Categorie archief: Dichtbundels
Dan neem ik je mee
Jeroen Naaktgeboren
.
De Rotterdamse dichter, presentator en leerkracht Jeroen Naaktgeboren won met zijn poetryrockgroep De WoordDansers in 2004 het NK Poetry Slam en eindige het jaar daarop als tweede op het WK Poetryslam. In 2007 werd Naaktgeboren tot eerste officiële stadsdichter van Rotterdam benoemd en schreef hij samen met ontwerper Saskia Dorsman het boek ‘Poetry Slam, het festival’. Gedichten van Jeroen zijn gepubliceerd in tientallen bloemlezingen en tijdschriften. Er werden filmclips van zijn gedichten gemaakt die o.a. zijn uitgezonden bij de VARA, BNN, The Box, TV Rijnmond en MTV. Hij geeft regelmatig workshops op (hoge)scholen over het schrijven en uitvoeren van poëzie. Hij presenteerde tientallen poppodia, talentenjachten en (pop)festivals en in 2017 was hij één van de Poëziebusdichters. Het gedicht ‘dan neem ik je mee’ verscheen eerder in de bundel ‘Staalkaart van de Nederlandstalige podiumpoëzie’uit 2017.
.
Nieuwste Dichtkunst
Jo Landheer
.
In 1950 publiceerde uitgeverij Bigot en van Rossum in De Uilenreeks het eerste nummer onder de titel ‘Nieuwste Dichtkunst’. Samenstellers C. J. Kelk en Halbo C. Kool brachten gedichten bij elkaar in deze bundel uit de jaren vlak voor 1950. Een dichter die ik van naam vaag kende maar niet van haar werk is Jo Landheer (1900 – 1986).
Van deze, in Rotterdam geboren dichter verschenen in totaal 7 dichtbundels. Haar gedichten worden in zeven voornamelijk literaire tijdschriften geplaatst: Leven en Werken, Elseviers Geïllustreerd Maandschrift, De Nieuwe Gids, Helikon, De Nieuwe Stem, De Gids en Maatstaf. Jo Landheer heeft – los van vijf vertalingen – in totaal drieënnegentig gedichten gepubliceerd. Ongeveer twee derde ervan is meer dan eens in boek of tijdschrift afgedrukt. In aanmerking genomen dat de dichteres in 1918 voor het eerste publiceert en in 1974 voor het laatst, dan komt haar (gepubliceerde) productie op slechts anderhalf tot twee gedichten per jaar.
.
De verlatenen
.
Die met ons in de zelfde kamers woonden,
En met ons samen waren dag en nacht,
-Hun wangen waren zacht en warm aan de onze –
Zijn nu voor altijd van ons weggebracht.
.
Zij liggen ergens in den grond verborgen,
Gesloten in een smalle kist van hout,
Hun mond werd star, het bloed stolde in hun oogen,
Stijf zijn hun vingers en als steen zoo koud.
.
Wij leven verder, lachen weer en praten.
Wie van ons beiden zijn het meest verlaten?
.
Jozzonet
Joz Knoop
.
De Rotterdamse dichter Joz Knoop ken ik al jaren als een prima dichter en een fijn mens. Joz (1957) was van 2013 tot 2016 wijkdichter van De Beverwaard en hij was samen met Irene Siekman de initiatiefnemer van De Poëziebus. Joz is echter vooral bekend van zijn Jozzonetten.
Het Jozzonet is een door Joz Knoop ontwikkelde dichtvorm, waarbij de middelste regel van een oneven aantal regels het gedicht als het ware spiegelt. Een mooi voorbeeld is het Jozzonet ‘Grassex’ uit ‘De driehoek is rond’ uit 2013.
.
Grassex
De koeien staan onverstoord
te grazen in het weiland.
Ik neem je overtuigend
lief mee naar stille paden.
Daarom ga jij met mij
naar waar de lente explodeert..
Dat wat ons bindt verwijst ons door
naar waar de lente explodeert..
Daarom ga jij met mij
lief mee naar stille paden.
Ik neem je overtuigend
te grazen in het weiland.
De koeien staan onverstoord.
Hugo Claus
Avondland
.
Van de Vlaamse dichter Hugo Claus (1929 – 2008) verscheen in 1994 de bundel ‘Gedichten 1948 – 1993’ met daarin het volgende gedicht.
