Site-archief
Poëziebus 7
Edith de Gilde
.
Normaal vandaag op zondag de dichter van de maand (Jules Deelder) maar omdat ik deze week d(een deel van) de Poëziebusdichters in het zonnetje zet verschuift Deelder naar morgen. Dichter Edith de Gilde werkte als schrijfcoach in de jaren ’00 en was in dezelfde periode redactrice van Meander. Ze is nu bestuurslid van de Haagse Kunstkring, afdeling letteren, theater en film.
Gedichten publiceerde ze in tijdschriften, bloemlezingen, bibliofiele uitgaven en poëziekalenders. Ze heeft ook eigen bundels gepubliceerd zoals ‘Zeilschip Zondag’ uit 1998 en de tweetalige bundel Verloop / Verlauf met vertalingen in het Duits van Hans v.d. Veen uit 2011. In 2012 is in de Haagse Kunstkring haar bundel ‘Vleugels van cement’ gepresenteerd, deel 20 in de reeks Verse Voeten van De Witte Uitgeverij.
Als stadsgenoot koos ik voor een gedicht van haar hand over Den Haag.
.
Als zwijgen
Huilen in Den Haag: stel je geen tranen voor.
Het is een bed tegen een muur geschoven.
Dat afgepaste knikje in de lift.
Thuiszitten in stof van weken
en dan uitgaan in je nette pak.
Het zijn de hoofden in de rijen voor je.
Huilen in Den Haag is krap bemeten,
is naar een feestje gaan omdat het hoort.
Zeggen dat het goed gaat, dat je
weer eens op huis aan moet, we bellen!
Het krijsen uitbesteden aan een meeuw.
.
Flamingo
Charlotte van den Broeck
.
Op 28 januari op Nationale Gedichtendag werd bekend dat Charlotte van den Broeck (1991) de Herman de Coninckprijs voor het beste debuut heeft gewonnen met haar bundel ‘Kameleon’. Als groot liefhebber van de Coninck zijn werk was ik dan ook meteen nieuwsgierig naar haar poëzie. Hoewel haar website Splintervingers helaas voor mij gesloten bleef heb ik via de website van Meander toch een paar gedichten van haar kunnen lezen (de bundel heb ik nog niet).
Op de site van Meander valt onder meer over haar te lezen: Niet alleen de vloeiende stijl van haar gedichten valt op, maar ook haar indringende en integere manier van voordragen. Voor Charlotte is schrijven vanzelfsprekend, ze kan zich niet inbeelden dat ze het niet zou doen.
Flamingo
Ik heb onlangs ontdekt, dat ik slaap
zoals flamingo’s staan:
met één been gestrekt, het ander
in een krul en dan op mijn zij.
Op dit donzen bed dook ik
de liefde in, wankel in donkerroze,
nek aan nek, als twee verstrengelde
worsten, snakken naar adem.
Flamingo’s veroveren elkaar synchroon,
een hoofse paringsdans: minstens twaalf
wimperblikken een monogaam leven lang.
Een steekspel, dat we vooral kennen van
televisieprogramma’s.
Eerst waren we nog grijs,
nu zijn we bijna piloten.
Bijna een ode aan vogels.
.
Nieuwe dichtbundel
Antoinette Sisto
.
Op zaterdag 29 november draag ik in PERDU gedichten voor (van Antoinette en mezelf) bij de presentatie van ‘Iemand moet altijd gemist worden’, de nieuwe dichtbundel van Antoinette Sisto. Ik leerde Antoinette kennen bij het WAK festival in Den Haag waar we beide gedichten mochten voordragen. We wisselde bundels uit en ik schreef over haar bundel ‘Dichter bij de dagen’. Daarna volgde een uitnodiging om mee t3e doen met De Vallei en een interview voor Meander, want behalve begenadigd dichter schrijft ze ook erg goede interviews.
De presentatie van haar nieuwe bundel, uitgegeven door uitgeverij Oorsprong vindt plaats op 29 november bij Boekhandel Perdu.
Locatie: Kloveniersburgwal 86, aanvang: 14:30 u (zaal open om 14:00 u).
Ook Peter Brouwer, Jos van Danen, Wilma van den Akker en Herbert Mouwen dragen poëzie voor en uiteraard zal Antoinette zelf voordragen. Werner Bartels (uitgever) zal het eerste exemplaar aan Antoinette overhandigen en de presentatie van de middag is in handen van Herbert Mouwen.
