Site-archief
Strombolicchio
Peter Holvoet-Hanssen
.
Eerder schreef ik over de poëzie van Peter Holvoet-Hanssen in de categorie ‘Gedichten op vreemde plekken’ daar Peter in zijn tijd als stadsdichter van Antwerpen (2010-2011) poëzie plaatste op de kademuren van Antwerpen en de zijkant van een schip. Peter Holvoet-Hanssen (1960) publiceerde in diverse literaire tijdschriften als De Gids, Optima, Dietsche Warande en Parmentier en debuteerde in 1998 met de bundel ‘Dwangbuis van Houdini’ dat door de Standaard der Letteren uitgeroepen werd tot mooiste bundel van dat jaar.
In 1999 verscheen bij uitgeverij Bert Bakker zijn bundel ‘Stromboliccho, uit de smidse van vulcanus’ (Strombolicchio is een vulkanisch eiland in de buurt van Sicillie). Volgens de achterflap voert ‘Strombolicchio’ de lezer mee op een hallucinerende reis naar de poëzie.. van onbedaarlijk tot wegstervend, van meedogenloos tot meedogend.
Bijzonder zijn de gedichten zeker, Steeds anders van vorm, van toon, van opbouw en opzet en hoewel er rode lijnen zijn te ontdekken in de opbouw van de bundel ‘ontglippen de verzen van Holvoet-Hanssen elk etiket’ zoals ook op de achterflap te lezen is.
Ik koos voor het gedicht ‘Voor Grant Hart’. Ik kende Grant Hart niet (zoals ik wel meerdere personages en namen uit de bundel heb moeten opzoeken wat een bijzondere ontdekkingsreis op zich was) maar weet nu dat Hart de drummer en mede-tekstschrijver was van de band Hüsker Dü en later Nova Mob.
.
Voor Grant Hart
.
Siciliano. De korsten scheuren.
Ik hoor je zingen. Je vuurt het water aan met je capriccio.
Vuur door het water, vuur door de lucht.
.
Dans de tarantella aan de rand van de poëtica.
Oogst want niets staat vast.
Alles wordt vloeibaar.
.
Ik doe buskruit in je kroes. Wij zijn boekaniers van goede sier.
Temperen niet voor de zwart geblakerde.
Dit vuur woedt in alle talen.
.
Yo soy capitán. Bedaar, jij bent admiraal.
.
Foto: Andy Huysmans
Geen bevrijding zonder herdenken
Stil
.
Gisteravond was de jaarlijkse dodenherdenking. Vandaag is het bevrijdingsdag. Om toch even stil te staan bij deze twee belangrijke gebeurtenissen heb ik vandaag de bundel ‘Vijfendertig tranen’ er nog maar weer eens bijgepakt. Ida Vos schreef deze bundel en publiceerde deze in 1975 in eigen beheer. Daarna werd de bundel alsnog door een grote uitgeverij opgepikt en onder de kop Nijgh Poëzie uitgebracht door Nijgh & Van Ditmar.
De bundel volgt in 35 gedichten het lot van een joodse schoolklas in de tweede wereldoorlog. Van een klassenfoto in 1942 via de Hollandse Schouwburg en kamp Westerbork naar Auschwitz en andere vernietigingskampen. Bij de meeste gedichten staat een stukje verklaring, zo ook bij vier gedichten die allemaal de titel ‘Stil’ dragen. Dit zijn gedichten over kinderen die moesten onderduiken voor de Duitsers en die daarom hun dagen in doodse stilte moesten doorbrengen. Kinderen die moesten onderduiken kregen ook een andere naam. Voor deze kinderen was dat zeer moeilijk te verwerken.
.
stil
.
verroer geen vin
beweeg geen teen
verborgen kind
de wereld is gemeen
.
stil
.
wees stil
want niemand
mag je horen
.
wees stil
ondergedoken
kind
.
je naam je huis
heb je verloren
.
zorg dat men niet
je lichaam vindt
.
stil
.
blijf zitten waar je zit
verroer je niet
kijk door het raam
naar buiten
ga binnen desnoods
heelheel zacht
een kinderliedje fluiten
.
stil
.
ze zou soms willem
schreeuwen stampen gillen
bijten trappen slaan
.
maar moet als
lief stil meisje
als ondergrondse mol
bijna onzichtbaar
door het
alles vernietigende
leven gaan
.
Het orgeltje van Yesterday
Weggaan
.
In 1968 werd door uitgeverij van Oorschot het bundeltje ‘Het orgeltje van yesterday’ van Rutger Kopland uitgegeven. Een klein en minder bekend bundeltje met maar 27 gedichten. Toch waren er in 1988 al veertien drukken verschenen. Lezend in de bundel werd ik op een positieve manier getroffen door het gedicht ‘Weggaan’ dat gaat over weggaan en toch eigenlijk niet weggaan. Daarom hier dit gedicht.
