Site-archief

Meander Staalkaart 2026

Nieuwe bundel van Meander

.

Het bestuur van Stichting Literatuursite Meander, waar ik alweer enige jaren deel van uit maak samen met Alja Spaan en Peer van de Hoven, komt ook dit jaar met een bundel. Na de jubileumbundel uit 2025 en de bundel ‘Wat maakt een gedicht goed?‘ uit 2023, komt er nu in oktober 2026 een nieuwe bundel uit met de titel ‘Meander Staalkaart 2026’. Aan de medewerkers van Meander werd gevraagd om uit de kopij van het afgelopen jaar een favoriet gedicht te kiezen en vele medewerkers hebben hieraan gehoor gegeven. En net als bij de vorige twee bundel zorgt Bart van Heiningen van BRRT.Graphic.Design voor de vormgeving.

Uiteraard krijgen alle medewerkers en gekozen dichters een exemplaar maar er is ook de mogelijkheid tegen betaling een exemplaar te bestellen via redactie @meandermagazine.nl . Hierover komt tegen de tijd dat de bundel wordt gepresenteerd meer informatie. Om al een tipje van de sluier op te lichten wil ik hier van een van de gekozen dichters een gedicht plaatsen. Niet een gedicht dat gekozen is maar een ander. Op facebook zag ik al verschillende berichten van dichters dat men verheugd en blij was dat een van hun gedichten was gekozen.

Een van de gekozen dichters is Tara Lyn Jansen (1996). Zij is dichter, docent Nederlands en verbonden aan Poetry Circle Eindhoven. Haar poëzie komt voort uit een bittere noodzaak, al heeft ze zelf een zwak voor zoet. In haar werk laat ze de lezer kijken: naar wat wringt, schuurt en liever wordt vermeden. De spiegel staat voor je neus. Oppoetsen heeft geen zin.

.

We plakken tochtstrips
langs de gleuven.
–
Zilver knisperend
folie
tegen de verwarming.
–
We draaien de knop
naar rechts.
–
De waterkoker klikt.
Een kruik tegen buikspieren.
–
Een vlieg op de muur.
–
De kou kijkt mee.

.

Zonsondergang

Hans Franse

.

Afgelopen zondag was ik bij een poëziepodium van Dichter bij de Dood in de aula van begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag. Een van de voordragende dichters was Hans Franse (1940). Ik ken Hans al lang en goed en wist dat een van zijn favoriete gedichten in de Nederlandse taal het gedicht ‘totaal witte kamer’ is van Gerrit Kouwenaar (1923-2014). Het verbaasde me dan ook niet dat hij juist dit gedicht voordroeg. Gevolgd door een reactie in dichtvorm van hem getiteld ‘Zonsondergang’ dat hij schreef toen Gerrit Kouwenaar overleed.

Omdat ik dit een prachtig gedicht vind vroeg ik hem of ik het mocht hebben (hij had het op papier bij zich) om op dit blog te delen. Het gedicht ‘totaal witte kamer’ uit de gelijknamige bundel uit 2002 waarop dit geïnspireerd is van Kouwenaar vind je hier.

.

Zonsondergang

.

Laten we de zee rood maken.

Laten we de lucht rood maken.

Laat ons nog eenmaal

de lucht en de zee rood maken.

Gerrit Kouwenaar is dood.

.

De letterbak van de taal

van het Woord van de taal

van de taal van zijn Woord

smolt weg in het water

van het westen.

.

Laten wij het Woord licht maken

zoals de kamer wit werd

eindelijk helemaal wit en licht werd

en de peilloze diepte van het Woord

bereikt leek:

levenszee het Woord.

.

Dat woord, zijn Woord

zal de lucht immer rood maken

zolang dat Woord zijn woord

niet achter de horizon verdwijnt.

.

Maar laten wij vooral onze eigen lucht

rood blijven maken,

stralend maken:

met ons eigen woord

maken wij een nieuwe morgen.

.

III

Rutger Kopland

.

Als je, zoals ik, veel poëzie leest, kom je soms ineens een gedicht tegen dat je nog niet kent maar waar je meteen van ondersteboven bent. Hoewel ik weet dat bepaalde dichters (die ik tot mijn favoriete dichters reken) dit effect op mij kunnen hebben met hun gedichten, is het toch elke keer, dat dit gebeurt, weer een klein feestje.

In de hele fijne bundel ‘Gedichten die mannen aan het huilen maken’ staat weer zo’n voorbeeld van een gedicht van Rutger Kopland (1934 -2012). Ik ken verschillende prachtige gedichten van zijn hand (bijvoorbeeld het gedicht ‘Dochters’ dat in mijn top 5 staat van favoriete gedichten aller tijden, zie mijn post hierover op 19 maart 2011) maar deze kende ik nog niet.

Het is het favoriete gedicht van cabaretier Marc-Marie Huijbregts en ik begrijp wel waarom. Uit de bundel ‘Onder het vee’ uit 1966, ‘III’.

.

III

.

Met jou kwam een nog vreemd

verdriet waarop ik een leven

lang gewacht heb.

.

Het kwam uit je ogen in de mijne

uit je handen onder mijn jas

het kwam en ik liet het.

.

Eindelijk zag ik dat alles voorbij

zou gaan als deze dag boven

land dat ik liefheb.

.

ik zeg niet dat dat erg is

ik zeg alleen wat ik dacht

te zien.

.

Onder het vee