Site-archief
Niets cadeau
Wislawa Szymborska
.
Uit de bundel ‘Einde en begin, gedichten 1957-1997’ van uitgeverij Meulenhoff uit 1999 het prachtige gedicht ‘Niets cadeau’ van Wislawa Szymborska.
.
Niets cadeau
.
Niets cadeau gekregen, alles te leen.
Tot over mijn oren in de schulden
zal ik met mezelf
voor mezelf moeten betalen,
mijn leven voor mijn leven geven.
.
Het is nu eenmaal zo geregeld
dat het hart terug moet
en de lever terug moet
en elke vinger afzonderlijk.
.
Te laat om het contract te verbreken.
De schulden moeten worden geïnd,
het vel over de oren gehaald.
.
Op de wereld loop ik rond
in de menigte van andere schuldenaren.
Sommigen zijn verplicht
hun vleugels af te betalen.
Anderen moeten of ze willen of niet
hun blaadjes afrekenen.
.
Aan de debetzijde
staat elk weefsel in ons.
Geen wimpertje, geen steeltje
mogen we voorgoed behouden.
.
De lijst is uitputtend
en het ziet ernaar uit
dat we niets zullen overhouden.
.
Ik kan me niet herinneren
waar, wanneer en waarom
ik zo’n rekening heb laten openen.
.
Het protest daartegen
noemen we de ziel.
En dat is het enige
wat niet op de lijst staat.
.
Lamento
Remco Campert
.
Lamento
.
Hier nu langs het lange diepe water
dat ik dacht ik dacht dat je altijd maar
dat je altijd maar
.
hier nu langs het lange diepe water
waar achter oeverriet achter oeverriet de zon
dat ik dacht dat je altijd maar altijd
.
dat altijd maar je ogen je ogen en de lucht
altijd maar je ogen en de lucht
altijd maar rimpelend in het water rimpelend
.
dat altijd in levende stilte
dat ik altijd zou leven in levende stilte
dat je altijd maar dat wuivende oeverriet altijd maar
.
Langs het lange diepe water dat altijd maar je huid
dat altijd maar in de middag je huid
altijd maar in de zomer in de middag je huid
.
dat altijd maar je ogen zouden breken
dat altijd van geluk je ogen zouden breken
altijd maar in de roerloze middag
.
langs het lange diepe water dat ik dacht
dat ik dacht dat je altijd maar
dat ik dacht dat geluk altijd maar
.
dat altijd maar het licht roerloos in de middag
dat altijd maar het middaglicht je okeren schouder
je okeren schouder altijd in het middaglicht
.
dat altijd maar je kreet hangend
altijd maar je vogelkreet hangend
in de middag in de zomer in de lucht
.
dat altijd maar de levende lucht dat altijd maar
altijd maar het rimpelende water de middag je huid
ik dacht dat alles altijd maar ik dacht dat nooit
.
hier nu langs het lange diepe water dat nooit
ik dacht dat altijd dat nooit dat je nooit
dat nooit vorst dat geen ijs ooit het water
.
hier nu langs het lange diepe water dacht ik nooit
dat sneeuw ooit de cipres dacht ik nooit
dat sneeuw nooit de cipres dat je nooit meer
.
Wil je het gedicht voorgedragen door Remco Campert, beluisteren zonder muzikale omlijsting ga dan naar http://www.safetygallery.com/Kunst/Gedicht%20lamento.htm
De gestorvene
Ida Gerhardt
.
Uit ‘Het laatste anker, 300 gedichten over dood en wat troost uit de hele wereld’ vandaag, omdat het een mooi gedicht is, ‘De gestorvene’ van Ida Gerhardt.
.
De gestorvene
.
Zeven maal om de aarde gaan,
als het zou moeten op handen en voeten;
zeven maal, om die éne te groeten
die daar lachend te wachten zou staan.
Zeven maal om de aarde te gaan.
.
Zeven maal over de zeeën te gaan,
schraal in de kleren, wat zou het mij deren,
kon uit de dood ik die éne doen keren.
Zeven maal over de zeeën te gaan-
zeven maal, om met zijn tweeën te staan.
.
Uit ‘Het laatste anker, 300 gedichten over dood en wat troost uit de hele wereld’, samengebracht door Koen Stassijns en Ivo van Strijtem, Atlas/Lannoo, 2003
Gedichten op vreemde plekken
Deel 95: Op een muur tegenover een fabriek in Bhopal (India)
.
