Site-archief
Strand
Lennaert Nijgh en Boudewijn de Groot
.
In een antiquariaat in Roosendaal vond ik een soort tijdschriftje dat werd uitgegeven door de Nederlandse Filmacademie in Amsterdam. Ik heb er naar gezocht maar kon er niets over vinden op het wereldwijde interweb. Ik heb wel wat foto’s genomen van een artikeltje. Het betreft hier een gedicht en een foto van twee jonge mannen die toen nog volkomen ombekend waren; Boudewijn de Groot (1944) en Lennaert Nijgh (1945 – 2002). De Nijgh was in 1965 student aan de Filmacademie en had blijkbaar een gedicht ( of een ‘zegliedje’ zoals Marijke het in haar redactioneel commentaar noemt) ingestuurd naar dit magazine en om het wat extra cachet te geven was hij samen met zijn jeugdvriend Boudewijn de Groot naar het strand getrokken om daar in het zand het gedicht in het zand te schrijven. Fotograaf Peike Reintjes legde dit tafereel vast. Ik vond dit zo heerlijk obscuur en bijzonder dat ik het jullie niet wilde onthouden.
.
Strand
.
Waar kan je liggen in het zand
totdat je hele lijf verbrandt;
waar kan je zuipen als een beest,
waar vind je vrienden voor elk feest,
waar kan je zwemmen als een rat,
waar word je zelfs van binnen nat?
Dat is aan de rand van Nederland,
dat is aan ons onvolprezen strand.
.
Gegeven is mij slechts
Gerard J.D. Goudriaan
.
De relatief onbekende dichter Gerard Goudriaan (1919-1949) was in de eerste plaats een Leidse student. Na een verkeersongeval in 1949 te Leiden kwam hij als enige van de zes inzittenden van een auto te overlijden. In de jaren daarvoor had hij een reputatie opgebouwd, als student, als dandy en in beperkte kring als dichter. Hij bewonderde ook andere dichters; zo sprak hij als student enkele woorden tijdens de begrafenis van Pieter Cornelis Boutens (1870-1943).
Gerard Goudriaan gaf verschillende publicaties in eigen beheer uit, waaronder eigen dichtbundels. Een van diens uitgaven was het herdenkingsartikel ter gelegenheid van de 20e sterfdag van Louis Couperus (1863-1923). Ook schreef voor de Nederlandsche Bibliographie en het dagblad de Kroniek. In 2003 kwam van Goudriaan een biografie uit bij uitgeverij De Nieuwe Vaart met de titel ‘De gedrevene tussen de dorens; leven en werk van de Leidse dandy-student Gerard Goudriaan (1919-1949)’.
Eén van de dichtbundels die Goudriaan in eigen beheer uitgaf was ‘De Wenteltrap’ in 1942. Uit deze bundel komt het naamloze gedicht over het dichterschap.
.
Gegeven is mij slechts te zingen
over voorbijgegane dingen
en over alles, wat niet gebeuren
zal, nu gesloten zijn de deuren.
.
Als de ziel geen vrede heeft
en zij mij niet de liefde geeft,
ontbreekt aan mij de eerste steen –
blijf ik, wat ik ben, geheel alleen.
.
Mijn vers, dat niet gehoord zal worden,
daar ik niet raken kan tot orde,
voert mij weg van al het leven.
.
O hoor mij, doch zij zal niet luisteren.
O hart, dat nog maar steeds moet fluisteren.
O blad, blijft altijd onbeschreven.
.
Ouderschapsplan
Babette Groos
.
Babette Groos (1998) studeert communicatie en dicht. Ze won Doe Maar Dicht Maar 2016 en was van oktober 2017 tot oktober 2019 Jonge Dichter des Vaderlands. Ze stond onder andere op het Wintertuinfestival in Nijmegen en ze publiceerde in Meander https://meandermagazine.nl/2018/01/gedichten-415/. Ze zou in 2017 meegaan met de Poëziebustoer maar moest door omstandigheden helaas afzeggen.
Ooit vond ze de Nederlandse taal vreselijk plat, maar sinds ze in 2016 haar Engelstalige gedichten voor Doe Maar Dicht Maar naar het Nederlands vertaalde is ze er een beetje in blijven hangen, en daar mogen we blij mee zijn. Ze werd gecoacht door Ester Naomi Perquin en Babs Gons en was ik in 2020 bij een van de laatste afleveringen van Na Het Nieuws, met haar gedicht over de lange wachttijden in de GGZ.
