palmbladeren
een mantelmeeuw met eetlepel

uw klittenbandfixatie kan ontwarren
vult zij transparante containers met rauwe gehaktballetjes
die zij van zichzelf aanprijst. kniesoor

dit is spelen voor volwassen onderwereldfiguren
in het dagelijks leven bezig met niets
dan geluidsoverlast voorkomen

mijn computer zegt: alles begint met melk
de wereld is drijfhout
aan uw voeten

.

De liminale fase

MUGzine #32 bijna klaar

.

April is daar, de lente is begonnen en dat betekent dat er een nieuwe MUG uitkomt. Dit keer is de richting van de MUG de luminale of liminale fase (een antropologisch begrip dat de chaotische, onzekere tussentijd beschrijft tussen twee situaties in). Nog nooit was MUGzine zo actueel. Maar het betreft hier slechts een richting, geen thema. De bijdragende dichters mogen dit naar eigen inzicht invullen met hun gedichten. En dat hebben ze gedaan.

In #32 is poëzie opgenomen van Katelijne Brouwer (1966), de Vlaamse dichter Lies Wullaert en de eerste Meanderdichter Annet Zaagsma (1971). Het artwork is dit keer van de jonge Ben Smeets a.k.a. Pseudowight (2002). Natuurlijk een voorwoord van Marianne en een Luule. Wil je nou een leuk poëtisch cadeau (zelf samenstellen)? Maak dan gebruik van onze voorjaarsactie die loopt tot de zomer.

MUGzine verschijnt op de website mugzines.nl maar de echte poëzieliefhebber wil al dat moois natuurlijk gewoon in handen hebben. Dat kan, word dan donateur. Of volg ons op Instagram, X of gewoon op dit blog.

Geen blogbericht zonder poëzie, vandaar hier een gedicht van Lies Wullaert.

.

zij las boeken, bouwde steden
en honderden huisjes aan het strand.
in het zandpaleis liet ze mensen toe,
daar speelde het lichte leven.
elke kamer had een bad, minstens een.
de mensen in de huisjes eromheen,
wasten en spiegelden zich in zee.
brachten water naar de grachten,
zetten voor hun kleinsten thee.
in het zandpaleis dachten zij niet
aan de zwaarte
in de huisjes eromheen.

.

En de winnaar is..

Rob de Vosprijs en MUGzine

.

Zoals ik op 30 januari jongstleden al schreef gaan MUGzine en Meander een poëtische alliantie aan. Nu is dat niet de eerste keer dat we een samenwerkingsactiviteit doen want in het decembernummer van 2023 verscheen er al een editie van MUGzine (#20) met daarin de winnaars en de genomineerden van de Rob de Vosprijs 2023. Winanaar was toen Steven Van Der Heyden die al in #14 van MUGzine als dichter publiceerde (een MUGzine die toen al als richting ‘Metamorfosen’ had).

De jury van de Rob de Vosprijs 2025 bestond dit keer uit juryvoorzitter Peter Vermaat (recensent) en de leden Hettie Marzak (recensent), Anneruth Wibaut (schrijver/dichter/recensent), Annet Zaagsma (dichter), Marc Bruynseraede (schrijver/dichter/recensent) en Tom Veys (schrijver/dichter/recensent). Winnaar van de editie van 2025 werd dichter Rik Dereeper (1962) met het gedicht ‘Veldstraat 39’. Dereeper won al vele poëzieprijzen in Vlaanderen en Nederland en hij publiceerde poëzie in onder andere Het Liegend Konijn, Poëziekrant en De Gids.

De tweede prijs ging naar Koenrad Moerman en de derde prijs naar Irene Schoenmacker. Ok de zeven genomineerden gedichten staan gepubliceerd in #31 van MUGzine. De kunst is van de in Duitsland woonachtige Mariken van Heugten, het muggedicht is dit keer van Irene Wiersma en natuurlijk heeft ook deze editie van MUGzine een opvallend voorwoord van Marianne Hermans en staat op de achterpagina als altijd een nieuwe Luule.

