Site-archief
Miroslav Holub
De geboorte van Sisyphus
.
Van dichter Jana Beranová kreeg ik het boek ‘De geboorte van Sisyphus, een keuze uit de gedichten en andere teksten 1958-1998’ uitgegeven door de Bezige Bij in 2008.
Jana Beranova is verantwoordelijk voor de samenstelling en de vertaling van de gedichten en teksten in dit boek en ze schreef het nawoord. De Tsjechische dichter Miroslav Holub (1923-1998) behoort tot de grote dichters uit Oost en Midden-Europa van de tweede helft van de 20ste eeuw. Hij werd veelvuldig uitgenodigd voor festivals in Rotterdam, Londen en elders maar hij kon, vanwege het communistische regime, slechts een enkele keer onder valse voorwendselen het land uit. De poëzie van Holub is zowel absurdistisch als onbeschaamd lyrisch.
Samen met Milan Kundera en anderen stichtte hij het poëzieschrift ‘Kveten’ (Mei). Door zijn actieve deelname aan de Praagse lente werd hij na de inval door het Russische leger ontslagen aan het onderzoeksinstituut en verdwenen zijn boeken uit de rekken van bibliotheken en winkels. Pas na de publieke schuldbekentenis kreeg hij een nieuwe functie, maar zijn poëzie bleef verbannen tot 1982.
Uit deze prachtige bundel het gedicht ‘Niet te koop’
.
Niet te koop
.
En wat kost
het brein van een bosmuis,
en wat kost
het sperma van een potvis?
.
Dwaze dagen
in voddenzaken met grote partijen
uitverkoop
van Turkmeense jeans
en Verzamelde Werken
op crêpepapier.
.
En wat kost een ziel?
.
En wat kost
een emmer bloed
met zo weinig amberserum,
zo weinig antistoffen
tegen rode Shylocks?
.
Wat hebben we gekost
nog voor we gekelderd zijn
naar waardeloos?
.
Stadsdichters
In Nederland (en België)
.
Nederland kent vele stadsdichters. Om precies te zijn waren het er vorig jaar 50. Volgens mij zaten daar ook dorpsdichters bij maar voor het gemak (waarom ook niet) houden we het op stadsdichters. Nederland telde op 1 januari 2013 precies 408 gemeenten. Dat wil zeggen dat maar 12,3% van de Nederlandse gemeenten over een stadsdichter beschikt. In Vlaanderen is het aantal inmiddels gegroeid naar 5 (van 3).
Wat is eigenlijk een stadsdichter? Stadsdichters zijn dichters die officieel door een college van burgemeester en wethouders zijn benoemd. Hun taak is meestal een aantal gedichten schrijven over de gemeente of over activiteiten en gebeurtenissen in de gemeente. Dat varieert van een paar gedichten per jaar tot maandelijks een gedicht. Sommige stadsdichters hebben daarnaast de rol van aanjager. In hun functie van stadsdichter mogen of moeten ze de inwoners van de gemeente kennis laten maken met poëzie of activiteiten op het gebied van de poëzie.
De stadsdichter van Hengelo, Fred van de Ven heeft nu voorgesteld om te komen tot een instituut voor stadsdichters. Zo’n instituut zou dan aanbevelingen kunnen doen aan de colleges: over het aantal gedichten dat geschreven zou kunnen worden, over de publicatie en over de vergoeding. Want in de regel is het liefdewerk, oud papier.
In 2005 werd de eerste stadsdichtersbundel ‘De stad en ik’ uitgegeven door uitgeverij Kontrast, onder redactie van Gerard Beense (Stadsdichter van Lelystad) gevolgd door ‘Verzen van verbondenheid’ in 2008 en ‘Stadsdichters bijeen’ in 2009 tijdens de 5e stadsdichtersdag in Lelystad. Inmiddels is de 9e stadsdichtersdag geweest in Lelystad, georganiseerd door de stichting Poëtikos, met een stadsdichtersgedichtenwedstrijd, dus volgend jaar het tweede lustrum.
De winnaar van deze wedstrijd was stadsdichter van Hengelo Lowie Gilissen met het gedicht ‘Amsterdam’.
.
Amsterdam
Nabij gehei dreunt, dreunt, dreunt,
in een dwingend ritme
als van een metronoom.
Op die doffe beat houden trams
met hun triangeltringtingtinggetinkel
en ssschurend sssnerpen
van weerbarstig wentelende wielen
helemaal geen maat.
Opgevoerde brommers overstemmen
met knalpijphard geknettterrrr
en passant moeiteloos
nerveuze claclaxons van schildpadtrage taxi’s.