In 1984 vond de grootste giframp ooit plaats in Bhopal in de deelstaat Madhya Pradesh in India. Deze giframp in de bestrijdingsmiddelenfabriek van Union carbide eiste duizenden levens ten gevolge van het vrijkomen van veertig ton methylisocyanaat (MIC). Deze gebeurtenis is met minstens 50.000 slachtoffers met ernstige aandoeningen tot op heden de ergste industriële ramp die ooit is voorgekomen.
Het ongeluk werd veroorzaakt doordat er water in de MIC opslagtanks terecht was gekomen. Bij de daaropvolgende exotherme reactie liep de druk zo hoog op, dat de veiligheidskleppen open gingen. Hierdoor kwamen grote hoeveelheden giftig gas vrij. Terwijl het gas vrijkwam waren de gaswassers, die het gas hadden moeten zuiveren, buiten gebruik vanwege reparaties. Uit onderzoeken bleek dat een groot aantal andere veiligheidsprocedures niet waren gevolgd. Zo waren er geen sluitplaten die hadden moeten voorkomen dat er water in de tanks zou komen. De koelinstallatie van de tanks werkte niet. De fakkelinstallatie waarin het vrijkomende gas verbrand had kunnen worden, was buiten gebruik gesteld. Het veiligheidsniveau in de Indiase fabriek van Union Carbide kwam niet overeen met dat in hun overige fabrieken.
Union Carbide is ervan beschuldigd dat de veiligheidsprocedures opzettelijk omzeild of buiten werking gezet zijn in het kader van een bezuinigingsoperatie die toentertijd in deze fabriek werd uitgevoerd. Tijdens rechtszaken voor schadevergoeding werden er documenten onthuld, waaruit bleek dat Union Carbide regelmatig “ongeteste technologie” in de Indiase fabriek implementeerde. Na het vrijkomen van het gas werden lokale artsen niet op de hoogte gebracht van de aard van het gas, wat hen had kunnen helpen om de juiste behandeling te kiezen en elementaire noodmaatregelen, zoals het afsluiten van kieren met behulp van natte doeken, waren niet voorbereid. Union Carbide ontkent deze beschuldigingen op de website die zij aan de tragedie gewijd heeft.
.
Tegenover de fabriek die zoveel leed heeft veroorzaakt is op een muur een (deel van een) gedicht aangebracht. De eerste en de derde regel uit het gedicht “Do not go gentle into that good night” van de Welshe dichter Dylan Thomas ( 1914-1953) staan op de muur geschilderd. Waarom de tweede regel is weggelaten lijkt me duidelijk. Dit is een keiharde aanklacht. De nacht verwijst in dit gedicht naar de dood.
Hieronder het volledige gedicht.
.
- Do not go gentle into that good night
- Do not go gentle into that good night,
- Old age should burn and rave at close of day;
- Rage, rage against the dying of the light.
- Though wise men at their end know dark is right,
- Because their words had forked no lightning they
- Do not go gentle into that good night.
- Good men, the last wave by, crying how bright
- Their frail deeds might have danced in a green bay,
- Rage, rage against the dying of the light.
- Wild men who caught and sang the sun in flight,
- And learn, too late, they grieved it on its way,
- Do not go gentle into that good night.
- Grave men, near death, who see with blinding sight
- Blind eyes could blaze like meteors and be gay,
- Rage, rage against the dying of the light.
- And you, my father, there on the sad height,
- Curse, bless, me now with your fierce tears, I pray.
- Do not go gentle into that good night.
- Rage, rage against the dying of the light.
- .
- .

Met dank aan Wikipedia.
Luister hier naar het gedicht voorgedragen door Dylan Thomas:
Ik draag van alles
Hugo Claus
.
Vandaag eens wat meer van de gedichten van Hugo Claus gelezen. Claus (1929 – 2008)was tot nu een voor mij minder bekende dichter. Ten onrechte blijkt nu. Claus heeft een bijzondere poëtische stem. Toegegeven, sommige gedichten waren zelfs na meerdere keren lezen nog steeds onbegrijpelijk, maar ik heb een aantal prachtige gedichten gelezen waarvan ik er hier een wil plaatsen.
.
Ik draag van alles
Ik draag van alles, brood, kaas
een bom of een verminkte kat.
Dragen is mijn redding.
Ook van binnen draag ik,
vragen, tranen, gedaas
en een karrenvracht solaas.
Als ik niet draag
is er een gemis
dat niet te dragen is.
Het dood dier dat ik droeg
heeft mij gelikt
tot ik geen gezicht meer had.
.
Uit de bundel ‘Gedichten 1968 – 1978’
Met dank aan gedichten.nl
.
De weg naar het graf
J.C. Bloem
.
Insomnia
.
Denkend aan de dood kan ik niet slapen,
En niet slapend denk ik aan de dood,
En het leven vliedt gelijk het vlood,
En elk zijn is tot niet zijn geschapen.