De verschijningsdatum van #31 van MUGzine is medio volgende week (zowel op de website van mugzines.nl als op papier. Altijd de papieren versie van MUGzine ontvangen? Word dan donateur en stuur een mail naar mugazines@yahoo.com of verleng je donatie door € 22,50 over te maken.

Van de winnaar een gedicht waarmee hij in 2013 in de top 100 van de Turing Gedichtenwedstrijd kwam getiteld ‘Vier manieren om te dumpen’.

.

Vier manieren om te dumpen

Sinds zijn sluitspier soms een steek laat vallen
(elk chassis verslijt) en hij ons dan bescheten opbelt,
komen wij zijn kamer poetsen, gooien kruis of munt
om wie hem straks zal deporteren naar een ver tehuis.

Of dat ik hem ontvoer, terwijl mijn broers snel delven
naast een landweg. Door het nekschot valt hij dieper
dan de avond, staart hij even hemelhoog. De leegte
van zijn mond en oren vul ik met dezelfde grond.

Of strootje trekkend: wie vertilt zo iemand tot de nok?
Ik hijg voorbij de treden. Eens zijn hals gestropt,
bekijken wij hoe rap hij trappelt op een luchtfiets –
tot de benen doodstil bengelen. Er sijpelt iets uit hem.

Of een geweldig offerfeest. We zorgen dat hij nimmer
wederkeert, hem spietsend aan het spit. We draaien,
draaien vader in het rond en klinken op zijn erfenis.
En wissen van ons witste hemd het bloed, de stront.

.

 

Lente in de klas

Gedichten over het onderwijs in Nederland

..

Toen ik las dat er een vuistdikke bloemlezingen verschenen was getiteld ‘Er hangt iets van lente in de klas…’ met gedichten over het onderwijs, moest ik meteen aan de bloemlezing ‘Soms moet het werkelijk stil zijn‘ uit 2011. Op zichzelf niet verwonderlijk, de samenstellers van die bloemlezing waren Theo Magito (1951) en Henk Sissing (1954), dezelfde samenstellers van deze nieuwe bloemlezing. Ruim vijftien jaar hebben Theo Magito en Henk Sissing gezocht naar de mooiste parels en ze resulteerden in een schatkamer van ruim 800 pagina’s (met circa 900 gedichten) waarin de lezer oneindig kan verdwalen. De bloemlezing ‘Soms moet het werkelijk stil zijn’ zal vast en zeker de basis zijn geweest van deze nog ruimere keuze.

Magito en Sissing, die bij de samenstelling van het boek zijn geholpen door kenners en specialisten, kozen ervoor om te werken met vier secties: onderwijsgedichten in de middeleeuwen, gedichten tot de onderwijswet van 1806, onderwijspoëzie in de 19e eeuw en gedichten over de 20e en 21e eeuw. Iedere sectie is met hulp van Willem Kuiper (UvA), Sarah Van Ruyskensvelde (KU Leuven) en Jacques Dane (Nationaal Onderwijsmuseum) in een historische context geplaatst. Ook Gert Biesta heeft met een voorwoord een duit in het zakje gedaan. Volgens hem werkt een blik op historische gedichten over het onderwijs relativerend, omdat ze laten zien dat veel hedendaagse ideeën en spanningen van alle tijden zijn.

En dat is gelukt want de gedichten gaan over ideeën en verlangens, over schoolvakken, over mensen. Ze zijn dikwijls liefdevol, vaak ironisch en soms kritisch. De teksten zeggen daarbij niet alleen iets over hoe het onderwijs zich in de loop der eeuwen heeft ontwikkeld, maar ook over hoe de poëzie zelf is veranderd. Het vuistdikke boek bevat allerlei soorten gedichten waarin zich een voorzichtig patroon aftekent van strakke en vormvaste poëzie met een serieuze toon, naar speelse en vrije gedichten.

