Site-archief

Heb mij nodig

Herman de Coninck

.

Vandaag is zo’n dag dat ik een gedicht van Herman de Coninck met jullie wil delen. Poëzie en zeker poëzie van sommige dichters sluit soms heel goed aan bij mijn gemoedstoestand. Vandaag is mijn gemoedstoestand er een waarbij Herman de Coninck past. Ik heb gekozen voor het gedicht zonder titel uit de bundel ‘Enkelvoud’ uit 1991.

.

Heb mij nodig. Kun mij niet missen
Heb verdriet. Ik heb daar van alles tegen,
Levensbeschouwing, aforismen, groter verdriet:
Het is familie. Van geluk weet ik dat niet.

Er is geluk waarmee je alleen
moet zijn. Het te grote,
Zo heb ik, toen jij geboren was, een dag
door bossen gelopen. En toen pas besloten
dat jij er misschien mee te maken had,
en je moeder, die ik kende van vroeger.

Er is keihard geluk, waarvoor je moet
achterlaten en hebben en twintig zijn
zoals in het Frans: twintig jaar hebben.
Heb mij niet nodig. Kun mij missen.

Pas later ben je ooit weer twaalf geweest.
Dan kun je ook rustig veertig worden.
Dan is geluk verdriet. Een naald die Schubert leest
Kun mij dan missen maar doe het niet.

.

enkelvoud

herman dK

Thelonious Monk

Simon Vinkenoog

Simon Vinkenoog (1928-2009) was schrijver, dichter en voordrachtskunstenaar. Hij begon op 21 jarige leeftijd het blad literaire blad ‘Blurb’ dat samen met ‘Braak’ van Remco Campert en Rudy Kousbroek aan de wieg stond van wat later de Vijftigers werden. In 1950 debuteerde hij met de bundel ‘Wondkoorts’en publiceerde daarna nog 50 werken.

In 1951 publiceerde Vinkenoog de roemruchte bloemlezing ‘Atonaal’, die geldt als het eerste publieke manifest van de Vijftigers, die zich atonale dichters noemden. Uit de verzamelbundel ‘Eerste gedichten 49-64’ het gedicht ‘Thelonious Monk’.

.

Thelonious Monk

 

Dit is een straat in parijs

met een arabier in de zon

die langzaam slenterend werkeloos

loopt te zijn een 1951-noordafrikaan

ting ting ting in de bleke zon

zonder geluid

.

dit onder water uitgesproken

vonnis ting ting ting

ternauwernood de oppervlakte rakend

en met een strofe in de franse taal:

je donnerais ma vie toute entière

pour un petit rire confus et obscène

.

herinnert aan de dierentuinapen

met mondbekken harige benen

en ronde gladde achterhanden

die gretig alle kleuren grijpen wit en zwart

ting ting ting

.

Uit: Eerste gedichten 49-64, 1966

SV2

SV

 

De muze op zee

Een bloemlezing

.

De inleiding van de bloemlezing ‘De muze op zee’ begint met de zin: Wij zijn een zeevarend volk. Het is dan ook niet vreemd dat er een bundel met ‘zeegedichten’ is samengesteld. Adriaan Morriën heeft deze bloemlezing met Nederlandse dichters met gedichten over de zee samengesteld ter gelegenheid van de Boekenweek 1951. Eigenlijk is het een Boekenweek uitgave voor jonge mensen, zoals op de titelpagina  staat te lezen. Uitgegeven door de commissie voor de propaganda van het Nederlandse boek, de voorganger van de huidige CPNB, de Vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels.

Hij eindigt zijn inleiding net de woorden; ‘Moge deze bloemlezing niet alleen de vaderlandse liefde tot de zee, maar ook de, ik zou bijna zeggen, onvaderlandse liefde tot de poëzie aanwakkeren.’

Een mooi en nobel streven. Ik weet niet of dit destijds gelukt is maar deze bloemlezing staat vol prachtige poëzie van onbekende dichters tot de groten uit ons taalgebied als Slauerhoff, Vasalis, Greshoff en Marsman. Aangevuld met fijne illustraties in zwart/wit van de hand van Fons Montens.

Een keuze maken uit zoveel mooie gedichten is niet eenvoudig dus heb ik gekozen voor twee gedichten uit deze bloemlezing, een van Achterberg en een van J.B. Charles.