.
Als er niets nieuws is in het avondland
maar alleen wat er geweest is vanaf het begin,
wat kan ik uitvinden dat niet faliekant
een eerder geboren kind verzint?
.
Jij staat al Etruskisch, Helleens, Azteeks
op ansichtkaarten aan de wand gepind
te lonken, te koop, al te zeer bemind,
mijn eeuwenoude jonge feeks.
.
Hoe zou de antieke wereld reageren
tegenover het huidig mirakel van je lijf?
Blijven geloven dat geen ogenblik
.
ooit zonder herinnering kan genereren?
Die oude rakkers wisten van geen blijf
met jouw eenzelvigheid, net zomin als ik.
.
Carmen 2
Catullus
.
De Italiaanse dichter Caius Valerius Catullus (beter bekend als Catullus) die leefde van ca. 84 –tussen 54 en 47 v.Chr.) was de eerste grote Latijnse lyricus. Als een van de invloedrijkste dichters van de 1e eeuw voor Christus uit de Ciceroniaanse periode schreef hij ongeveer 116 gedichten (totaal circa 2300 verzen of versregels). Deze gedichten werden later gebundeld in de ‘Carmina Catulli’.
Zijn stijl is gevarieerd en zijn werk bevat onder andere liefdesgedichten, spotgedichten en epische gedichten (epigrammen). Het volgende gedicht is getiteld ‘Carmen 2’ en werd vertaald door A. Rutgers van der Loeff.
.
Carmen 2
.
Sijsje, waar mijn meisje graag mee speelt,
dat zij aan haar borst drukt, dat zij streelt,
dat zij driftig in haar pink laat pikken,
als ze troost zoekt in de oogenblikken,
dat het hartje van mijn lieveling
harder klopt, alsof het barsten ging,
tot ontspanning van ’t geprangd gemoed
en verkoeling van den fellen gloed,
mocht ik als je zoete lieve vrouw
vrede vinden in een spel met jou!
.
Bommen
Paul Rodenko
.
Uit de bundel ‘Gedichten’ uit 1951, het gedicht ‘Bommen’ van de van geboorte Haagse dichter, criticus, essayist en vertaler Paul Rodenko (1920 – 1976).
.
Bommen
.
De stad is stil.
De straten
hebben zich verbreed.
Kangeroes kijken door de venstergaten.
Een vrouw passeert.
De echo raapt gehaast
haar stappen op.
De stad is stil.
Een kat rolt stijf van het kozijn.
Het licht is als een blok verplaatst.
Geruisloos vallen drie vier bommen op het plein
en drie vier huizen hijsen traag
hun rode vlag.
.
Dichter.
Gedichten voor kinderen van 6 tot 106
.
Het magazine Dichter. van uitgeverij Plint staat deze zomer, met als ondertitel “tem de tekens” in het teken van laaggeletterdheid, om met een van de meest elegante taalvormen ons allen te beroeren, te verbinden en aan te moedigen een helpende hand te bieden aan hen die het lezen en schrijven minder machtig zijn. Samen met de stichting Lezen en Schrijven is er nu een uitgave speciaal over dit onderwerp.
In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen en schrijven en/of rekenen. Deze mensen zijn laaggeletterd. Er rust nog steeds een taboe op deze problematiek maar gelukkig komen steeds meer mensen hier voor uit. In heel veel gemeenten komen taalhuizen (vaak bij openbare bibliotheken) waar deze mensen terecht kunnen voor hulp en ondersteuning.
In dit magazine 75 gedichten van meer dan 30 dichters die de problematiek allemaal op hun eigen wijze hebben verwoord, waaronder een gedicht van de stadsdichter van Rotterdam Derrek Otte getiteld ‘Pennenstreken’.
.
Pennenstreken
.
je zou het haast vergeten
omdat je de meesten
door onterechte schaamte
niet zo gauw zal horen
.
maar met niet kunnen schrijven
gaan waarschijnlijk
fantastische verhalen verloren
.
wel gedacht en gevoeld
maar niet geuit in pennenstreken
wellicht hadden we véél meer
dichters welkom kunnen heten
.
romanschrijvers en filosofen
noem het allemaal maar op
al die letters, woorden, zinnen
nu nog
weggestopt en opgekropt
.
