Doppleriaans nadert met steeds meer nadruk
de viertonige ta-ti-ta-ta sirene
van een slalomambulance.
Te midden van deze ongeorkestreerde kakofonie
staat een straatmuzikant op zijn viool
een ti-ta-ti-ta partita van Bach te spelen,
alsof al die helse herrie om hem heen niet bestaat.
En warempel,
ik denk dat ook,
één hemels ogenblik.
.
Met beide voeten in de modder
Uit mijn boekenkast
.
Tussen 2007 en 2009 was Harry Zevenbergen stadsdichter van Den Haag. Een van de projecten die Harry organiseerde was Dichter op locatie. Twee keer Vijf Haagse dichters (in deel 1 en deel 2) kregen van hem de opdracht om een week te verblijven op een locatie naar eigen keuze in Den Haag. De ervaringen van dat verblijf werden vervolgens door hen vastgelegd in een dagboek met foto’s en gedichten. Het resultaat daarvan is vastgelegd in twee bundels waarin een bijzondere kijk wordt gegeven op het reilen en zeilen achter de schermen, op plekken waar een buitenstaander niet zo snel toegang krijgt.
Beide bundels zijn mooi uitgegeven door uitgeverij de Brouwerij in 2008 en 2009. Uit de eerste bundel twee gedichten van Jeroen de Vos. Jeroen verbleef 5 dagen op een Scheveningse viskotter en schreef daar een aantal pakkende gedichten over.
.
Groot vertoon
.
Acht uur ’s ochtends
vanuit de patrijspoort zie ik dat god
alles heeft opgepoetst
de zee schittert aan alle kanten
het glimt en blinkt.
Zou er soms visite komen?
.
Zoet & gladjes
.
Ze hebben allemaal
koppen die spreken
woest en krachtig
.
Krijg je zo’n kop
en zo’n blik
door het varen
.
of is het andersom
.
Ga je met zo’n kop varen?
.
Dadaïstisch dichter
Paul van Ostaijen
.
Leopold Andreas (Paul) van Ostaijen (1896-1928) was een Vlaams dichter en prozaschrijver die vooral bekend werd om zijn dadaïstische poëzie en het eerste volwaardige dadaïstische filmscenario ter wereld “De bankroet jazz” . De bankroet jazz werd rond 1921 geschreven maar werd pas in 1996 voor het eerst uitgegeven. In 2008 werd het bewerkt tot een korte speelfilm.
Van Paul van Ostaijen zijn een aantal dadaïstische gedichten heel bekend (bijvoorbeeld Boem Paukeslag) hieronder twee voorbeelden.
.
.
.
Duurzaamheid
Uit mijn boekenkast
.
In het eerste decennium van deze eeuw werd door Alja Spaan van Atelier 9en40 in samenwerking met Harrie Frijters een aantal keer Alkmaar Anders georganiseerd. Met het project Alkmaar Anders werd een breed platform geboden aan Alkmaarse dichters en kunstenaars. Het platform bestond uit een poëzie- en kunstavond in Atelier 9en40 en een bundel. Ook ik heb een paar maal mogen voordragen tijdens deze bijzondere intieme avonden.
Uit de bundel van 2008 een gedicht van Harrie Frijters bij een kunstwerk van Jeroen van Paassen.
.
Duurzaamheid
.
Waar eens een weg heeft gelopen
loopt die nu weg
waar eens een vorm stond
staat nu iets vormeloos
wat vormeloos is ontstaat
laat het lijden levend zien
.
Duurzaamheid II
.
Wat komt kan niet meer gaan
het is die vorm die blijft bestaan
zich omvormt tot iets nieuws
dat voortgaat zonder verder
iets weer te geven van wat er was
.
de tandeloze tijd zorgt voor een ding
duurzaamheid onvoorbereid
.
Poëzie, DaDa en kunst
Lesley Dill
.
De Amerikaanse kunstenaar/dichter Lesley Dill (1950) is een kunstenaar die relaties onderzoekt tussen taal, lichaam, emoties en de samenleving. Lesley Dills werk is geëxposeerd in verschillende musea in de Verenigde Staten waaronder het Museum of Modern Art in New York, het Whitney Museum of American Art en het Metropolitan Museum of Art.
Voorbeelden van kunst waarbij ze haar poëzie heeft geïncorporeerd zijn haar DaDa poem wedding dress (1994) en haar Red Poem Suit (1992). Een ander mooi voorbeeld is een afbeelding van haar eigen hals met regels uit één van haar gedichten.
Voor haar werk ontving Dill onder andere stipendia van de Rockefeller Foundation en kreeg ze in 2008 de Anonymous was a Woman Award.
.





