.

Marsman

.

Juli 1940

Misschien dat eens de parelvisschers van Bizet hem vinden,

zooals hij neerligt op den bodem van den Oceaan

met centenaren water boven zich. Hij ziet de booten gaan

van Duitschland, engeland, Amerika en Insulinde

binnen zijn oogen als het ware; tot het jongst gericht.

.

Dan zullen wij hem op de waterheuvelen zien staan,

zeggend tegen de hoogste sterren dood’s diepzeegedicht

.

G. Achterberg

.

Een suite van de zee

.

De groene zee is mijn vriendin,

ik rust bij haar en speel er in,

en voor mijn onbevreesde voeten, geplant

op de verste vaste rand,

dit brosse gele suikerzand van ’t strand,

spoelt zij ze aan, de lieflijke geschenken

waarvan de zilte geur aan haar doet denken,

aan haar en aan zoveel in haar besloten dingen:

het wier, een Spaanse fles en schelpen

waarin de meermin en de eeuwigheid

tweestemmig zingen.

.

J.B. Charles

.

Muze op zee

Fons Montens

 

Het muzikaalste gedicht

Uit Nederland en Vlaanderen

.

Uit de muzikale bundel ‘Het muzikaalste gedicht, uit Nederland en Vlaanderen’ een gedicht van Menno Wigman. Al eerder plaatste ik hier een gedicht van Menno maar omdat zijn stijl me bijzonder bevalt vandaag dus éen uit deze bijzonder aardige bundel.

het gedicht heet ‘Koopmuziek’ en verscheen oorspronkelijk in de bundel ‘Zwart als kaviaar’ uit 2001.

.

Koopmuziek

.

De moedeloze geilheid van een V&D

op dinsdagmiddag, labyrint van geuren

en gezichten die er niet toe doen, zo vreemd

en leeg dat het je ogen geeft. Er speelt

van alles, het is niets, je hoort muziek

.

en weet niet meer wat erger is: die vieze

melodietjes met hun hese ik van jou

of jij die om een spookbeeld rouwt

en je in een goedkoop gezicht verdiept.

.

(Niet denken nu, niet denken aan die ene

die ’s nachts met haar benen in de lucht

de hemel van een ander openvouwt.)

.

Maar lopen, lopen en verbaasd voorover

vallen in de beste ogen van een ander ik.

.

wigm001_p01

zwartalskaviaar

De dichter is maar blinde

H.H. ter Balkt (1938 – 2015)

Op zondag 8 maart 2015 is de dichter  H.H. ter Balkt in zijn woonplaats Nijmegen overleden.  Ter Balkt ontving gedurende zijn dichtersleven veel belangrijkste literaire prijzen, waaronder in 2003 de P.C. Hooftprijs, de Jan Campert prijs in 1988, de Constantijn Huygens-prijs in 1998 en de Herman Gorterprijs in 1972. Hij leidde de laatste jaren een sober en teruggetrokken bestaan en had al langere tijd een broze gezondheid. Van hem het gedicht ‘China, juni’.

.

China, juni

De dichter is maar blinde
vlier, hij kreunt en zingt
in de wind die in hem klimt

In juni bloeiden op dat plein papaver en gentiaan
(die elkaars geheime zwijgende geliefden zijn)
Demonische kweekgras-wortels mokten …Bloemkronen
lokten duizend plukkers uit hun schaduw

Woest doemden voerlieden op in hun maaidorsers
van steen waarvan de stenen wielen ratelden; hard
snerpten zwepen in de stenen hand van de menners
die neermaaiden de papaver en de gentiaan

De dichter is maar blinde
vlier, hij zwijgt en zinkt in de wind
die aan hem wringt

.

Uit: ‘In de kalkbranderij van het absolute’ uit 1990.

.

kalkbranderij

H.H.

Mao Tse Tung

The long march

.

Soms kom je onverwachte verrassingen tegen. Zo ook afgelopen zaterdag. Ik was bij een kringloopwinkel in Voorburg en kocht daar onder andere het obscure bundeltje Mao Tsetung: Poems. Een in 1976  door Foreign Languages Press in Peking uitgegeven bundel met vertaalde gedichten van de voormalig leider van China. Mao Zedong (zoals wij hem tegenwoordig kennen) leefde van 1893 tot 9 september 1976. De vraag is dus of hij nog leefde toen deze bundel werd uitgegeven of dat het is uitgegeven naar aanleiding van zijn dood. We zullen het nooit weten.