.
Weggaan
.
Weggaan is iets anders
dan het huis uitsluipen
zacht de deur dichttrekken
achter je bestaan en niet
terugkeren. Je blijft
iemand op wie wordt gewacht.
.
Weggaan kun je beschrijven als
een soort van blijven. Niemand
wacht want je bent er nog.
Niemand neemt afscheid
want je gaat niet weg.
.
Amazing Grace
Hymne
.
In de dichtkunst is de hymne een ietwat vergeten vorm. De Hymne is een verheven lofzang op een bepaald onderwerp (zoals een land, God of een godheid, of een gebeurtenis zoals de Olympische Spelen). Hymnen kunnen zowel wereldlijk als geestelijk van aard zijn. In de christelijke traditie is het zingen van hymnen een vast onderdeel van de liturgie. Het zingen van hymnen is de vroegst gedocumenteerde muzikale activiteit in de christelijke kerk. Van alle bekende hymnen is ‘Amazing Grace’ misschien wel de bekendste in het Engels taalgebied.
Wat veel mensen denk ik niet weten en wat mij in ieder geval verraste was dat ‘Amazing Grace’ is een christelijke hymne is, die al in 1772 werd geschreven door de Engelsman John Newton. Het lied is door diverse bekende muzikanten gebruikt, onder wie ook vele Amerikaanse zangers en zangeressen. Voorbeelden zijn Elvis Presley, Johnny Cash, Aretha Franklin en Willie Nelson. In Nederland werd het nummer op de plaat gezet door Mieke Telkamp en André Rieu.
Oorspronkelijk werd ‘Amazing Grace’ op allerlei verschillende melodieën gezongen. Pas in 1835 werd de tekst door William Walker in zijn liedboek ‘Southern Harmony’ gekoppeld aan de huidige melodie, een traditionele melodie genaamd ‘New Britain’. Deze melodie werd wereldbekend, en wordt vooral veel gespeeld op doedelzakken. Het wordt wel gezien als het volkslied van de Cherokee, omdat zij dit zongen bij hun begrafenissen.
Persoonlijk heb ik een voorkeur voor de versie van Aretha Franklin omdat zij als soul en gospelzangeres als geen anders de tekst vanuit het hart zingt.
.
Amazing Grace
- Amazing grace (how sweet the sound)
- that saved a wretch like me!
- I once was lost, but now I am found,
- Was blind, but now I see.
- ‘Twas grace that taught my heart to fear,
- and grace my fears relieved;
- how precious did that grace appear,
- the hour I first believed!
- Through many dangers, toils and snares,
- I have already come;
- ‘twas grace has brought me safe thus far,
- and grace will lead me home.
- The Lord has promised good to me,
- His word my hope secures;
- He will my shield and portion be,
- as long as life endures.
- Yes, when this flesh and heart shall fail,
- and mortal life shall cease;
- I shall possess, within the veil,
- a life of joy and peace.
- The earth shall soon dissolve like snow,
- the sun forbear to shine;
- but God, who call’d me here below,
- will be forever mine.
.
Van het dubbelalbum ‘Gospel greats’ uit 1972 van Aretha Franklin haar uitvoering (waarop ook haar vader Reverend C.L. Franklin nog is te horen) van Youtube.
.
Met dank aan Wikipedia.
Brief aan wie niet bestaat
Peter WJ Brouwer
.
Peter ken ik al een paar jaar, vooral van optredens en voordrachten bij het poëziepodium Ongehoord! Bij zijn laatste voordracht bij Ongehoord! kocht ik zijn laatst verschenen poëziebundel ‘Brief aan wie niet bestaat’ uit 2016. In de opdracht wenst Peter mij veel leesplezier. Ik kan jullie melden, dat is prima gelukt.
De gedichten gaan over liefde, jeugd en verwachting en spelen zich, zoals de voorflap meldt, inderdaad af op verschillende plekken (paardenrace, vliegtuig, op volle zee). En ook; “In brief aan wie niet bestaat’ wordt het ongrijpbare tastbaar. Daar moest ik aan denken toen ik het gedicht op pagina 39 getiteld ‘Geen letter’. Daarom hier dit gedicht.
.
Geen letter
.
Jezelf horen terugkomen en
hoe de grendel uit het slot valt
.
bedenken hoe je de kaars
aanblaast – een flauwe truc, zeg je
.
maar het is poëzie zegt zij
en dat is waar
.
dan de trap omhoog
en dat het best weer volstroomt
met kleine stemmen
.
op Vaderdag en Moederdag
en dat je geen krimp geeft, geen sjoege
geen letter
.
















