Site-archief
NEE-NEE vs NEE-JA
Poëzie in alledaagse dingen
.
Na gister een stuk te hebben gepubliceerd over een tekst op een speelplaats van een school voor voortgezet onderwijs in Duitsland kreeg ik van kunstenaar/dichter Pieter Drift een bericht via Facebook.
Hij had op basis van de bekende NEE-NEE en NEE-JA stickers (die je op je voordeur plakt als je geen reclamedrukwerk/plaatselijke kranten wil ontvangen) een nieuwe vorm/inhoud gegeven aan deze stickers.
Ook dit zou je onder de categorieën Gedichten in vreemde vorm,en en Gedichten op vreemde plekken kunnen scharen.
Hieronder de twee creatieve uitingen van Pieter.
.
.
Meer informatie over Pieter Drift op zijn website: http://pieterdrift.nl/
Grote woorden
Poëzie op de speelplaats
.
Op dit blog schrijf ik regelmatig over poëzie op vreemde plekken en poëzie in vreemde vormen. De onderstaande poëzie zou je onder beide categorieën kunnen onder brengen. Op een school voor voortgezet onderwijs in Bocklemünd in Keulen staat in enorme letters een tekst ‘Max, der Ernst des Lebens”.
De tekst werd ontwikkeld in samenwerking met de studenten en verwijst naar de naamgever van de school en dadaïstische/ surrealistische kunstenaar/schilder/dichter Max Ernst (1891 – 1976). Bijna elk kind in Duitsland begint zijn schoolloopbaan met de onheilspellende woorden: Nu begint het leven pas echt … (in alle ernst).
.
De tekst is het best van grote hoogte te lezen.
.
Meer teksten met grote woorden kun je vinden op http://www.remotewords.net/news.html
Gedichten op vreemde plekken
Deel 84: Op een ring
.
Poëzie als sieraad, waarom niet? Al eerder schreef ik over poëzie als tatoeage (ook een voorbeeld van een versiering) en dan nu poëzie op een ring.
De eerste ring is gemaakt door Jeanine Payer en de inscriptie luidt: “What lies behind us and what lies before us are tiny matters compared to what lies within us.” van Ralph Waldo Emerson.
De tweede ring, ook gemaakt door Jeanine Payer, heeft een deel van een gedicht van Ian Burgham als inscriptie: and you, a windrose, a compass, my direction, my description of the world
.
TeekOnMe
Een mooi initiatief
.
Deze week bekeek ik op Facebook wat foto’s en kwam toen een foto tegen die de dichter Daniëlle Danker had genomen tijdens een tentoonstelling . Op de foto was een vrouw te zien met op haar rug geschreven een gedicht. Nieuwsgierig als ik ben heb ik haar een bericht gestuurd met de vraag of ik deze foto mocht gebruiken voor mijn rubriek Gedichten op vreemde plekken. Ik kreeg vrijwel meteen een reactie met het hoe en wat van deze foto.
Want wat wil het geval. Kunstenares Lilith Love heeft een boek gemaakt voor de stichting TeekOnMe, over Risja, een meisje dat lijdt aan de ziekte van Lyme. Op deze wijze wil Stichting TeekOnMe middelen werven voor onderzoek naar de verbetering van de bestrijding van de ziekte van Lyme. Mogelijk krijgt dit voorbeeld navolging bij andere chronische ziekten, waardoor communicatie meer prikkelt en andere doelgroepen worden bereikt.
Toen ik dit las wist ik zeker dat ik hierover wilde schrijven. Nu heb ik al eerder over poëzie op de ruggen van vrouwen geschreven in de rubriek Gedichten op vreemde plekken. Het betrof toen vrouwen van Amerikaanse soldaten die terug kwamen uit de oorlogen waar Amerika bij betrokken is. Deze vrouwen krijgen te kampen met een man die in veel gevallen lijden aan het Post Traumatische Stress Syndroom. Hierover schrijven deze vrouwen gedichten op hun (of elkaars) rug en posten deze op een website om aandacht te vragen voor hun situatie.
Het boek TeekOnMe is eigenlijk iets dergelijks. De foto die in het boek staat van Risja met op haar rug een gedicht van Frans Pollux is in zoverre anders, dat het hier een gedicht van een dichter betreft over de situatie van Risja. Hieronder de foto uit het boek Risja, a story by Lilith, een foto van Frans Pollux die het gedicht aanbrengt op de rug van Risja en het gedicht.
.
De danseres
Er zit een meisje in dit lijf
en dit – dit is haar rug.
Opvallend recht nog
Stug. Taai.
Zoals de dagenrij.
Weer een dag
Weer een lach
die blij haar kamerwereld claimt
over kreunend zuchten heen
leunt ze op haar rechte rug en
één voor één
de benen uit het bed
bijtend, balancerend
net
op tijd bij steun:
pap, mam, rolstoel
of de leuning van
de Mont Ventoux van Risja’s Reuver:
de trap.
In dit lijf een jonge vrouw
die bergen kan bedwingen
die alle dingen die ze
denken kan ook doet
Niet nou; later.
Straks.
Hou moed.
Hou iedereen die twijfelt voor:
Deze danseres danst door
.
.
Mijn hartelijke dank gaat uit naar Lilith Love, Daniëlle Danker en Frans Pollux.
Meer informatie over TeekOnMe is te vinden op: http://teekonme.nl/content/files/crowdfunding-leaflet-2.pdf
Informatie over Lilith Love: http://www.lilithlove.eu
Informatie over Frans Pollux: http://www.franspollux.nl
en natuurlijk bij deze personen op hun Facebookpagina
Urban Poetry
Poëzie in de publieke ruimte
.