Het is in ieder geval de eerste editie (en daar zal het waarschijnlijk ook wel bij zijn gebleven). Met voorin een uitvouwbaar handschrift van Mao, een foto met zijn handtekening en 36 gedichten van zijn hand. Achterin een noot van de vertalers over de gedichten die allemaal in traditionele Chinese versvormen geschreven zijn als de tzu, de lu, de chueh en twee variaties op de shih.

De gedichten zijn geschreven tussen 1925 en 1963 met intrigerende titels als The people’s liberation army captures Nanking (1949), Reply to comrade Kuo Mo-jo (1961) en Militia women, inscription on a Photograph (1961).

Omdat de Lange mars van Mao heel bekend is hier het gedicht The long march (1935).

.

The long march

(a lu shih)

.

The red army fears not the trials of the long

march,

Holding light ten thousand crags and torrents.

The Five Ridges wind like gentle ripples

And the majestic Wumeng roll by, globules of clay.

Warm the steep cliffs lapped by the waters of golden

sand,

Cold the iron chains spanning the Tatu river.

Minshan’s thousand li of snow joyously crossed,

The three armies march on, each face glowing.

.

(Five Fidges en Wumeng zijn gebergten, Minshan is een deel van de Yangtze rivier)

mao1

mao2

mao3

 

Tegen het krakende hek

Rutger Kopland

.

In 1988, het jaar dat Rutger Kopland (1934 – 2012) de P.C. Hooftprijs ontvangt, publiceert uitgeverij van Oorschot zijn bundel ‘Wie wat vindt heeft slecht gezocht’.  Een groot gedeelte van de gedichten uit deze bundel is niet moeilijk te begrijpen. Vaak worden liefdesscènes beschreven op zeer romantische wijze, soms als onderdeel van de natuur (paarden, honden, bloemen). Het gedicht ‘Tegen het krakende hek’ is hiervan een goed voorbeeld.

.

Tegen het krakende hek

.

Zo stonden wij tegen het krakende hek,
zo buiten de wereld als paarden.

Het was weer aarde, gier en soir de
paris, een avond van waar en wanneer.

In mij kwamen vergeten regels omhoog,
zachte op nacht rijmende landerijen,

maar jij fluisterde: hier, hier is het
het fijnste, waar je nu bent, waar je nu

bent met je handen. Zo lagen we tegen
de aarde en tegen elkaar, terwijl het hek

kraakte tegen de opdringende paarden.

.

Wie_wat_vindt_he_4f8569a7b9656

Kopland

Neeltje Maria Min

Twee zusjes

.

Lezend in de bundel ‘De gedichten’ van Neeltje Maria Min kwam ik een gedicht tegen over twee zusjes. Nu heb ik twee zusjes als dochters en ik zag meteen voor me wat Neeltje Maria Min bedoelde. Daarom dit gedicht ‘Twee zusjes zitten voor het raam’.

.

Twee zusjes zitten voor het raam.

Eén leest. De ander luistert.

Haar handje schuifelt door het haar.

Er is nog even samenhang

maar dan ontgaat haar het verhaal.

De duim blijft steken tussen mond en kin.

De oudste leidt met zachte dwang

haar zusje weer het sprookje in.

.

NMM

Serge van Duijnhoven

Een echtelijke slaapkamer

.

Serge van Duijnhoven (1970) is schrijver, dichter en historicus (dat laatste wist ik niet). Hij is de oprichter van het tijdschrift MillenniuM en de Stichting Kunstgroep Lage Landen. Daarnaast is hij frontman van het muzikale gezelschap Dichters Dansen Niet. Ik ken Serge vooral van het laatste, zo besprak ik zijn laatste werk (bundel en CD)  ‘Vuurproef ‘ in februari van vorig jaar. Wat schetste mijn verbazing toen ik een gedicht van zijn hand tegen kwam in de onvolprezen bundel ‘Seks, de daad in 69 gedichten’ met de nieuwsgierigmakende titel ‘Een echtelijke slaapkamer’.

.

Een echtelijke slaapkamer

.