Ik zal volgende week wat meer over deze presentatie schrijven en een gedicht uit haar nieuwe bundel plaatsen. Hier nu nog een ouder gedicht.
.
Achter glas
Het weerbarstige, onverzoenlijke
in je bewegingen moet ik
vastleggen
Hoe je neigt naar alles
wat distantie is
in mij –
Jouw geaardheid die
de jaren ongemerkt
zachtjes hebben ingeluid
met onzichtbare klokken
Hoe het zomaar kan – dat ik
de diepte van woorden
niet hervinden durf
Hoe ik verlangen kan – naar iets tastbaars
iets waarlangs handen
strelen, vorm kunnen raden
net als het najaarslicht
de rode kater
van de overburen vangt
in een kader
achter roerloos glas
.
Paradise regained
H. Marsman
.
Na pas ‘Paradise Lost’ te hebben besproken op dit blog kwam van Derrel Niemeijer de tip om vandaag ‘Paradise regained’ te behandelen. Dit werk van Milton is gepubliceerd in 1671 en wordt over het algemeen gezien als een minder werk dan ‘Paradise lost. Daarom gooi ik het eens over een andere boeg en behandel ik vandaag wel degelijk ‘Paradise regained’ maar in dit geval van de dichter Hendrik Marsman (1899 – 1940). Dit gedicht werd o.a. gepubliceerd in Verzamelde gedichten uit 1995.
Wil je een zeer aardige en gedegen beschrijving lezen van dit gedicht lees dan de bespreking van Joris Lenstra op Meander klassiekers: http://klassiekegedichten.net/archief/klas052.html
.
‘Paradise regained’
De zon en de zee springen bliksemend open:
waaiers van vuur en zij;
langs blauwe bergen van de morgen
scheert de wind als een antilope
voorbij.
zwervende tussen fonteinen van licht
en langs de stralende pleinen van ’t water
voer ik een blonde vrouw aan mijn zij,
die zorgloos zingt langs het eeuwige water
een held’re, verruk-lijk-meeslepende wijs:
‘Het schip van de wind ligt gereed voor de reis,
de zon en de maan zijn sneeuwwitte rozen,
de morgen en nacht twee blauwe matrozen –
wij gaan terug naar ’t Paradijs’.
.
Interview met een dichter
Meander literair E-zine
.
Dichters en in poëzie geïnteresseerden kennen ongetwijfeld Meander. Sinds 1995 is de website van Meander een fenomeen in literair Nederland als het om poëzie gaat. Op http://meandermagazine.net/wp/ kun je uit een veelheid aan categorieën kiezen als dichters, wereldpoëzie, de klassiekers, en recensies. Enige tijd geleden werd ik gevraagd door Antoinette Sisto, poëzieredacteur bij de rubriek Dichters, voor een interview. In het E-zine van deze maand is het interview dat Antoinette mij afnam te lezen. Ga hiervoor naar: http://meandermagazine.net/wp/2014/10/gedichten-met-een-lekker-rauw-randje/
Bij het interview zijn ook vier van mijn gedichten gepubliceerd uit mijn laatste bundel ‘Winterpijn’. Een van deze gedichten is ‘A la carte’.
.
A la carte
Kraaien vreten hun buikjes
rond, aan het kadaver van een
aangereden eend gaat geen
menukaart vooraf
palingen van de lucht zijn het
vuilnisbakkenrakkers in doodskleed
dan volgen de eksters, het blauw
van hun veren doet koninklijk aan
hun manieren aan tafel echter
bewijzen het tegendeel.
.
Stropdas
Peter W.J. Brouwers
.
Peter W.J. Brouwers herinner ik me nog goed van zijn voordracht bij het Ongehoord! poëziepodium in 2011. In november van dat jaar stond hij o.a. samen met Elfie Tromp en Floor Cornelisse (Upperfloor) op het podium. Sindsdien is zijn ster rijzende.
In datzelfde jaar kwam zijn landelijke debuutbundel ‘Landdieren’ uit. Peter treedt regelmatig op, publiceert gedichten op internet en in magazines en tijdschriften. Ook heeft hij een aantal poëziewedstrijden gewonnen. Hij is als jurylid verbonden aan de jaarlijkse Guido Wulmsprijs (B) en is redactielid van het literaire tijdschrift Ambrozijn.