Het gedicht ‘Ouderschapsplan’ is terug te vinden op poeziepaleis.nl net als nog een aantal andere gedichten van haar hand.
.
Ouderschapsplan
.
mijn vader praat
maar het geluid staat uit
en zonder dit
stort de wereld in
en zelfs als ik het wil
kan ik dit niet stoppen
want mijn woorden zijn een domino-effect
van slechte keuzes
en alles wat ik aanraak vliegt in brand
en alles wat ik zeg
is munitie voor de ander
en in het ouderschapsplan staat niets
over het gevoel dat geen huis
thuis is
en dat je altijd je andere sok verliest
in de afstand tussen je moeder
en je vader
en daar ben je misschien ook
ergens je loyaliteit kwijtgeraakt
.
Een drukke trein
Kristien Spooren
.
Een van de deelnemers aan de Poëziebus toer van 2018 is de 23 jarige Kristien Spooren uit Gent. Deze jonge dichter bij de Auw La crew http://www.auwlagent.com ( Auw la verenigt studenten en woorden. De crew organiseert evenementen over en met poëzie, slam, gesproken woord en alle soorten rijmende regels daartussen) heeft een mooie website waarop onder andere het volgende te lezen is:
“Dat zij houdt van verdwalen, bomen, boeken en donkerwarme chocolademelk, ze graag ruikt aan de bovenkant van oude turnplinten, dat haar lievelingsgeluid een regenbui is en dat ze in haar vrije tijd mooie zinnen verzamelt of een lange tijd helemaal niets doet.” Daarnaast studeert ze Afrikaanse talen en culturen aan de universiteit Gent.
Op haar website vele voorbeelden van mooie zinnen en woorden (gedichten). Een voorbeeld is het gedicht ‘Een drukke trein’.
.
Een drukke trein
.
Godcomplex
Richard Nobbe
.
Uit Groningen komt de dichter Richard L. Nobbe. Richard is tweedejaarsstudent wijsbegeerte aan de Universiteit van Groningen en dichter. In 2016 was hij één van de dichters die met de Poëziebus door Nederland en Vlaanderen reisde. In zijn poëzie laat hij verschillende aspecten van zijn persoonlijkheid naar voren komen, enerzijds kan men over hem spreken als filosoof en pop-liefhebber, anderzijds toont hij zich een hopleoze romanticus met een cynische kant. In het gedicht ‘Godcomplex’ dat in de Poëziebusbundel 2016 verscheen komen beide zijden naar voren.
.
Godcomplex
.
Ik las
een verhaal
over een filosoof
die zich met godcomplex
en al
in een vulkaan wierp.
.
Hij overleefde het voorval niet.
.
Ik vraag mij af
of eenieder zo’n vulkaan heeft
of eenieder die hoogmoedt voor de val
zijn hoofd in hete lava dumpt.
.
En ik denk aan
meisjes die zeggen
dat we even moeten praten
en ik voel de hitte in mijn gezicht
ik voel de lava onder mij koken
Blub, blub, blub
.
Het even moeten praten
heb ik overleefd,
maar ik vraag mij af
.
of Kanye West
ook zijn vulkaanmomenten heeft.
.
Poëziebus 2
Michiel van Opstal
.
De tweede dichter die ik wil belichten en meegaat op de Poëziebustoer dit jaar is de Vlaamse dichter Michiel van Opstal. Michiel studeert nog, voor leraar Nederlands en Engels. Hij schrijft gedichten en proza die hij voordraagt van op een podium tot op de tram. “Ik schrijf graag over dagelijkse dingen.” zo zegt hij. Zijn gedichten zijn heel beeldend en vrij zonder vaste vorm.
.
Al aarzelend
.
de aarzeling hangt
tussen
woord en daad
gevolgd door meer woorden
ik weet het niet
U kan nu, heel filosofisch
wanneer weet men iets?
tja
paleizen worden ook maar gebouwd
met gebakken steen, glazuur
het is de fundering die
telt
ze mompelt: misschien
een bijna-woord
met minder daad
morgen stel je haar opnieuw
de vraag:
of ze je nog graag ziet
.