.
Hoe onmachtig klinkt het schriel “te wapen”
Waar de levenswil ten strijdt mee noodt,
Naast der doodsklaroenen schrille stoot,
Die de grijsaards oproept in haar schoot,
.
Evenals een vrouw, die een zich gaf,
Baren moet, of ze al dan niet wil baren,
Want het kind is groeiende in haar schoot
.
Is elk wezen zwanger van de dood,
En het voorbestemde doel van ’t paren
Is niet minder dan de wieg het graf.
.
Geef dat ik slapen mag
Emily Brontë
.
Afgelopen maandag is een zeer dierbare oom van me overleden. Een geweldige man die van het leven hield maar de strijd tegen de voortwoekerende ziekte in zijn lichaam niet kon winnen. Reden voor mij om gedichten over de dood en rouw te herlezen. In Het laatste anker; 300 gedichten over dood en wat troost uit de hele wereld uit 2003 vond ik een prachtig gedicht van Emily Brontë over de dood en de verlossing van het lijden.
.
Geef dat ik slapen mag
.
Geef dat ik slapen mag en geen
bewustzijn mij meer plaagt,
dat sneeuw zich legt over mij heen
of regen langs mij vlaagt-
Het is de hemel niet, die het heet
verlangen in mij stilt,
het helse vuur, bij wat ik deed,
bij wat ik wil, wordt mild!
.
Dit heb ik eens gezegd, dit blijf
ik zeggen, altijd weer:
drie goden, in dit tenger lijf,
gaan dag en nacht tekeer-
Al is de hemel voor hen te klein,
ik draag hen in mij om,
en weet: zij zullen in mij zijn
tot ik voorgoed verstom!
.
Geef dat van hun verwoed tumult
ik eens zal zijn bevrijd,
dat ik door stilte word omhuld
en nooit meer, nooit meer lijd!
.
Foto: Marsel van Oosten
Dennis O’Driscoll
1954 – 2012
.
Opnieuw is er een dichter overleden. Op Facebook las ik het bericht van het overlijden van Dennis O’Driscoll op 24 december jongstleden.
Deze Ierse dichter publiceerde in totaal 9 poëziebundels, ontving vele prijzen voor zijn werk en had een eredoctoraat in de literatuur aan the University College in Dublin. O’Driscoll’s werk karakteriseerde zich door het economische woordgebruik en terugkerende motieven als sterfelijkheid en de breekbaarheid van het alledaagse leven.
Voor dat O’Driscoll zelf poëzie publiceerde was hij actief en bekend als poëziecriticus. The Times Literary Supplement noemde hem eens ‘een van Ierlands meest gerespecteerde poëziecritici’. In het Engels taalgebied een grote naam, voor wie het (nog) niet kent, op http://www.poetryfoundation.org kun je zijn biografie alsmede een aantal gedichten van zijn hand lezen. Hier alvast een gedicht van hem.
.
Normally speaking
In ons hoofd zit wat voorbij is
Ankie Peypers (1928 – 2008)
.
Gistermiddag was ik bij het afscheid van een collega en in een van de speeches hoorde ik daar de zin ‘In ons hoofd zit wat voorbij is’.
Die zin intrigeerde me en ik heb hem gelijk genoteerd. Vandaag heb ik er naar gezocht en het blijkt een citaat te zijn van Ankie Peypers.
Eig. Johanna Annie Peijpers, Nederlandse dichteres en prozaschrijfster (Amsterdam 29.9.1928). Aanvankelijk journaliste bij het socialistische bladDe Vlam en bij Het Vrije Volk. Ze debuteerde met poëzie in Libertinage en in 1951 verscheen haar bundel October. Haar gedichten vertonen verwantschap met de poëzie van de Vijftigers, vooral door de associatietechniek, maar ze heeft nooit echt deel uitgemaakt van deze groep. (Bron: dbnl.org).
Een voorbeeld van een van haar gedichten:
.
Dood
De vogels, executeurs-testementair
van de verzen die ik heb geschreven,
komen als het herfst wordt naar mij toe,
denkend dat het einde van mijn leven
samenvalt met het beginnend sterven
in de bomen rond hun vogelnesten,
met de onrust in hun vogelbloed.
Zij vliegen snel om nog op tijd te zijn
voor het bladerritselend verwaaien van mijn leven
en vragen mij:
dood-zijn is dat
zoals een telefoondraad is,
tussen twee palen strakgespannen,
omgeven door de ijle lucht
en roerloos zijn, een heel klein zwart,
dat niet kan zingen en geen antwoord geven?
.