Samen met t.v. maker Michael Abspoel werkt hij aan een theaterprogramma rondom Jacques Brel. Op zijn website http://www.peter-brouwer.com/ staan naast bio- en bibliografische gegevens, recensies, foto’s, gedichten en filmpjes.
.
Stropdas
Toen hij gestorven
en zwaar in zijn indigoblauwe
pak gehesen was
en hem
zijn sokken en zijn schoenen
weer waren aangedaan
moest hij nog een stropdas om,
die zou jij zoon
voor hem wel knopen.
Maar terwijl hij en zijn dode ik
nog enkele woorden met
jouw gedachten wisselden
zakte de knoop steeds dieper
en stroomde de das door
je handen weg.
En je schaamde je,
groot en verdrietig geworden
boven het lege laken.
Later doe je het
je zoon voor,
hoe een das te knopen.
Wanneer hij ergens in de nacht
danst en lacht,
lig jij met zijn moeder in bed
en wacht.
Denkend aan het pak en zijn postuur
leg je knopen in het behang
en kijkt bij tijd en wijlen op de klok
en neuriet,
totdat hij komt.
.
Verslag van een mooie zondagmiddag in november
Ongehoord!
.
Op zondag 24 november was het laatste poëziepodium van Ongehoord! van dit jaar. In totaal meer dan 50 mensen bezochten de glazen zaal in de bibliotheek van Rotterdam voor een middag vol poëzie en muziek.
De presentatie van deze middag was in handen van Menno Olde Riekerink die dit op zijn geheel eigen en creatieve wijze deed. Voor de voordrachten werden de dichters kort geïnterviewd.
De middag begon met de dichter Gosia Wolak. In het kader van de Poolse maand van de bibliotheek Rotterdam had Ongehoord! twee Poolse dichters uitgenodigd. Gosia, architecte van beroep, droeg voor uit haar nieuw te verschijnen bundel met gedichten. Haar gedichten, eerst in het Pools daarna in de Nederlandse vertaling werden ondersteunt door lichtbeelden met tekeningen van haar hand.
Na Gosia was het de beurt aan Elfie Tromp. Zij was al eerder te gast bij de presentatie van tijdschrift Strak maar zondag las ze voor uit haar succesroman Goeroe (genomineerd voor het beste Rotterdamse boek van 2013).
Vervolgens was het de beurt aan Agnieszka Steur, de tweede Poolse dichter. Agnieszka las / droeg teksten voor van haar hand. Eerst een deel in het Pools en vervolgens in het Nederlands. Na Agnieszka was het tijd voor de 4e vrouw op rij de singer-songwriter Avilyn. Avilyn bracht samen met een (acoustisch) bassist een deel van haar repertoire dat bestaat uit Engels- en Nederlandstalige nummers.
Vervolgens kwam Edwin de Voigt verhalen uit zijn nieuwe bundel Naar Inkt Vissen, een bundel gedrukt met de inkt van inktvissen. Niet verwonderlijk dat de poëzie in de bundel vissen en het leven in zee als thema heeft. Ook Menno droeg een stuk uit deze bundel voor.
In de pauze was er ruimte en tijd om boeken, bundels en cd’s aan te schaffen, bij te praten en contacten te leggen.
Na de pauze was het de beurt aan Joz Knoop. Joz deed wat hij het beste kan, prachtige poëzie brengen waarbij ook gelachen mag worden. En natuurlijk deed Joz een aantal Jozonets, een dichtvorm waarbij een aantal zinnen halverwege het gedicht gespiegeld worden herhaald. Een heel bijzonder inventieve manier van dichten die tot zeer opmerkelijke resultaten leidt.
Als laatste dichter uit het programma was Marloes Robijn aan de beurt. Als Meander dichter bracht zij frisse, onverwachte poëzie.
Het Open podium bracht maar liefs 7 dichters en tot slot speelde Avilyn nog. Al met al een mooi slotakkoord van een jaar ongehoorde poëziepodia. Op Facebook kun je de foto’s en een filmpjes bekijken van deze middag: https://www.facebook.com/pages/Poëzie-stichting-Ongehoord/198377273552195?fref=ts
.






