De bundel ‘Er hangt iets van lente in de klas…’ is een verzameling van allerlei soorten poëzie: vormvaste gedichten en vrije verzen, prozaïsche gedichten, liedteksten, en zelfs soms visuele poëzie. De gedichten hebben thema’s als het leven op de basisschool, of op het voortgezet onderwijs. Er zijn gedichten over leraren of gedichten bezien vanuit hun perspectief van de leerlingen. Soms zijn kinderen aan het woord, dan weer hun ouders.

Uit de bundel nam ik het gedicht ‘Na de schooltijd’ van dichter Johanna Kruit (1940).

.

Na de schooltijd
.
Ik doe mijn ogen op een kiertje dicht.
De wolken zeilen hoog voorbij. Ik lig
languit. Gras kriebelt mijn gezicht.
.
Ik denk aan dingen die ik nog niet weet.
Hoe bloemen bloeien, hoe een vogel leeft
en waarom water van de zee beweegt.
.
Er komt een vlinder even zitten op een bloem.
Ik plaag hem met het puntje van mijn schoen
en sta weer op: ik moet nog huiswerk doen.

.

Een blik over zee is genoeg voor een lome duik

MUGzine #30

.

Sluit je ogen. Transponeer jezelf van je dulle druilkantoor naar een windstille dag aan zee, panty en laarsjes in de tas en met je blote voeten door het zand. Een witgeel gestreepte strandstoel staat op de duintop op je te wachten, je zit en kijkt uit over de zee, een vluchtige vlinder tuimelt langs je oog, een lieveheersbeestje op je blote dij.

Zo begint het voorwoord van onze redactiefilosoof Marianne in de nieuwe MUGzine, nummer 30 en het laatste nummer van 2025. In dit nummer gedichten van Trudy Dijkshoorn, Bas Belleman (muggedicht), Dietske Geerlings, Elbert Gonggrijp en Jan Kleefstra. Het artwork is dit keer van Mark Fayot. En natuurlijk leveren we je een kakelverse Luule.

MUGzines zijn te lezen op mugzines.nl en voor de ware poëzieliefhebber is dit pronte en eigenwijze minipoëziemagazine (A6) ook op papier verkrijgbaar. Hoe? simpel, gewoon donateur worden en je ontvangt 5 keer per jaar een MUGzine in je brievenbus (plus altijd iets extra’s). Mugzine is een initiatief van MUGbooks, Poetry Affairs en BRRT.Graphic.Design.

Als opwarmertje een gedicht van Dietske Geerlings (1971) stadsdichter van Zutphen 2025-2026, getiteld ‘Eenzaamheid’.

.

Eenzaamheid

.

één

hart dat zo krachtig
verbindingen legt in een lichaam
klopt een weg naar buiten

maar strandt op de rand

het is niet eenvoudig
vat te krijgen op wat er
rondspookt in je hoofd

maar duizendmaalduizendvoudig

is de stilte tussen de tikken
van de klok die je verder en verder
voeren van je voorouders
terwijl je vastloopt in het wereldwijde web van

nu

voor wachten heb je allang geen woorden
meer nodig je staat stil met je rug tegen het raam

je kan het glas niet breken
de kou niet verdrijven
die tussen je botten omhoog kruipt

je lach zit aan de andere kant van je gezicht
waar je niet meer bij kunt
een grimas zit vast om je mond en stoot af

je begrijpt wel dat niemand jou schrijft
niemand jou belt want je ziet de wolf
in je eigen ogen en ruikt de angst in je vacht

ergens diep huist het

kind dat aanbelt
ernstig vraagt of je zegels wilt kopen

vrijmoedig legt het een blad en een pen
in het netwerk van je blauwe aderen
wacht geduldig tot je klaar bent
breekt een woord voor jou in twee stukken
deelt het en maakt voor even van één

saam

.

Hij komt, hij komt..