De vaste lezer van dit blog weet dat ik zeer geïnteresseerd ben in vormen van poëzie die bijzonder zijn of plaats vinden in de publieke ruimte. De Engelse kunstenaar / dichter Robert Montgomery werkt al sinds 2005 in de buitenruimte waarbij hij billboards en publieke communicatiemogelijkheden ‘kaapt’ en met gebruikmaking van allerlei guerilla technieken zijn werk onder de aandacht brengt.
Zijn werk is door het hele land (Groot Brittanië) te zien en is melancholisch maar altijd uitdagend. Naast zijn werk op billboards en ander publiek meubilair is hij bekend van zijn vuurwerkgedichten en werk op papier.
.
Meer over Robert Montgomery op zijn website: http://www.robertmontgomery.org
Gedichten op vreemde plekken
Deel 81: Op een houten huis
.
Een deel van het volgende gedicht van John Donne is aangebracht aan de buitenkant van een houten huis door Derek Jarman. Het gedeelte tussen de vierkante haakjes maakt geen deel uit van het gedicht op het huis.
.
The Sunne Rising
.
Busie old foole, unruly Sunne,
Why dost thou thus,
Through windowes, and through curtaines call on us?
Must to thy motions lovers seasons run?
Sawcy pedantique wretch, goe chide
Late schoole boyes, and sowre prentices,
Goe tell Court-huntsmen, that the King will ride,
Call countrey ants to harvest offices;
Love, all alike, no season knowes, nor clyme,
Nor houres, dayes, moneths, which are the rags of time.
.
[Thy beames, so reverend, and strong
Why shouldst thou thinke?
I could eclipse and cloud them with a winke,
But that I would not lose her sight so long:
If her eyes have not blinded thine,
Looke, and to morrow late, tell mee,
Whether both the’India’s of spice and Myne
Be where thou leftst them, or lie here with mee.
Aske for those Kings whom thou saw’st yesterday,
And thou shalt heare, All here in one bed lay.
.
She’is all States, and all Princes, I,
Nothing else is.
Princes doe but play us; compar’d to this,
All honor’s mimique; All wealth alchimie.]
Thou sunne art halfe as happy’as wee,
In that the world’s contracted thus;
Thine age askes ease, and since thy duties bee
To warme the world, that’s done in warming us.
Shine here to us, and thou art every where;
This bed thy center is, these walls, thy spheare.
.
Plint
Gedichten op vreemde plekken. Deel 80: Op een kussensloop
.
Als je aan mensen zou vragen of ze een vreemde plek zouden weten voor een gedicht (niet op papier dan) dan denk ik dat een grote groep zou antwoorden: op een kussensloop. Waarschijnlijk omdat Plint al heel lang aan de weg timmert als het gaat om het aan de man brengen van de poëzie op andere manieren dan via papier (of tegenwoordig digitaal).
Plint heeft vele producten (zie hun website http://www.plint.nl) waaronder dus het kussensloop. Hier een voorbeeld met een gedicht van Willem Wilmink: Slaapliedje
.
Slaapliedje
.
Het schaap heeft slaap,
de koe is moe,
het varken doet
zijn oogjes toe.
.
Het paard kijkt over
‘t prikkeldraad
en denkt: Het is
ontzettend laat.
.
De kip zegt zacht
nog één keer: Tok.
en ach, daar slaapt ze
op haar stok.
.
De boer kruipt ook
het bed maar in,
lekker dicht
bij zijn boerin.
.
Gedichten op vreemde plekken
Deel 79: op postzegels
.
Op deze twee postzegels uit 1987 en 1988 staan delen van gedichten van Constantijn Huygens en Jan Hanlo.
Het gedicht van Jan Hanlo uit 1970 uit Verzamelde gedichten, uitgeverij Van Oorschot
–
Ik noem je bloemen etc.
–
Ik noem je: bloemen
ik noem je: merel in de vroegte
ik noem je: mooi
ik noem je: narcissen in de nacht
waaroverheen de wind strijkt
naar mij toe
ik noem je: bloemen in de nacht
.
Gedichten op vreemde plekken
Deel 78: op een landgoed
.
Van Greta ontving ik een foto die ze nam op landgoed Elsloo in Limburg. Dit is er een van meerdere gedichten die daar te zien en te lezen zijn.
.
Gedichtenroute Elsloo
De Gedichtenroute rond om Elsloo is naar een idee van Jack Jacobs en met gedichten van hem ontstaan. Bij het schrijven van de gedichten heeft hij zich laten leiden door de historische rijkdommen en de natuur.
De Gemeente Stein heeft zijn idee in 1993 met blijdschap en accuratesse uitgevoerd. Zij heeft de gedichten en zijn wandeling gebundeld. Omdat de intentie van de poëzie het best tot zijn recht komt op de plek van de inspiratie heeft zij ook de gedichten op platen laten graveren en op artistiek bewerkte arduinstenen zuilen laten bevestigen. Wandelaars die van poëzie houden kunnen op acht mooie plekken hun hart ophalen met een gedicht.
Het is een permanente wandelroute om in alle seizoenen te lopen, hij duurt ongeveer drie uur. Om en in het dorp zijn goede wegaanduidingen aangebracht om het begin van de route te vinden. Voor meer informatie kunt u terecht in het gemeentehuis, de VVV’s en boekhandels rond Stein.



