Hij spoelde aan. Een vis

met rottende ingewanden

Soms deed hij hele dagen

niets dan zich ontlasten

of pogingen daartoe

.

de bloedkorstjes in het toilet

liet hij door zijn vrouw

verwijderen. Hij zag haar

gebukt op de toiletvloer

Hij wilde haar gebukt in bed

.

De kuit moet zwemmen

tot haar maag. Zij spartelde

happend naar adem. Na afloop

zonk hij neer tot hij

verbaasd de bodem raakte

.

Op een avond trof zijn vrouw

hem kruipend in de keuken

Zij sleepte hem naar boven

in de kamer waar zijn cellen

konden zwellen. Hij kreunde

.

richtte zich nog een keer

op, kwijlde op zijn knokkels

en doorboorde haar met een

gestrekte arm vol tot aan

zijn oksel. Zo werden zij

.

gevonden – man en vrouw

hun lichamen verwrongen

als wrakken die, onder

toeziend oog van de zoon

door een arts werden gedemonteerd

.

Serge-van-Duijnhoven-1343842815

Tijd voor E.E. Cummings

Anyone lived in a pretty how town

.

Gewoon omdat ik er zin in heb vandaag een gedicht van een van mijn literaire helden E.E. Cummings. En dan ook nog een gedicht met een mooie vertaling van Lepus. Het gedicht ‘Anyone lived in a pretty how town’ (uit ‘100 selected poems’, 1940)of zoals het in vertaling heet ‘Iemand woonde in een nette doorsnee stad’ aangevuld met een mooi audiofragment van het gedicht voorgedragen door de dichter zelf.

.

Anyone lived in a pretty how town

 

anyone lived in a pretty how town

(with up so floating many bells down)

spring summer autumn winter

he sang his didn’t he danced his did

.

Women and men(both little and small)

cared for anyone not at all

they sowed their isn’t they reaped their same

sun moon stars rain

 

children guessed(but only a few

and down they forgot as up they grew

autumn winter spring summer)

that noone loved him more by more

.

when by now and tree by leaf

she laughed his joy she cried his grief

bird by snow and stir by still

anyone’s any was all to her

.

someones married their everyones

laughed their cryings and did their dance

(sleep wake hope and then)they

said their nevers they slept their dream

.

stars rain sun moon

(and only the snow can begin to explain

how children are apt to forget to remember

with up so floating many bells down)

.

one day anyone died i guess

(and noone stooped to kiss his face)

busy folk buried them side

by side little by little and was

.

by was all by all and deep by deep

and more by more they dream their sleep

noone and anyone earth by april

wish by spirit and if by yes.

.

Women and men(both dong and ding)

summer autumn winter spring

reaped their sowing and went their came

sun moon stars rain

.

.

Iemand woonde in een nette doorsnee stad

 

iemand woonde in een nette doorsneestad

(met hoog van de toren veel loos geblaas)

lente zomer herfst winter

hij zong zijn gedaas en danste zich dwaas

.

Vrouwen en mannen(beide klein en slank)

gaven om iemand maar stank voor dank

ze zaaiden hun leegte hun oogst viel tegen

zon maan sterren regen

.

kinderen raadden(maar slechts een paar

en het besef dat vervloog almaar

herfst winter lente zomer)

want hun liefde voor hem gaat over

.

ooit naast nu en boom naast blad

zij lachte zijn vreugd zij weende zijn smart

vogels bij sneeuw en rust bij misbaar

iemands zomaar was alles voor haar

.

sommigen trouwden met de eerste de beste

lachten tranen en dansten ten langen leste

(slaap waak hoop en dan)zij

zeiden niemendal en versliepen hun droom

.

sterren regen zon maan

(en alleen de sneeuw kan wellicht weten

hoe kinderen soms dingen vergeten

met geraas en gedaas en veel geblaas)

.

op een dag ging iemand zomaar dood

(en niemand die hem een afscheidskus bood)

werklui begroeven hen zij aan zij

nietig naast nietig en voorbij naast voorbij

.

al bij al en diep na diep

en meer na meer verdromen zij hun slaap

niemand en iemand aarde met april

wens naast geest en als naast ik wil

.

Vrouwen en mannen(hun yin en yang)

zomer herfst winter lente

oogstten wat zij zaaiden en kwamen zich tegen

zon maan sterren regen

.

cummings