Nummer 30

.

Hij komt inderdaad, het laatste nummer van 2025, de nieuwe MUGzine. Dus als je nog geen cadeautje hebt voor Sinterklaas of Kerstmis is dit de uitgelezen (no pun intended) mogelijkheid om geliefden eens iets echt origineels te geven. En zoals je van ons gewend bent doen we er altijd een klein presentje bij. Dus geef iemand een MUGzine cadeau (gewoon of in een speciale MUGzine Japanse enveloppe) of nog beter, geef een jaar lang MUGzines in de brievenbus (5 exemplaren) en word donateur.

Het december nummer van MUGzine is weer een fraai exemplaar geworden. Met poëzie van Trudy Dijkshoorn, Elbert Gonggrijp, Dietske Geerlings en Jan Kleefstra. Het muggedicht is dit keer van Bas Belleman en de kunstenaar is dit keer Mark Fayot. Natuurlijk is er ook een kakelverse Luule en wordt je weer getrakteerd op een poëtisch voorwoord van Marianne.

Als opwarmertje hier alvast een gedicht van Jan Kleefstra (1964). Deze Friese dichter verschenen gedichten  in bloemlezingen als ‘Dichters in de Prinsentuin’ (2006), ‘Kastanjegedichten’ (2006), ‘Schoonheid’, Hernehim (2007), ‘Mengelwerk Drentse open’ 2007, ‘Openbare Bibliotheek Amsterdam’ (2007), ‘7e Regenboog, Breedevallei Dichters’ (2008), ‘Haarlemse Dichtlijn’ (2008), ‘Inkijk, interieurs in de Hollanderwijk’ (2009) en ‘Giftige simmer’ (2009). In 2008 kwam zijn Friestalig debuut uit, ‘Fragminten’, wat niet een vertaling is van de voormalige Nederlandse bundel met dezelfde naam.

.

Bloei kent geen denken

teder tot een eind gebracht

 

ongehavend op zwarte modder

zonder zomerstof gekmakend

vingerzacht groen op de wangen

 

langs het spoor van de achterblijver

het rag om roestige spijkers slaan

 

verwaaid zingen aanklampen

 

een stroomdraad spannen

.

Ertussenin

Moniek Wolters

.

Van een oud collega die ik geholpen heb met een aantal zaken in het afgelopen jaar kreeg ik als dank de bundel ‘Ertussenin’ uit 2022 van Moniek Wolters. De ondertitel luidt ‘Inspiratie voor de tussentijd bij veranderingen in werk en leven’. Het voorwoord is geschreven door de Rotterdamse dichter en spoken word artiest Derek Otte (1988). Op zichzelf is dat niet zo verwonderlijk want de bundel van Wolters bevat korte gedichten die in thematiek en vorm wel wat aan het werk van Otte doen denken.

De bundel is verluchtigd met illustraties van Jing Foon Yu. En hoewel het boek erop gericht is iedereen die in het tussengebied zit ( de tijd en ruimte tussen dat wat je kent en dat wat er gaat komen en misschien nog onbekend is) gereedschap in de vorm van gedichten en teksten te geven om hiermee om te gaan, kun je het boek ook als dichtbundel lezen. Een dichtbundel met een thema (omgaan met veranderingen).

In de bundel staan een soort luules, korte overpeinzingen met soms een knipoog en soms een diepere gedachte zoals bijvoorbeeld ‘De sprong wagen’

Hinkel

Stap

Spring

Maar er staan ook wat meer voldragen gedichten in. Ik koos voor het gedicht ‘Het moet wel spannend klinken’.

.

Het moet wel spannend klinken

.

Zou willen

dat ik in

het Engels kon

veranderen van vorm

.

Shape shifting

dat klinkt

zo enorm

stoer en avontuurlijk

.

zo ver

hier vandaan

.

Terwijl

veranderen van vorm

toch klinkt alsof

ik thuis een taartje

in de oven heb staan

.